Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
8 juni 2012 | Roelke Posthumus

Gelukkig niet het zoveelste boek over de kenmerken van een leider en de manieren waarop je een goede leider kunt worden! In 'De natuurlijke leider' proberen Mark van Vugt (hoogleraar aan de VU) en Anjana Ahuja (journalist voor de The Times) een heuse wetenschappelijke verklaring te geven voor het ontstaan van leiders en voor de 'mis match' tussen onze oude breinen en de eisen die we stellen aan moderne leiders. Daartoe grijpen de schrijvers terug op meer dan twee miljoen jaar evolutie van onze voorouders. Dat levert een boek vol leuke anekdotes en handige overzichten op. Een nieuwe, laat staan overtuigende, wetenschappelijke verklaring is het echter niet.

Wetenschap begint vaak met waarnemen en ordenen van verschijnselen. Vanaf daar leidt het tot peuteren en fileren en als het echt mee zit tot een synthese van de vergaarde kennis en inzichten om daarmee de herkomst en het doel van verschijnselen te verklaren. Wat dit aangaat, staat de studie van leiderschap nog in de kinderschoenen, vergeleken met bijvoorbeeld evolutiebiologie en antropologie. Organisatiekundigen observeren wat een leidinggevende doet, categoriseren leiderschapstypen en knutselen met managementtechnieken. En dat is het wel zo'n beetje. Een synthese van deze kennis en het stellen van vragen naar het doel en de herkomst van leiderschap komt er zelden van.

Mark van Vugt probeert hier met zijn 'allesomvattende evolutionaire theorie over leiderschap' (ELT) in te voorzien. Hij wil met 'De natuurlijke leider' een wetenschappelijke basis voor leiderschap leggen en verklaren waarom we - volgens hem - zo vaak de verkeerde leider kiezen. Dat is toe te juichen en schept ook hoge verwachtingen, want de psycholoog van Vugt houdt zich als hoogleraar aan de VU en de universiteit van Oxford al langere tijd bezig met leiderschap en wordt op de flaptekst zelfs een internationale expert genoemd. Eigen labonderzoek en bestudeerde literatuur over de evolutionaire geschiedenis van de mens en onze verwanten vormen de fundamenten voor dit boek.

'De natuurlijke leider' is een vlot geschreven boek geworden met duidelijke overzichten van leiderschapstheorieën en van typen leidinggevenden. Het staat vol met actuele voorbeelden en pakkende anekdotes. Het bevat ook een eenvoudige test om erachter te komen welk type leider je bent en een verklarende woordenlijst. Kortom, Van Vugt is vast een geliefd docent en Anjana Ahuja een ervaren journalist. Daarmee zijn mijn complimenten echter uitgeput.

Na 2 hoofdstukken had ik de lijn van het betoog nog niet te pakken en stonden mijn hakken inmiddels behoorlijk in het zand door de parmantige toon en de pretentie waarmee de boodschap erin gestampt wordt. Als lezer mag je toch op zijn minst verwachten dat een 'nieuwe allesomvattende theorie' degelijk en systematisch onderbouwd wordt met eigen onderzoek en een brede kennis van de literatuur. Beide ontbreken in dit boek.

Eigen onderzoek wordt eerder als een illustratie van een stelling gebruikt dan als een bouwsteen voor de argumentatie, op de leiderschapstest is methodologisch nogal wat aan te merken en de geraadpleegde literatuur over de evolutie van de mens is op z'n minst eenzijdig. Ook worden de begrippen 'evolutie' en 'culturele ontwikkeling' voortdurend door elkaar gebruikt. Voorbeelden worden als vaststaande feiten gepresenteerd en tegenvoorbeelden verdoezeld.

Om kort te gaan brengt het boek een breed en boeiend onderzoeksgebied terug tot een soort uitgerekte reclametekst. Ik vind dat doodzonde. Van Vugt heeft vast veel verstand van leiderschap, maar de argumenten voor zijn visie op de evolutionaire basis ervan blijven ver beneden de maat.

Waarom zouden onze voorouders eigenlijk andere leiders gekozen hebben dan wij? Ook zij zullen wel eens verkeerde keuzes gemaakt hebben, maar een systematische voorkeur voor viriele jonge mannen is niet aannemelijk. Het is niet waarschijnlijk dat onze soort dat in prehistorische barre tijden overleefd zou hebben, net zomin als wij dat nu zouden kunnen. Het palet van gedragingen van in groepen levende primaten en andere sociale zoogdieren (en vogels) is breed. Het is te simpel om aan te nemen dat ons gedrag het meeste lijkt op dat van chimpansees of gorilla's - waarom niet op dat van egalitaire bonobo's? - omdat zij sterk aan ons verwant zijn. De omstandigheden waaronder wij onze evolutie doormaakten, verschilden immers sterk van die van hen. Bovendien hebben we enorm plooibare hersenen.

Ik vermoed dat de keuze voor een machtige 'Grote Man' dan ook geen uitvloeisel van onze evolutie is, maar een recente culturele uitvinding. Dat zou een positieve boodschap zijn, want een culturele verworvenheid is gemakkelijker terug te draaien dan een genetisch bepaalde eigenschap.
Misschien vinden Van Vugt en Ahuja dat eigenlijk ook. Maar om ons te overtuigen moeten ze dan wél met steekhoudende argumenten komen!

De eerste onder de volgers
31 maart 2011 | Erik de Vries

In De natuurlijke leider ontvouwen auteurs Mark van Vugt en Anjana Ahuja naar eigen zeggen niet minder dan een ‘gloednieuwe leiderschapstheorie’. Of dat is gelukt, is aan de lezer. Maar dit boek is in elk geval een uitstekend geschreven, heldere uiteenzetting voor iedereen die iets te weten wil komen over de achtergronden, evolutie of ontwikkeling, en werking van leiderschap.

De gloednieuwe leiderschapstheorie van Mark van Vugt en Anjana Ahuja - die zij de ‘evolutionaire leiderschapstheorie’ (ELT) hebben gedoopt - gaat uit van de gedachte dat het fenomeen leiderschap in de loop van de evolutie is ontstaan. En dat de fundamenten ervoor zijn gelegd al lang voordat er sprake was van menselijk leven op onze planeet. De ELT is dus niets minder dan een afgeleide van Darwin’s evolutieleer, geheel toegespitst op leiderschap. Of, zoals zij het zelf omschrijven in het eerste hoofdstuk waarin de onderzoekers op zoek gaan naar het wezen van leiderschap: ‘We reizen terug in de tijd om de oorsprong van het menselijk leiderschap te bestuderen.’ Hierna volgt een aanstekelijk en nieuwsgierig makend vervolghoofdstuk over leiderschap in het dierenrijk, een belangrijk aspect in dit boek, al is het maar omdat hier ten volle de schatplichtigheid van ELT aan Darwin en diens evolutietheorie wordt belicht.

Dan is het tijd om de theorie los te laten op de mens. Geen leiders zonder volgers! Het is dan ook niet vreemd dat deze groep als eerste onder de loep wordt genomen. Onze verre, verre voorouders ontdekten dat de vele gevaren waar zij mee te maken hadden het beste in groepsverband konden worden getrotseerd. Dit voedde ons vermogen om te volgen, en hieruit ontstond al vanzelf de rol van eerste onder de volgers, ofwel de leider. Een geschikte aanvoerder vergrootte de rol op overleving nog meer, vandaar dat de mens zich uit vrije wil onderwerpt aan een, toentertijd letterlijk, krachtige figuur. Maar dit goed uitgebalanceerde, want evolutionaire, proces werd recent verstoord, en wel op het moment dat de mens zich dermate had ontwikkeld dat hij meer produceerde dan hij voor zichzelf nodig had. Er ontstonden inkomensverschillen en hiermee deed ook corruptie zijn intrede. Kortom: de complexer wordende maatschappij moest in banen worden geleid. En dan zijn de onderzoekers toe aan de introductie van wat zij de ‘mismatch hypothese’ noemen: wij baseren onze keuzen voor onze leiders (ministers-presidenten, Kamerleden maar ook managers) van nu op de primaire mechanismen van onze mammoetjagende voorouders.

Wie na bovenstaande bang is met dit boek een gortdoge wetenschappelijke verhandeling in huis te halen, kunnen we geruststellen. De natuurlijke leider is een uitstekend geschreven, heldere uiteenzetting voor iedereen die iets te weten wil komen over de achtergronden, evolutie, en werking van leiderschap.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden