Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Wie volgt wie? column
9 september 2010 | Michel Hoetmer

Het is de natte droom van elke jongen: de baas spelen over anderen en de held uithangen. In mijn jeugd verslond ik allerlei boeken over types, zoals Michiel de Ruyter, Napoleon, de jongens van Bontekoe en de Kameleon. Uiteraard nam ik ook een flinke portie stripboeken tot me. Vooral Asterix en Obelix waren populair. Later verschoof mijn aandacht naar het schaakspel en dus bewonderde ik de ‘Groten der 64 velden’. Op een gegeven moment kopieerde ik zelfs het openingsrepertoire van een van mijn voorbeelden. Met een wat mager resultaat, maar toch...

Kleine jongens worden groot. Inmiddels is het dromerige jongetje in ons ruw tot de orde geroepen door de boze buitenwereld. Er resteert voor de meesten slechts een heimelijke hang naar meer macht. Daarom zijn boeken over leiderschap zo populair. Velen hunkeren nog steeds in het geniep naar een groots en meeslepend leven.

Een deel van deze literatuur kun je het beste beschrijven als een soort receptenboeken. De auteurs zeggen met zoveel woorden ‘als je mijn formule volgt, dan is roem jouw deel’. Steevast somt men een aantal unieke eigenschappen op die je tot leider zouden maken. Eigenschappen die wij natuurlijk in onszelf menen te herkennen. Eigenschappen van onszelf die niet zo functioneel zijn voor de sprong naar groots en meeslepend leiderschap zien wij gemakshalve over het hoofd.

Het hele idee van een setje ideale eigenschappen komt mij nogal merkwaardig over. Een kijkje in de geschiedenis leert dat er zo veel verschillende soorten leiders zijn geweest dat je er altijd wel een aantal kunt uitpikken die toevallig aan deze criteria voldoen. Die anderen die niet in dit beeld passen, schuiven we achteloos terzijde. Kortom: het is een tamelijk onzinnige exercitie.

Frank Schaper breekt in zijn boek Hoe je een geboren leider wordt met deze populaire traditie van ‘etikettenplakkerij’. Hij komt op de proppen met een interessante gedachte: leiders zijn volgers. Ze volgen één of meer voorbeelden uit de geschiedenis, de literatuur, hun omgeving of zelfs stripboeken. Er is nog een andere grappige parallel die Schaper opvoert: veel van de grote leiders moesten hun vader al op jonge leeftijd missen. Ze zoeken naar een soort mentor of surrogaat vader. Bij sommigen loopt deze zoektocht aardig uit de hand. Hun missie en dadendrang zet onze wereld op z'n kop.

De titel van Schaper's boek intrigeert. Ze bevat een grappige tegenspraak. Worden leiders geboren? Gemaakt? Of modeleren zij zichzelf? Schaper neigt sterk naar het laatste idee. Hij sleept er onze spiegelneuronen bij. Overigens doet Schaper niet goed uit de doeken hoe dat dan precies in ons brein zou werken. Daarvoor moet u het boek Het spiegelende brein van Marco Iacoboni lezen.

Toch laat Schaper wel zien hoe dat bij leiders in hun werk zou kunnen gaan. De leider in spé spiegelt zichzelf aan andere grootheden met een overweldigende intensiteit. Wat bij de meeste jongetjes beperkt blijft tot dagdromen, maken deze illustere figuren waar. De gevolgen zijn soms dramatisch. Denk aan leiders als Hitler, Stalin, Mao, Pol Pot en, meer recent, Saddam Hoessein.

Er is nog een overeenkomst tussen leiders. Bijna alle leiders, niet alleen de kwade genieën, gebruiken hun volgers als een soort werktuigen. Leiders zijn meedogenloos. Schaper illustreert op een grappige wijze de opkomst, het hoogtepunt en daarna de neergang van leiders. Want vroeg of laat gaat het mis met hun leiderschap. Soms is het grootheidswaanzin die de val van de leider inleidt, en in andere gevallen, zoals bij Churchill, hebben de volgers genoeg van de leider. Ik houd het voorlopig op volgende de definitie, ingegeven door Gyuri Vergouw in zijn boek Oranje wereldkampioen: een leider is iemand die voldoende volgers weet te verzamelen. Want leiders kunnen niet leiden zonder een kudde makke schapen. Dat leiders in essentie ook volgers zijn maakt Schaper op een kleurrijke en ietwat rommelige wijze duidelijk.

De boekenkast van Frank Schaper, veelzijdige stripheld boekenkast
15 juli 2010 | Eline Crijns

Hij is een veelzijdig persoon die zich niet laat tegenhouden door de gedachte dat hij iets niet kan. Hij is een ervaren leidinggevende, begenadigd tekenaar, fervent striplezer en aangeleerd schrijver. De boekenkast van Frank Schaper.

Frank Schaper is een veelzijdig persoon die zich niet laat tegenhouden door de gedachte dat hij iets niet kan. Hij is een ervaren leidinggevende, begenadigd tekenaar, fervent striplezer, aangeleerd schrijver en of dat allemaal nog niet genoeg is, heeft hij en passant een televisieprogramma over het enneagram gepresenteerd en is hij uitvinder van de perfect ronde voetbal en een nieuwe kaartprojectie. ‘Ik zeg wel eens dat ik teveel interesses heb voor een mensenleven’, aldus Schaper zelf. Zijn laatste wapenfeit is een bijzonder vormgegeven strip-managementboek over geboren leiderschap. Hierin kon hij zijn passie voor strips helemaal uitleven door deze te koppelen aan het thema leiderschap. De ondertitel luidt ‘Rolmodellen, striphelden en wereldleiders ‘en op de omslag prijkt een prominente Lucky Luke. Aan de muur van zijn werkkamer hangen originele pagina’s uit stripalbums en tekeningen van zijn eigen hand. Hij is lyrisch wanneer hij vertelt over zijn stripverzameling en de collectoritems die daartussen zitten.

Frank Schaper vertelt dat hij voor onze komst zijn stapels boeken heeft opgeruimd. Die lagen overal verspreid en dienden als research voor zijn laatste boek ‘Hoe je een geboren leider wordt’. Zijn nieuwe boek heeft de uitstraling van een luxe stipboek uitgevoerd met een harde kaft en tot de nok toe gevuld met illustraties. Hij vertelt: ‘Het moest een mooi boek worden dat mensen met plezier beetpakken en doorbladeren. De tekst moest makkelijk lezen, hoewel er ruim tweehonderd boeken als literatuurstudie achter zitten. Dat zijn met name biografieën van wereldleiders die in het tweede deel van het boek uitgebreid aan bod komen. Het boek was een genot om te maken en ik ben heel tevreden met het resultaat. Ik dacht: als ik een boek toevoeg aan die honderden boeken over leiderschap, moet het ook iets bijzonders zijn. Leiderschap is een platgetreden pad, maar deze invalshoek van rolmodellen, spiegelneuronen, geboren leiderschap en de manier waarop wij de geschiedenis herhalen, was nooit genomen. Geboren leiderschap was een onderontwikkeld onderwerp waar nog geen fatsoenlijke definitie van bestond. De theorie dat je deels onbewust door je rolmodellen wordt beïnvloed, vinden mensen prikkelend. Bij het lezen gaan ze zich in de loop van het boek afvragen wie hun eigen jeugdhelden en rolmodellen waren.’

Schaper legt uit dat het idee achter het boek eigenlijk bij toeval is ontstaan. Hoe hij begon te ontdekken hoezeer hij zelf werd beïnvloed door de rolmodellen uit zijn jeugd. In zijn geval waren dat voornamelijk striphelden. Hij verklaart: ‘Toen ik het boek ging schrijven, nam ik met terugwerkende kracht allerlei situaties uit mijn eigen loopbaan onder de loep en kwamen allerlei scènes uit stripboeken naar boven. Mijn conclusie was dat ik gewoon onbewust de stripheld heb lopen uithangen toen ik leidinggevende was! In een later stadium ben ik de theorie over het onbewust spiegelen van onze rolmodellen gaan toetsen op tientallen wereldleiders. Zo ontdekte ik een patroon dat bij iedereen terugkeert en kon ik de theorie aannemelijk maken.’

Schaper vertelt dat het maken van het boek de ultieme uitdaging was. ‘Gezien het feit dat mijn striphelden mijn rolmodellen zijn, vond ik ook dat de vorm van het boek daarmee moest overeenkomen. Er zijn achttien opmaakrondes voor nodig geweest’, aldus Schaper. ‘Omdat het thema van het boek spiegelen is, word de eerste helft van het boek gespiegeld in het tweede deel. Op alle bladzijden zijn waar mogelijk de illustraties gespiegeld. De illustraties waren dominant voor het vertellen van het verhaal. Ik ben twee jaar bezig geweest met het maken en steeds weer veranderen van het ‘storyboard’. Dat betekende dat de schrijfmethodiek anders was dan anders, ik maakte eerst het beeldverhaal en ging toen schrijven. Met als gevolg dat het beeldverhaal door voortschrijdend inzicht weer veranderde. Ik heb veel geschrapt en geschaafd om de tekst passend te maken op de opgemaakte pagina’s. Ik was blij met de ervaringen die ik had opgedaan met mijn eerste drie boeken.’

Stripboeken

In het huis van Schaper staan diverse boekenkasten. Hij houdt van lezen, maar nog meer van het kopen van boeken. ‘Een handvat voor mij om door de stapels boeken heen te komen is dat als ik een boek gekocht heb, ik mezelf de verplichting opleg om er ook een keer aan te beginnen’, aldus Schaper. ‘Maar het is de verplichting van de schrijver om te zorgen dat ik het uitlees. Dat betekent vaak dat ik het na een bepaald aantal bladzijden voor gezien houd of dat zich weer een ander, interessanter boek aandient. Vroeger had ik wel de illusie dat ik weer bij zo’n onderbroken boek terugkwam, maar dat is niet zo.’

Zoals te verwachten was, heeft Schaper een enorme stripcollectie. Hij begint enthousiast te vertellen: ‘Het feit dat ik als kind graag tekende en visueel ben ingesteld, heeft me waarschijnlijk vroeger vooral tot stipboeken gevoerd. Pas later ben ik veel andere boeken gaan lezen. Als kind was ik een echte stripboekenfanaat, ik was er uren zoet mee. Ik was geabonneerd op twee stripweekbladen en verzamelde alle albums van onder andere Kuifje, Lucky Luke, Buck Danny en Blueberry.’ Met het archiefonderzoek voor zijn boek, had Schaper een ‘goed excuus’ om zijn stripboeken opnieuw te lezen. ‘Ik kwam tot de conclusie dat al die striphelden eigenlijk archetypische, inspirerende en geboren leiders zijn. Stripboeken zijn op een zodanige manier geïllustreerd dat je je in het heldenverhaal kunt inleven. Stripboeken zijn gewoon geïllustreerde managementboeken over leiderschap. Ze vertellen de lezer dezelfde lessen. Mijn beste managementboeken zijn dan ook strips.’

Loopbaanswitch

Schaper heeft negen jaar geleden een rigoureuze omslag in zijn loopbaan bewerkstelligd. Nadat hij twintig jaar bij de KLM diverse managementfuncties bekleedde, nam hij ontslag met de bedoeling zich volledig op het schrijven te gaan richten. Hij legt uit wat de reden was voor deze wending: ‘Twee jaar voor ik definitief stopte, had ik een sabbatical opgenomen van zes maanden om een boek te gaan schrijven. Ik had een aantal onderwerpen in mijn hoofd, maar tijdens mijn reguliere werkweken van zestig uur kwam ik daar niet aan toe. Maar tijdens die sabbatical hanteerde ik ook het principe van ik moet niks, want ik word altijd al zo door mijn agenda geleefd. Het gevolg was dat zes maanden veel te kort waren. Toen ik eenmaal weer aan het werk was, had ik geen tijd meer om te schrijven. Ik kwam tot de conclusie dat als ik een boek wilde schrijven, ik drastische maatregelen moest treffen. Ik had daarbij het geluk dat ik samen met mijn broer een aantal jaar daarvoor een uitvinding had gedaan, de perfect ronde voetbal, waarvoor ik elk kwartaal royalty’s ontving van Nike aan wie ik de rechten destijds had verkocht. Dus op het moment dat ik ontslag nam, dacht ik het wel een tijdje te kunnen uitzingen zonder inkomen. Maar vlak na mijn besluit kelderde de dollarkoers als gevolg van de aanslag op het WTC. Toen werd wel duidelijk dat alleen schrijven er niet in zat. Dat heeft ertoe geleid dat ik sindsdien mijn managementervaring ook gebruik om als zelfstandige te coachen, trainingen te geven en advieswerk te doen. Om de twee of drie jaar heb ik de gelegenheid om een boek te schrijven. Deze combinatie bevalt me uitstekend.’

Schaper vertelt verder dat hij sinds zijn laatste boek heeft ontdekt dat er een parallel is tussen zijn loopbaankeuzes en zijn eigen bewustwording van de rolmodellen die hem hebben beïnvloed: ‘Ik werd me bewust waarom ik überhaupt de luchtvaart in gegaan ben en waarom ik op een gegeven moment ontslag heb genomen bij KLM. Mijn bewuste reden was dat ik een boek wilde schrijven en meer tijd wilde doorbrengen met mijn gezin. Maar op onbewust niveau was er iets anders aan de hand. Ik nam ontslag een jaar nadat mijn vader was overleden. Mijn vader was de onbewuste reden dat ik de luchtvaart ingegaan ben. Hij wilde graag piloot worden, maar zijn jongensdroom is nooit uitgekomen. Hij liep daar nooit mee te koop, maar ergens hing dat verhaal wel rond vroeger. Kennelijk kon ik de luchtvaart pas weer verlaten nadat mijn vader was overleden. Een jaar na zijn dood merkte ik dat ik die stap kon maken zonder dat ik er spijt van kreeg. Het waren hartstikke mooie jaren die ik zo zou overdoen, maar het onbewuste rolmodel van mijn vader daarin was belangrijk.’

Schrijven en schrappen

Schaper vertelt met veel enthousiasme over zijn nieuwste boek en hoe dat zijn leven de afgelopen twee jaar beheerst. Hij besteedde elk uurtje dat hij niet met zijn normale werk bezig was aan zijn boek. Hij legt uit dat het bij hem altijd zo gaat: ‘Als ik vol zit van een onderwerp heb ik het er met iedereen over. In de tijd van het enneagram (waarover hij een boek schreef en een televisieprogramma maakte) zei mijn vrouw op een gegeven moment: ‘Kunnen we weer eens visite ontvangen zonder het over het enneagram te hebben?!’ Mensen zijn van mij gewend dat ik me niet zo snel van iets laat weerhouden, omdat iets een vreemd idee is of omdat ik het niet zou kunnen. Ik heb voldoende zelfvertrouwen om iets beet te pakken en ervan uit te gaan dat ik iets kan leren. Toen ik mijn eerste boek ging schrijven, had ik niet meteen het idee dat ik het beste boek ooit ging schrijven, want schrijven is een vak. Ik had voldoende in de gaten dat er wel een aantal boeken overheen zouden gaan, voordat ik echt een goed boek zou schrijven. Maar dan moet je wel beginnen met een eerste boek. Dat probeer ik wel het beste boek te maken dat ik op dat moment kan schrijven, maar schrijven is iets waar je ervaring mee moet opdoen door veel meters te maken. Ik denk wel dat mijn laatste boek het beste is van de vier boeken die ik heb geschreven. In de loop der jaren heb ik steeds meer geleerd hoe belangrijk schrappen is. Van mijn eerste boek heb ik het manuscript volledig herschreven, nadat de redacteur daar kritisch naar gekeken had. Achteraf ben ik daar blij om. Mijn tweede boek bleek 25% te lang, dat moest ik allemaal schrappen. Door het schrappen van alles wat overbodig was, werd het uiteindelijk een beter boek. Het schrijfproces bestaat sindsdien voor mij uit twee stappen: de eerste stap is het schrijven, het produceren van de tekst en proberen uit te leggen wat je wilt vertellen. De tweede stap is het schrappen. Dan ga ik er met een kapmes doorheen, maar ook met een vergrootglas om elk zinnetje of elk woordje dat teveel is te schrappen. Schrappen is essentieel om een boek te laten werken.’

De boeken die Schaper heeft geschreven, behandelen uiteenlopende thema’s. Hij legt uit hoe dat komt: ‘Bij mij begint schrijven altijd met iets willen begrijpen. Iets intrigeert me en vervolgens ga ik op zoek naar hoe het in elkaar zit. Daar gaan soms jaren overheen. Door me verder te verdiepen dan anderen, kom ik bij iets nieuws. En ik heb blijkbaar ook een kronkel in mijn hoofd waardoor ik op een andere manier tegen dingen aankijk. Zo ontstaat er iets wat een toevoeging blijkt te zijn op het bestaande boekenaanbod. Schrijven is voor mij de manier om dingen op een rijtje te zetten en aan anderen te vertellen wat ik ontdekt heb. Mijn invalshoek is niet om iets nieuws te ontdekken, maar er ontstaat iets en dat blijkt dan een boek waard. Zodra ik er een boek over heb geschreven en daar alles in heb gestopt wat ik over een onderwerp heb te vertellen, is het onderwerp ook op een zodanige manier afgerond dat ik weer door kan naar iets nieuws. Ik ben niet iemand die een ‘sequel’ schrijft. Ik heb nog pakweg vier onderwerpen in mijn hoofd waarover ik de komende vijftien jaar wil schrijven.’

Frank Schaper: ‘Als manager was ik eigenlijk een stripheld’ interview
29 oktober 2009 | Hans van der Klis

De prijs voor de mooiste boektitel van het jaar gaat in 2009 zonder twijfel naar Frank Schaper: Hoe je een geboren leider wordt. In dit boek beschrijft hij hoe hij als manager is beïnvloed door de striphelden uit zijn jeugd. Schaper houdt geen gratuit betoog, maar is bloedserieus: hij is er van overtuigd dat zijn ideeën en reflexen zijn beïnvloed door spiegelneuronen. M&L sprak even met de auteur.

Het idee voor Hoe je een geboren leider wordt ontstond toen Frank Schaper (1958) weer eens ging grasduinen in de stripalbums die hij tussen zijn zesde en achttiende had gelezen. ‘Ik verslond die boeken vroeger’, vertelt Schaper. ‘Als jongen heb ik bijna niets anders gelezen. Kuifje, Lucky Luke, Prins Valiant, Buck Danny. Bij herlezing viel mij op dat ik zo veel herkende in de manier waarop zij dingen aanpakken. En dan heb ik het niet over de archetypische heldendaden. Het waren andere scènes uit die strips die herinneringen naar boven brachten uit de tijd dat ik actief was als manager.’

Schaper heeft al eerder boeken geschreven: Eerste Hulp bij Stress en Vermoeidheid en Het enneagram en het team in jezelf. Bekend werd hij door de bijzonder ‘ronde’ voetbal die hij samen met zijn broer Bert ontwierp en die door Nike in productie is genomen. Die stelde hem in staat na een carrière van 25 jaar in de luchtvaart (waarvan een groot deel bij KLM) voor zichzelf te beginnen.

Schaper is ervan overtuigd dat de keuzes die hij als manager heeft gemaakt, zijn beïnvloed door strips. Suske en Wiske vlogen vroeger altijd met KLM en niet met de Belgische luchtvaartmaatschappij Sabena, zoals je zou verwachten. Willy Vandersteen, de schepper van Suske en Wiske, was in 1959 uitgenodigd door KLM om een paar dagen door te brengen op Schiphol. Bij die gelegenheid kreeg hij ook een Rond-de-wereld-ticket aangeboden van KLM. ‘De Gouden Cirkel’, een album uit 1960, is op de reis die hij toen maakte gebaseerd. Als tegenprestatie liet Vandersteen zijn helden sindsdien altijd met de Nederlandse luchtvaartmaatschappij vliegen.

Zoals de titel van zijn boek al suggereert, gelooft Schaper wel in geboren leiders, maar dat selecte groepje is net als ieder ander eerst een geboren volger. Pas als een leider zichzelf ontwikkelt en innoveert, kan hij een geboren leider worden die op zijn beurt anderen inspireert. Dat heeft te maken met de werking van de spiegelneuronen die ervoor zorgen dat je geneigd bent je rolmodellen na te volgen. Dat kunnen levende personen zijn, filmhelden, romanpersonages of, zoals in het geval van Schaper zelf, striphelden. ‘Spiegelneuronen kopiëren emoties die ze bij anderen denken te zien’, zegt Schaper. ‘Denk aan films: wanneer je je identificeert met een van de hoofdrolspelers en deze is verdrietig, ben je zelf ook geneigd verdrietig te worden. Mensen zijn geen geboren leiders, maar geboren volgers. Ik besefte dat ik weliswaar een succesvol manager ben geweest, maar dat ik eigenlijk een stripheld was.’

Hoe je een geboren leider wordt is opgebouwd uit twee delen. Het eerste deel gaat over de striphelden en over de onbewuste processen die tot een carrière leiden. In het tweede deel projecteert Schaper zijn theorie op een aantal bekende leiders uit de wereldgeschiedenis, zoals Obama, Hitler, Sarkozy, Mao, Churchill en Stalin. ‘Ik heb onderzocht wie hun rolmodellen waren en hoe dat heeft doorgewerkt in hun werk. Ik heb het laatste jaar heel wat biografieën doorgewerkt, met een vergrootglas op zoek naar de bijzinnetjes die van belang waren. De fascinatie van Hitler voor Old Shatterhand van Karl May is bekend, maar bij andere wereldleiders heb ik echt moeten zoeken.’

Schaper beschrijft in zijn boek wat hij ‘de vijf geboortes van een geboren leider’ noemt, vijf bepalende momenten in iemands leven: de geboorte, het ontstaan van een relevante gave - zoals redenaarstalent -, de geboorte van een motief, de geboorte van een missie en de geboorte van een groep volgers. ‘Ik heb voor wereldleiders gekozen omdat veel mensen daar wel iets in kunnen herkennen, maar ik was verbaasd dat bepaalde cruciale informatie juist niet bekend was’, zegt Schaper. ‘De studie naar bekende wereldleiders heeft mij ook tot de conclusie gebracht dat de geschiedenis zich niet herhaalt. Wij herhalen de geschiedenis, maar dan net even anders.’

Schaper is ervan overtuigd dat hij met dit boek baanbrekend werk heeft verricht op het gebied van het onderzoek naar geboren leiderschap. ‘De literatuur over dit fenomeen blijft vaak steken in algemeenheden, het idee is nooit goed uitgewerkt. Ik heb daar verandering in willen brengen. Dankzij het onderzoek dat ik heb gedaan, heb ik ook een definitie van een geboren leider kunnen formuleren: "Een gedreven leidinggevende, die zondanig inspirerend en effectief is dat volgers en niet-volgers bijzondere aangeboren eigenschappen vermoeden." Want daar gaat het natuurlijk om in dit boek: te onderzoeken waarom iemand een geboren of een natuurlijke leider is. Men vermoedde altijd dat er iets natuurlijks achter zat, omdat de leider bepaalde teksten zo mooi vloeiend kon uitspreken. Maar ik denk dat mijn ideeën over de spiegelneuronen wel eens invloed zouden kunnen krijgen op het debat hierover.’

De voorjaarsworp (VI): leiderschap en spiritualiteit nieuws
12 februari 2009 | Hans van der Klis

In het laatste deel van deze serie over de managementboeken die komen gaan, staan leiderschap en spiritualiteit centraal. Met onder andere een nieuw boek van Warren Bennis en Daniel Goleman over de noodzaak van Transparantie, en enige boeken over ‘servant leadership’.

Bij Van Duuren verschijnt in maart het boek 'Echt leiderschap', een bundel bespiegelingen over de essentie van leiderschap. Uitgangspunt daarbij zijn de twee stromingen die momenteel in zwang zijn op managementgebied: enerzijds de nadruk op resultaten en anderzijds de nadruk op zingeving. De bundel is samengesteld door Ietje Lindermann en Marcel Wanrooy, die net als de auteurs zijn verbonden aan adviesbureau GITP.

Het trio Warren Bennis, Daniel Goleman en James O’Toole heeft onder de titel Transparantie een boek geschreven over de vraag hoe je als leider openheid creëert (Thema, maart). Transparantie kan volgens deze drie ‘managementreuzen’ het antwoord zijn op de financiële wereldcrisis die wij nu meemaken, omdat deze juist veroorzaakt wordt door een gebrek aan openheid. Banken hebben gesjoemeld met hypotheken, beurskoersen waren overgewaardeerd, managers dekten zich in met astronomische vertrekbonussen… Transparantie vormt de garantie dat alle benodigde en cruciale informatie op het juiste moment bij de juiste persoon komt, om de juiste redenen.

Jeroen Busscher (adviseur en chef interventies bij De Baak) en Miranda Keijser-Van Gils (architect en coach) hebben speeches voor bevlogen leiders gebundeld onder de titel Prekenboek voor Leiders (Business Contact, februari). Het motto: niet ‘Gij zult, maar Gij kunt!’. Met bijdragen van onder meer Harry Starren, Jos Burgers, Jaap Peters, Charles den Tex en Erik van de Loo.

Paulien Assink richt zich in haar boek Samenspel op ‘de kunst en praktijk van V/M leiderschap’, ofwel het verschil tussen mannelijk en vrouwelijk leiderschap (Business Contact, april). Assink, die eerder succes boekte met haar boek Uit het harnas, houdt een pleidooi voor het vrouwelijk aspect in leiderschap, dat volgens haar bestaat uit dienstbaarheid aan het grote geheel en luisteren naar je intuïtie.

Een prettig humoristisch boekje is onlangs verschenen bij Eburon, Ondernemen in zwaar weer, met 99 handige tips om te overleven of glansrijk ten onder te gaan. Kerstholt, een ervaren managementconsultant en curator, doet tips aan de hand voor wanneer een onderneming op drift is geraakt en de continuïteit van het bedrijf op het spel staat. Specifieke kennis en vaardigheden zijn dan vereist om de onderneming weer in rustig vaarwater te brengen.

Ook in een lichter register: Hoe je een geboren leider wordt van Frank Schaper, over onbewuste rolmodellen, striphelden en wereldleiders (Scriptum, mei). Volgens de uitgeverij bleek Schaper zelf tijdens zijn carrière bij KLM een geboren leider, en herleidt hij de kiem van zijn leiderschap naar de striphelden uit zijn jeugd.

Tot slot enkele boeken die iets meer naar de zweefmolen neigen. De bestuurskundige Tica Peeman, eigenaar van trainingsbureau VIStrainingen, schreef I trust U, over managen vanuit vertrouwen (Pearson, februari). Volgens Peeman is vertrouwen het sleutelwoord om innovatieve, flexibele en inspirerende organisaties te kunnen bouwen. Dat vraagt wel om aanpassingen in de manier van organiseren, managen en communiceren.

Bij Ten Have verscheen het boek Servant Leadership van Ken M. Keith. Keith schrijft over dienend leiderschap, een trend die ook in Nederland aan kracht wint. De strekking van zijn betoog: leiding geven is iets anders als de baas spelen.

Fons Trompenaars en Ed Voerman schreven eveneens een boek over servant leadership, onder de titel Grenzeloos leiderschap (Business Contact, reeds verschenen). In dit boek doen zij zeven dilemma’s van servant leadership uit de doeken, waarbij duidelijk wordt dat een dienende leider juist bij uitstek in staat is om schijnbare tegenstellingen te overwinnen.

Bij dezelfde uitgeverij ook een bundel interviews met toplieden als Herman Wijffels, Cees Veerman en Peter Blom over onderwerpen als leiderschap, duurzaamheid en persoonlijke verandering. De titel van dit werk luidt 'In naam van de natuur'. Het boek is samengesteld door Jan Willem Kirpestein en Henk Manschot (Ten Have, april).

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden