Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
De tweede berg - 'Een goed vervolg op Coveys eigenschappen'
12 oktober 2020 | Peter de Roode

David Brooks roept in De tweede berg een ijzersterke metafoor in het leven. Hij schrijft over twee bergen, met een dal ertussen. Het dal hebben we nodig om tot de tweede berg te komen. Brooks is een verhalenverteller, weet veel, erg veel, divergeert soms alle kanten op maar weet de verhaallijn te bewaken en zijn boodschap met veel voorbeelden te illustreren.

De boodschap van Brooks is dat mensen vaak bezig zijn met de eerste berg te beklimmen. Dat doen we doorgaans als professional. Het is een berg van ‘ik': ik die met mijn kennis en met mijn carrière bezig is. Het is een berg die we nodig hebben en ook niet slecht is maar tegelijkertijd ook de vraag oproept: Is dit het nou? Want mensen komen op een bepaald moment in een dal terecht; het leven is immers geen steile lineaire beklimming. In het dal komen ze in opstand tegen hun eigen ego en beginnen ze zichzelf vragen te stellen en te reflecteren op wie ze zijn en wat ze willen. Brooks zegt daarover dat mensen bij de eerste berg gewend kunnen raken aan dingen die hen gelukkig maken, maar tegelijkertijd veravgen die dingen. Hun betekenis neemt af. ‘Identiteit' is een belangrijk begrip in het boek. Bij de eerste berg wordt de identiteit van de persoon vooral bepaald door het motto: 'Ik ben wat de wereld zegt dat ik ben'.

De tweede berg is gericht op de ander. Het is de overgang van ik naar wij. We herkennen hier Covey's fase van ‘Onafhankelijk' naar ‘Wederzijds afhankelijk' uit diens bestseller De zeven eigenschappen van effectief leiderschap. Net zoals bij Covey ‘de reis' van afhankelijkheid naar onafhankelijkheid erbij hoort, stelt Brooks dat wie de tweede berg beklimt de eerste berg niet afwijst. Het is de reis erna.

Wat ik sterk aan dit boek vind, is de boodschap die Brooks in het laatste deel meegeeft. Hij vergelijkt de gemeenschap met die van decennia geleden (weliswaar in de VS, maar m.i. ook van toepassing op de Nederlandse situatie) en stelt dat er een hoge mate van veiligheid op straat was, omdat mensen elkaar in de gaten hielden. Maar door planologen kwam de gemeenschap onder druk te staan. Onder meer omdat zij wegen aanlegden. Inmiddels treffen we gemeenschappen aan waar mensen bij onraad hun huizen niet meer uit durven en er is sprake van sociaal isolement: schietpartijen en depressie en psychische problemen. Hij stelt dat systemen ‘depersonaliseren' en dat we de gemeenschap moeten herstellen. Maar tegelijkertijd stelt Brooks dat de gemeenschap onder vuur ligt omdat we zorg hebben uitbesteed en alles aan regels moet voldoen.

Wie ‘gemeenschap' vervangt voor ‘organisatie' ziet dat dezelfde redenering opgaat. Het management heeft een wereld geschapen die vooral gericht is op herhaalbaarheid. Maar we weten dat mensen niet hetzelfde zijn en ook dat ze hier geen betekenis en zingeving van krijgen. De vraag die Brooks zijn lezer voorlegt is: Hoe herstel je een gemeenschap of een organisatie? En het antwoord zal niet verrassen: Door op de tweede berg te gaan wonen en relaties op te bouwen.

Dat is natuurlijk een behoorlijke paradigmawisseling voor organisaties en hun mensen. Het vraagt van ze of ze zich ergens aan kunnen verbinden. Terwijl ik deze recensie schrijf is de tweede Corona-uitbraak een feit en zal de tweede berg nog moeilijker te beklimmen worden. Maar de eerste berg beklimmen, lees: ‘ieder voor zich', zal de huidige vraagstukken zeker niet oplossen. Brooks pleit ervoor dat mensen elkaar weer gaan ontmoeten. Bibliotheken zouden die rol kunnen vervullen, maar dat vereist lef en moed van bestuurders om daar niet op te bezuinigen.

De tweede berg leest als een roman. Het boek bevat geen zware theorieën, maar vooral mooie en kwetsbare anekdotes, onder andere van de auteur zelf.  Brook liet zijn eigen huwelijk op de klippen lopen en kwam in een diep dal terecht. Wie een goed vervolg wil op Covey's  zeven eigenschappen, kan goed terecht bij David Brooks' De tweede berg.

Drs. Peter de Roode is zelfstandig adviseur en trainer. Hij ondersteunt organisaties bij het invoeren van grootschalige veranderingen waarbij gedragsverandering centraal staat. Hij is auteur van de boeken Meegaan of dwarsliggenWerkvormen voor managers en Leidinggeven kun je zelf. Samen met meerdere auteurs schreef hij onder red. van Rob van Es het boek Praktijkboek Veranderdiagnose en samen met Peter van den Boomschreef hij Theatervoorstellingen in organisaties. Naast zijn schrijfactiviteiten is hij spreker en organiseert hij trainingen en seminars over actuele managementthema's.


De tweede berg - 'Een bijzonder boek'
1 juli 2020 | Elly Stroo Cloeck

De tweede berg is een filosofisch boek over zingeving dat je zeker een tweede (en misschien wel derde) keer moet lezen om alles tot je te laten doordringen. Geen blauwdruk of stappenplan, wel heel veel (deels autobiografische) voorbeelden van mensen die betekenis gevonden hebben.

We spenderen een groot deel van ons leven aan het maken van carrière, opbouwen van status, ons afvragen wat anderen van ons denken. Dat is onze eerste berg. Dan verandert er iets. We zoeken naar betekenis, de zin van ons leven. Maar het gaat niet om vinden, het gaat om gevonden worden, geroepen worden. Je vindt jezelf als je jezelf weggeeft, of overgeeft. Als je je niet langer afvraagt: Wat wil ik? Maar: wat wil het leven van mij? Als je je daaraan overgeeft, beklim je De tweede berg. Dit is de kern van het boek De Tweede Berg van David Brooks, uit 2020.

De tweede berg is een filosofisch boek. Het gaat over over zingeving en je moet het zeker een tweede (en misschien wel derde) keer lezen om alles tot je te laten doordringen. Geen blauwdruk of stappenplan, wel heel veel (deels autobiografische) voorbeelden van mensen die betekenis gevonden hebben.
Als één van de voorbeelden van een ‘tweede-berg-beklimmer' noemt de auteur Etty Hillesum. Geboren in 1914 is haar jeugd chaotisch, niets geeft haar houvast. Uit haar dagboek blijkt dat zij hier erg onzeker door is. Als de Nazi's Nederland bezetten, lijkt dat haar niet veel te doen, ook al is ze (niet-praktiserend) Joods. Ze is te veel bezig met zichzelf. Ze gaat in therapie bij Julius Spier en leert het leven anders te ervaren, te accepteren zoals het is. In 1942 accepteert ze ook dat de Nazi's de Joden deporteert en erop uit zijn haar hele volk te vernietigen. Ze duikt niet onder. Ze wil haar leven wijden aan de Joden die gedeporteerd worden. Daarom werkt ze een tijd voor de Joodse Raad, en helpt in Westerbork, tot ze zelf wordt gedeporteerd. Ze zingt in de trein, kalmeert haar medereizigers. Etty sterft in Auschwitz.

Het boek bestaat uit 4 delen. In deel 1 wordt het concept geschetst: De eerste berg, onze carrière en andere dingen die we als individualist willen bereiken. Maar ook de vallei, het dieptepunt, waar we invallen als die eerste berg ons niet gelukkig maakt. Of na een traumatische ervaring. En de tweede berg, die we beklimmen op het moment dat we onszelf niet langer centraal stellen, maar ons wijden aan anderen. Hierin beschrijft hij ook wat Commitments kunnen betekenen in ons leven: het geeft ons een identiteit, een hoger doel (purpose), vrijheid en een sterker moreel karakter.

Over purpose zegt hij het volgende: Gallup deed in 2007 een wereldwijd onderzoek naar de mate van betekenis die mensen in hun leven ervoeren. Liberia stond bovenaan, Nederland onderaan. Dit is geen typefout! In Liberia is het leven zo zwaar dat mensen daar hele sterke toewijding aan elkaar vertonen, omdat dit nodig is om te overleven. Dit gaf hun leven betekenis. Paradoxaal, niet?

In deel 2 wordt de eerste van de vier ‘Commitments' beschreven: Roeping. Iedereen met een roeping voelt dat hij letterlijk is geroepen door zijn innerlijk en dat hij daar wel op móét reageren. In dit deel o.a. als voorbeeld Viktor Frankl die in een concentratiekamp tot de ontdekking komt dat hij als psychiater verantwoordelijkheden heeft, en zijn medegevangenen leert dat zij ook een doel hebben en verantwoordelijkheden, en niet te verdrinken in wanhoop. In dit deel ook meesterschap: het allerbeste werk leveren dat je kunt is ook een roeping. Mooi voorbeeld hierbij is van Brooks zelf, die een enorme hoeveelheid lees- en research werk verricht voor elke NYT-column ... van maar 850 woorden.

In deel 3 volgt de tweede Commitment: Het huwelijk. Hier heeft de auteur mooie, maar ook vrij conservatieve gedachten over. Niet alleen over de fasen die je doorloopt (de blik, nieuwsgierigheid, gesprek, elkaar leren kennen, je liefde uitspreken, ruzie, etc.) of hoe je leert je eigen ego opzij te zetten voor de relatie. Maar ook waarom de feitelijke huwelijkssluiting zo belangrijk is, dat die ceremonie de commitment concretiseert. En ook waarom seks voor het huwelijk zo'n slecht idee is. Zeer lezenswaardig, maar voor ons land, met alle samenwonende stellen (zoals ik) misschien wat moeilijker te verteren. Ik hoorde mezelf denken: hoe vaak was Liz Taylor getrouwd? 8 keer?

In deel 4, wat gelijk ook het langste deel is, gaat het over Filosofie en Geloof. Dit deel is voornamelijk gebaseerd op Brooks eigen ervaringen. Filosofie gaat over zijn tijd op de universiteit waarin de studenten op zoek gaan naar kennis en de waarheid, en hier volledig toegewijd aan kunnen zijn.
Daarna volgt zijn worsteling om zijn Joodse afkomst en Christelijke opvoeding met elkaar te verbinden. Hij vertelt ook over een moment van openbaring, wat hij voelde tijdens een natuurwandeling. Hij omschrijft het als een dieper begrip, het eindelijk zien van een diepere laag in een bekend verhaal. Ook Frankl heeft zo'n moment, en hij ziet in dat ‘mensen zijn gedreven de purpose van het leven te begrijpen. Zodra dat begrip er is, kunnen zelfs de meest miserabele omstandigheden de innerlijke vrede niet verstoren'.

Deel 5 behandelt de toewijding aan een Gemeenschap. Hierin prachtige voorbeelden hoe mensen zich inzetten voor hun buurt, waarin het normaal is dat je commitment voelt naar je buren. Het belang van ‘de buurt' blijkt o.a.uit een onderzoek waarbij in de ene buurt 6x zoveel mensen stierven tijdens een hittegolf, als in een andere buurt, die ernaast lag en demografisch identiek was. Het verschil? De tweede buurt had meer plekken waar je elkaar kon ontmoeten, zoals een bibliotheek.

Ook interessant in dit deel is het manifest van de relationist. Hierin stelt Brooks dat er een morele revolutie nodig is, die een einde maakt aan het hyper-individualisme. Dat betekent geen overstap naar het collectivisme, die alleen aandacht heeft voor de groep. Het gaat om de relaties, waarbij ‘elk persoon een knooppunt is in een web van commitments'. Mooi geformuleerd.

Ik vond het een bijzonder boek over een actueel, of liever gezegd tijdloos onderwerp: betekenis, zingeving. Het is filosoferend van aard, waarbij bijzonder veel quotes van bijzonder veel schrijvers worden aangehaald. Daarnaast gebruikt Brooks naast zijn eigen ervaringen heel veel voorbeelden van (voornamelijk Amerikaanse) mensen die betekenis gevonden hebben in één van de vier commitments. Dat maakt De tweede berg concreet en levendig. Anderzijds heeft hij wel veel woorden en voorbeelden nodig om zijn punt te maken (wat je vaker ziet bij Amerikaanse schrijvers). Wat ik erg waardeer is de uitgebreide (11 pagina's) lijst met leesvoer. Niet alleen heb ik geen enkel boek van die lijst gelezen, ik ken zelfs 90% van de schrijvers niet. Fijn om weer eens zo uit je bubbel te lezen!

Goed dan. Op naar die tweede berg. Hoor ik al iets roepen?

Elly Stroo Cloeck is project- en interim-manager op het gebied van Finance, Internal Audit en Risk Management via haar bedrijf ESCIA. Daarnaast schrijft ze recensies en samenvattingen van managementboeken.


De tweede berg - 'Verplichte kost voor iedere leidinggevende'
15 mei 2020 | Henk Jan Kamsteeg

Victor Frankl ontdekte mede door zijn gruwelijke ervaringen in gevangenschap in Auschwitz dat de voornaamste drijfveer van de mens niet geld of geluk, maar betekenis is.

Zoals het lichaam groeit naar wat het aan eten krijgt, zo groeit de ziel naar wat het aan liefde te geven heeft. Een ervaring die volgens David Brooks, auteur van De tweede berg, vooral gegeven is aan hen die, door diepten en dalen heen, de zin van het bestaan hebben ontdekt en volgens de waarden van de zogenoemde ‘tweede berg' leven.

Brooks, veelgelezen columnist van The New York Times, doet in zijn boek een oproep op zoek te gaan naar deze tweede berg. Het hyperindividualisme van de eerste berg, is volgens de auteur doorgeslagen: ‘Door onszelf vooral te beschouwen als autonome ‘ikken', hebben we onze samenleving aan flarden gescheurd, hebben we de deur opengezet voor verdeeldheid en voortdurende strijd, zijn we individuele status en zelfredzaamheid gaan verheerlijken en hebben we dat wat zo mooi is in elk menselijk hart en ziel bedekt.'

Wat we door ons individualisme missen, is ‘morele vreugde', stelt de auteur. Daar waar we op de eerste berg geluk nastreven (een goede carrière, erkenning, status, et cetera,) jagen we op de tweede berg vreugde na: een gemoedsrust die voortkomt uit de liefdevolle overgave van jezelf aan anderen. Niet ik, maar wij dus. Of beter: hoe kan ik jou en de samenleving dienen? En, zo stelt Brooks zich kwetsbaar op: ‘Ik heb dit boek geschreven om mezelf te herinneren aan het leven dat ik wil leiden.'

Brooks deelt dat zijn eerste berg een ‘waanzinnig gelukkige' was. ‘Maar de beklimming veranderde me in iemand die afstandelijk was, zich onkwetsbaar waande en slecht communiceerde, althans wat mijn privéleven betrof.' Een zoektocht naar geluk die hem zijn huwelijk kostte. En juist in de jaren die daarop volgden - de jaren in het dal - ontdekte Brooks de tweede berg. Aan de hand van talloze verhalen van hen die deze tweede berg beklimmen, laat hij vervolgens zien hoeveel meerwaarde deze ontdekking heeft. Voor henzelf, maar juist ook voor anderen.

Veel wat Brooks schrijft, herken ik uit de boeken van Tim Keller, predikant uit dezelfde stad als Brooks. Niet alleen haalt de auteur zijn stadsgenoot diverse keren aan, ook lijkt het dat beide heren dezelfde boekenkast delen, want ze citeren veelvuldig dezelfde denkers als C.S. Lewis, Henri Nouwen en dus ook Frankl. Zowel Brooks als Keller benadrukken dat wij mensen de boot missen als we op de eerste berg blijven ploeteren. Het geeft ons leven namelijk niet echte betekenis. Succes en een carrière zijn mooi, maar blijven ik-gericht. Uiteindelijk gaat het erom een verbintenis aan te gaan met de ander. En dit vraagt juist dat het niet langer draait om jou alleen.

In dit kader wijdt Brooks twee delen in zijn boek, die ik eerlijk gezegd niet zag aankomen, aan het huwelijk en aan zijn ontdekking van het christelijk geloof. Dat hij meer dan vijftig pagina's te ruimte neemt om over het zogenoemde ‘maxi-huwelijk' te schrijven, verklaart Brooks zelf met te stellen dat in termen van verbintenis het huwelijk een ‘morele microkosmos' van het leven is, ‘waarin eenieder vrijelijk de keuze maakt zich over anderen te ontfermen en zelf afhankelijk te worden om aldus iets groters tot stand te brengen.' En ook nu citeert Brooks Keller: ‘Als beide partners ieder voor zich zeggen: ‘Ik beschouw mijn eigen zelfzuchtigheid als het hoofdprobleem binnen ons huwelijk', dan ligt hierin de belofte voor een geweldig huwelijk besloten.'

En dan zijn ‘bekeringsverhaal'. Brooks ervoer religie eerst op zijn hoogst als ‘een nuttige verzameling zelfhulpcoaches'. Inmiddels beschrijft hij zichzelf als een ‘dolende jood en een zeer verward christen', waarbij hij de hoop uitspreekt dat de weg van het geloof hem nederiger heeft gemaakt. Wat het in ieder geval heeft gedaan, is Brooks bevestigen in het idee dat er meer is dan de reis op de eerste berg. ‘Onze opdracht is om de wereld mede vorm te geven. Onze opdracht is om Gods werk te voltooien.' En natuurlijk kan dit alleen als we ons echt willen verbinden aan anderen en hen willen dienen. 

De vraag ‘Wat staat mij te doen?' kan volgens Alasdair MacIntyre, alleen beantwoord worden als we antwoord geven op de onderliggende vraag: ‘Van welk verhaal of welke verhalen blijk ik deel uit te maken? Ontbreken dergelijke allesomvattende verhalen, maakt dat het leven zinloos.'

Dan de cruciale vraag die zich na het lezen van De tweede berg opdringt: Welke berg beklim ik zelf?

Of ligt het misschien net iets genuanceerder en beklim ik beide? Zoals ik in mijn coaching van leidinggevenden vaak stel, is er natuurlijk niets mis met het najagen van een mooie carrière en een indrukwekkende cv. Maar het gaat mis wanneer dit het hoogste doel is en het zelfs ten koste gaat van anderen. Niet voor niets heb ik mijn bureau het (overigens niet uit te spreken) Proistamenos genoemd. Een woord dat de apostel Paulus gebruikte in een brief aan zijn vrienden in Rome: ‘Hij die vooraan is gezet (pro istamenos), moet dit doen met volle inzet.' Of, zoals elders in de brieven van Paulus blijkt, door een verbinding met anderen aan te gaan, een stap terug te zetten met je eigen ego en oprecht anderen te willen dienen. Kortom: dienend leiderschap. De tweede berg dus. 

De tweede berg van David Brooks zou wat mij betreft dan ook verplichte kost moeten zijn voor iedere leidinggevende. Al noemt hij het woord leiderschap niet of nauwelijks, leiderschap begint bij zelfkennis. Waar geloof je in? Wat is je levensdoel? Welke berg wil je diep van binnen echt bewandelen?

Henk Jan Kamsteeg is eigenaar van het trainingsbureau Proistamenos. Hij heeft trainingen en coaching op het gebied van (persoonlijk) leiderschap en storytelling. Daarnaast is hij auteur van diverse boeken zoals Dienend leiderschapDe kracht van het compliment en Spreken met passie; de kracht van storytellingwww.hjkamsteeg.nl


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden