Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Redactioneel - In 't verschiet column
4 januari 2016 | Pierre Pieterse

In 2014 voorspelde ik het volgende: ‘Gepatenteerde trends zijn retro & authentiek. Vandaar dat we voor onze inventarisatie een authentieke klassieke glazen sneeuwbol een paar keer op zijn kop hebben gehouden waarna een hele sneeuwbui aan onmiskenbare trends naar beneden dwarrelde.

We hebben de belangrijkste (management) ontwikkelingen eruit gepikt, te weten: mobiel, big data, aandacht, balanseconomie, en anders organiseren.’ Allemaal uitgekomen! Omdat ik mijn resultaten nauwgezet bijhoud en eventueel bijstel, zo lees ik in het aardige Supervoorspellers van Philip Tetlock. En omdat ik wel uitkijk niet specifiek te zijn. Met mijn voorspellingen kun je dus alle kanten op. Daarom durf ik ook nu wel een paar provocerende trends te benoemen.

Retro is op zijn retour, het patent is verlopen. Nu onze columniste Annegreet van Bergen ons allemaal heeft uitgelegd dat die zogenaamde Gouden jaren eigenlijk jaren van bittere armoe waren, is het afgelopen met dat leuke zinken teiltje als alternatieve waterdouche. Of die malle plastic cafetariakruk die opeens het label design-zitten kreeg. Functioneel is het nieuwe toverwoord.

Hetzelfde geldt voor authentiek. Wat heb je aan authentiek als de computer in control is. Wat heb je aan alternatief leidinggeven, de computer wacht gewoon op duidelijke opdrachten. Command & control dus. Met een maximale span of control. Tegelijkertijd is er wel een onmiskenbare trend om de mens centraal te gaan stellen (weg met het heilloze rendementsdenken), maar dat heeft uiteindelijk weinig met authentiek te maken, wel met voortschrijdend inzicht.

De in kleine kring geroemde exponentiële organisatie zal een hype blijken. Niet alleen omdat een paar zwaluwen nog geen zomer maken (het zogenaamde halo effect) maar vooral omdat dit type organisatie geen waarde toevoegt. Alles van waarde mag in de schone kunsten weerloos zijn (zoals Lucebert dichtte), in het bedrijfsleven is het niet minder dan een levensader.

Ook wordt dit jaar duidelijk wat de voortdurende information overload gaat opleveren: georganiseerde chaos door netwerken in toom gehouden, de missing link (iedereen beschikt over alle relevante informatie) die zelfsturing dan eindelijk mogelijk maakt (zoals Menno Lanting beweert). Of een terugkeer naar versimpeling (naar wat Bart Flos ‘de kleine groep’ noemt), naar ‘kleindenken’ als solide basis voor grootste ideeën. Als basis voor gedoseerde en gecontroleerde groei, wars van exponentiële ontworteling.

Op boekengebied komt de afgelopen jaar ingezette trend tot volle wasdom: geen weidse vergezichten, geen visies (‘een olifant die het uitzicht belemmert’ als we Mark Rutte mogen geloven), maar gewoon poetsen. Degelijk how-to werk. De crisis afspoelen. Vlees op de botten. De eersten zullen de laatsten zijn, naar goed Hollands gebruik.

Een immer terugkerende trend is het jaarlijkse trendoverzicht van de ‘trendwatcher des vaderlands’. Ook dit jaar schetst Adjiedj Bakas onder de niet mis te verstane titel Trends 2016 het aankomende jaar in een aantal pakkende lemma’s: karmakapitalisme (delen en ruilen), oorlogseconomieën (innovatie en creativiteit, onder invloed van externe dreigingen, en meerdere levens in een leven. Dat laatste staat voor discontinuïteit wat weer een verkapt woord is voor onzekerheid wat een ander woord is voor flexibiliteit. En dat is zonder meer de trend van 2016.

Team Managementboek Magazine wenst u een functioneel flexibel 2016 toe. Met veel karma en creativiteit!

TD&D: Pas op voor zekerheid! tussen_droom_en_daad
24 december 2015 | Martijn Leijten

In deze rubriek analyseren bestuurskundigen van de TU Delft patronen en wetmatigheden waar veel managementboeken soms aan voorbij gaan of voor vanzelfsprekend aannemen. In deze aflevering legt Martijn Leijten uit wat de gevaren zijn van gemiddelden.

Kostenoverschrijdingen gebeuren omdat we ze willen voorkomen. Natuurlijk wilt u zekerheid over wat u van de toekomst kunt verwachten als u een besluit neemt. Daarom wilt u het liefst één getal horen en dat moet het zijn.

Paradoxaal genoeg creëert u juist onzekerheid als u uitgaat van één getal. U weet natuurlijk ook wel dat er een kans is dat de werkelijkheid zal afwijken, maar die kans is in werkelijkheid veel groter is dan velen denken. Eigenlijk zou het zelfs toeval zijn als u precies op uw ramingen uitkomt.

Prijzen fluctueren, net als rentestanden, weersomstandigheden enzovoorts. Dat betekent dat als eenzelfde project honderd keer wordt uitgevoerd, op vele verschillende eindkosten en doorlooptijden zou uitkomen, door statistici fraai weergegeven in een klokvormige grafiek. De waarde die hypothetisch het vaakst voorkomt (de top van de grafiek) wordt vaak voor besluitvorming gebruikt. Maar is dat wel logisch? Op de eerste plaats vertegenwoordigt dit getal slechts een zeer beperkt deel van de honderd hypothetische gevallen. Als er dus één ding is wat u weet over de toekomst, is het dat u waarschijnlijk niet op dat ene getal uitkomt, maar ergens anders in de klokgrafiek.

Dat lijkt nog niet zo erg, omdat het theoretisch in ieder geval net zo vaak kan meevallen als tegenvallen. De werkelijkheid valt echter vaker tegen. Ook daar is een logische verklaring voor. In het bovenstaande wordt één essentiële onzekerheidsfactor nog niet meegenomen: risico’s. Risico’s vervormen de klokgrafiek. De toekomst kan veel erger tegenvallen dan meevallen. Een forens die meestal in een half uur naar zijn werk rijdt, weet dat hij stoplichten zal tegenkomen. Maar zelfs als alle stoplichten op groen staan, zal hij slechts een paar minuten winnen. Als hij echter in een sneeuwstorm terechtkomt en er zijn vóór hem op de weg ongelukken gebeurd, dan kan de vertraging wel tot anderhalf uur oplopen. Als we dus risico’s meenemen, krijgt de klokgrafiek een lange staart naar de verkeerde kant.

Dit vereist een andere werkwijze van de manager. Ten eerste moet hij niet uitgaan van de modus (de meest voorkomende uitkomst), maar van de mediaan (de waarde waarbij de kans even groot is dat hij eronder uitkomt als erboven), ondanks dat de kans dan nog kleiner is dat hij er daadwerkelijk precies op uitkomt. De mediaan ligt hoger dan de modus. Dus als hij honderd van dit soort projecten zou doen en van de modus zou uitgaan, dan komt hij op de lange duur geld tekort en gaat hij bovendien waarschijnlijk failliet op die ene uitschieter die de klokgrafiek scheeftrekt. Sam Savage noemt dit The Flaw of Averages. Als onze forens een belangrijke afspraak heeft, zal hij ook een extremere reistijd in acht nemen.

Ten tweede moeten we af van dat ene getal. Hoe onhandig bazen en politici het ook vinden, ramingen worden bepaald met de begrippen betrouwbaarheid en accuratesse. Bijvoorbeeld: de kans is tachtig procent (betrouwbaarheid) dat het project tussen de 50 en 60 miljoen kost (de marge is de accuratesse). Uw baas of opdrachtgever steigert vanwege te veel onzekerheid? Stel hem gerust dat onze forens ook steeds beter kan inschatten welke mogelijke tegenvallers hem nog te wachten staan naarmate hij dichter bij zijn bestemming komt. En de gewenste zekerheid verplaatst zich, omdat zal blijken dat uw inschattingen vaker kloppen en hij bij uitschieters minder kans heeft failliet te gaan.

Do’s:

· Ga met de toekomst om in overeenstemming met haar kenmerken; streven naar de ultieme zekerheid leidt tot schijnzekerheid

· Ga voor de lange termijn uit van de vraag of u een uitschieter kunt opvangen

· Verplaats het streven naar zekerheid van puntschattingen naar het bereiken van een grotere kans op een juiste uitkomst

Don’ts:

· Ga niet uit van gemiddelden, maar van kansen op overschrijding en onderbesteding

Philip Tetlock: ‘Supervoorspellingen zijn voor bijna iedereen weggelegd’ interview
26 november 2015 | Jeroen Ansink

Professionele voorspellingen schieten vaak ernstig tekort, zegt Wharton-politicoloog Philip Tetlock in Supervoorspellers. Met een wetenschappelijke aanpak gaat de kwaliteit van prognoses echter met sprongen omhoog. ‘De meeste experts zijn doodsbang om te falen.’

In de media wemelt het van voorspellingen die niet uit blijken te komen. Wat doen de experts verkeerd?
Ze houden hun resultaten niet bij. De meeste deskundigen grossieren in vage voorspellingen waarvan de accuraatheid onmogelijk kan worden vastgesteld. Dat doen ze bewust. Stel dat ik zeg dat een bepaalde gebeurtenis een reële mogelijkheid is. Reëel kan geïntepreteerd worden als een kans van tussen de twintig en tachtig procent. Als de situatie zich inderdaad voordoet, dan kan ik mezelf op de borst kloppen. Zo niet, dan kan ik zeggen dat het slechts een mogelijkheid betrof. Op die manier eindig ik altijd aan de juiste kant van misschien. Maar tegelijkertijd zal ik nooit lering trekken uit de resultaten, en zullen mijn voorspellingen nooit worden verfijnd tot waarschijnlijkheden van bijvoorbeeld 30-70, of zelfs 33-67.

In uw boek identificeert u een groep mensen die wel uitblinkt in het maken van voorspellingen. Wat verklaart het verschil?
Zij houden de stand wél bij, haha. Supervoorspellers gaan er serieus vanuit dat voorspellen een vaardigheid is die kan worden gecultiveerd. Dat wil niet zeggen dat ze altijd zullen slagen. Sommige situaties zijn zo complex dat zelfs een supervoorspeller niet beter zal presteren dan een pijltjesgooiende chimpansee. Maar ze proberen het tenminste. Dat is wat de professionele voorspellers ontberen. Experts zijn doorgaans zo bang om te falen, dat het gewoonweg niet in hen opkomt om voorspellen op een wetenschappelijke manier te benaderen.

Ondanks die voorzichtigheid kunnen experts nog steeds de plank pijnlijk misslaan. De aanloop naar de oorlog in Irak was een spectatulair voorbeeld van voorspellingen die nergens op gebaseerd bleken.
De Amerikaanse invasie van Irak was in zekere zin een keerpunt. Het stellige idee dat het land massavernietigingswapens zou hebben was gênant voor de hele inlichtingengemeenschap. Het leidde tot de oprichting van de Intelligence Advanced Research Projects Activity, een instantie die tot taak heeft onderzoek te steunen dat Amerikaanse inlichtendiensten beter kan maken. IARPA organiseerde een voorspellingstoernooi waarin vijf academische teams het tegen elkaar opnamen. Dat leidde tot de ontdekking van supervoorspellers. Je kunt het vergelijken met het volwassenwordingsproces van de medische wereld. Het is pas sinds de vorige eeuw dat artsen zichzelf in twijfel trekken en op een wetenschappelijke manier testen welke behandelwijzen succesvol zijn.

Tegenwoordig moeten mensen jaren studeren om zich dokter te mogen noemen. Voor supervoorspellers lijkt die lat veel lager te liggen.
Het IARPA-toernooi omvatte vijfhonderd vragen over een enorme hoeveelheid aan onderwerpen, van Syrische vluchtelingenstromen en maritieme conflicten tussen Japan en China, tot de koers van Spaanse staatsobligaties en de zeespiegelstijging in Arctische wateren. Het is onmogelijk om op al die terreinen een specialist te zijn. Supervoorspellers zijn wat dat betreft op de eerste plaats supergeneralisten die razendsnel kunnen leren. Overigens kunnen supervoorspellers het op individueel niveau nog steeds compleet bij het verkeerde eind hebben. De beste resultaten krijg je als je de collectieve resultaten verzamelt, en er een bepaald algoritme op loslaat. Op die manier kun je profiteren van de wijsheid van de menigte.

Is het kijken in de toekomst voor iedereen weggelegd?
Als het gaat om de nabije toekomst, tot op zekere hoogte wel. Supervoorspellers onderscheiden zich niet zozeer in wat ze denken, maar hóe ze dat doen. Ze zijn behoedzaam, nieuwsgierig, zelfkritisch en gefocust. Dat zijn eigenschappen die ieder intelligent, ruimdenkend en hardwerkend mens in principe kan aanleren. Daarnaast is het van belang om te blijven oefenen. Je wordt alleen beter als je van je fouten kunt leren.

Ervaring moet gepaard gaan met duidelijke feedback. Is die bij toekomstvoorspellingen wel mogelijk?
Voorspellen leidt niet tot dezelfde snelle feedback als bijvoorbeeld een spelletje poker. Als het gaat om geopolitieke kwesties kost het minstens een jaar oefenen voordat je een bepaalde mate van ervaring hebt opgebouwd. Daarom is het ook zo belangrijk om je score bij te houden, en na afloop te analyseren hoe je in de toekomst nog beter kunt presteren.

Zijn ontwikkelingen in bepaalde sectoren voorspelbaarder dan in andere?
Dat is moeilijk te zeggen. Het is inderdaad waar dat het moeilijker is om te voorspellen wat de beurs morgen doet, dan om een bepaalde politieke ontwikkeling te schetsen. Aan de andere kant zijn er talloze verrassingen in de politiek en zie je ook een hoop continuïteit in de financiële wereld. Dus ik zou niet willen zeggen dat één domein inherent voorspelbaarder is dan een ander. Een uitzondering is de weersverwachting. Meteorologen zijn in mijn boek de helden, juist ook omdat ze al decennia lang nauwgezet hun resultaten bijhouden. Het scoresysteem dat we voor supervoorspellers gebruiken is oorspronkelijk door een weerkundige ontwikkeld.

Kunnen supervoorspellers worden ingezet voor een betere bedrijfsvoering?
Ja, en dat gebeurt ook al. Het bedrijf Good Judgement, een spin-off van de supervoorspellers die het IARPA-toernooi hebben gewonnen, richt zich op toekomstverwachtingen met gevolgen voor het bedrijfsleven. Als ik een bestuurder zou zijn, zou ik een voorspellingstoernooitje organiseren tussen mijn management team en de generalisten van Good Judgement. Als je specialisten het verliezen, dan weet je dat je een probleem hebt.

Uw boek toont aan dat voorspellen een talent is dat je kunt cultiveren. Zal dit ertoe leiden dat de kwaliteit van toekomstverwachtingen zal toenemen?
Daarmee vraag je of ik een voorspelling kan doen over de toekomst van voorspellingstoernooien. Als je kijkt naar de efficiëntie-voordelen van betere prognoses, dan zou je zeggen dat supervoorspellers allang gemeengoed zouden moeten zijn. De werkelijkheid is echter een stuk weerbarstiger. De politieke en economische experts in de media laten zich niet zo makkelijk in een nieuwe rol dwingen. Dat is vooral een probleem aan de vraagzijde. De kwaliteit van voorspellingen zal niet gemeten, verfijnd en verbeterd worden als wij als gebruikers niet om bewijzen van correctheid vragen. Ik denk dat het een kwestie is van bewustwording. De specialisten van deze wereld zullen zich over een jaar of vijfentwintig waarschijnlijk veel verantwoordelijker gedragen.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden