Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
In 18 minuten rode vlekken nieuws
10 november 2016 | Bertrand Weegenaar

18 minuten op een rode stip. Een gesprek over techniek, educatie of ontwerp. Duizenden hebben al zo’n TedTalk gegeven. Chris Anderson heeft in De TED-methode ('Impactvol presenteren') de blauwdruk voor een succesvolle presentatie uit de doeken gedaan. Handzaam en vol waardevolle tips over het maken van connectie, je verhaal opbouwen en krachtig vertellen. Het proces van de voorbereiding en dan on stage. Voor iedereen die zijn presentatietechnieken wil uitbreiden of aanscherpen: lezen en vooral toepassen.

Toch, de meesten van u zijn met geen stok voor zelfs maar18 seconden op een podium te krijgen. Het idee alleen al. En dat terwijl we onze van preso’s & pitches worden geacht om kwetsbaar voor een groep, soms onbekende mensen (een potentiële klant bijvoorbeeld) te staan. De koude rillingen loopt menigeen al over de rug. Presentatieangst, ook wel Plankenkoorts genaamd, is een fenomeen waar veel aandacht aan geschonken mag worden. Zelfs de grootsten onder de sprekers (Steve Jobs bijvoorbeeld) losten dit op door intensieve, bijna obsessieve, voorbereiding en coaching.

De oorzaak van deze angst is vaak persoonlijk. Het kan een slechte ervaring zijn, moeite in ruimtes, niet kwetsbaar durven opstellen. De remedies zijn echter goed uit te voeren. En dan bedoel ik geen alcohol of pilletjes. Eén van de boeken die in het theater nog veel gebruikt wordt is Stage fright van Kato Havas. Deze methode is al enige decennia oud, maar traint violisten in het onderkennen en systematisch oefenen van dingen die mis kunnen gaan. Op het gebied van fysieke, mentale en sociale aspecten. Een indeling die tegenwoordig standaard wordt gebruikt in therapieën om omgaan met een angststoornis in het algemeen  te behandelen. Een angststoornis is een lastig te behandelen onderwerp en is ook onder DSM-5 gecodeerd. Wat zoveel wil zeggen als: je kunt er flink last van hebben en komt er niet zomaar vanaf. In het ergste geval is bezoek aan een psycholoog pas een begin van een oplossing.

Terug naar presentatieangst. 18 seconden op een stip. Rob Faltin heeft met Plankenkoorts (‘Overwin je angst voor optredens, presentaties, lezingen en praatjes’) een heel toegankelijk werk geschreven. Naast veel achtergrondinformatie is dit een werkboek. Je probeert achter je angst te komen, de oorzaak en realistisch te worden over de gevolgen. Nooit presenteren helpt je niet verder. Je krijgt inzicht in de vormen van hoe angst je kan verlammen en hoe je hier mee kunt omgaan. Een rijk arsenaal aan kleine trainingen  (ademhaling, SMART doelen maken) en technieken (begrip van de depressiecirkel) kan je op weg helpen. Alleen de bewustwording en dat je niet de enige  bent (denk maar even aan al die andere honderdduizenden) kan al tot een volgende stap leiden. Faltin hanteert verder een praktische indeling naar plankenkoorts typen die je makkelijk bij jezelf kunt onderkennen: de trauma-, sociale -, paniek- en piekerplankenkoorts. Ze hebben allemaal hun eigen merites.

Drie willekeurige tips:              

1. Zet muziek aan terwijl je, hardop-pratend, je presentatie voorbereid. De muziek helpt je iets harder te praten dan je gewoon bent. Je stem goed en duidelijk horen kan je zelfvertrouwen een boost geven.
2. Zoek een persoon die je vertrouwt, die je wilt coachen. Afspraken en positieve feedback voor reflectie helpen enorm.
3. Op een paar hardnekkige gevallen na helpt uiteindelijk maar één ding: oefenen!

Beproefd & bewezen. Elke oefening is weer een overwinning op jezelf. Of een cadeautje aan je toehoorders!

Het geheim van een goede speech nieuws
28 juli 2016 | Ger Post

Wat is het geheim van een goede speech? Communicatiedeskundigen, de oprichter van TED en Wouter Bos (vanavond- DWDD Summer School - op NPO 1) bogen zich onlangs over deze vraag. ‘Contact zoeken is het belangrijkst.’

Het is de zomer van de speeches. Allereerst legden Chris Anderson (oprichter van TED) en Carmine Gallo (communicatiedeskundige) in hun boeken uit wat het geheim is achter de populairste TED-talks. Daarnaast deed Wouter Bos tijdens de DWDD Summerschool uit de doeken wat hij de beste politieke speeches vond, aan de hand van de bekende overtuigingsmiddelen van Aristoteles: logos, pathos en ethos.

Aan De Volkskrant vertelde Bos dat hij zelf vooral ‘van de logos’ is. ‘Ik heb moeten leren om mijn speeches niet alleen op te bouwen uit logica en argumenten, maar ook te durven spelen met pathos, emoties. Ik heb ook moeten leren dat ethos, de geloofwaardigheid van wat je zegt, minstens zo afhangt van hoe je als persoon wordt gezien als van inhoudelijke logica.’

En hij is bepaald niet de enige Nederlander die moeite heeft met pathos, stelt Bos. ‘Het is ongelooflijk moeilijk goede Nederlandse voorbeelden te vinden die emotie durven te gebruiken. Bijna altijd zijn de schoolvoorbeelden Angelsaksisch. In Amerika vindt niemand het raar als je inspeelt op emotie of zelf geëmotioneerd bent. In Nederland wordt daar meteen van alles achter gezocht. Ik heb dat zelf ook: ik voel mezelf meteen minder comfortabel als ik iemand emoties zie opwekken. Het zit in onze volksaard, denk ik, en anders in de aard van dit beestje.'

Hij kon dan ook niet tegen de speech van Frans Timmermans voor de VN-Veiligheidsraad. ‘Kijk uit dat je die emotie niet op het internationale toneel voor politieke doeleinden misbruikt, dacht ik ook. Voor mijn gevoel klopte er iets niet met hoe dicht het publieke debat bij de private emotie kwam.'

Aan VARA-magazine vertelde Bos wat hij het allerbelangrijkste vindt in een speech. ‘Je moet er zin in hebben. (...) Als je tegen je papier staat te praten, wordt het nooit wat. Dus zoek je publiek. Een speech rijpt bij mij lang in mijn hoofd en als ik het dan opschrijf, kan ik hem ook bijna uit ’t hoofd uitspreken. Dan is contact leggen met de zaal of met het publiek achter de camera ook makkelijker. Je leert dat je ruimte moet creëren, momenten moeten plannen voor een lach of applaus. En rust, dat is ontzaglijk belangrijk. Een heleboel mensen speechen veel te snel. Maar contact zoeken, is het belangrijkst.’

Harvest: juni nieuws
25 mei 2016 | Jeroen Ansink

Wat leest Amerika en wat waait waarschijnlijk over naar Nederland? ‘Onze man in de VS’ Jeroen Ansink doet maandelijks een rondje boekwinkels in New York.

Amerika's modewoord voor de maand mei is de term ‘grit’. Het betekent zoiets als 'stug volhouden' en is volgens University of Pennsylvania-psychologe Angela Duckworth een belangrijker indicatie voor succes dan talent of intelligentie. Doorzettingsvermogen telt namelijk voor twee:

Talent x inspanning = vaardigheid
Vaardigheid x inspanning = vooruitgang

In de New York Times-bestseller Grit combineert Duckworth, dochter van een chemicus bij Dupont, de laatste wetenschappelijke inzichten met haar eigen ervaringen. Ze was, zoals haar vader haar regelmatig onder de neus wreef, 'geen genie'. Duckworth weigerde echter om zich door dit oordeel te laten definiëren. Ze ploeterde naar Harvard, richtte een zomerschool op voor minder bedeelde kinderen, knokte zich door de notoir strenge selectieprocedure van adviesbureau McKinsey en werd uiteindelijk hoogleraar aan een Ivy League universiteit. Drie jaar geleden kreeg Duckworth het laatste woord, toen ze onderscheiden werd met een MacArthur fellowship. De prestigieuze beurs staat in de Amerikaanse volksmond ook wel bekend als de 'genius grant'.

Een ander woord dat al een paar maanden rondzoemt is de blockchain. Blockchain kan digitale informatie onvervalsbaar maken en geniet momenteel vooral bekendheid als de technologie achter de virtuele munteenheid Bitcoin. Deze toepassing is echter nog maar het begin, zegt de Canadese denker Don Tapscott in Blockchain revolution.

Blockchain is in feite de tweede generatie van het internet, aldus Tapscott. De eerste generatie was gebouwd voor de distributie, opslag en het kopiëren van informatie. Dit model werkt prima voor bijvoorbeeld muziek, maar niet voor geld, dat alleen waarde heeft als er sprake is van het origineel.

Om de integriteit van dergelijke transacties te waarborgen, maken we momenteel gebruik van tussenpersonen, zoals banken. Dat heeft echter een prijs. Banken berekenen niet alleen transactiekosten, maar verzamelen ook persoonlijke data, die gehacked kunnen worden.

Door het onderling vertrouwen te automatiseren maakt blockchain korte metten met deze nadelen. Daardoor kunnen op termijn niet alleen banken overbodig worden, maar álle derde partijen die functioneren voor het waarborgen van vertrouwen, zoals notarissen, verzekeraars en zelfs overheden. Reden voor Tapscott om blockchain in de nabije toekomst een groter belang toe te kennen dan big data, de cloud, of zelfs kunstmatige intelligentie.

Ondanks hun compleet verschillende onderzoeksgebieden hebben Duckworth en Tapscott één ding met elkaar gemeen: ze hebben hun ideeën gedeeld en getest in een TED Talk die door vele honderdduizenden mensen is bekeken. De succesfactoren van deze pakweg achttien minuten durende presentaties zijn inmiddels door tal van communicatie-deskundigen geanalyseerd, waaronder Carmine Gallo.

In de TED-methode laat nu ook de grote baas Chris Anderson van zich horen. Volgens Anderson, die de conferentie vijftien jaar geleden over van oprichter Richard Saul Wurman, heeft een gedenkwaardige presentatie geen vaste formule. Er is slechts één absolute voorwaarde: een idee waar de spreker met hart en ziel achter staat, en dat de moeite waard is om gedeeld te worden. Is dat het geval, dan kan met voldoende oefening iedereen een begenadigd speker worden.

Anderson illustreert zijn betoog met de Keniaanse Richard Turere, die met slooponderdelen een lichtsysteem ontwierp om leeuwen weg te houden van zijn kudde. De dertienjarige Masai was pijnlijk verlegen, sprak nauwelijks Engels en kwam aanvankelijk maar moeilijk uit zijn woorden. Maar zijn verhaal was zo overtuigend dat Anderson hem toch uitnodigde. En met succes: de toespraak kreeg een staande ovatie en is inmiddels bijna twee miljoen keer bekeken.

Een grote naam die (vooralsnog) ontbreekt op het lijstje TED-sprekers is Nike-oprichter Phil Knight. Toch is zijn verhaal de moeite van het delen meer dan waard, getuige zijn autobiografie Shoe Dog. Knight wilde eigenlijk een wereldberoemd atleet worden, maar moest die droom opgeven toen hij besefte dat hij hooguit een middelmatig hardloper was. Halverwege de jaren zestig besloot hij dan maar een ander 'idioot idee' na te jagen. Hij begon sneakers uit Japan te importeren die hij vanuit de kofferbak van zijn auto aan de man bracht.

Knight wilde zijn bedrijf in eerste instantie Dimension Six noemen, maar liet zich door zijn eerste werknemer Jeff Johnson overhalen tot de naam Nike. Ook over het beroemde logo, dat hij destijds voor slechts 35 dollar liet maken, was hij aanvankelijk niet bijzonder enthousiast: zelf had hij een ontwerp met bliksemschichten voor ogen. Ondanks een stormachtige groei moest Nike vervolgens jarenlang alles op alles zetten om uit de rode cijfers te blijven. Het echte succes kwam in 1980, toen het bedrijf naar de beurs ging en het aantrekken van kapitaal geen probleem meer was.

De toenadering tot Wall Street heeft ook de 78-jarige Knight zelf, die in juni zijn positie als chairman overgeeft aan Nike-CEO Mark Parker, geen windeieren gelegd. Volgens een schatting van zakenblad Forbes bedraagt zijn vermogen inmiddels 25 miljard dollar, wat hem een plek oplevert in de top 25 van rijkste Amerikanen.

Preview - De TED-methode preview
13 mei 2016 | Jim Stolze

In De TED-methode houdt Chris Anderson het TED-gordijn opzij voor iedereen die van de besten wil leren hoe je je publiek meevoert in je verhaal. Jim Stolze, organisator van TEDx Amsterdam, vetelt over het boek.

In De TED-methode houdt Chris Anderson het TED-gordijn opzij voor iedereen die van de besten wil leren hoe je je publiek meevoert in je verhaal. Jim Stolze, organisator van TEDx Amsterdam, licht een tipje van de sluier. 

Bestaat er zoiets als het recept voor de perfecte presentatie? Een checklist die je kunt volgen voor het geven van een sublieme speech? Nee, natuurlijk niet. Iedereen die je zoiets belooft is een kwakzalver of verkoper van Tell-Sell-hulpmiddelen. Wat je wel kunt doen is van een 5 een 7 maken. Of misschien van een 6 een dikke 9. Ik heb het Chris Anderson vaak zien doen. Er is niemand die zoveel voor het spreken in het openbaar heeft betekend als hij. Onder zijn leiding is ted.com uitgegroeid tot een wereldwijd platform voor briljante ideeën en zijn korte, inspirerend presentaties de standaard geworden in werelden die tot voor kort nog gedomineerd werden door lange lezingen met dodelijk saaie PowerPoint-presentaties.

Maar pas op! Als je wordt uitgenodigd om te spreken op een TED-conferentie kun je erop rekenen dat je door de mangel wordt gehaald. Maanden van tevoren word je tijdens Skype-sessies het vuur aan de schenen gelegd. Wat ga je wel vertellen? Wat ga je niet vertellen? Kan het korter? Welk attribuut (in het Engels: prop) ga je laten zien? Wat als je twee minuten extra kreeg? Het voelt als een auditie voor een Hollywoodfilm en voor velen is dat zeker vergelijkbaar. De avond voor je optreden kun je rekenen op een privésessie met Chris. Vaak zit hij dan samen met Kelly Stoetzel (hoofd van het programmateam) op de eerste rij in de zaal en mag je met de andere sprekers je talk een keer droog-oefenen. Chris maakt aandachtig aantekeningen, fluistert wat in het oor van Kelly en zorgt ervoor dat hij geen woord van je verhaal mist.

Soms onderbreekt hij je. ‘Kan deze slide niet weggelaten worden? De grafiek leidt enorm af van je verhaal.’ Bij hoge uitzondering maakt hij een goedkeurend gebaar of tikt hij tegen een denkbeeldige pet. Geweldig. Goed gedaan. Hoop dat je het morgen ook zo doet. Maar in de meeste gevallen heeft Chris wel wat aan te merken. Hij staat dan op van zijn stoel en komt naar je toe met zijn aantekeningen in de hand. Als een chirurg ontleedt hij elk deel van je presentatie en doet hij de ene suggestie na de andere. ‘Wat als je die anekdote van minuut negen helemaal naar voren haalt. Als je daarmee begint?’

Soms zijn het kleine aanpassingen in de tekst. In de uitspraak, de beeldspraak of de klemtoon. Een opmerking uit een zesjes-presentatie zou zijn: ‘Het was onvergetelijk.’ Maar bij Chris Anderson scoor je pas een negen met bijvoorbeeld: ‘Dit zal ík, noooit meer vergeten.’ Je herkent zijn hand ook in de pakkende openingen van een presentatie. Een zesjes-presentatie begint meestal met een obligate inleiding: ‘Fijn om hier te zijn. U kent mij misschien van huppeldepup.’ Dat zal een spreker die door Chris Anderson is begeleid nooit gebeuren. Je herkent de negen-plus-presentatie aan het feit dat je direct in het verhaal wordt getrokken. Bijvoorbeeld door het gebruik van een persoonlijke anekdote. Of een beginvraag vanuit de verwondering: ‘Veertien van de honderd mensen in deze zaal hebben wekelijks last van [vul maar in]. Weet u hoe dat komt?’ ‘Verwondering’ is overigens het favoriete woord van Chris Anderson. Het is tekenend voor een man die professioneel nieuwsgierig moet zijn. Ik ken dan ook niemand die zo gepassioneerd is over storytelling als hij. Dat Chris de gave heeft om anderen van een 6 naar een 9 te tillen tijdens één zo’n privésessie is natuurlijk heel knap. Maar dat hij nu zijn kennis durft te delen in dit boek is pas echt bewonderenswaardig. 

Tot slot: vergeet vooral niet te genieten. Het geeft een ongelooflijke kick om je verhaal te mogen vertellen op welk podium dan ook. Het idee dat iedereen naar je luistert en dat jouw boodschap je publiek aan het denken zet of zelfs tot actie aanzet is het mooiste wat er is. Chris kan je er als geen ander bij helpen om van jouw presentatie een onvergetelijke ervaring te maken. Daarom is mijn advies: This is the book you should read before you start spreading your ideas worth spreading.

Jim Stolze is schrijver én ondernemer. Hij is sinds 2009 de organisator van TEDx Amsterdam.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden