Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Column

Tegenmacht - fopspeen of reddingsboei?

Tegenmacht. Sinds het toeslagenschandaal en de turbulente kabinetsformatieklucht heeft iedereen het erover. Maar wat is het eigenlijk en heb je er ook iets aan?

John Manschot | 26 april 2021 | 3-4 minuten leestijd

Macht staat momenteel in een kwade reuk. Een sjoemelend, liegend en (ver)zwijgend kabinet onttrekt zich aan de controle door de Tweede Kamer waar leden van coalitiepartijen zich ook nog eens onderwerpen aan fractiediscipline. Om hier een eind aan te maken, moet tegenmacht … eh … ja, wat moet tegenmacht eigenlijk?

In januari hield Pieter Omtzigt in Nieuwspoort een lezing naar aanleiding van het rapport Ongekend onrecht. Hij zei daar: ‘Openheid moet weer de norm worden, macht moet tegenmacht ontmoeten.’ Ook informateur Herman Tjeenk Willink benoemde tijdens zijn eerste persconferentie de rol van tegenmacht. Hij sprak zich uit tegen een dik en dichtgetimmerd regeerakkoord want dat ‘zet de oppositie buitenspel en belemmert de tegenmacht’. Op diverse momenten hoorden we ook Mark Rutte verklaren dat het goed functioneren van tegenmacht héél belangrijk is.

Over die tegenmacht zelf wordt inhoudelijk niets gezegd. Het blijft een dun pleidooi dat meer naar een probleem verwijst dan dat het de gesuggereerde oplossing met feiten en argumenten onderbouwt. Het wakkert hoop aan zonder de vervulling vorm te geven.

Blijkbaar is er een soort geloof in opkomst dat verlossing door tegenmacht predikt. Macht is een probleem en tegenmacht is de oplossing. Macht is een bedreiging en tegenmacht beschermt daartegen. Die suggestie wordt in ieder geval gewekt. Maar wie erin gelooft, tekent in op een teleurstelling.

Als het waar zou zijn dat tegenmacht de macht controleert en waar nodig corrigeert, dan is de tegenmacht in staat om het gedrag van de macht te sturen. Voor het vermogen om het gedrag van een ander te sturen, hebben we echter al een woord: macht.

Er kan pas sprake zijn van macht als er een ongelijke relatie is tussen een machtige en een minder-machtige partij. Macht gaat zich natuurlijk niet vrijwillig of belangeloos voegen naar de wens van iets dat zich tegenmacht noemt en protesteert tegen het feit dat de macht niet doet wat de tegenmacht wil. Uit dat protest alleen al blijkt dat tegenmacht gewoon een ander woord is voor de minder-machtige. Macht hoeft er niet naar te luisteren en zal dat meestal ook niet doen. Tegenmacht kan dus helemaal niet tegen ongewenste machtsuitoefening beschermen. Tegenmacht heeft gewoon het nakijken als de macht dat wil.

Daarnaast valt er iets op aan de mensen die zich sterk maken voor tegenmacht. Ze presenteren zich bij voorkeur als nette en redelijke mensen die het beste met de wereld voorhebben. Ze doen in de arena van de macht een beroep op fatsoen en eerlijkheid. Dat is niet alleen weinig kansrijk, het is ook niet erg geloofwaardig.

Het machtsspel is nu eenmaal niet de natuurlijke vindplaats van brave borsten en voorbeeldige types. Het uitoefenen van macht is bovendien veel prettiger dan het ondergaan van macht. Waarom zou je die heerlijke macht zelf niet willen hebben? Het is naïef om te denken dat de predikers van de tegenmacht zelf allemaal even onbaatzuchtig in het spel zitten. In dit bonte gezelschap zitten zowel de eeuwige ondergeschikten als de ontsporende machtigen van straks.

Heeft tegenmacht dan helemaal geen functie? Zeker wel: voor machtsklungels is tegenmacht de weg naar geaccepteerde ondergeschiktheid en voor machtspro’s is het een dekmantel die je van de machtsklungels te leen krijgt en waarmee je je eigen machtsstreven verbergt of legitimeert.

Tegenmacht is wat je er zelf van maakt: een vergulde pil of een geheim wapen.

(John Manschot wordt gefascineerd door de combinatie van levenskunst, leiderschap en machtsuitoefening. Hij voert reflectiegesprekken met wie daarin wil (blijven) excelleren en schrijft/spreekt erover.)

Deel dit artikel

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden