Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Gezocht: boeken over innovatie nieuws
22 december 2014 | Pierre Spaninks

Pierre Spaninks blogt over zijn ervaringen als jurylid van het Managementboek van het Jaar. Zijn collega's kunnen en mogen het allemaal heel anders beleven. Graag zelfs, want het proces is gebaat bij een levendige discussie.

Als het over de Nederlandse economie gaat, is er veel aandacht voor groei en innovatie. En terecht, want daar moeten we het van hebben voor de toekomst. Gelukkig wemelt het op dat gebied van de initiatieven. En dan heb ik het niet over Neelie Kroes die in opdracht van Economische Zaken buitenlandse start-ups hierheen moet zien te lokken - want zo lang de alledaagse bureaucratische belemmeringen voor ondernemers blijven zoals ze zijn, is dat niet meer dan een werkgelegenheidsproject voor een erelid van de VVD.

Wel heb ik het over de honderden ondernemers in het midden- en kleinbedrijf (inclusief zzp'ers) die zich elke dag een slag in het rond werken om waarde creëren voor hun klanten en om te sleutelen aan diensten en producten die nòg beter aansluiten op de vraag - of daar zelfs op vooruitlopen. En ik heb het over de vele initiatieven die er zijn om die ondernemers te steunen: van incubators tot bootcamps, van challengerdays tot gamechangers.

Innovatie - voor wie het wil zien - tiert dus welig in Nederland. Dan zou je verwachten daar ook wat van terug te zien in de managementboeken die afgelopen jaar zijn verschenen. Maar gek genoeg hebben we daar als jury van het Managementboek van het Jaar 2015 tot nu toe weinig van gemerkt. Misschien zou ons dat niet eens zo zijn opgevallen, als we laatst niet in gesprek waren geraakt over wat er elders in de wereld wordt geschreven - en dan met name in de USA.

Achteruit managen
Collega Mirella Visser verzucht: ‘De Nederlandse managementboeken die ik tot nu toe heb gelezen gaan vooral over wat er verkeerd is gegaan is. In specifieke bedrijven (zoals Windhandel over Econcern), in specifieke sectoren (zoals De vrije val van Vestia, Operatie werk Arthur de deur uit, en In de bank van hectiek), of in zijn algemeenheid (zoals Ondernemingen in zwaar weer). De auteurs kijken terug op falend management en falend toezicht, en roepen dat leiderschap anders moet. In de politiek is de reflex echter om nog meer regeltjes te bedenken en nog meer toezichthouders op te tuigen. Analyse is natuurlijk heel goed om van te leren en het de volgende keer beter te doen, maar je moet er niet in blijven steken. Nu zijn we achteruit aan het managen.’

Afgezien van de bekende futurologen en trendwatchers is Mirella Visser tot nu toe geen auteurs tegengekomen die vooruitkijken en die de vragen stellen die iedere ondernemer zich voor de toekomst zou moeten stellen. Hoe anders is dat in de Amerikaanse managementliteratuur. Succesvolle ondernemers slaan daar een toon aan die veel positiever is en optimistischer. Zou dat komen, vraagt zij zich af, doordat de Verenigde Staten een stuk sneller uit de recessie zijn gekomen dan wij in Europa?

Creëer de toekomst
Als voorbeeld noemt Mirella Visser Zero to One - Creëer de toekomst van Peter Thiel, een van de oprichters van Paypal. Hij vraagt zich af waarom wij niet meer zoeken naar secrets: dingen die belangrijk zijn maar onbekend, die moeilijk zijn maar wel gedaan kúnnen worden. De oprichters van Airbnb zagen iets dat niemand anders zag, namelijk hoe je een vraag en een aanbod die tot dan toe onzichtbaar waren aan het licht kon brengen en aan elkaar kon koppelen.

Peter Thiel wijst in zijn boek vier sociale trends aan die voorkomen dat wij zulke mogelijkheden zien en ze tot ontwikkeling brengen. De grote boosdoeners zijn incrementalisme (alles in kleine stapjes willen doen, wat ons met de paplepel wordt ingegoten in het onderwijs), risicomijdend gedrag (omdat we bang zijn dat we het wel eens bij het verkeerde eind zouden kunnen hebben), zelfvoldaanheid (de sociale elite die de meeste vrijheid en mogelijkheden heeft om nieuw denken te onderzoeken, lijkt de minste behoefte te hebben om secrets te ontdekken), en de rotsvaste overtuiging dat de wereld plat is (‘Als het mogelijk was om iets nieuws te ontdekken dan zou dat toch al lang gebeurd zijn?’).

Het boek deed Mirella Visser denken aan wat Joelle Frijters en Janneke Niessen van ImproveDigital vertelden op de Female Leadership Conference 2014. ‘Volgens hen zal de volgende Google niet uit Europa komen, en al helemaal niet uit Nederland. Daarvoor is het hier veel te veel een lappendeken van regels en voorschriften. Schaalgrootte creëren op de Europese markt is ondoenlijk, omdat ondernemers in ieder land met andere regels worden geconfronteerd. Veel aandacht en investeringen gaan zitten in administratieve rompslomp en in kosten die niet direct met je product te maken hebben, zoals fees voor juristen, accountants en consultants.’

Self-fullfilling prophecy
Als we de lastendruk van administratie en toezicht drastisch konden reduceren, zouden we ontegenzeggelijk veel meer geld kunnen steken in de ontwikkeling van innovatieve technologieën. Maar Mirella Visser wijst nog op een ander gevolg van die hoge regeldichtheid en van de lastendruk die daaruit voortvloeit. Dat effect is nog veel fnuikender voor de ondernemersgeest: ‘Als je steeds tegen zulke beperkingen oploopt, wordt het onderdeel van je systeem om daarop te anticiperen. Je gaat steeds minder groot denken en je stelt je ambities bij. Het moedeloze gevoel dat de volgende Google niet hier vandaan zal komen, wordt dan een selffulfilling prophecy.’

Andere aanraders van Mirella Visser in dezelfde sfeer zijn Innovators van Walter Isaacson (De uitvinders) en Creativity Inc. van Ed Catmull. Zelf mag ik daar graag Exponentiële organisaties aan toevoegen van Salim Ismail en Waarde Propositie Ontwerp van Alex Osterwalder. Aan zulke boeken zouden Nederlandse schrijvers van managementboeken een voorbeeld kunnen nemen. In die richting liggen kansen - is het niet meer voor het Managementboek van het Jaar 2015 dan wel voor dat van 2016.

Reageer via Twitter naar @PierreSpaninks met hashtag #MB2015


Transparantie column
28 oktober 2014 | Pierre Pieterse

Dat is dus het huidige adagium. Transparantie. We kunnen tegenwoordig zo ver kijken dat we dichtbij niks meer zien. Een perfecte voedingsbodem voor allerlei ‘spins’, voor ‘virals’, voor ‘guerrilla’, en zelfs voor ouderwetse ‘agitprop’. Als is de waarheid (social media!) nog zo snel, de leugen achterhaalt haar wel. Maar dat is dan weer de perfecte voedingsbodem voor degelijke onderzoeksjournalistiek die op managementterrein resulteert in mooie, informatieve en soms zelfs ronduitspannende boeken.

Het iconische voorbeeld is natuurlijk De prooi van Jeroen Smit (voorafgegaan door het terecht bekroonde Het drama Ahold dat we niettemin met enige hindsight een vingeroefening mogen noemen). Maar ondanks minder lauweren doen boeken als De vastgoedfraude (en het vervolg De ontknoping) van Vasco van der Boon en Gerben van der Marel, of het even vermakelijke en onthutsende relaas over de teloorgang van PCM, De geldpers van Joost Ramaer daar niet voor onder. En dan laten we de enorme stapel meer dan relevante publicaties over de financiële crises en andere schuldenbergen, en recent de keerzijde van big data (privacy!) maar even voor wat ze zijn.

Kort geleden verschenen twee boeken die deze traditie monter voortzetten. In Branson ontmaskerd doet journalist (en opmerkelijk genoeg ook auteur van de geautoriseerde biografie van Branson) Tom Bower precies wat er op de titelpagina staat: ‘golden boy’ Richard Branson ontmaskeren, als iemand die werkelijk alles inzet ter meerdere eer en glorie van zichzelf. Met zelfs een eigen eiland om heel creatief belasting te ontduiken. Om zo met groots (PR) gebaar miljarden te kunnen toezeggen om (bijvoorbeeld) de klimaatcrisis te beheersen. Toezeggen dus, niet uitkeren.

Van Nederlandse bodem is Operatie werk Arthur de deur uit, een door NRC-journalisten Joep Dohmen en Jeroen Wester ‘geannoteerde’ weergave van het schotschrift van Arthur Gotlieb richting NZa management dat na de zelfmoord van de auteur mag worden gezien als afscheidsbrief. Maar vooral is het een onthutsend en minutieus goed onderbouwd betoog van een werknemer die het totaal niet eens is met zijn negatieve werkbeoordelingen, en op zoek gaat naar het waarom. Die zoektocht laat zich lezen als verslag van iemand die langzaam maar zeker op nietsontziende wijze wordt fijngemalen door zijn eigen managers. Omdat hij zonder de klok te willen luiden de vele misstanden en ongewenste belangenverstrengelingen binnen het NZa op de agenda wil krijgen.

Overigens is het dan weer ontluisterend om te horen dat juist de NZa een van de twee toezichthouders is die nog enigszins op afstand opereert en dus met enige afstand toezicht kan houden. De rest woont vaak letterlijk in bij het betreffende ministerie. Of kruipt er figuurlijk bij in bed: ambtenaren/bestuurders worden toezichthouders, en/of vice versa.

Wie na al dit ‘geweld’ even terug wil naar de tijd dat transparantie nog afhing van hoe goed de ramen waren gezeemd, is er Gouden jaren van Annegreet van Bergen, ‘het verhaal van de ongekende naoorlogse groei die ons leven op alle fronten heeft veranderd’. De wekelijkse teil die een dagelijkse douche werd, het papieren loonzakje een digitale bankrekening en de boterham met tevredenheid een broodje gezond. Ter relativering en vooral vermaak!

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden