Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Jeffrey Pfeffer: ‘De staat van leiderschap is erbarmelijk’ interview
11 november 2015 | Jeroen Ansink

Leiders presteren slechter dan ooit, zegt Stanford-hoogleraar Jeffrey Pfeffer in Leadership BS. Dat is voor een deel de schuld van managementopleidingen. ‘Het idee dat leiderschapstraining in het teken zou moeten staan van inspiratie lijkt me belachelijk.’

De titel van uw boek luidt voluit Leiderschaps-bullshit. Wat bedoelt u daar precies mee?
Veel theorieën in de managementliteratuur zijn niet gebaseerd op feiten, maar op fabeltjes. Ideeën dat we aardig voor elkaar moeten zijn, dat rechtvaardigheid zal zegevieren, en dat eerlijkheid het langst duurt, zijn wishful thinking. Aardige mensen blijken juist aan het kortste eind te trekken. Met narcisme, bombastisch gedrag, en het vermogen om de waarheid te verdraaien kom je in het bedrijfsleven veel verder. Er gaapt met andere woorden een enorme kloof tussen de normen die we onze kinderen proberen bij te brengen en de kwaliteiten die iemand naar de top helpen. Met als gevolg dat de realiteit vaak totaal anders is dan de wereld die we zouden willen zien.

Wat is de staat van leiderschap dan wel?
Erbarmelijk. Volgens het Centrum voor Creatief Leiderschap is een op de twee leiders een mislukking, en volgens onderzoeksbureau Gallup is wereldwijd slechts dertien procent van de werknemers daadwerkelijk geëngageerd. Dit heeft voor een deel te maken met het transactionele karakter van werk. Arbeid is steeds vaker een kostenpost die moet worden geminimaliseerd. De sociale relaties die mensen en bedrijven met elkaar verbinden zijn daardoor voor een groot deel verdwenen.

De leiderschapsindustrie lijkt er anders over te denken.
Dat komt omdat managementopleidingen het hun studenten vooral naar de zin willen maken. De Belgische business-school Vlerick opent haar website bijvoorbeeld met de vraag: ben je op zoek naar een inspirerende managementcursus? De doorslaggevende factor is kennelijk niet ‘’ ‘wetenschappelijk verantwoord’ of ‘professioneel relevant’, maar inspirerend. Ik denk niet dat een aankomend ingenieur of dokter op basis van die criteria een opleiding zal kiezen. Maar om de een of andere reden geldt dit wel voor de leiderschapsindustrie.

Toch maken veel business schools deel uit van serieuze universiteiten. Aan de academische merites kan het dan niet liggen, zou je denken.
Er is meer dan genoeg wetenschappelijk onderzoek op het gebied van leiderschap, maar er wordt te weinig mee gedaan. Het stellen van een diagnose op zich haalt het probleem niet uit de wereld. Kijk naar de medische wetenschap. Toen onderzoekers eenmaal beseften dat bacteriën ziektes verspreiden, was het niet voldoende om dokters en verplegers te vertellen dat ze hun handen moeten wassen. Wetenschappers moesten ook meten of dit advies überhaupt werd opgevolgd, en welke overwegingen daaraan ten grondslag lagen. Zo werkt het ook met leiderschap. Je moet je afvragen waarom leiderschapsfalen zo hardnekkig is, anders kom je geen stap verder.

Waarom zijn bepaalde situaties zo moeilijk te veranderen?
Een van de redenen is dat misstanden zo makkelijk goedgepraat worden. Een bedrijf als Amazon is weliswaar een shithole om voor te werken, maar vergeet niet dat oprichter Jeff Bezos de wereld van de retail op haar kop heeft gezet. Voormalig Apple-baas Steve Jobs was een tiran, maar kijk naar de innovaties die hij heeft doorgevoerd. Die smoesjes zorgen ervoor dat we dit gedrag accepteren, ook al leiden ze tot giftige werkomgevingen die mensen letterlijk ziek maken. Ze maken het ook makkelijker voor leiders om hun kop in het zand te steken. De New York Times kwam onlangs met een kritisch verhaal over de werkomstandigheden bij Amazon. De reactie van Jeff Bezos was dat hij deze versie van Amazon niet herkende. Dat vertelt mij dat hij niet de moeite heeft genomen om zijn eigen bedrijf onder de loep te nemen. Zoek vijf minuten op internet naar Amazon en de misstanden vliegen je om de oren.

Zouden leiders elkaar moeten aanspreken op hun gedrag?
Het probleem is dat mensen de neiging hebben om zich te associëren met mensen die op hen lijken, niet alleen op een persoonlijk vlak maar ook vanuit een professioneel perspectief. Leiders identificeren zich in dat opzicht met andere leiders, wat zelfregulering inherent problematisch maakt. Bestuurders hebben weinig trek om hun collega's te straffen, waardoor het voor organisaties een stuk makkelijker wordt om hun verantwoordelijkheid te ontlopen. Dat helpt verklaren waarom consumenten en werknemers momenteel zo cynisch zijn. Ze zien dat er een wereld van verschil is tussen wat leiders zeggen en wat ze doen.

Hoe moeten leiders dan wel verantwoordelijk worden gehouden?
Eén manier is om een beroep te doen op outsiders, mensen die weinig gemeen hebben met leiders en daardoor een objectief oordeel kunnen vellen. Het is niet voor niets dat het Amerikaanse rechtssysteem gebruik maakt van een jury van gelijken, en niet een jury van vrienden, of van mensen met wie de verdachte een bepaalde sociale identiteit deelt. Daarnaast zouden managementopleidingen een sterke basis moeten hebben in de wetenschap, net zoals dat in de medische wereld het geval is. Het idee dat leiderschapstraining in het teken zou moeten staan van inspiratie lijkt me belachelijk.

Is er een alternatief voor de leiderschapsindustrie?
Nee, en dat is ook het probleem. De industrie zal zichzelf moeten repareren en dat zie ik voorlopig niet gebeuren. De wereld waarin we leven, is voor veel mensen pijnlijk en deprimerend, en leiderschap is een plek waar sprookjes nog volop verteld kunnen worden. Inspirerend leiderschap is een zelfvervullende profetie. Omdat opleidingen het aanbieden denken veel managers dat het noodzakelijk is, en omdat managers denken dat het belangrijk is blijven business-scholen het aanbieden. Veel mensen willen juist in de waan blijven. Het idee dat uiteindelijk alles goed zal komen geeft een excuus om niets te hoeven doen. En inertie is altijd makkelijker dan de schouders onder iets nieuws te moeten zetten.

Ik kan me voorstellen dat u zich met dit soort uitspraken weinig populair maakt.
Als je de wereld wil veranderen, dan moet je de dingen eerst zien zoals ze zijn. Mensen noemen me soms cynisch, maar ik kijk alleen maar naar de data. Die zeggen dat het vertrouwen van werknemers in hun leiders op een dieptepunt is beland. Dat is niet cynisch, het is de waarheid.


Harvest september nieuws
30 september 2015 | Jeroen Ansink

Wat leest Amerika en wat waait waarschijnlijk over naar Nederland? ‘Onze man in de VS’ Jeroen Ansink doet maandelijks een rondje boekwinkels in New York.

Of we nu investeren in een carrière, op zoek zijn naar een huis of voorbereidingen treffen voor een huwelijk, in zekere zin zijn we allemaal toekomstvoorspellers. Het probleem is alleen dat we daar doorgaans zo ontzettend slecht in zijn. Uit een tien jaar oud onderzoek van Wharton-hoogleraar Philip Tetlock naar het voorspellend vermogen van politieke commentatoren blijkt dat zelfs de experts nauwelijks beter presteren dan een met pijltjes gooiende chimpansee. Toch bleek er ook een kleine groep mensen die wel degelijk gezegend was met een vooruitziende blik.

In Superforecasting, dat volgende maand in Nederlandse vertaling verschijnt, verklaart Tetlock wat deze groep nu precies zo succesvol maakt. Supervoorspellers onderscheiden zich door hun openheid en hun manier van denken. Ze zijn nieuwsgierig, zelf-kritisch, bescheiden, en minder geneigd om in het noodlot en in absolute zekerheden te geloven. Dit maakt dat het vermogen tot voorspellen kan worden aangeleerd. Tetlock beschrijft een meerjarig experiment waarin een aantal universitaire teams voorspellingen deed over welke wereldgebeurtenissen in het verschiet lagen. In het eerste jaar presteerde het team van Tetlock al zestig procent beter dan de controlegroep. Het tweede jaar was dat al opgelopen tot 78 procent.

Leiderschap is soms een merkwaardig verschijnsel. In de Amerikaanse presidentsverkiezingen voert Carly Fiorina, die als CEO van Hewlett-Packard verschrikkelijke blunders heeft gemaakt, campagne door te hameren op... haar bestuurservaring. Het gegeven dat ze ooit aan het hoofd stond van een miljardenconcern weegt kennelijk zwaarder dan het feit dat de koers van het aandeel onder haar directeurschap met meer dan zestig procent omlaag duikelde.

Fiorina is daarmee geen uitzondering, stelt Stanford-professor Jeffrey Pfeffer in Leadership BS (waarbij het achtervoegsel een acroniem is voor bullshit). Bewonderde leiders die aan het hoofd staan van giftige werkomgevingen zijn schering en inslag. Pfeffer, die bekend staat als het enfant terrible onder de managementdenkers, windt er geen doekjes om. Authenticiteit is bij veel leiders ver te zoeken, narcisme viert hoogtij, en zelfs grote inspirators als Abraham Lincoln en Nelson Mandela hadden een neiging om te liegen.

Geen wonder dat onderzoeksbureau Gallup concludeert dat wereldwijd slechts dertien procent van de werknemers geëngageerd is met zijn of haar baan. Het kan ook anders, aldus Pfeffer. Kledingketen Men's Wearhouse bindt werknemers door zich te afficheren als een ‘people development business’, en softwarebedrijf SAS Institute houdt het personeelsverloop op slechts drie procent door zijn vijfduizend mensen onder te verdelen in niet meer dan drie organisatielagen. Maar omdat goed leiderschap zo persoonsgebonden is, blijft het een kwetsbare aangelegenheid: ‘Zelfs een fantastische plek heeft niet de neiging om fantastisch te blijven.’

Silo’s, bijna elke organisatie heeft er last van. De financiële afdeling heeft geen idee wat de marketingmensen precies doen, inkoop interesseert zich niet voor productie. Doorgaans wordt het probleem aangepakt door een legertje consultants met organisatie-charts in te huren, die de miscommunicaties binnen de divisies vaak nog erger maken. Het is effectiever om silo’s te benaderen als een cultureel fenomeen, stelt Financial Times-journalist Gillian Tett in The Silo Effect. Kliekjesvorming komt voort uit onze natuurlijke behoefte om de wereld te classificeren en gaat hand in hand met (over)specialisatie, tunnelvisie en tribalisme.

Tett, die culturele antropologie studeerde voordat ze in het krantenvak terechtkwam, beschrijft hoe Sony in 1999 op een technologiebeurs de Memory Stick Walkman liet zien, een mp3-speler die niet groter was dan een pakje kauwgum. Als uitvinder van de analoge walkman had Sony de kans om de digitale muziekwereld naar zijn hand te zetten, ware het niet dat op hetzelfde moment twee andere divisies met hun eigen muziekspeler in de weer waren: de Vaio MusicClip en de Network Walkman. Terwijl Sony zichzelf kannibaliseerde, introduceerde de veel meer gefocuste concurrent Apple twee jaar later de iPod. De positie van marktleider heeft Apple sindsdien niet meer weggegeven.

Elke economiestudent leert over de onzichtbare hand, het zelfregulerende effect van een markt waarin iedereen eigenbelang nastreeft en daarmee een collectieve welvaart creëert. Maar is die hand wel zo vast als economisch denker Adam Smith die zich had voorgesteld? In Phishing for Phools stellen Nobelprijswinnende economen George Akerlof en Robert Shiller dat de huidige consumptiemaatschappij een broeinest is voor manipulatie en bedrag. De vrije markt is in hun optiek niet alleen het best ontworpen mechanisme om mensen te geven wat ze willen, ze is ook het best ontworpen mechanisme om mensen te geven wat ze uiteindelijk níet willen.

Phishers zijn bedrijven die misbruik maken van informatie-asymmetrieën en psychologische zwakheden om ons schadelijke producten aan te smeren. Phools zijn de mensen die daar intrappen. Tot op zekere hoogte is dit oud nieuws. Wat we vaak echter niet beseffen, is hoe wijd verbreid en subtiel dit fenomeen is. Het prominent in beeld brengen van een kredietkaart-logo in een winkel leidt er bijvoorbeeld toe dat mensen bereid zijn om twee keer zoveel te betalen voor een mandje goederen dan een controlegroep die dat logo niet ziet. Robert Schiller at zelfs luxe kattenvoer om te testen of opschriften als roast beef paté de lading dekten. Het smaakte allemaal hetzelfde, concludeerde hij. Phishers laten niemand ongemoeid, zelfs onze huisdieren niet.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden