Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Onderwijs in tijden van digitalisering
24 oktober 2017 | Bert Thiel

‘De vraag naar het juiste gebruik van digitale techniek in het onderwijs is een vraag die altijd te laat komt, omdat wij de facto leven in een wereld die mede bestaat dankzij de digitale techniek,’ stellen Ad Verbrugge en Jelle van Baardewijk in de inleiding van Onderwijs in tijden van digitalisering.  

Anders gezegd: het onderwijs is een kikker die gekookt wordt en opgediend op een bedje van digitalisering. Nog anders gezegd: het onderwijs holt weer eens achter de feiten aan.

In de bundel geven vijftien auteurs in dertien artikelen verspreid over drie afdelingen – de computer in de dagelijkse schoolpraktijk, ICT en Bildung en de digitalisering in breder perspectief – hun visie op het vraagstuk. Soms zeer inspirerend (Erik Kamerbeeks pleidooi voor een integrale benadering, Theo Dalrymple over ICT als goed gereedschap en slechte baas), soms eigenlijk niet meer dan een opsomming zonder visie (Verhoef over veertig jaar computers in het onderwijs). Maar in zijn algemeenheid biedt de bundel een mooi palet artikelen over een zeer actueel probleem in en van het onderwijs.

Want een probleem is het. Theo Dalrymple verwoordt het dilemma van veel onderwijsmakers en onderwijsgevenden denk ik aardig: voor mensen die kunnen terugvallen op een goede opleiding en een kritische geest is digitalisering een zegen, voor de anderen is het een pad naar permanente oppervlakkigheid. En dus durven ‘we’ in het onderwijs digitalisering niet met volle overtuiging en overgave te omarmen. Het meest gehoorde excuus daarvoor is wel dat leerlingen kennis moeten kunnen beoordelen voordat ze haar kunnen gebruiken, omdat het pad naar permanente oppervlakkigheid anders een zesbaanssnelweg wordt. (Dat de huidige financiële staat van het onderwijs nu ook niet bepaald even lekker de deuren naar intensief ICT-gebruik opengooit, is een ander puntje.)

Kennis was ooit onontbeerlijk: naslagwerken waren niet altijd bij de hand, de docent met de handige uitleg was na school niet meer bereikbaar en het instructieboekje van willekeurig welk apparaat was gegarandeerd kwijt en dus moest je wel op een hoeveelheid overlevingskennis kunnen vertrouwen in het dagelijks leven. Leerlingen van nu weten verdraaid goed de weg en kunnen, beter dan wij die de steden langs de Trans-Siberische spoorlijn kunnen opdreunen, in no time betrouwbare informatie vinden en gebruiken. En dat is verdraaid irritant, kan ik u, als expert in Duitse voorzetsels en hun naamvallen en Latijnse stamtijden, uit ervaring vertellen. Weten ze het of hebben ze het opgezocht?

Maar in wezen maakt het niet uit. Konden wij met de zo geprezen kennis werkelijk alle informatie die tot ons kwam beoordelen? Was het zoveel meer waard dat wij grammaticaal juist een brood en twee ons ham in drie omringende landen konden bestellen, maar elders met rammelende maag en een mond vol tanden stonden – terwijl de gemiddelde puber nu met zijn telefoon een pizza naar zijn keuze laat bezorgen op een hotelkamer waar ook ter wereld? Schreven wij nooit een stukje te veel over als we een scriptie vervaardigden?

De kikker die gekookt wordt: het gros van de auteurs stamt nog uit de tijd van Hogezand Sappemeer en Bali Lombok Sumba Sumbawa Flores Timor en holt achter de veranderingen aan. Een aantal van hen ziet de veranderde en veranderende wereld met lede ogen aan en doorspekt zijn vooruitgangsbetoog met waarschuwingen en kanttekeningen en wijze overpeinzingen (die uit de aard der zaak zand tussen de raderen zijn). Gelukkig gaat in een aantal artikelen het licht echt aan en dat maakt het lezen van Onderwijs in tijden van digitalisering meer dan de moeite waard.

Bert Thiel (1961) studeerde Nederlandse taal- en letterkunde. Hij doceert Nederlands op het Norbertuscollege in Roosendaal.


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden