Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Wij wijzen u graag op het volgende
Door drukte zijn de levertijden van PostNL aangepast en kan uw pakket vertraging oplopen. Door de Brexit kan de levering van Engelse boeken vertraging oplopen.
Redactioneel - Codex Talebiana column
3 januari 2019 | Pierre Pieterse

Nassim Nicholas Taleb, de auteur van het beroemde boek De zwarte zwaan, is wat je in de literatuur een fenomeen noemt. Of een tegendraadse filosoof, het is maar net welke bril je opzet.

Teleb schrijft boeken die je enerzijds afstoten door de altijd drammerige, gelijk hebberige stijl, maar anderzijds blijven trekken door de verrassende inzichten. Of de prachtige aforismen waarmee je jezelf of anderen kunt verrijken. Het bed van Procrustes is een toegankelijke bloemlezing. Voor ‘mijn’ doelgroep is de daarin opgenomen collectie ‘het economisch leven en andere vulgaire onderwerpen’ een must read. Soms verhelderend (‘Ondernemer zijn s een existentieel, niet alleen een financieel ding’), vaker ronduit confronterend. Vooral economen (‘Economie gaat over simpele dingen gecompliceerd maken’) moeten het ontgelden, zij zijn ‘een kruising van een zakenman zonder gezond verstand, een fysicus zonder hersenen, en een speculant zonder ballen’. Als je echt niks kunt, word je econoom.

Ook van journalisten (‘idioten die overal hun waarheid van maken door die in hun Procrustes-bed dwingen’) moet Taleb weinig hebben. Ze reduceren in het beste geval zaken tot aperte flauwekul, vaak omdat ze nergens iets van begrijpen, in het veel vaker voorkomende en tegelijk slechtere geval gedragen ze zich als ‘interventionistas’, opiniemakers en beïnvloeders die van alles wat vinden en bepleiten maar daar nooit zelf de consequenties van ervaren. Pleiten voor een hogere energiebelasting vanwege het klimaat, terwijl zijzelf al lang een fors gesubsidieerde warmtepomp hebben, of stoken op (sic!) ‘groene’ biomassa. Of, wat profaner, pleiten voor ‘regime change’ omdat dictatoriaal niet pas in het weldenkende westerse discours, en dan de duizenden burgerslachtoffers beschouwen als ‘collaterol damage’. Geen ‘skin the game’ dus.

Een interview zit er dus niet in, maar een gerenommeerd boekenmagazine moet toch wat met deze invloedrijke auteur. En als Mozes niet naar de berg komt, dan komt de berg wel naar Mozes. Nou ja, voor een keer dan. Met het eindigen van onze serie de Galerij der Groten (met een heel fijn maar nog belangrijker interview met Erik Brynjolffson over AI, big data, en de onvermijdelijke technologische suprematie van China door onze westerse nadruk op privacy) ontstond er ruimte voor wat nieuws.

Dit keer geen rubriek met een vast format (geen Procrustes-bed dus), maar een rubriek waarvan de vorm zich aanpast aan de vent. Martin van Staveren trapt af met een heel eigenzinnige interpretatie van het werk van Taleb. Hij legt zijn eigen boek, Risicoleiderschap, over die van ‘risico-fenomeen’ Taleb. Zijn conclusie: zijn Incerto (onzekerheid) oeuvre (Misleid door toeval, De zwarte zwaan, Antifragiel, en Skin in the Game) is absoluut verplichte kost voor iedereen die wil overleven in een VUCA-omgeving. ‘Zijn heldere, soms bloedrode lijn is die van de hoogmoed van de mens. Wij mensen blijken telkens weer niet goed in staat om de essenties en werking van toeval en onzekerheid te zien, laat staan er effectief mee om te gaan. Een precaire situatie, die met alle snelle technologische ontwikkelingen, daarmee samenhangende complexiteit en bijbehorende schaalvergroting eerder toeneemt, dan afneemt.’ Waarvan acte!

En nu we toch aan het vernieuwen zijn: vanaf februari zal Annegreet (‘Gouden jaren’) van Bergen maandelijks verslag doen van nog altijd functionerend maar dan anders industrieel erfgoed. De geschiedenis van onze bedrijvigheid, compleet met feitjes die er niet toe doen maar wel leuk zijn om te weten. Weet u bijvoorbeeld waarom wij bietensuiker gebruiken, en geen rietsuiker? Nou dan!

Enfin, genoeg gepraat. ‘Vermijd woorden’, zou de grootmeester zelf zeggen.

TD&D: Pas op voor uw incompetentie! tussen_droom_en_daad
5 maart 2015 | Martijn Leijten

Managers en de organisaties waarvoor ze werken willen vaak best erkennen dat ze niet alles kunnen en dat incompetentie in hun vakgebied bestaat. Het probleem is alleen dat het voor ieder mens per definitie onmogelijk is de eigen incompetentie te herkennen.

Wie op internet gaat zoeken op ‘incompetente manager’ komt terecht in een wereld van frustratie. Het gros van de werkenden lijkt dat te moeten doen onder leiding van een incompetente persoon. Er is dan ook een lange rij websites die claimen de tien signalen van een incompetente manager te hebben weten te destilleren. Ook is de lijst lang van organisaties die bij het managen van een complexe taak de mist in gaan. Dagelijks vinden we tal van voorbeelden in de krant. Niet zelden krijgen de managers daarvan de schuld, wat waarschijnlijk niet vreemd is, omdat organisaties als geheel geen beslissingen nemen.

Veel van de voorbeelden gaan om management bashing. De publicaties op internet gaan dan eigenlijk helemaal niet over incompetente managers, maar eerder over de afzender, die kennelijk even moet ontladen. Maar laten we voor één keer in dit sentiment meegaan. Dan wordt de vraag hoe het toch kan dat professionele, doorgaans goed opgeleide mensen hun eigen vermogens zo verkeerd inschatten. Dat kan juist als de persoon of organisatie tot op zekere hoogte incompetent is. Incompetent zijn is één, maar dat ook weten is een tweede. En daar zit hem vaak het probleem.

David Dunning en Justin Kruger onderzochten het verschijnsel incompetentie en trokken een even logische als problematische conclusie. Personen en organisaties zien hun eigen incompetentie niet, juist omdat ze competentie ontberen. Het vergt een hoge mate van inzicht in de materie om te weten wat voor kennis en vaardigheden nodig zijn om een moeilijke taak te volbrengen. Maar ook om te begrijpen in welke mate die kennis en vaardigheden aanwezig zijn in de competenties van de betreffende persoon of organisatie. Zijn die competenties niet aanwezig, dan kun je ook zelf niet inschatten of je tegen een taak opgewassen bent of niet. Met andere woorden: je kunt de vraag of je over voldoende kennis en vaardigheden beschikt alleen juist beantwoorden als die kennis en vaardigheden inderdaad aanwezig zijn en niet als ze niet aanwezig zijn. Er kan dus alleen een positieve uitkomst zijn van zo’n inschatting; nooit een negatieve.

Dunning en Kruger expliciteerden hiermee een verschijnsel dat eerder ook door anderen in allerlei variaties werd geconstateerd. Volgens Darwin bijvoorbeeld, leidt onwetendheid vaker tot zelfvertrouwen dan kennis. Dergelijke constateringen betekenen dat je in feite nooit geconfronteerd kunt worden met je eigen incompetentie als je bij die inschatting altijd op jezelf vertrouwt. En dan is er bij een complexe taak dus ook nooit reden om je zorgen te maken. Immers, blind en doof zijn, betekent ‘see no evil, hear no evil’. Vaak zal je dus pas met je incompetentie worden geconfronteerd op het moment dat het met een organisatie misgaat. En dat is uiteraard te laat.

Wat is hiertegen te doen? Omdat incompetentie niet door een incompetente persoon of organisatie zelf kan worden vastgesteld, kun je vertrouwen op een extern oordeel. Een ultieme oplossing is het echter niet, want ook de externe persoon kan in zekere mate incompetent zijn zonder dat jij of hijzelf dat goed kan beoordelen. Het verzamelen van meerdere oordelen zou al beter werken. Als op een bepaald gebied iedereen incompetent is, zal niemand dat weten. Maar zoals collega Ernst ten Heuvelhof al eerder op deze plek uitlegde, is de wisdom of the crowds, groter dan die van het individu; ongeacht hun competentieniveau. Tenslotte kun je voor verbetering ook als uitgangspunt nemen dat je in bepaalde mate incompetent bent. Dan kan het altijd nog meevallen, maar omzeil je in ieder geval een teveel aan zelfvertrouwen door onwetendheid in plaats van door kennis. Of het moet zijn dat mijn competentie hier tekortschiet.

Do’s:

- Ga er vanuit dat jijzelf en de organisatie waarvan je deel uitmaakt tot op zekere hoogte incompetent zijn

- Accepteer dat bij taken waar de kans groot is dat niemand de vereiste kennis en vaardigheden kan inschatten, falen onderdeel is van competentieopbouw

Don’ts:

- Vertrouw niet op je eigen inschatting bij het vaststellen van je eigen competentie

- Denk niet dat zelfvertrouwen altijd voortkomt uit het hebben van veel kennis en vaardigheden. Het kan namelijk ook voortkomen uit onwetendheid

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden