Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
De Boekenpraktijk: Edwin Zasada over de zoektocht naar zelfdiscipline podcast
23 september 2021 | Willem van Leeuwen

Podcast De Boekenpraktijk is terug met seizoen 2. Opnieuw gaat podcasthost Willem van Leeuwen in gesprek met auteurs van nieuw verschenen boeken. In de eerste aflevering spreekt hij met Edwin Zasada over zijn zoektocht naar zelfdiscipline, Over wilskracht. Een gesprek over hoe wilskracht werkt in theorie en hoe je dat doorzet in de praktijk.

Volgens Edwin Zasada is wilskracht onze capaciteit om aangeboren impulsen te beheersen en vervolgens te richten naar doelen die de grenzen van ons voorstellingsvermogen uitdagen. Een kracht die veel van ons willen ontwikkelen.

Waarom dit onderwerp? 'In mijn tijd bij defensie merkte ik dat ik regelmatig uit mijn comfortzone werd getrokken. Dat voelt op dat moment zelf wat vreemd of wat onprettig, maar uiteindelijk groei je daardoor als persoon. Je staat makkelijker in het leven als je je comfortzone kan vergroten. Het leven wordt minder mat als je wat vaker aan de randen gaat schuren.'
Een van Edwins belangrijkste inzichten is dat ons brein werkt als een spier én dat je het dus kan trainen. Door vaker uit de comfortzone te gaan, leer je beter in balans te blijven. Naast jezelf aanpassen kun je ook zorgen dat je de omgeving aanpast, dat geeft juist meer comfort. Stel dat je gezonder wilt eten dan is het makkelijker om niet naar de Burger King te gaan dan om je wilskracht aan te moeten spreken en geen hamburger te bestellen als je daar al staat.

Als je je emoties uitlijnt richting een doel, is het makkelijker om dat doel te bereiken. Edwin Zasada heeft een achtergrond als legerofficier en is inmiddels werkzaam als HR manager bij supermarktketen Jan Linders. Als je als organisatie een visie schrijft krijg je je mensen makkelijker mee als dat een aansprekende visie is dan als het een hele technische visie is. Als je als mens meer geïnspireerd bent en je doel helder hebt wordt het makkelijk om wilskracht te tonen en dat doel te behalen.

Laat die hamburger staan, zet die volgende stap in je carrière - zelfdiscipline is mogelijk!

Luister de aflevering

 

Over de Boekenpraktijk

De Boekenpraktijk is een podcast van Managementboek. Presentator Willem van Leeuwen onderzoekt elke twee weken samen met auteurs en praktijkgasten hoe de theorie van managementboeken aansluit bij de praktijk. De podcast vind je op Spotify, Apple Podcasts, Google Podcasts, YouTube of in je eigen favoriete podcastapp.


Edwin Zasada: ‘Als je je wilskracht nooit aanspreekt, wordt het leven wel erg mat’ interview
12 augustus 2021 | Hans van der Klis

Over wilskracht, het majestueuze boek dat Edwin Zasada schreef over zijn studie naar zelfdiscipline, heeft alles in zich om een standaardwerk te worden over het onderwerp, misschien zelfs wel buiten de eigen grenzen.

 

Het is ogenschijnlijk een futiele aanleiding voor een boek van meer dan 800 pagina’s, maar de kiem voor het boek Over wilskracht van Edwin Zasada werd enkele jaren geleden gelegd, toen hij op een dag merkte dat hij geneigd was steeds vaker de gemakkelijke weg te bewandelen. Op de parkeerplaats zette hij zijn auto zo dicht mogelijk bij de ingang neer en als zijn ruiten bevroren waren, liet hij de auto rustig even warmlopen in plaats van dat hij een krabber pakte. Tegennatuurlijk gedrag voor de nu 36-jarige oud-beroepsmilitair, die ooit gewend was aan speedmarsen en juist zo hechtte aan zelfdiscipline. Hij besloot zich in het onderwerp te gaan verdiepen, ook al omdat er tot nu toe nog niet echt een gedegen studie van is gemaakt. ‘Er zijn boeken over pure wilskracht, over doorzetten, over uitstelgedrag, over doelen halen, over doelen stellen, over goede voornemens. Maar je hebt niets wat al die onderzoeken bij elkaar brengt. Het zijn allemaal losse verhalen, er zit geen systeem in. En als je het achterliggende systeem niet begrijpt, kun je geen gebruik maken van de verschillende elementen wanneer je ze nodig hebt’, legt hij uit.

Gemakzucht
Zasada werkte jaren aan zijn onderzoek. Honderden boeken las hij, achthonderd wetenschappelijke artikelen en nog talloze andere bronnen. Zijn huis lag vol met stapels papier, keurig gerangschikt met post-its op de plekken waar hij waardevolle inzichten was tegengekomen. ‘Het schrijven was nog het minste werk, daar heb ik een jaar of anderhalf jaar over gedaan.’ Het leidde tot een alomvattende studie, die alles in zich heeft een standaardwerk te worden, niet alleen in Nederland maar ook daarbuiten. Je bent bijna geneigd om er een grap over te maken: hoeveel wilskracht heeft het gekost om dit tot een goed einde te brengen? ‘Op een gegeven moment ben ik mij in wilskracht gaan verdiepen om het terug te vinden. Deze keer niet door putten te graven en van bruggen af te springen, dat had ik bij Defensie wel gezien, maar ik wilde mijn zelfdiscipline terugvinden. De voorbeelden die ik noem zijn waargebeurd. Liever de ruitenwissers een keer extra vervangen dan in de kou mijn ruiten gaan krabben. Het probleem is: als je niet oppast, gaat dat gedrag ook op andere gebieden terugkomen. Dan kies je steeds vaker de makkelijke weg en worden de pieken en dalen gladgestreken. Je wordt gemakzuchtig. Een van de presentatoren van de podcast Scherpschutters, waar ik graag naar luister, zei: in het woord gemak zit ook het woord mak. Eigenlijk is dat de kern.’

Controleketen
De grote lijn in het boek wordt bepaald door de controleketen, de kapstok waarmee hij het systeem achter zelfcontrole, wilskracht en alle andere onderwerpen die hij behandelt in een systeem heeft ondergebracht. ‘Het is geen allesomvattend model, anders had ik niet zo veel pagina’s nodig gehad, maar deze controleketen maakt het eenvoudiger om aan te geven waar het de meeste energie kost om controle uit te oefenen op ons leven. Dat is namelijk het grootste probleem: energiemanagement. Het kost energie om zelfcontrole uit te oefenen en om je wilskracht aan te spreken. Als je uitgeput bent, geef je eerder toe aan ongewenste impulsen, zoals verleidingen of emoties. Het idee is om met die keten te laten zien dat hoe eerder je ingrijpt, hoe minder energie het kost. Als je wil afvallen en je kunt na een lange werkdag op weg naar huis een andere route dan langs de Burger King nemen, hoef je daar bijna geen energie aan te besteden. Als je al voor de deur staat, is het veel moeilijker weerstand te bieden aan de verleiding.’

De drang naar controle is een natuurlijk fenomeen, legt Zasada uit. ‘We willen een bepaalde invloed uitoefenen op ons leven en onze toekomst, dus is ons brein voortdurend op zoek naar controle. Evolutionair is dat logisch: als we meer controle kunnen uitoefenen, kunnen we onze omstandigheden verbeteren. Dat kan echter niet zonder voorspelling over de impact van de situatie of ons gedrag. Dat doet ons brein dan ook voortdurend. Zowel bewust als onbewust interpreteren we informatie om ons heen en maken we daar forecasts van. Op basis daarvan handelen we. Soms bewust, omdat we ergens over hebben nagedacht, maar vaak via de meest energiezuinige route, met onbewuste impulsen die ons in een bepaalde richting sturen.’

Eerder ingrijpen
Voor ons energieniveau is het goed als we vroeg in de keten zelfcontrole uitoefenen. Maar daar zijn we vaak niet goed in, zegt Zasada. ‘Je kunt veel energie besparen door je goed voor te bereiden, of het nu gaat over goede voornemens, het behalen van bepaalde doelen of het beheersen van negatieve emoties. Eerder ingrijpen kost een klein beetje energie, maar je bespaart veel meer. Denk aan wat er gebeurt als je ’s avonds in de kroeg staat en je twijfelt over een extra biertje. Je denkt: normaal heb ik acht uur slaap nodig, maar met vijf uurtjes red ik het ook wel. Even later neem je er nog een en denk je: met vier uurtjes red ik het ook wel. Dan overschat je je toekomstige ik, die in bed ligt en zijn ogen opendoet en moet opstaan. Het helpt om daar tevoren iets langer over na te denken. Niet als je al in de kroeg staat, maar nog dáárvoor. Wat ga ik doen als ik de verleiding voel om langer te blijven?’

Zasada is niet optimistisch over ons gedrag op dit punt. ‘De meeste mensen steken meer tijd in de voorbereiding van een vakantiereis dan in de voorbereiding op het behalen van hun belangrijkste doelen. Bij een vakantiereis bedenk je wat je gaat doen, waar je naartoe gaat, welke route je neemt, waar je overnacht, wat je meeneemt. Wat als ik een lekke band krijg? Ben ik lid van de ANWB? En bij veel van de belangrijkste doelen in ons leven beginnen we maar gewoon. Dat kost op dat moment nu eenmaal minder cognitieve energie.’

De praktische kant van emoties
Zelfbeheersing kan dus behulpzaam zijn. ‘Het is goed om van tevoren te bepalen wat belangrijk is en te plannen. Wat ga ik doen als er iets afwijkt? Wat als mijn route niet zo gaat als ik gepland heb? Plannen is een werkwoord, geen zelfstandig naamwoord. Het is geen eenmalige activiteit, maar het helpt wel om van tevoren na te denken. Als je van tevoren over mogelijke problemen of risico’s hebt bedacht, hoef je niet op het moment zelf – als je al in de stress zit of de werkdruk hoog is – die beslissing te nemen. Het helpt bij het realiseren van je doelstelling.’

In tegenstelling tot wat vaak wordt gedacht, zijn gevoelens of emoties niet noodzakelijk een probleem. ‘De meeste emoties zijn heel praktisch: ze zorgen ervoor dat een bepaald doel een waarde heeft. Zonder emoties of gevoelens heeft niets waarde, is alles waardeloos. Waarom zou je dan überhaupt nog in actie komen? Emoties moeten er zijn. Het gaat er alleen om dat ze soms niet goed passen bij wat je wil bereiken. Dan is het belangrijk dat je zelf de controle hebt, niet het gevoel of de emotie. Maar het is niet zwart wit. Je kunt emoties of gevoelens gebruiken of veranderen, waardoor zij iets voor jou doen in plaats van dat zij in de weg zitten.’

Wilskracht doseren
Toch is het boek Over wilskracht geen pleidooi om alles steeds zo goed voor te bereiden dat we helemaal geen beroep op onze wilskracht hoeven te doen. ‘Als je voortdurend alle triggers vermijdt, wordt je wereld wel heel klein. Wilskracht kan je natuurlijk helpen je grote doelen te bereiken. Maar je moet het doseren. Wilskracht uitoefenen kost de meeste energie. Het is de wrijving die je voelt als je wél voor de Burger King staat en de kracht voelt trekken om toch naar binnen te gaan. Je gebruikt dan eigenlijk cognitieve energie, die je inzet om tegen je emoties of verlangens in te gaan. Te strijden in plaats van te gebruiken. Dan ervaar je een intern conflict.’

In zijn werk als HR-manager bij supermarktketen Jan Linders let hij ook op de manier waarop mensen omgaan met de controleketen. ‘Er zijn meer aspecten die bepalen of iemand succesvol is, maar ik vind het wel belangrijk dat mensen op zoek gaan naar hun eigen, interne wrijving. Daar zit immers de groei. Ik vind het goed als mensen aan iets groters kunnen werken, ook al valt dat niet precies onder hun functie, zodat ze die interne wrijving gedoseerd opzoeken en ook kunnen groeien in hun zijn.’

Deuk voor je zelfbeeld
Echte voorbeelden had Zasada niet, toen hij aan dit immense werk begon. Ja, misschien Emotionele intelligentie van Daniel Goleman, ook zo’n boek waarin een fenomeen volledig binnenstebuiten wordt gekeerd. Zasada heeft met dit boek wel de grenzen van zijn comfortzone opgezocht én overschreden. Hij is trots dat hij het werk tot een goed einde heeft gebracht. ‘Ik heb ook veel opgestoken van alle onderzoeken die ik heb gelezen. Dingen die je bewust en onbewust gaat toepassen. De manier waarop je over je capaciteiten denkt, wordt bijvoorbeeld ook beïnvloed door wat er fout gaat. Ik heb een keer verkeerde mondkapjes besteld voor de winkels, dat kostte duizenden euro’s. Dat voelt toch als een deuk voor je zelfbeeld. Maar eigenlijk ben je binnen een minuut nadat je die fout hebt gemaakt al een ander persoon. Je hebt ervan geleerd, de fout heeft je verrijkt en volwassener gemaakt. Dat is de meest praktische les die ik heb opgedaan: als je geen fouten durft te maken, durf je ook niet te groeien.’


Edwin Zasada - Timemanagement? Een cursus energiemanagement! column
27 juli 2021 | Edwin Zasada

Wettelijk heeft een medewerker op werkdagen van meer dan 5,5 uur recht op twee pauzes van minimaal 15 minuten. De meeste organisaties zullen op of rond de wettelijke richtlijn zitten. Misschien met iets meer pauzetijd, maar slechts zelden met significant meer pauzemomenten. Slim is dat niet, vooral niet nu kenniswerkers een steeds groter deel van onze economie voor hun rekening nemen.

Daniël Kahneman is misschien wel een van de beroemdste psychologen ter wereld. Zijn boek, Thinking, Fast and Slow is een wereldwijde bestseller. Dat mag ook wel, want dankzij hem weet vrijwel iedereen dat ons brein op grofweg twee verschillende manieren kan werken. Meestal gebruiken we Systeem 1, waarbij we snel en onbewust handelen zoals tijdens het neerzetten van mijn vingers op de juiste toetsen bij het typen van deze woorden, maar ook bij het handelen uit gewoonte of bij automatische reacties. Op andere momenten gebruiken we Systeem 2, zoals op het moment dat we complexe problemen proberen te doorgronden of op andere momenten waarop we een gecontroleerd denkproces doorlopen. Bijvoorbeeld als we keuzes maken, een plan opstellen of wilskracht uitoefenen.

Cognitieve capaciteit
Om Systeem 2 te kunnen gebruiken, maken we gebruik van een gemeenschappelijke cognitieve capaciteit. Die is overigens niet stabiel, maar verschilt van persoon tot persoon en van tijd tot tijd. Een hoge mate van wilskracht, één van de capaciteiten die afhankelijk is van die cognitieve capaciteit, leidt bijvoorbeeld onder andere tot een hoger gemiddeld cijfer op school, een beter aanpassingsvermogen met minder gevallen van psychopathologie, een hoger zelfvertrouwen, minder eetbuistoornissen, minder alcoholmisbruik, betere relaties en interpersoonlijke vaardigheden, veilige hechting en optimalere emotionele reacties. Maar wat is nu het probleem; als we een beroep op onze cognitieve capaciteit doen, raken we een beetje vermoeid. Die vermoeidheid ken je misschien wel van na een inspannende vergadering, een dag waarop veel beslissingen gemaakt moeten worden of een moment waarop er een zwaar beroep op je wilskracht gedaan wordt.  

Snack
In 2011 verscheen een artikel over de invloed van pauzes op de beslissingen van ervaren rechters in Israël. Daarvoor onderzochten ze 1.112 verschillende beslissingen van acht verschillende rechters rondom het wel of niet verlenen van een voorwaardelijke invrijheidsstelling. Rechters begonnen de dag met een toekenningspercentage van zo’n 65 procent, wat tegen pauzetijd was gedaald tot bijna 0. Na de pauze was het toekenningspercentage weer opnieuw rond de 65 procent en daalde het wederom tot aan de volgende onderbreking. Hoe dat kwam? De rechters waren cognitief vermoeid, waardoor ze van hun Systeem 2 overschakelde naar Systeem 1, waardoor ze eerder voor de bestaande status-quo kozen. De oplossing? Een pauze met een snack of lunch.

Cognitieve vermoeidheid

Een andere studie onderzocht in hoeverre het tijdstip van de dag invloed had op de toetsresultaten van kinderen op Deense openbare scholen. Daarvoor gebruikten ze een dataset van meer dan 2 miljoen verschillende observaties opgetekend onder zo’n 570.000 leerlingen verspreid over 2105 scholen. Zij ontdekten dat voor ieder uur later op de dag de gemiddelde testscore daalde. Dat cumuleerde gedurende de dag, totdat er een pauze werd genomen van zo’n twintig à dertig minuten, waarna de gemiddelde testscore weer hoger was. Hetzelfde speelt ook in ziekenhuizen. Zodra artsen, verpleegkundigen of andere medewerkers in een staat van cognitieve vermoeidheid raken, worden veiligheidsrichtlijnen minder goed gevolgd en wordt er meer onnodige antibiotica voorgeschreven.

Norm
Het grote effect van cognitieve vermoeidheid op veiligheid, rechtspraak en individuele gezondheid roept de vraag op waarom er niet meer rekening mee wordt gehouden met het invullen van functies of roosters. Waarom volgen we zo vaak een wettelijke norm voor pauzes, terwijl die in veel gevallen niet of nauwelijks effectief zijn? En zelfs als die er niet is, als we als medewerker zélf mogen kiezen wanneer en hoeveel pauze we nemen, dan nog werken we vaak te lang door. Onthoud, zodra we ons vermoeid voelen, zit Systeem 1 al een tijdje aan het stuur.

Voorzorgsmaatregelen
Om te kunnen herladen moeten we ons bewust zijn van de gedragingen die ons vermoeien, zodat we én voorzorgsmaatregelen kunnen nemen én momenten kunnen inplannen om onszelf weer op ons gewenste cognitieve niveau te krijgen. Dat kunnen vooraf bewust voorgenomen momenten zijn, zoals het plannen van kleine rust- of bewegingsmomenten op een dag waarop belangrijke beslissingen moeten worden gemaakt, maar het kunnen ook aangeleerde gewoonten zijn. Gewoonten zoals na iedere vergadering een kort rondje lopen, presentaties vooraf mentaal simuleren, of meteen aan het begin van de werkdag alle lastige keuzes en onmotiverende vraagstukken oppakken, om meteen daarna een uitgebreide koffiepauze te nemen. Vergeet timemanagement; effectief en efficiënt werken gaat om energiemanagement.

Edwin Zasada (1985) volgde de militair-wetenschappelijke opleiding Krijgswetenschappen aan de Koninklijke Militaire Academie. Tijdens zijn loopbaan als officier bij de pantserinfanterie rondde hij in de avonduren zowel een master Strategic Human Resource Management als een master Business Process Management & IT af. Naast zijn werk verrichtte hij als zzp’er coachingswerkzaamheden, waarna hij de overstap naar de retail sector maakte. Daar vervulde hij verschillende leidinggevende functies, laatstelijk als HR manager. Hij schreef het boek Over Wilskracht.


Edwin Zasada - De kunst van het uitstellen column
20 juli 2021 | Edwin Zasada

Daar sta je dan. Heb je als manager 1500 euro uitgegeven aan een cursus timemanagement voor een medewerker die moeite heeft met het afronden van projecten, zie je nog geen resultaat.

De meeste problemen met timemanagement ontstaan niet door een gebrek aan kennis, een gebrek aan outlook-trucjes of een onvermogen om te plannen. De meeste timemanagementproblemen ontstaan door uitstelgedrag. De volgende keer als er 1500 euro over is, is een training ‘zelfcontrole' misschien een beter idee. Wordt er dan minder uitgesteld? Niet persé. Maar er wordt in ieder geval minder schadelijk uitgesteld.

Publieksprijs
Als er een publieksprijs voor uitstelgedrag bestond, was de kans groot dat die naar een student ging. Een studie volgen zonder het studeren voortdurend vooruit te schuiven mag al bijna geen studeren meer heten. Desgevraagd geeft 75 procent van de studenten zelf aan dat ze uitstellers zijn, terwijl voor minimaal een derde van de studentenpopulatie geldt dat hun uitstelgedrag zelfs ernstige vormen heeft aangenomen. Dat daar veel tijd in gaat zitten, moge duidelijk zijn. Hoeveel? Een viertal onderzoekers aan een Amerikaanse universiteit heeft daar onderzoek naar gedaan, waarbij tientallen studenten in de vijf dagen voorafgaand aan een academische deadline op gezette tijden moesten doorgeven wat ze aan het doen waren. Meer dan 36 procent van de tijd vertoonden ze uitstelgedrag. Dat is meer dan één derde! Als dat een indicatie is voor het percentage uitstelgedrag gedurende een volledige studie, kunnen we bachelorstudies gemiddeld met een jaar verkorten en kan de eenjarige master terug naar een kleine acht maanden. Vooruit, ervan uitgaande dat er tijdens de lessen zelf geen sprake van uitstelgedrag is, maar alleen bij het zelfstandig werken, kunnen we de totale besparing afronden op één jaar.

Fabius
Misschien heb ik daar echter iets te snel een conclusie getrokken. Studenten verkeren tenslotte in goed gezelschap, namelijk dat van Quintus Fabius Maximus Verrucosus. Ook wel bekend onder zijn bijnaam Cunctator, ‘treuzelaar'. Nadat de ene na de andere Romeinse generaal door het Carthaagse leger onder leiding van Hannibal verslagen werd, besloot Rome een dictator aan te stellen om orde op zaken te stellen: Quintus Fabius Maximus Verrucosus, al snel bekender door zijn bijnaam, Cunctator. Hij wachtte, stelde uit en vermeed de confrontatie. Hoe hard het Romeinse volk ook smeekte en schreeuwde, een grootschalige aanval werd vermeden. Net zo lang tot het Romeinse leger weer op sterkte was en de Carthagers op eigen bodem kon verslaan.

Da Vinci
Nu zal de meeste studenten nooit worden gevraagd om Amsterdam te vrijwaren van een vijandelijk leger dat dwars door Nederland trekt, maar Fabius is dan ook niet de enige beroemde uitsteller. Wat te denken van Leonardo da Vinci? Een opdracht van de augustijner monniken uit Florence, Aanbidding der Wijzen, maakte hij niet eens af. Hij maakte slechts vijftien à twintig schilderijen, terwijl een schilder als Picasso er zelfs rond de dertienduizend maakte. Zelfs het meesterwerk van Leonardo da Vinci, de Mona Lisa, kostte hem vele jaren. Bij zijn dood in 1519 was het schilderij nóg niet klaar, terwijl hij er volgens sommigen al rond 1503 aan was begonnen. Een schilderij van ongeveer 77 bij 53 centimeter.
De schilderkunst is niet het enige waar we Leonardo da Vinci van kennen. Sterker nog, het is de vraag of we hem zouden kennen als zijn oeuvre beperkt was gebleven tot zijn paar schilderijen. We kennen hem juist omdat hij een ware homo universalis was: schilder, wetenschapper en uitvinder. Onder meer. Voortdurend bezig met van alles, behalve het afmaken van iets waaraan hij was begonnen. Liever dan het werk doen waarvoor hij werd betaald, tekende hij wat op papieren velletjes. Net als een student die geen zin heeft om naar een docent te luisteren die maar door blijft ratelen over statistiek. Maar Da Vinci's schetsen zijn misschien wel zijn beste werk; geschreven in zijn befaamde spiegelschrift staat het vol met ideeën en uitvindingen, zijn tijd ver vooruit. Een nieuwe stadsindeling, een houten tank, een parachute en zelfs een helikopter met luchtschroef.

Revolutie
Hoewel uitstelgedrag voor ons vooral bekend staat om zijn productiviteit vretende eigenschappen, kunnen er dus ook positieve eigenschappen aan zitten. Je zou het uitstelgedrag van Fabius dan ook, in plaats van tijdverspilling, kunnen zien als het creëren van de juiste tijd. Tegelijkertijd valt Leonardo da Vinci's uitstelgedrag, bewust of onbewust, te zien als een voortvloeisel uit een oude Griekse gedachte; dat nutteloos rondhangen er juist voor zorgt dat er nieuwe ideeën worden gevormd. Wat dat betreft kan de oude Franse adel in hetzelfde rijtje worden genoemd. Tegen het begin van de Franse Revolutie werd ontspannen en filosoferen bij een inspirerende salon gerekend tot het domein van de adel; werken was voor de bourgeoisie. Dat veranderde ten tijde van de Franse Revolutie, hoewel niet voor iedereen en niet meteen. Het valt zelfs te beargumenteren dat de salon door het bediscussiëren en verspreiden van nieuwe ideeën een integrale rol heeft gespeeld in de opkomst van de verlichting en daarmee een rol heeft gespeeld in de aanloop naar de Franse Revolutie. Hoe dan ook, na die revolutie veranderden ideeën over uitstelgedrag; het idee van rondhangen ter bevordering van de creatieve geest verdween naar de achtergrond en de ruwe productiviteitsmoraal van de industriële revolutie kwam ervoor in de plaats. Uitstellen is er niet meer bij, wordt gezien als zwakte en als verspilling. Daarmee zijn we als samenleving weer terug bij een van de vroegste teksten die specifiek ingaat op uitstelgedrag, de Codex Hammurabi.

Hammurabi
In de Codex Hammurabi uit de achttiende eeuw voor Christus wordt een aantal wetten omschreven van de toenmalige koning van Babylonië. Daarbij wordt ondubbelzinnig vermeld dat een boer die een akker in pacht heeft maar die door luiheid of nalatigheid niet weet te oogsten, voor straf niet alleen de akker moet teruggeven aan zijn eigenaar maar zelfs een boete in graan moet betalen.
Hoe belangrijker productie is in een samenleving, ongeacht of het nu agrarisch, industrieel of op het gebied van dienstverlening is, des te meer wordt uitstelgedrag beschouwd als een zonde. En dat is ergens jammer, want voor creativiteit lijkt even geen productie draaien toch belangrijk.

Aanmoedigen
Wil ik uitstelgedrag dan aanmoedigen? Nee, meestal niet. Maar soms, soms is het wel goed. Hoewel een strikte zelfcontrole vaak een goede eigenschap is, kan te strikt vasthouden aan een eenmaal vastgezet doel er ook voor zorgen dat nieuwe, betere kansen worden gemist. Misschien zijn zelfcontrole en uitstelgedrag dan ook wel geen wetenschap, maar eerder kunst. Een goede kunstenaar beheerst echter wel zijn techniek.

Edwin Zasada (1985) volgde de militair-wetenschappelijke opleiding Krijgswetenschappen aan de Koninklijke Militaire Academie. Tijdens zijn loopbaan als officier bij de pantserinfanterie rondde hij in de avonduren zowel een master Strategic Human Resource Management als een master Business Process Management & IT af. Naast zijn werk verrichtte hij als zzp’er coachingswerkzaamheden, waarna hij de overstap naar de retail sector maakte. Daar vervulde hij verschillende leidinggevende functies, laatstelijk als HR manager. Hij schreef het boek Over Wilskracht.


Edwin Zasada: ‘Als je je wilskracht nooit aanspreekt, wordt het leven mat’ interview
14 juli 2021 | Hans van der Klis

Over wilskracht, het majestueuze boek dat Edwin Zasada schreef over zijn studie naar zelfdiscipline, heeft alles in zich om een standaardwerk te worden, ook internationaal. Zasada, oud-beroepsmilitair, Mensa-lid en HR-manager bij supermarktketen Jan Linders deed jarenlang minutieus onderzoek. ‘Dit boek is wat ik miste toen ik mij in het onderwerp begon te verdiepen’, zegt hij.

Over wilskracht is een ambitieus boek. Je hebt het fenomeen wilskracht uitputtend beschreven, met behulp van honderden wetenschappelijke boeken en artikelen. Maar in het begin neem je jezelf onder de loep, als de man die zijn auto laat warmdraaien en op die manier zijn bevroren ruiten niet hoeft te krabben. Is dat het startpunt geweest voor dit onderzoek?
Deels zeker. In de tijd dat ik officier bij Defensie was, werd ik vaker gedwongen uit mijn comfortzone te treden en was mijn wereld een stuk ruimer. Na mijn overstap naar het bedrijfsleven was dat in het begin nog steeds zo: ik was nieuwe dingen aan het ontdekken en aan het leren. Na een tijdje werd ik minder uitgedaagd, voelde ik minder prikkels. En toen werd ik ook gemakzuchtiger. Je hoeft de ruiten van je auto niet per se zelf te krabben, je kunt je auto warm laten draaien en je ruit laten ontdooien. Daar kom je mee weg. Op een gegeven moment besloot ik dat het genoeg was geweest. Ik wilde mij in wilskracht gaan verdiepen om het terug te vinden. Deze keer niet door putten te graven en van bruggen af te springen, dat had ik bij Defensie wel gezien, maar ik wilde wel mijn zelfdiscipline terugvinden.

Was je je zelfdiscipline echt kwijtgeraakt?
Niet in extreme mate, maar de voorbeelden kloppen wel. Liever de ruitenwissers een keer extra vervangen dan in de kou mijn ruiten gaan krabben. Het probleem is: als je niet oppast, komt die gemakzucht ook op andere punten terug. Dan kies je steeds vaker de makkelijke weg en wordt het leven een beetje mat. De pieken en dalen worden gladgestreken. Ik luister regelmatig naar de podcast Scherpschutters. Een van de presentatoren zei: in het woord ‘gemak’ zit ook het woord ‘mak’. Eigenlijk is dat de kern. (Lachend:) Ik had die zevenhonderd pagina’s gewoon kunnen schrappen.

Wanneer wist je dat dit een alomvattend, groot opgezet boek moest worden? Je kunt ook kiezen voor een boek van 250 bladzijden.
Dit boek is wat ik miste, toen ik mij in het onderwerp begon te verdiepen. Je hebt boeken over pure wilskracht, over doorzetten, over uitstelgedrag, over doelen halen, over doelen stellen, over goede voornemens. Maar er bestaat geen enkel werk dat al die aspecten bij elkaar brengt. Het zijn allemaal losse onderdelen, er zit geen systeem in. Maar als je het achterliggende systeem niet begrijpt, kun je ook niet gebruik maken van de elementen wanneer je ze nodig hebt. Om er een goed boek van te maken, had ik soms de oude filosofen nodig, soms - om het verhaal kleur te geven - verhalen uit de geschiedenis en natuurlijk vaak wetenschappelijk onderzoek.

Je beschrijft het systeem waar de wilskracht deel van uitmaakt als een controleketen. Wat moeten we daar onder verstaan?
De controleketen is een soort kapstok, om het geheel – het systeem – beter inzichtelijk te maken. Het is geen allesomvattend model, anders had ik niet zoveel pagina’s nodig gehad, maar het maakt het gemakkelijker om duidelijk te maken waar in de keten de meeste energie benodigd is om zelfcontrole uit te oefenen. Dat is namelijk het belangrijkste probleem, ons energieniveau. Zelfcontrole en wilskracht draaien om energiemanagement. Als je uitgeput bent, geef je eerder toe aan impulsen, zoals verleidingen of ongewilde emoties. Het idee van de controleketen is ook te laten zien dat hoe eerder je in die keten ingrijpt, bijvoorbeeld door de verleiding uit de weg te gaan als je wil afvallen of stoppen met roken, je veel minder energie nodig hebt om je doel te realiseren.

Zelfcontrole is dus echt iets anders dan wilskracht.
Als je wil afvallen, kun je beter niet langs de Burger King rijden op weg naar je werk. Dat is zelfcontrole. Wilskracht is voor mij de wrijving die je voelt als je tóch voor de Burger King staat en je besluit niet naar binnen te gaan. Op zo’n moment gebruik je cognitieve energie om tegen je emoties of verlangens in te gaan. Je moet op dat moment vaak tegen je emoties of verlangens strijden, in plaats van dat je ze gebruikt. Zelfcontrole is voor mij het overkoepelende begrip en bevat dus ook techniek. Tijdens mijn onderzoek kwam ik bijvoorbeeld een heel fascinerend artikel tegen dat liet zien dat het energieniveau van rechters in Israël dusdanig veel impact had op de beslissingen die zij namen, dat het letterlijk andere levens beïnvloedt. Vlak na een pauze kenden ze 65 procent van de verzoeken tot voorwaardelijke invrijheidstellingen toe, vlak vóór een pauze was dat tot bijna nul gedaald. Als deze rechters daar rekening mee zouden houden, bijvoorbeeld door extra pauzes in te lassen, zou ik dat zien als zelfcontrole. Dat kost minder energie dan wilskracht.

Wat is wilskracht eigenlijk? Een karaktereigenschap? Is wilskracht trainbaar?
Ik zeg een capaciteit of een eigenschap. Zolang eigenschap maar niet wordt gedefinieerd als iets dat onveranderlijk is. Het is veranderlijk. Vaak kom je mensen tegen die denken dat zij iets niet kunnen, alsof er een harde grens is aan hun mogelijkheden. Dat vind ik zonde. Als je het echt wil, kun je het in veel gevallen ook. Wilskracht is niet iets waarvan je bij je geboorte 10cc krijgt en verder niks. Je kunt wilskracht trainen en ontwikkelen, je kunt ermee aan de slag gaan. En dat is ook leuk. Als je je wilskracht nooit aanspreekt, krimpt je wereld een beetje. Ik denk dat het goed is om zo nu en dan wrijving op te zoeken. Maar wel gedoseerd, want het draait ook om energiemanagement.

Je relativeert wilskracht en zelfcontrole ook. Je beschouwt het leven niet als een voortdurende strijd tegen emoties, verlangens en impulsen.
Uiteindelijk draait het om het behalen van doelen die voor jou waardevol zijn. Het kan zijn dat je bepaalde emoties beter onder controle wil krijgen omdat je er last van hebt, of omdat je iets anders wilt bereiken. Maar het is niet zo – wat vaak wel wordt geschreven – dat emoties de vijand zijn. Integendeel zelfs. De meeste emoties zijn heel praktisch: ze zorgen ervoor dat een doel een bepaalde waarde heeft. Zonder emoties of gevoelens heeft niets waarde, is alles waardeloos. Het gaat er alleen om dat ze soms niet goed passen bij wat je wil bereiken. Je kunt emoties of gevoelens vaak juist heel goed gebruiken, of zelfs aanpassen, waardoor zij jou helpen een doel te bereiken in plaats van dat ze in de weg staan.

Dit is een onderwerp dat ook aan de orde zou kunnen komen in een doorsnee zelfhulpboek. Heb je er wel eens over nagedacht hoe de gemiddelde lezer van dat soort boeken hier tegenaan zou kijken? Op wie richt je je met dit boek?
Er zijn natuurlijk mensen die het belangrijker vinden hoe een auto eruitziet, welke kleur hij heeft en hoe hard hij gaat. Prima, dat is een keuze. Maar dit boek is voor mensen die graag onder de motorkap kijken, die graag de diepte ingaan en willen weten hoe de motor werkt. Mijn uitgever heeft al wel gevraagd of ik een dunnere versie wil maken. De kleine wilskracht, als het ware. Wellicht dat dat er nog gaat komen.


Edwin Zasada - Lang leve de fout! column
13 juli 2021 | Edwin Zasada

Ik kan me nog een voorval herinneren met een sollicitant voor de functie van assistent supermarktmanager, laten we hem Kevin noemen. Het was een tweede gesprek, een goed gesprek, maar ergens vond ik dat hij niet direct overkwam als een leidinggevende.

Uiteindelijk heb ik hem na het gesprek dan ook verteld dat ik hem helaas moest afwijzen voor de baan. Een paar dagen later liep ik een winkelronde in dezelfde supermarkt waar ik het gesprek had gehouden en waar de vacature ook voor openstond. Opeens liep een verkoopmedewerkster op me af en ik vergeet nooit meer wat ze me toen vertelde. Ze stond voor me en zei zonder verdere introductie: ‘Je hebt een fout gemaakt.' Ik begreep niet meteen wat ze bedoelde, maar daarna vertelde ze dat ik Kevin nooit had moeten afwijzen. Eerst wilde ik haar bezwaren wegwuiven, maar ik besloot mijn eigen handelen te evalueren en vroeg door. Ze kende hem, maar zwoer dat ze het niet daarom zei. Ze zei het omdat ze wilde dat de winkel goed liep en hij een goede assistent zou zijn geweest. Meer nog, hij had potentie. Nadat ik tien minuten met haar had gesproken, ben ik teruggegaan naar kantoor en heb ik Kevin opgebeld. Ik vertelde hem wat er was gebeurd en dat ik haar geloofde. Of hij de baan nog wilde. Hij werd een van de beste kaderleden die ik ooit heb gehad.

We evalueren ons handelen pas als ons zelfvertrouwen voldoende gestimuleerd is en vergeten fouten het liefst zo snel mogelijk. Vooral pijnlijke gebeurtenissen stoppen we het liefst ver weg, zonder er veel over te denken of spreken. Toch kan het ook anders.

Chester Nimitz werd in januari 1942 bevorderd tot admiraal en meteen benoemd tot bevelhebber van de complete Amerikaanse strijdmacht in de Stille Oceaan. Enkele jaren later, in september 1945, ondertekende hij namens de Verenigde Staten de verklaring van de Japanse overgave aan boord van zijn vlaggenschip, de USS Missouri. Toch was dat niet de loopbaan die menig toeschouwer had verwacht toen de torpedobootjager Decatur, waar hij zelf het bevel over voerde, op 7 juli 1908 op een zandbank liep bij het invaren van de Filipijnse Batangas Harbor. Dat gebeurde niet omdat er iets fout ging met de navigatie, of omdat er plotseling een onverwachtse zandbank lag, maar omdat hij niet had opgelet. In plaats van alle noodzakelijke voorbereidingen en metingen te verrichten, schatte hij simpelweg zijn positie en keek hij niet naar het getijde. Pas de volgende dag kon hij worden losgetrokken, waarna hij schuldig werd bevonden aan nalatigheid en een officiële reprimande kreeg. Nu zou je verwachten dat hij dit het liefst vergat, maar hij gebruikte het juist om ook zijn jongere officieren te laten zien dat één fout je nog niet definieert als man. Je moet ervan leren.

Heeft Nimitz gelijk als hij zegt dat één fout niet bepaalt wie je bent? Je verleden heeft namelijk wel degelijk een impact op hoeveel fouten je in de toekomst maakt (in sommige gevallen met een voorspellende waarde van 26 procent van de variantie), maar dat geldt vooral voor gedragingen die veelvuldig onder dezelfde stabiele omstandigheden plaatsvinden. Met andere woorden, verkeerde gewoontes. Dat betekent niet dat iemand die geen fouten maakt daarmee in de toekomst ook geen fouten maakt. Sterker nog, vaak is fouten maken zelfs positief. Het zorgt er onder meer voor dat het inzichtelijk wordt waar we ons nog verder moeten ontwikkelen, zorgt voor nieuwe uitdagingen, en houdt het ook interessant. Denk maar eens terug aan die computerspellen van vroeger, waarbij je met een beetje moeite altijd een of meer cheatcodes kon vinden. Dat is eventjes leuk, maar juist omdat het te gemakkelijk is, is de spanning er ook zo weer van af. Er is geen uitdaging meer en het spel belandt in de kast. Het is de fout die ons scherp houdt, de fout die onze prefrontale cortex activeert en de fout die ons leervermogen stimuleert. Lang leve de fout, op het podium ermee!

Edwin Zasada (1985) volgde de militair-wetenschappelijke opleiding Krijgswetenschappen aan de Koninklijke Militaire Academie. Tijdens zijn loopbaan als officier bij de pantserinfanterie rondde hij in de avonduren zowel een master Strategic Human Resource Management als een master Business Process Management & IT af. Naast zijn werk verrichtte hij als zzp’er coachingswerkzaamheden, waarna hij de overstap naar de retail sector maakte. Daar vervulde hij verschillende leidinggevende functies, laatstelijk als HR manager. Hij schreef het boek Over Wilskracht.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden