Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Kansen door Sicilon Valley nieuws
25 april 2018 | Bertrand Weegenaar

Er komen zeker dreigingen uit Silicon Valley. Fake news, trollen, de rol van Facebook, of bedreigingen van de democratie door manipulatie van verkiezingen. Het draagt niet bij tot een breed positief beeld van deze innovatieve paar vierkante kilometers ten zuiden van San Francisco.

 

Toch is dit maar een heel klein stukje van het grote verhaal. Informatietechnologie is uit onze moderne samenleving niet meer weg te denken. En waarschijnlijk staat ons nog veel meer te wachten. De positieve kant bijvoorbeeld veel werkgelegenheidskansen, nieuwe industrieën, versterken van markten die anders kansarm waren. De negatieve, vergroten van de kloof arm versus rijk, tussen geschoold en ongeschoold, een ongekende golf werkeloosheid die ons nadert.

Om te weten te komen wat ons nadert (de techniek-tsunami) kun je je licht laten schijnen bij drie doorgewinterde onderzoekers: Alec Ross in Industries of the Future en het duo McAfee & Brynjolfsson met Machine, Platform, Crowd – Harnessing Our Digital Future. Zij schreven de opvolger van hun internationale bestseller Het tweede machinetijdperk waarin de gevolgen van robotica werden beschreven.

Beide boeken hebben een verschillende kijk op de ontwikkelingen en zijn daarmee een prima aanvulling. Machine, Platform, Crowd – Harnessing Our Digital Future neemt drie ‘menselijke’ uitgangspunten: Hoe gaat de relatie mens en machine er uitzien? Hoe beleven wij het product? En: Hoe gedragen wij ons gezamenlijk online?  Op al deze gebieden duiken ze de diepte in van AI en geven een update van de stellingen uit hun eerdere boek. In het deel Machine komt de rol van bedrijven als Amazon en Uber om de hoek kijken. Na een lesje ‘vraag en aanbod economie’ laten ze zien dat dit soort bedrijven (hoe bijzonder deze bedrijven nu voor ons zijn, en de waarde die ze creëren) in de nabije toekomst eerder regel dan uitzondering zijn. Zo lexen we in het deel Platform dat slim ingerichte matching platformen goedkoop zijn en de risico’s op heel andere plekken in de keten leggen. Er zijn er tientallen in opkomst op allerlei gebied. (Lees hiervoor ook het boek van Cor Molenaar De kracht van platformstrategie.)

Het laatste deel, Crowd, gaat over de brede consequenties die het gezamenlijk online zijn, heeft en nog gaat hebben. Uiteraard komt de rol van ‘Open’ voorbij, maar de kracht van dit hoofdstuk is dat het de gevolgen voor het bedrijfsleven te laten zien. Open, blockchain, internet, en ondersteunende platformen maken het mogelijk goedkoop en wereldwijd te studeren en te werken, en daarmee andere structuren op te zetten. In de opinie van de auteurs zullen bedrijven blijven bestaan maar in een andere gedecentraliseerde autonome vorm. Het kost nog wat jaren om de vorm te tunen, alle bits & pieces bij elkaar te krijgen, maar het gaat gebeuren.

Alec Ross gaat in Industries of the Future nadrukkelijk in op de bedrijfstypen die zich op dit moment snel aan het ontwikkelen zijn. Hun producten zullen andere industrieën overbodig maken. Het boek is een wereldreis langs alle continenten. (Opvallend: West-Europa komt het minste aan bod). Er zijn drie hoofdstromingen: robotica, codificatie en data. Ross heeft in zijn carrière als adviseur en medewerker van de Amerikaanse overheid (vier jaar lang senior-adviseur voor innovatie van Hillary Clinton) een extreem goede inkijk in wereldwijde ontwikkelingen. Het gaat hard in Afrika met online en mobiele ondernemers, in China met robotica, en de codificering van data als wapen in met name Estland dat hiermee een belangrijke techniek-hub wordt tussen het Oosten en het Westen.

Industries of the Future is een heel belangrijk boek vol met goed onderbouwde voorspellingen waar belangrijke markten naar toe gaan. Over het codificering van vertrouwen en markten, de deeleconomie dus, schrijft Ross: ‘I think of the sharing economy as a way of making a market out of anything and a micro entrepreneur out of anybody. The sharing economy uses a combination of technology platforms packaged as apps on mobile phones, behavioral science, and mobile phone location data to create peer-to-peer marketplaces. These market places take underused assets (..) and connect them with people looking for a specific service.’

Over de keerzijde, de waarschuwing, schrijft Ross dat Silicon Valley op het oude Rome begint te lijken: het ontvangt giften uit alle windstreken. De waarde stroomt naar slechts één plek, naar waar de tech-platformen geproduceerd worden. De rijke vierkante meters onder San Francisco en de portemonnees van de aandeelhouders. Dat gaat, net zoals indertijd bij de Romeinen, tot grote conflicten leiden.

Het is inmiddels niet de vraag óf het gaat gebeuren, maar hoe snel (een en ander is al in volle gang). En hoe we er mee omgaan, als samenleving, bedrijf en individu. Er zijn heel veel kansen. Maar helaas evenveel, zo niet meer, bedreigingen.

(In de lijn van dit werk kan het boek van oprichter en CEO van het World Economic Forum Klaus Schwab goed worden gelezen: The Fourth Industrial Revolution.)

Managementboek van het Jaar 2018 - Juryblog - Digitaal best wel aanwezig nieuws
11 december 2017 | Bertrand Weegenaar

Een zeer dominant thema dit leesjaar is de aanwezigheid van digitaal. ‘Harde’ digitale boeken over blockchain, Internet of Things en robots, communicatie gericht zoals sociale media en in de vorm van trendboeken en aanleiding voor verandermanagement.

In de oogst tot nu toe komen we toch al gauw twintig boeken tegen. U begrijpt: lid zijn van de jury van het Managementboek van het Jaar is meteen een bijscholingstraject!

Robots en blockchain zijn wel echt nieuwe thema’s onder de managementtitels. Van beide thema’s zijn er twee titels (meetmoment 15 november) voor de jury beschikbaar. Blockchain de technologie die de wereld radicaal verandert van Simone Vermeend en Perry Smit is een behoorlijk technische inleiding en vluchtige blik naar de kansen en mogelijkheden.

Hoe ze het gedaan hebben, daar zijn we als jury wel benieuwd naar, maar Blockchain organiseren - Fundamenten voor een nieuwe sociaaleconomische orde is een vuistdik doorwrocht werk van Paul Bessems en Walter Bril. Een kleine 640 pagina’s met techniek, organisatiekundige en economische implicaties. Twee juryleden hebben de kennis inmiddels opgedaan en zijn er nog stil van.

Ook robots staan in de belangstelling. Robots aan het stuur van Jochanan Eynikel gaat in op de technische kansen en gedaantes van robots. Maatschappelijke en filosofische impact wordt door hem diepgaand uitgewerkt. De titel Robots, werk en inkomen door Nic Douben gaat over precies dat wat de titel aangeeft: hoe gaan de robots invloed hebben onze verhouding tot werk en de relatie met ons inkomen. In hoofdzaak een economisch perspectief.

Dan is er met De kracht van platformstrategie - Het is buigen of barsten door Cor Molenaar een overzichtswerk van het fenomeen waar we nu met Uber en Airbnb en in Nederland Bol.com en Thuisbezorgd.nl belangrijke voorbeelden van zien. Platformen, de moderne digitale handelaars, zijn niet meer weg te denken en krijgen steeds meer invloed. Ze bestaan inmiddels ruim 20 jaar dus een handzaam overzichtswerk van deze Buitengewoon Hoogleraar eMarketing mocht weleens, vindt de jury. Parallel daaraan kan het boek Het geheim van Bol.com - Over dromen en doen, pionieren en groeien van de hand van ex-CEO Michel Schaffer gelezen worden. Platformeconomie in de praktijk.

Dan sociale media en de rol op communicatie en marketing. Geen onbekende thema’s de afgelopen jaren op de stapels van de juryleden. Een aantal leden zijn hier ook deskundig in. Wessel Berkman paart dit aan het bedrijfseconomische fenomeen, exponentieel, in De commerciële revolutie - Van een lineair naar een exponentieel groeimodel. Content, digitale kanalen, social selling, Fan4fan en het inrichten van een partner-ecosysteem. We leerden er weer wat marketingtermen bij in een hypergroeiende context.

Gas even terug in de wereld van de overheid. Al jaren een hot thema, de eOverheid (of moeten we inmiddels de iOverheid zeggen?). Van buiten naar binnen - Klantcontact en interactie in het publieke domein van Frank de Goede, David Kok en Ewoud de Voogd is een strategisch overzicht van de rol van de gemeente in de relatie tot haar burgers. Participatie middels digitale tooling en policy moeten onder andere rond 2025 leiden tot e-democracy, channel management, communities en webcare in een newsroom setting. Waarom al dat English?

Dezelfde inhoud, maar dan helemaal anders verpakt en gericht op de commerciële organisatie is Social Media Management vanuit commercieel perspectief van Marjolein Visser en Berend Sikkenga. Een doorwrocht leerboek dat uit de koker van Noordhoff Uitgevers komt. We raden gemeentelijke beleidsmakers aan deze twee boeken samen aan te schaffen. Je hoeft niet tot 2025 te wachten. De voorbeelden uit de commerciële wereld en implementatie mogelijkheden zetten jullie hopelijk eerder aan het werk.

Hans van der Heijden, Erik Jan Koedijk en Edwin Tuin hebben ieder op hun eigen wijze trends en mogelijkheden van digitaal vertaald naar veranderprocessen in bedrijven. Van der Heijden in Zeven Megatrends - Over leven en ondernemen in de nieuwe werkelijkheid heeft een enorme reikwijdte aan thema’s. Impact op allerlei aspecten als bedrijven, mens, samenleving, politiek en gezondheid komen langs. In Reset! - De 9 stappen om in beweging te komen zijn de digitale ontwikkelingen de tools om een veranderingsproces in een bedrijf op gang te brengen. Sociale media kan een hulpmiddel zijn. Langzaam veranderen is geen optie. Om dat gezond te managen in het COW canvas een hulpmiddel. Daar draait het boek ook wel om: Collaboration, Organisation en Wellbeing. (dat English is ook weer een trend!)

Het veranderkundige boek Alles draait om verandering - Vooruitgang en groei bestuurbaar maken van Edwin Tuin opent met een serie technologische ontwikkelingen. Die sluiten slecht aan bij hoe organisaties meestal functioneren. Na de intro is het allemaal minder digitaal. Om om te kunnen gaan met al die veranderingen uit de buitenwereld en deze naar binnen te halen worden modellen van Covey, Semler, Senge en Sinek gebruikt.

Op onze nachtkastjes, leesbureaus of in onze tassen voor de trein zitten alweer Customers the day after tomorrow van Steven Van Belleghem en The day after tomorrow van Peter Hinssen. AI, AR en VR, radicale innovaties het wordt digitaal nog veel gekker voor het einde van het jaar.

Bertrand Weegenaar is jurylid voor het Managementboek van het Jaar 2018 #Mgtboek2018.

De genomineerden voor de PIM Marketing Literatuurprijs 2017 nieuws
3 november 2017 | Karin de Zwaan

Gisteren zijn de nominaties voor de PIM Marketing Literatuurprijs 2017 bekend gemaakt. Deze prijs voor marketingliteratuur wordt dit jaar voor de 15e keer uitgereikt door het Platform Innovatie in Marketing. Uit meer dan 40 marketingboeken zijn 10 boeken genomineerd.

Op 28 november gaat de auteur (of de auteurs) van een van de volgende boeken naar huis met de PIM Marketing Literatuurprijs 2017:

Het eind van online winkelen, Wijnand Jongen
De kracht van platformstrategie, Cor Molenaar
Startup Branding, Andy Mosmans
Customer journey Optimalisatie , Rob Luif
Big data marketing , Paul Postma
De marketingorganisatie van de toekomst, Rob Beltman
De relatie-economie, Xavier van Leeuwe - Matt Lindsay - Matthijs van de Peppel
Sterke merken, betere wereld, Bart Brüggenwirth 
Sportmarketing: waardecreatie binnen de sport, Robert Kok - Hugo Gruijters
- Janeke de Zeeuw
Influencers, Carole Lamarque  Zowel de genomineerden als winnaar worden door een onafhankelijke vakjury gekozen.
Bekijk de bestellijst met alle genomineerden >

Platformeconomie wringt met werkelijkheid nieuws
18 mei 2017 | Bertrand Weegenaar

Zomaar een recent nieuwsbericht: Airbnb is tegen Amsterdamse meldplicht. Om de overlast van de staag groeiende rolkoffers en overlast veroorzakende toeristen tegen te gaan, eist de gemeente een meldplicht van haar verhuurders. Op straffe van een behoorlijke boete. Het is één van de internationale tactieken die grote steden anno 2017 hanteren.

Andere grote steden overwegen eisen te gaan stellen aan Airbnb verhuurders die gelijk zijn aan motels. Airbnb vormen samen met Uber en in hun kielzog duizenden websites de platformeconomie. De website, het platform, en/of de app maakt het mogelijk vraag en aanbod bij elkaar te brengen. En dit kan redelijk makkelijk, is (internationaal) schaalbaar en trekt op dit moment veel investeerdersgeld aan. Uber, de taxi service, is op dit moment het hoogst gewaardeerde bedrijf ter wereld met ruim €62 miljard. Airbnb volgt in het kielzog. Tien jaar geleden bestonden de bedrijven niet. Dit zijn geen startups of scale ups meer, dit zijn multinationals.

De ultrakorte geschiedenis van twee multinationals
Brad Stone schreef met The upstarts de bedrijfsbiografie over deze twee bedrijven (en Lyft maar die is in Europa niet bekend). Het is een doorwrocht boek over de ondernemersavonturen van Brian Chesky, Nathan Blecharczyk en Joe Gebbia (Airbnb) en Travis Kalanick (Uber). Hun geschiedenis loopt bijna synchroon. De eerste ideeën werden getest in 2008 in Washington tijdens de inauguratie van Obama. Vanaf 2010 kregen ze het eerste durfkapitaal. Vanaf 2013-2014 begon de grote internationale groei. En beiden hebben vanaf het begin aanvaringen gehad met de overheid.

Uber begon als luxe limousine verhuurder en botste meteen met elke stad waar ze uitrolden. Kalanick zoekt de grenzen op en loopt daar soms overheen. De Uber doorbraak kwam toen de Uber app niet alleen voor de limousine chauffeurs beschikbaar kwam maar voor iedereen die zich als Uber taxi aanmeldde. Dat was in 2013. Sindsdien is het botsingen troef. Uber en Kalanick liggen wereldwijd zwaar onder vuur. (zie bijvoorbeeld het bericht Strafrechtelijk onderzoek naar misleidingen. Daar zullen de investeerders ongetwijfeld gaan ingrijpen. De belangen zijn erg groot.

De als designers opgeleide Airbnb oprichters hebben andere uitdagingen. Zij worden op de huid gezeten door gemeentes die moeite krijgen met de stroom toeristen en semilegale verhuurders. Anders dan hotels of B&B’s hoeven Airbnb verhuurders zich nauwelijks aan regels te houden. Airbnb heeft in het verleden een aantal problemen onder de pet kunnen houden.

In Amsterdam alleen waren er in 2016 1.8 miljoen Airbnb overnachtingen. De gemeente wil graag data van de Amerikaanse gigant ontvangen. Het liefst van huurder én verhuurder. Informatie dat bijvoorbeeld bij een hotelovernachting normaal zijn.

De overheid en platformeconomie
Het wringt dus. En daar hebben onderzoekers Jose van Wijck, Thomas Poell en Martijn de Waal een zeer nuttig en leesbaar studieverslag van gemaakt onder de titel De platformeconomie Strijd om publieke waarden in een online wereld. De auteurs onderzoeken de rol vanuit het publiek met speciale aandacht voor de vervoersmarkt, journalistiek en het hoger onderwijs. Ze brengen de verschillende elementen in kaart waar een platform aan voldoet: dataficatie (alles wordt data en dus vastgelegd en gedigitaliseerd), commodificatie (het maken van een verhandelbaar product van de data), en selectie.

De overheid heeft de mogelijkheid om hier op een aantal manieren mee om te gaan. Governance of platforms is een strategie waarbij de overheid initiatief neemt om gebieden die nu door platformen worden ingevuld te gaan reguleren. In het Airbnb voorbeeld met de gemeente Amsterdam is dat aan de hand. Een ander voorbeeld: ‘Zoals informatie over voedsel op etiketten door de overheid geregeld is, zo zouden fitnessplatformen gevraagd kunnen worden om duidelijk te maken hoe zij omgaan met data, wat hun verdienmodel is, hoe zij informatie algoritmisch sturen en selecteren.’

De overheid heeft ook de optie om zelf platformen te gaan ontwikkelen: Governing by platforms. Dan is voor de burger transparant wat er met haar data gebeurt. Een eOverheid-plus. Het nadeel is dat dit een grote investering vergt en een langjarige visie en strategie en coördinatie.

De toekomst van de platformeconomie
Beide bedrijven denken inmiddels flink over hun toekomst. Uber positioneert zich al een tijdje als het bedrijf dat vervoer gaat veranderen en investeert in zelfrijdende auto’s en zelfs vliegende auto’s. Airbnb is bezig om andere toeristendiensten te koppelen zoals persoonlijke rondleiding en andere ervaringen.

Platformsoftware is er. Platformen bieden iets waar veel mensen gebruik van kunnen en willen maken. Ze zijn zeer schaalbaar en er is veel investeringsgeld voor beschikbaar. In de tussentijd komen er dagelijks nieuwe platformbedrijven bij. Groeit de functionaliteit van de Googles, Facebooks en Amazons.

Lees verder het recente boek De kracht van platformstrategie van Cor Molenaar. Hoe ver het misbruik/gebruik van informatie kan gaan is te zien in de recente verfilming van Dave Eggers De cirkel. Nu in de bioscoop. 

Cor Molenaar: Platforms zijn de nieuwe multinationals interview
15 mei 2017 | Ronald Buitenhuis

Vergeet je eigen marketing. Vergeet je eigen webwinkel. Platforms zijn de nieuwe holy grail. Airbnb, Uber, Facebook en Alibaba bezitten niks, maar zijn miljarden waard. ‘We voeren hier in de polder vooral kansloze achterhoedegevechten’, concludeert Cor Molenaar in De kracht van platformstrategie.

De wereld is volgens marketinggoeroe Cor Molenaar definitief 180 graden gedraaid. Zocht de fabrikant vroeger middels marketing (en de tussenhandel) naar de consument, nu bewandelt de consument de omgekeerde weg door zelf naar een product te zoeken. Hij of zij doet dat bij voorkeur via een platform dat de meeste (objectieve) informatie biedt. Platform Facebook maakt en bezit helemaal niks, maar dankzij een geweldige fanbase is het een florerende organisatie geworden. Of neem het Chinese Alibaba. Ook zij maken niks zelf, maar zijn louter intermediair. Door heel veel korting te geven op producten, komen er meer fans, die weer meer adverteerders aantrekken waardoor het platform onder aan de streep meer verdient. Voilà, zakendoen anno 2017. Platforms zijn het buskruit van onze tijd. ‘Maar we lopen hier in Nederland en Europa wel hopeloos achter’, zegt Cor Molenaar in een toelichting op zijn boek. ‘70 procent van de leidende platforms komt uit Amerika, 25 procent uit China en Europa levert maximaal vijf procent aan succesvolle platforms.’ Bedrijven hier houden volgens de Erasmus hoogleraar nog krampachtig vast aan eigen websites en eigen marketing. ‘Vergeet het’, zegt Molenaar. ‘Het is kansloos als je als retailer geen gebruik maakt van platforms. En als platforms in jouw branche niet bestaan, moet je ze zelf gaan bouwen.’ Molenaar signaleert dat Europese bedrijven in een soort ‘verlammingszone’ bivakkeren. ‘Ze zien wel dat het anders moet, maar ze durven of kunnen niet. CFO’s denken nog veel te veel in een berekenbare terugverdientijd van een investering. Dat is oud denken; conservatieve besluitvorming. We zijn hier bezig om de welvaart van de toekomst te verdelen, terwijl we helemaal geen toekomst meer hebben als we niet mee veranderen. Wat doen we hier? We beschermen onze bedrijven (lees: AkzoNobel en Unilever), willen leegstand in de winkelstraat bestrijden met weer nieuwe winkels en denken in papadagen. Oer-conservatief.’ In zekere zin is het boek van Molenaar een wake-up-call. Om aan te zetten tot het bouwen van levensvatbare online platforms. Om aan te sluiten bij het nieuwe koopgedrag van de consument.

Coolblue en Bol

Zelfs voor florerende online partijen als Coolblue en Bol die richting een miljard euro omzet gaan, heeft Molenaar slecht nieuws. ‘Wat zij doen, is werken volgens wat ik noem een éénweg-platformbenadering. Ze kopen producten in en verkopen die weer online aan de klant. Dat is nog altijd een vrij klassieke benadering van verkoop door inzet van veel marketinggeweld. Maximaal de helft van dit soort webwinkels zal overblijven. Kijk hoe moeilijk Media Markt het heeft. De toekomst is aan de tweeweg-platformbenadering. Dat is een platform waarop zowel consumenten als producenten elkaar ontmoeten. Het platform met de meeste slagkracht is voor zowel de producten als de consument the place to be. Bol, Wehkamp en Coolblue kunnen alleen overleven als ze mee-evolueren in die platformgedachte.’ Partijen als Blokker en Hema zitten helemaal in de gevarenzone. Voor hen is er alleen toekomst als ze echt nieuwe wegen weten te vinden. ‘Ze zijn weggedrukt door de Action’, stelt Molenaar. ‘Er zal altijd een emmer en een zeem nodig zijn, maar of je daar een toekomstbestendig concern mee bouwt?’ Enthousiast wordt Molenaar als Frendz ter sprake komt. Frendz is het initiatief van o.a. Ronald van Zetten (ex-Hema) en Roland Kahn (Coolcat en MS Mode). Frendz is het eerste concept uit de koker van het nieuwe V&D, de merknaam die door Van Zetten en Khan is gekocht. Modeliefhebbers shoppen met behulp van tips van vrienden en bekenden op social media hun outfit bij elkaar via het Frendz-platform. Molenaar: ‘Kijk, zij hebben het begrepen. Merk en consument komen bijeen via een platform dat gevuld wordt door Facebook-achtige fans aan de ene kant en producenten van mode aan de andere kant. Ook Frendz bezit feitelijk niks; er komen alleen partijen op samen.’ Booking vindt Molenaar ook een witte raaf in het verder conservatieve Nederlandse en Europese platformlandschap. Goed voorbeeld in negatieve zin vindt Molenaar de overnamepoging van fietsenfabrikant Accell door Pon. ‘Het zijn laatste stuiptrekkingen. Wat je daar ziet is dat Pon door overnames het dealerkanaal nog verder onder druk wil zetten om marge te realiseren. Meer marge kan alleen door schakels te elimineren. Ik hoop dat ze een platformstrategie achter de hand hebben.’

Radicaal anders

In de nieuwe platformwereld werkt de economie volgens Molenaar radicaal anders. De supply chain gaat compleet onderuit. In de huidige economie gaat door tussenschakels de kostprijs wel een keer of vijf over de kop. In de wereld geregeerd door platforms verdwijnen delen van transport, logistiek en opslag. Producenten leveren rechtstreeks aan de consument. Alle fricties in de keten worden aangepakt. Het interesseert de koper werkelijk helemaal niets waar een product vandaan komt. Hij bestelt bij Alibaba, maar wie het levert, is totaal oninteressant. De klassieke groothandels hebben volgens Molenaar alleen toekomst als zij omturnen tot nieuwe leidende informatieve platforms waar consumenten heen gaan om hun keuze te bepalen. Platforms manifesteren zich daarbij als pure marketeers. Molenaar: ‘Je maakt als producent geen marketing meer, dat doet het platform voor jou. En vele male efficiënter en beter.’ En ja, er gaat op termijn platforminflatie ontstaan, voorspelt Molenaar. Hij onderscheidt wel een paar soorten platforms in zijn boek (transactie-, communicatie-, research-, interactie- en innovatieplatform), maar er zal een complete nieuwe platformindustrie komen. Molenaar: ‘Nu is het nog overzichtelijk. Airbnb, Booking, Facebook, Alibaba, apps op Android... Maar er zullen duizelingwekkend veel platforms ontstaan. Wat je nu in Silicon Valley ziet gebeuren, is dat venture capital niet meer investeert in start-ups die producten maken, maar geld stopt in het ontwikkelen van platforms. Platforms zijn het nieuwe goud voor investeerders. Investeerders als Andreessen & Horowitz hebben de overtuiging dat “software will eat your business”. Het product, het bezit, wordt minder en minder belangrijk. We gaan naar een deeleconomie. Een deeleconomie waar transacties plaatshebben op platforms. Ik voorspel dat autodealers bijvoorbeeld een hele moeilijke toekomst tegemoet gaan. We willen in de toekomst geen auto’s meer hebben, we delen auto’s. Via platforms zullen auto’s als serviceconcept aangeboden worden. Levering rechtstreeks door de fabrikant of aanbieder van een serviceconcept. Net zoals Nokia snel ten onder ging, zal het autodealernetwerk in tien jaar voor een groot deel zijn verdwenen. De auto wordt de nieuwe Airbnb hotelkamer; de nieuwe spotify-song. Dell verkocht al heel vroeg computers direct aan de consument. Bij auto’s zal het straks niet anders gaan.’ Zelfs huizen willen we straks niet meer bezitten, voorspelt Molenaar. Liever twee huisjes in een Airbnb-constructie dan zelf een huis bouwen of bezitten.

Nieuwe multinationals

Platforms zijn de nieuwe multinationals, voorspelt Molenaar. ‘Dat zie je nu al gebeuren.’ Een eigen webwinkel hebben, klinkt leuk, maar voegt zo weinig toe. Molenaar: ‘Hoe gaat de hedendaagse consument te werk? Die zoekt via Google. Niet voor niets is Google ook een succesvol gratis platform. Google verdient geld met alleen het samenbrengen van producent en consument. De beste webwinkel van je bedrijf staat straks op een platform.’ Gek genoeg voorspelt Molenaar voor de foodsector juist weer geen disruptie. Daar worden platforms weer niet leidend. ‘Slechts 1,5 procent van de totale foodsector gaat momenteel via online (platform)verkopen, en ik verwacht dat het plafond bij zeven procent zal liggen. Engeland is ook nog maar 4,5 procent. Dat komt doordat supermarkten een geweldige sociale functie hebben. Mensen willen erheen om elkaar te ontmoeten.’ Het gesprek komt als vanzelf op winkelcentra, al jaren het favoriete onderwerp van Molenaar. Hij gelooft nog altijd in winkelcentra, maar dan wel in een totaal andere vorm. ‘Er komen nieuwe, veel gevarieerdere shoppingmalls aan de randen van steden. Kijk naar het succes van outletcentra als Batavia en Roermond. In de oude stadscentra komt dan ruimte voor wonen, horeca en kleine, leuke winkeltjes met veel cultuur. Zoals stadscentra ooit ook bedoeld waren. ZZP’ers willen toch samen ergens werken. Dat doen ze in de stad. Mensen hebben vrije tijd en willen funshoppen. Dat doen ze in de nieuwe stad. Maar steden snappen niet dat hun beleid moet veranderen. Gemeenten denken alleen maar in een soort spastische angst voor leegstand. Ze denken dat de zoveelste telefoonwinkel hen wel gaat helpen. Het is symptoombestrijding. We moeten toe naar een compleet nieuw denken over de inrichting van de binnenstad.’

Buigen of barsten

De toekomst is volgens Molenaar aan bedrijven die data en kennis beheersen en dat via een platform aanbieden. Het draait niet meer om het product. Molenaar maakt in zijn boek een expliciet verschil tussen doing digital en being digital. Doing digital is digitale mogelijkheden toepassen binnen bestaande structuren en processen. Een webshopje bouwen en iets met track and trace doen. Being digital is de bedrijfsstructuur baseren op digitale mogelijkheden. En dan komen de platformen in beeld. En dus niet eenweg-, maar tweewegplatformen. Keus is er niet voor bedrijven betoogt Molenaar. Er is maar één weg naar de toekomst; die van de tweeweg platformstrategie. Of zoals de ondertitel van het boek stelt: het is buigen of barsten.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden