Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Nieuws

M/V

Het nieuwe jaar begint zoals het oude eindigde: met een debat over sekseverschillen. Aanstichter is wetenschapsjournalist Asha ten Broeke die eerst met neurowetenschapper Dick Swaab de degens kruiste, en nu met evolutionair psycholoog (en auteur van gezaghebbende boeken over leiderschap) Mark van Vugt. ‘Vrouwen zijn meer in voor samenwerking en diplomatie.’

Ger Post | 14 januari 2014 | 2-3 minuten leestijd

Dat mannen en vrouwen in gedrag van elkaar verschillen, daar zijn beide kampen het over eens. Vorig jaar zei Mark van Vugt op deze site: ‘Ook nu geldt nog steeds dat het CEO-schap van een grote competitieve onderneming met veel macht en vijandigheid ver verwijderd is van de niche van vrouwelijk leiderschap. Vrouwen zijn meer in voor samenwerking en diplomatie. Daarom kom je meer vrouwelijk leiderschap tegen in scholen en lokale gemeenschappen dan in natiestaten en multinationals.’

De meningen lopen uiteen wat betreft de oorzaak van dit soort sekseverschillen. Worden mannen geboren als typische leiders voor grote competitieve ondernemingen, of worden ze zo ‘gemaakt’ door sociale en culturele verwachtingen?

Ten Broeke laaide het debat opnieuw op met een lijvig opinieartikel in de Volkskrant, waarin ze opnieuw benadrukte dat de verschillen tussen mannen en vrouwen niet zozeer voortkomen uit aangeboren, biologische verschillen, maar uit stereotyperingen. En dat deze stereotyperingen voor allerlei problemen zorgen, zoals problematisch gedrag van jongens. ‘Wanneer we jongens niet langer onder het mom van biologische verschillen in de mal van de Echte Man dwingen, hoeven ze niet meer bang te zijn om bespot te worden om hun vrouwelijke kanten.’

Van Vugt reageerde in een blogartikel op zijn Swaabs, door te stellen dat het ‘verkeerd is’ om aangeboren sekseverschillen te ontkennen. Volgens Van Vugt liggen verschillen tussen mannen en vrouwen diep verankerd in iemands gestel en zijn het juist stereotyperingen die nauwelijks invloed hebben op sekseverschillen. Zo gaf hij als voorbeeld dat mannelijke vervet-aapjes vaker kiezen voor ‘mannelijk’ speelgoed als een autootje, terwijl de vrouwtjes vaker kiezen voor een pop. ‘Een goede journalist die dit verschil kan verklaren door middel van seksestereotypering!’

Sterker nog, Van Vugt stelt dat het sekse-stereotype-effect niet optreedt. ‘Jongens presteren gemiddeld niet beter in de moeilijkere technische vakken omdat de leerkracht dit graag zo wil, en meisjes gedragen zich gemiddeld niet empathischer omdat hun ouders of de maatschappij dit van hen verwachten.’ Eerder bleek van het effect van stereotypedreiging ook al zwaar overtrokken, stelde de professor.

En zo waren de vertrouwde loopgraven, zoals Swaab en Ten Broeke die eind vorig jaar hadden achtergelaten toen ze discussieerden over typisch jongens- en meisjesspeelgoed in de folder van Bart Smit, weer snel gevonden. Waarbij de ene auteur zich vooral richt op het punt dat biologische verschillen nauwelijks van invloed zijn op gedrag, en de ander probeert te bewijzen dat stereotypen juist geen enkel effect hebben.

Zonde, want een meer open discussie, bijvoorbeeld over waar en wanneer stereotypen of iemands genen meer van invloed zijn, zou veel interessanter zijn. Van Vugt staat in ieder geval open voor een volgende ronde; hij nodigde Ten Broeke via Twitter uit voor een live-debat. Ten Broeke: ‘Dat lijkt me een ontzettend goed en leuk idee’.

Deel dit artikel

Boek bij dit artikel

Mark van Vugt, Max Wildschut
Gezag

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden