Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Column

Meten met verschillende maten

Als het management van een onderneming zichzelf in moeilijke tijden een forse salarisverhoging toekent en tegelijkertijd van de medewerkers verlangt dat ze salaris inleveren (zoals onder meer bij Philips), roept dat breed verontwaardiging op. De essentie is gelegen in het meten met verschillende maten. Ik zie dat als een verschijnsel in alle sectoren van de maatschappij toeneemt. Wat is de drijfveer achter dit gedrag? Waar komt die verontwaardigde reactie vandaan?

Guus Hustinx | 21 september 2010 | 4-5 minuten leestijd

Wilders schoffeert anderen en zelfs hele bevolkingsgroepen. Zodra iemand hem op dezelfde manier behandelt, bestempelt hij dat als ‘demonisering’ en ‘demonisering van 1,5 miljoen kiezers’. Ik heb het recht een ander te beledigen, de ander heeft dat recht richting mij niet. Met een beroep op de vrijheid van meningsuiting, wil Wilders de Koran verbieden. Wat is meer intrinsiek strijdig aan elkaar?

Er zijn ook andere maatschappelijke vormen. De man die met (te) hoge snelheid over de snelweg slalomt, rechts passerend, anderen snijdend. Als een ander hem met hetzelfde gedrag ‘dwarszit’, kent zijn verontwaardiging geen grenzen. De regels gelden wel voor anderen, niet voor mij.

Zo ook de medewerker die ’s ochtends een half uur later komt, ’s avonds eerder weg gaat en eindeloos bij het koffieapparaat staat, tot ergernis van zijn hardwerkende collega’s. De onderneming is er voor hem en niet andersom. Ik bepaal mijn eigen regels, ook al heb ik een handtekening gezet onder een contract. Ik kom hier halen en heb niet de intentie te brengen.

Wat beweegt mensen om zo te meten met verschillende maten? Het is alleen het eigenbelang dat telt. Alles dat het eigenbelang in de weg staat, wordt met meedogenloosheid benaderd. Redelijke normen die het eigenbelang beperken worden aan de kant geschoven. Of er wordt, zoals in het geval van Philips, met formele argumenten verklaard waarom men echt niet anders kon.

Mijn conclusie is dat het hier gaat om calculerend en opportunistisch individualisme. De doorgeschoten ‘homo economicus’ uit het neoliberalisme. In mijn boek Ecologisch veranderen van organisaties noem ik dit ‘klein denken’. Denken vanuit de eigen positie, zonder zicht op en zorg voor de effecten op het grotere systeem. Ik laat zien dat ‘klein denken’ leidt tot suboptimalisatie van het grotere systeem en dus uiteindelijk ten koste gaat van de resultaten voor het individu. In tegenstelling tot het neoliberale gedachtegoed. Dat gaat er juist van uit dat als individuen in een vrije markt puur hun eigenbelang nastreven, dit op den duur tot welvaart voor iedereen zal leiden. In diverse studies wordt dat neoliberale uitgangspunt genadeloos ontmaskerd als een utopische ideologie (lees bijvoorbeeld De shockdoctrine van Naomi Klein uit 2007 en De utopie van de vrije markt’ van Hans Achterhuis uit 2010).

Bij het managent dat zichzelf een salarisverhoging toebedeelt, is het effect dat de verontwaardiging bij de medewerkers leidt tot afname van motivatie en groeiend wantrouwen jegens de top. Waar optimalisatie nodig is in moeilijke tijden, is verdere suboptimalisatie of, erger, escalatie het effect. Dat werkt contraproductief voor alle betrokkenen, ook voor het eigenbelang van het management. Maar over het algemeen wordt dit oorzaakzakelijke verband, dat vaak vertraagd in de tijd optreedt, gemakshalve ontkend.

Dan de verontwaardiging. Die ontstaat uit een gevoel van (on)rechtvaardigheid. Mensen zijn als mens gelijkwaardig, ook al hebben ze andere posities, andere belangen. Gelijkwaardigheid impliceert wederkerigheid: zoals ik behandeld wil worden, behandel ik jou ook. En precies dat ontbreekt bij het meten met twee maten. Het wordt dus als onrechtvaardig ervaren. Onrechtvaardigheid roept heftige emoties op. Naarmate onrechtvaardigheid mensen meer persoonlijk raakt, zijn de emoties sterker.

Het bizarre in deze controverse is dat het op eigenbelang gerichte individu zich niets gelegen laat liggen aan anderen en hun gevoel van rechtvaardigheid. In dit egocentrisme draait het universum uitsluitend en alleen om hem of haar. In die zin is Wilders een ‘prima’ rolmodel voor de individuen die zo denken en een bevestiging van de tendens. Ik wil overigens de top van Philips niet associëren met Wilders. Ik probeer alleen te laten zien dat het onderliggende mechanisme hetzelfde is.

In het geval van de Wilderianen lijkt het ook dat zij zich juist aan de verontwaardiging van anderen laven. Het sterkt hen juist. Dat doet vervolgens de verontwaardiging toenemen. Het versterkt het wij/zij-denken, en dat over en weer. En zo zitten we vast in een zichzelf bevestigende, escalerende spiraal. Ik herken dat patroon bijvoorbeeld ook in maatschappelijke ondernemingen waarin het vrije marktdenken van het management lijnrecht tegenover het klant- en kwaliteitsbewustzijn van de medewerkers staat.

Er zijn twee manieren om hier uit te komen. Allereerst het principe van wederkerigheid aan de orde stellen en keer op keer weer zichtbaar maken wat het patroon is en waartoe het leidt: wij/zij-denken, suboptimalisatie, of zelfs escalatie. Ten tweede duidelijk maken dat je er toch samen uit moet komen, er is namelijk geen andere keus. Ik heb niet de illusie dat deze strategie bij de Wilderianen werkt. Wel denk ik dat dit rond organisaties wellicht de enige strategie is.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden