Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Rijn Vogelaar: ‘Samenleving creëert negativiteitsbias’ interview
2 maart 2018 | Peter Spijker

In Nederland en de rest van de wereld boeken we op het gebied van onderwijs, ondernemerschap, gezondheid en veiligheid significante successen. Toch heerst er veel negativisme in onze samenleving. Rijn Vogelaar benoemt in Negativiteit mania de oorzaken en gevolgen van dit negativisme. Hij wijst op de beperkingen van het menselijke denken zoals kortetermijnfixatie, zelfoverschatting, groepsdenken, en een overgevoeligheid voor gevaar.

Waarom domineert de waan van negativiteit onze samenleving?
Dit heeft te maken met wat in de psychologie de ‘negativiteitsbias’ wordt genoemd, veroorzaakt door de beperkingen van ons brein. Het menselijk brein reageert soms te sterk op impulsen, is overgevoelig voor vermeend gevaar en staat vaak in de alarmstand. Ons brein lijkt nog sterk op dat van onze preshistorische voorouders. Ze leefden in een vijandige en gevaarlijke omgeving en bleven in leven dankzij de alarmfunctie in hun brein. In de moderne, veilige tijd is die functie minder belangrijk en hindert ons zelfs in het dagelijks leven. De alarmfunctie maakt dat we ’s nachts piekeren over een slechte beoordeling of een ruzie. Daarnaast trekt een negatief nieuwsbericht over een aanslag of een vliegtuigcrash meteen onze aandacht.

We zijn gevoeliger voor slecht nieuws?
Behalve een alarmfunctie heeft ons oerbrein ook een kortetermijnfixatie, een gerichtheid op nieuwe en opvallende informatie. Vandaar dat we direct reageren op een bericht over een moord of een zwaar verkeersongeluk. We geven minder aandacht aan gevaren die zich langzamer manifesteren zoals klimaatverandering. Vanwege de werking van onze hersenen zijn we eerder negatief over mensen die zich ver weg bevinden. We oordelen wel gunstig over onszelf of over personen die tot onze groep behoren. We overschatten onszelf, koesteren een irreële angst voor vreemden. Deze denktrant leidt al snel tot een negatieve beoordeling en het uitsluiten van mensen die we niet tot onze eigen groep rekenen. Dat gebeurt in de samenleving, maar bijvoorbeeld ook tussen afdelingen in grote bedrijven.

Is het oerbrein in toom te houden?
Hoe beter en veiliger we ons voelen, des te minder komt ons alarmerende brein in actie. De moderne samenleving is een relatief zeer veilige en welvarende omgeving en in belangrijke mate gefundeerd op empathie, wederzijds begrip en tolerantie. Doordat de wereld tegenwoordig veiliger is, kunnen we het alarmerende brein beter onder controle houden. In de laatste decennia vertraagt deze opwaartse ontwikkeling helaas. De oorzaak hiervan is dat de media en onze samenleving - ik bespreek in het boek specifiek de overheid, het bedrijfsleven en het onderwijs - ons met negatieve informatie bestoken. Door de ogen van het primaire brein, onze ‘eerste stuurman’, zien we op basis van deze negatieve informatie een onvriendelijke en onveilige wereld. De rationele ‘tweede stuurman’ kan dit negatieve wereldbeeld corrigeren. Maar die is liever lui dan moe en komt alleen in actie als het écht nodig is.

Het alarmerende brein is als een schip met twee stuurmannen?
Ons denken heeft een associatieve modus en een rationele modus. De associatieve modus is de eerste stuurman – die is snel en emotioneel en doorgaans erg efficiënt en effectief. De rationele modus, de tweede stuurman, is langzamer en planmatiger en beter in logisch redeneren; die schiet te hulp bij een nieuw of onbekend probleem. Bij plotseling dreigend gevaar komt de eerste stuurman in actie. Bij mensen met een positief zelfbeeld, die zich gewaardeerd voelen door anderen en zich sociaal gedragen, staat het primaire brein meestal op de sluimerstand. Is er sprake van een negatief zelfbeeld, dan gaat het alarm vaak eerder af.

Nieuwe media versterken onze primaire denkfouten?
Nieuwe media vergroten vooral de kortetermijnfixatie, zelfoverschatting en het groepsdenken. In de moderne wereld worden we via internet dagelijks gebombardeerd met informatie afkomstig van nieuwssites en social media. De kortetermijnfixatie heeft mensen verslaafd gemaakt aan de niet aflatende stroom van socialmediaberichten en veelal onbeduidende nieuwsfeitjes. Vooral het socialmediagebruik werkt zelfoverschatting en groepsdenken in de hand. De gebruikers zitten daar in een groepsbubbel en lezen vooral de doorgaans positieve berichten van vrienden en naasten. Uit onderzoek blijkt dat mensen nieuwsbronnen selecteren die hun eigen overtuigingen ondersteunen, waardoor ze een vertekend wereldbeeld krijgen en denkfouten maken. Ook bij de traditionele media worden, onder druk van de concurrentie en social media, actuele dramatische gebeurtenissen vaker uitvergroot tot belangrijke nieuwsfeiten.

De kortetermijnfixatie domineert in de samenleving?
De combinatie van een negativiteitsbias, kortetermijnfixatie en groepsdenken veroorzaakt de Negativiteit mania, die wordt versterkt door moderne technologie. Burgers in ons land hebben maar weinig vertrouwen in de overheid. De journalistiek draagt hier aan bij door veel te focussen op wat er fout gaat bij de overheid en de politiek. We lezen of horen maar weinig over de positieve resultaten van langetermijnbeleid zoals een afnemende milieuvervuiling of verbeterde gezondheidszorg. Hier ligt ook een taak voor de overheid die - samen met de journalistiek - de burgers vaker moet tonen wat er wél goed gaat. In het bedrijfsleven focust de journalistiek ook vooral op de negatieve aspecten. Ze berichten slechts in geringe mate over de enorme prestaties die ondernemingen leveren. Ook binnen het bedrijfsleven en in het onderwijs s er te veel aandacht voor zaken die misgaan.

Wat moet er gebeuren?
Inzichten uit de neurologie en de positieve psychologie bieden aanknopingspunten om het tij te keren. In mijn boek beschrijf ik bewegingen binnen de journalistiek, het bedrijfsleven en het onderwijs die deze inzichten al implementeren en het goede voorbeeld geven. Deze voorbeelden laten zien hoe het anders kan en zijn ook nog eens heel succesvol.

Rijn Vogelaar: ‘Brein is gevoeliger voor negatieve signalen’ nieuws
22 januari 2018 | Peter Spijker

Bij aanvang van de presentatie van zijn boek Negativiteit mania, op 14 januari in het Rotterdamse loungecafé Mono, wijst Rijn Vogelaar op een paradoxale situatie die volgens hem de kern vormt van het huidige negativiteitsdenken: ‘Begin 2017 gaf 88 procent van de Nederlanders aan gelukkig te zijn met hun eigen leven. Tegelijkertijd had minder dan een kwart vertrouwen in de Nederlandse politiek.’

De auteur, geflankeerd door de Engelse zanger en gitarist James Whelligan die later prachtige liedjes zal vertolken van onder andere Tears for Fears en Morrissey, verklaart deze paradox uit het heersende negativisme in onze samenleving en de rest van de wereld. ‘Een belangrijke verklaring hiervoor is dat het formele deel van onze samenleving - media, overheid, onderwijs en bedrijfsleven - ons vooral slecht nieuws brengt. De media focussen op slecht nieuws, de overheid stuurt je belastingaanslagen, het onderwijs let op slechte cijfers en bedrijven corrigeren werknemers op fouten.’

Negativiteitsbias
De maatschappij is natuurlijk niet zo verschrikkelijk en onveilig als de formele buitenwereld ons wil doen geloven. ‘We leven hier zeer veilig en kennen grote welvaart. Vanwege de werking van ons primaire brein - de eerste stuurman - beseffen we dit onvoldoende. Negatieve signalen komen daar eerder binnen dan positieve. Naast deze negativiteitsbias heeft de eerste stuurman een kortetermijnfixatie. Een acuut, minder relevant probleem zoals een aanslag krijgt onze volledige aandacht. We tonen veel minder belangstelling voor grote langetermijnproblemen zoals klimaatverandering. Onze eerste stuurman denkt bovendien eerder negatief over mensen die ver van ons af staan, maar is juist positief over onszelf of over mensen die tot onze groep behoren. Dit mechanisme leidt tot narcisme en vreemdelingenangst.’ Aldus Vogelaar.

Bewustwording
De auteur biedt aan het einde van zijn boeiende presentatie enkele oplossingen om de negatieve invloeden van het alarmerende brein in het dagelijks leven te beperken. ‘De mens dient zich meer bewust te worden van de beperkende werking van het primaire brein door aan zelfobservatie te doen. Je moet bovendien proberen om over een onderwerp naast negatieve ook positieve informatie te verzamelen. Wees ten slotte alert op de emotionele impulsen van de eerste stuurman en geef je secundaire brein - de tweede stuurman - de tijd om een rationele afweging te maken. Op die manier kun je het eigen gedrag in positieve zin bijsturen en verdwijnen negatieve denkpatronen.’

Negativiteit mania - De waan van het negativiteitsdenken preview
15 januari 2018 | Rijn Vogelaar

We leven in de meest veilige en welvarende wereld ooit. De statistieken laat zien dat het in Nederland en in de rest van de wereld op vrijwel alle gebieden steeds beter gaat. We leven langer en er is steeds minder oorlog en geweld.

Het beeld van de burger is echter anders. De samenleving is doordrenkt van negativiteit; de media brengen vooral slecht nieuws en de berichtgeving is in de loop der tijd alleen nog maar negatiever en dramatischer geworden. De ellende van de wereld komt dagelijks onze huiskamer binnen. Het lijkt alsof het steeds slechter gaat in de wereld en er is daarom weinig vertrouwen in de politiek. Negativiteitsdenken heeft grote gevolgen voor onze samenleving. Het creëert politieke onrust en zorgt voor een afname in solidariteit, creativiteit en welzijn. Negativiteit wordt niet alleen door de media gecreëerd. Mensen krijgen vrijwel dagelijks op het werk of tijdens hun studie te maken met negativiteit. Het onderwijssysteem is gericht op het vermijden van onvoldoendes en werknemers krijgen vooral te horen wat ze niet goed doen. Negatieve signalen zijn alom aanwezig.

Toename van individuele vrijheid

Een andere relevante ontwikkeling is dat in de Westerse samenleving het individu heilig is verklaard. Een filosofie die ook in de rest van de wereld steeds dominanter is geworden. Dit heeft geleid tot persoonlijke vrijheid, mensenrechten en welvaart, maar het heeft ook z’n weerslag. Het narcisme is toegenomen en de maatschappelijke betrokkenheid is afgenomen. Na 500 jaar van toenemende empathie is er de laatste 20 jaar sprake van een afname. Ieder leeft in z’n eigen informatiebubbel waar andersdenkenden door eigen voorkeuren en algoritmen worden weggefilterd. Als er minder naar andersdenkenden wordt geluisterd ontstaat er ook minder begrip. Groepen worden negatiever over elkaar en komen recht tegenover elkaar te staan. 

Individuele vrijheid is een groot goed, maar het impliceert ook individuele verantwoordelijkheid. Je wordt geacht voor jezelf op te komen en persoonlijke prestaties centraal te stellen. De groep mensen die negatieve gevolgen ondervindt van de druk om te presteren, gecombineerd met de negatieve signalen vanuit werk, studie en de media, groeit. Dat is af te lezen aan een toename van burn-out en depressiviteit. Met name onder jongeren is het aantal psychologische klachten en zelfs het aantal zelfmoorden toegenomen. Psychiaters slaan alarm. Gek genoeg is dit een onderwerp dat weinig aandacht trekt. In de waan van negativiteit worden sommige serieuze problemen kennelijk over het hoofd gezien, terwijl minder grote problemen worden overschat. 

De oorzaak van negativiteitsdenken

De negativiteit mania is een zoektocht naar de waan van negativiteit. Waarom heeft de mensheid een wereld gecreëerd waar we worden omringd door negatieve signalen terwijl positieve ontwikkelingen haast onzichtbaar blijven? Waarom is er relatief veel aandacht is voor acute problemen van geringe omvang (een aanslag, een vliegtuigongeluk), en dat er relatief weinig aandacht is voor grote problemen die zich geleidelijk manifesteren (depressie, obesitas)? Waarom hebben we organisaties gebouwd waar zoveel medewerkers ontevreden zijn en met bosjes omvallen? Hoe kan het zijn dat de tolerantie tussen bevolkingsgroepen en zelfs tussen verschillende afdelingen van organisaties lijkt af te nemen? 

De oorzaak moet gezocht worden in de beperkingen van het menselijke denken. Mensen hebben van nature een alarmerend brein dat neigt naar kortetermijndenken, zelfoverschatting, groepsdenken en met een gevoelige antenne voor gevaar. Historisch gezien was dit belangrijk om te overleven, maar in de moderne tijd zit dit ons steeds meer in de weg. Zeker nu de technologie voortraast en de consequenties van onze denkfouten steeds groter worden. Het is nodig om de werking van ons brein te begrijpen om de valkuilen te vermijden. De gevolgen van onze denkfouten zijn namelijk overal zichtbaar, op persoonlijk niveau, op organisatieniveau en op maatschappelijk niveau. Het heeft z’n weerslag binnen de journalistiek, de politiek, het bedrijfsleven en het onderwijs. Recente inzichten uit de hersenwetenschappen en psychologisch onderzoek bieden gelukkig aanknopingspunten om het tij te keren. Innovatieve bewegingen binnen de journalistiek, onderwijs en bedrijfsleven gebruiken deze inzichten en wijzen de weg naar een nieuwe, meer constructieve manier van samenleven. Iedereen kan hieraan bijdragen. Als we ons bewust zijn van onze denkfouten en kunnen we de valkuilen voor onszelf en onze omgeving kleiner maken. Daarmee helpen we onszelf, de mensen om ons heen en alle generaties die na ons komen.

Rijn Vogelaar is gespecialiseerd in klantrelaties, aanbevelingsgedrag en social networking. Hij studeerde sociale psychologie en psychologische methodenleer in Amsterdam (UvA) en Leeds. Hij is tegenwoordig veelgevraagd spreker en is oprichter van De Superpromoter Academy. Hij is de auteur van De Superpromoter, De Enthousiasme Trilogie en Negativiteit mania.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden