Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
3 juli 2017 | Han van der Pool

‘Je gaat het pas zien als je het door hebt’ is een bekende uitspraak van Johan Cruijff. De werkelijkheid is immers complex. De Israëlisch-Amerikaanse psycholoog gedragseconoom en nobelprijs winnaar, Daniel Kahneman onderscheidt in zijn boek twee verschillende manieren van denken, die hij systeem 1 en systeem 2 denken noemt.

Wij zijn als mens behept met een heleboel, in de evolutie gevormde reflexen, die mogelijk verkeerde conclusies genereren. Het is een behoefte van mensen om de werkelijkheid te vervatten in concrete begrijpelijke verhalen. Daarbij schakelen we de rol van toeval en willekeur liefs uit. Elementen die niet in ons verhaal passen worden bij voorkeur genegeerd. Hierin schuilt natuurlijk een groot gevaar. Vaak zijn de eerste indrukken bepalend en daar gaat het mogelijk al mis. Het snelle, slordige denken is het denken van systeem 1. Systeem 1 opereert automatisch en snel en met weinig tot geen moeite. Over dit systeem hebben we geen controle. Systeem 2 daarentegen regelt de aandacht van mentale activiteiten die inspanning vereisen. Systeem 2 kan zeer accuraat denken maar doet dat vaker niet dan wel. Systeem 2 is namelijk lui. Gedurende de dag is systeem 1 continu bezig om in te schatten of extra inspanning wordt vereist van systeem 2. Of het dus nodig is om extra goed na te denken. Eén van de signalen waar systeem 1 alert op is, is cognitief gemak. Hoe eenvoudiger het systeem 1 wordt gemaakt om een boodschap te verwerken, hoe kleiner de kans dat systeem 2 wordt geactiveerd om de boodschap alsnog kritisch te bekijken.

De voornaamste functie van systeem 1 is het onderhouden van het model van jouw persoonlijke wereld. Wat is normaal, wat is verrassend? Dit model bepaalt hoe je het verleden en het heden interpreteert en wat je verwachtingen zijn ten aanzien van de toekomst. Systeem 1 is eigenlijk een snelle conclusie machine. Een geïnterviewde kandidaat die bijvoorbeeld een goede eerste indruk maakt, triggert allerlei positieve associaties. De negatieve associaties blijven dan achterwege. ‘What you see is all there is’ (WYSIATI) treedt in werking. Doordat negatieve associaties niet zijn opgekomen, beoordeel je iemand alleen maar positief, terwijl er objectief gezien geen enkele reden is om uit te sluiten dat iemand gewoon een uur lang een uitstekende performance heeft gegeven en het nodige heeft te verbergen.

Het non-stop scannen door systeem 1 noemt Kahneman ‘basis assessments’. Deze basis assessments spelen een belangrijke rol bij het vormen van (voor)oordelen. Het basis assessment van systeem 1 wordt vaak gebruikt als antwoord op een vraag die typisch past bij systeem 2. Stel de vraag is: ‘is dit een geschikte leidinggevende?’ Systeem 1 beantwoordt een andere vraag, namelijk ‘ziet hij er uit als een geschikte leidinggevende?’ Het antwoord op deze vraag wordt aangeboden aan systeem 2. Deze neemt dit antwoord zonder enige kritiek over. Zijn luiheid wint van zijn kritisch vermogen. Systeem 2 is gemakzuchtig en verzuimt de vraag op te breken in relevante criteria. Wat verstaan we onder een goede leidinggevende? Hoe kan ik dat toetsen? Hoe kan ik mijn eerste inschatting verifiëren etc. De essentie hiervan is dat systeem 2 het antwoord van systeem 1 overneemt en daarmee in werkelijkheid een andere, eenvoudiger vraag heeft beantwoord dan de bedoeling was. Systeem 1 heeft geen enkele rem die kan voorkomen dat het snel tot voorbarige conclusies komt. Op basis van WYSIATI wordt er een coherent verhaal gemaakt op basis waarvan we niet alleen het verleden verklaren, maar we ook voorspellingen doen voor de toekomst. We houden bijvoorbeeld leiderschapssimulaties om te voorspellen wie geschikt is om deel te nemen aan een management development traject. Het percentage deelnemers aan dergelijke trajecten dat werkelijk uitgroeit tot goede managers, blijft echter vaak beperkt. Dat weerhoudt ons er niet van om vol vertrouwen een oordeel uit te spreken op basis van dat ene assessment.

Het boek van Kahneman staat vol van voorbeelden die mij te denken hebben geven. Het boek helpt om de cognitieve dynamieken te herkennen die er optreden en stelt je in staat om, met behulp van systeem 2, een meer rationele keuze te maken daar waar dat gepast is. Het is van belang is om systeem 2 aan het werk te zetten bij het selecteren van mensen.

Twee prachtige samenvattingen van Ons feilbare denken door Eva van Wijngaarden zijn op te vragen op de website van CLTR www.cltr.nl . Deze boekbespreking in twee delen geeft een goede indruk van het denken van Kahneman. De besprekingen zijn een stimulans om het dikke boek van Kahneman op de ‘e-reader’ te downloaden of als boek in reisbagage mee te nemen. ‘Ons feilbare denken’ is een boek om uitvoerig voor te gaan zitten en te reflecteren. Het geeft veel nieuwe en praktische inzichten over de keuzes die we als MD-professionals maken.

8 mei 2013 | Sonja de Bruin

Soms koop ik boeken die dan een hele tijd op de plank liggen voordat ik ze ga lezen. Af en toe heb ik dan spijt dat ik er niet eerder in ben begonnen. 'Ons feilbare denken' van Daniel Kahneman is zo'n boek.

De schrijver, Daniel Kahneman, is de eerste psycholoog die de Nobelprijs voor de economie won en heeft de resultaten van zijn baanbrekend onderzoek nu samengevat in één boek. Hij is de grondlegger van de gedragseconomie en de geluksstudies. Hij heeft het idee van de rationeel calculerende mens die in zijn eigen voordeel handelt onderuitgehaald en daarvoor in de plaats introduceert hij de feilbare menselijke psyche in de economie, gekenmerkt door gebrekkig oordeelvermogen in onzekere omstandigheden.

De basis van het boek zijn de twee vormen van het menselijk denken; onze intuïtie (werkt automatisch en snel, met weinig inspanning en geen gevoel van controle) en ons rationeel denken (bewuste aandacht voor de mentale inspanning). Blijkbaar leunen we liever op onze intuïtie, dan dat we ons cognitief inspannen. Deze onbewuste 'luiheid' heeft verstrekkende gevolgen, die de schrijver aan de hand van testjes en resultaten van onderzoek beschrijft. Zo heeft bijvoorbeeld de stemlocatie invloed op wie je je stem uitbrengt (priming), beoordelen we eigenschappen van mensen die we mogen, maar nauwelijke kennen, als positief (halo-effect) en nemen we ondoordachte financiële risico's door een afkeer van verlies (prospect theorie).

Dit is zo maar een greep uit de talloze interessante resultaten van onderzoeken, die de schrijver op een boeiende en persoonlijke manier beschrijft. Het is geen boek dat je in één keer uitleest en dat bedoel ik positief.

Samengevat is 'Ons feilbare denken' een heel bijzonder boek dat mij nieuwe inzichten heeft gegeven. Al is het ontluisterend om te lezen dat we helemaal niet zo rationeel zijn als dat we denken, maar dat we ons moeten behelpen met ons feilbare denken . Het is dan weer een troost om te weten dat we een bijna onbeperkt vermogen hebben om onze onwetendheid te negeren.

25 april 2012 | Nico Jong

Daniel Kahneman en Amos Tversky constateerden dat zij als onderzoekers veel te snel bereid waren om onderzoeksgegevens op grond van ontoereikend bewijs te accepteren. Bovendien waren zij geneigd in hun eigen onderzoek te weinig waarnemingen te verzamelen. Zij begonnen een zoektocht om na te gaan of dat bij anderen ook zo was. De resultaten van die zoektocht zijn vastgelegd in 'Ons feilbare denken'. Kahneman presenteert in dit boek zijn inzichten in oordeelsvorming en besluitvorming die hij de afgelopen veertig jaar opdeed. Zijn algemene conclusie is dat ons denken vatbaar is voor stelselmatige fouten.

Kahneman begint met een beschrijving van een tweeledige benadering van oordelen en keuzen. Systeem 1 werkt automatisch en snel, met weinig of geen inspanning en zonder gevoel van controle. Systeem 2 omvat bewuste aandacht voor de mentale inspanningen die worden verricht en wordt vaak gekoppeld aan de subjectieve ervaring van handelingsvermogen, keuze en concentratie.

Kahneman reikt hiermee een taal aan voor het denken en spreken over mentale processen. Vervolgens geeft hij een actuele beschrijving van het onderzoek naar heuristieken (ezelsbruggetjes om informatie te vinden) en biases (systematische fouten) en waarom het zo moeilijk is statistisch te denken. Associatief, metaforisch en causaal denken is gemakkelijk voor ons, maar statistiek vereist dat wij over veel verschillende dingen tegelijk nadenken, en dat kan Systeem 1 niet.

Dan volgt een deel over een raadselachtige beperking van ons denkvermogen. Wij hebben een enorm vertrouwen in wat we denken te weten, maar tegelijkertijd zijn wij niet bij machte om de volle omvang van onze onwetendheid en onze onzekerheid over de wereld waarin wij leven te erkennen. Daarna gaat Kahneman in op de aard van menselijke keuzeprocessen. Hij plaatst grote vraagtekens bij de veronderstelling dat economisch handelen rationeel is, wat de geldende invalshoek is in de standaardeconomie.

In het laatste deel van het boek beschrijft hij recent onderzoek dat onderscheid maakt tussen de twee zelven: het ervarende zelf en het terugblikkende zelf, die niet dezelfde interesses hebben. In de bijlage van het boek zijn twee artikelen van Kahneman en Tversky opgenomen die bepalend zijn geweest in de ontwikkeling van hun denken.

'Ons feilbare denken' is zonder meer een meesterwerk. Niet alleen vanwege alle inhoudelijke inzichten die Kahneman tijdens zijn levenswerk opdeed, maar vooral ook door de manier waarop hij die inhoud presenteert. Het boek is toegankelijk opgezet en geschreven in helder taalgebruik. Als lezer denk je af en toe dat je bezig bent in een roman in plaats van met een psychologisch topdocument. De sociaal-psychologische inzichten zijn onmisbaar voor communicatieprofessionals die hun vak serieus nemen.

20 februari 2012 | Aart G. Broek

Daniel Kahneman verwijst in 'Ons feilbare denken' nergens naar de bancaire crisis van enkele jaren terug noch naar de teloorgang van Enron en Eastman Kodak. Ook de huidige financieel-economische rampspoed blijft ongenoemd. Tóch krijgen we zicht op datgene wat aan deze en tientallen andere bedrijfs- en beleidsfiasco's ten grondslag ligt: ons feilbare denken.

In ons denken en handelen blijken wij een stuk minder schrander en doortastend dan we ons zelf toedenken. We zijn wél heel goed in het afschuiven van ons falen op andere (f)actoren dan ons eigen doen en laten. Samen met de in 1996 overleden Amos Tversky is de psycholoog Daniel Kahneman de grondlegger van de behavioral economics (gedragseconomie). Een lange reeks opmerkelijke onderzoeken en opzienbare publicaties zorgde ervoor dat Kahneman in 2002 de Nobelprijs voor de economie in ontvangst kon nemen. De impact van deze studies begint echter steeds meer voelbaar te worden. Kahneman en collega's als Richard Thaler, Cass R. Sunstein, Roy Baumeister, Jonah Lehrer en Dan Ariely schuiven met kracht traditionele gedachten over ons mensen als 'weldenkend' van tafel.

Niet alleen wordt onze 'rationaliteit' bijgestuurd door een scala van emoties, onze 'emotionaliteit' is in feite oppermachtig. We blijken slechts in beperkte mate in staat om controle uit te oefenen op ons emotionele huishouden. We laten ons er aanhoudend door meeslepen, daar het ons zwaar valt om zelfcontrole uit te oefenen en de ratio langdurig aan het werk te zetten. We kijken naar onze omgeving met een haast eindeloze reeks aan vooroordelen, vertekeningen en gevoeligheden: inmiddels ook in alledaags Nederlands 'bias' geheten.

We gaan dikwijls volledig onder in groepsdenken (beter bekend als 'groupthink'). We hebben veelvuldig een ongebreideld vertrouwen in ons eigen kunnen en in de potentie van iemand waarop we gesteld zijn. Niet minder wankel gefundeerd zijn onze rooskleurige toekomstverwachtingen, niet alleen voor onszelf maar evenzeer voor waar onze organisatie toe in staat zou zijn. Wanneer we praktisch dreigen vast te lopen in het traject dat we zo 'weloverwogen' inzetten, dan zijn we nauwelijks in staat op onze schreden terug te keren.

Het is een waar genoegen om je door Kahneman bij de hand te laten nemen om goed doordrongen te raken van de mogelijkheden en beperkingen van ons denken en handelen. De vijfhonderd bladzijden zijn als het ware een zoektocht onder deskundige begeleiding: aangenaam leesbaar, prikkelend en uitzonderlijk lezenswaardig. De zoektocht is bovendien zowel een les in nederigheid vanwege onze mankementen, alsook een verkwikkende bron van inspiratie: wat zullen de mogelijkheden blijken te zijn om onze beperkingen te kanaliseren en zodoende het niveau van onze besluiten te verbeteren?

Het antwoord daarop begint met een goede 'diagnose'. Die geeft Kahneman en die zouden we ons eigen moeten maken. We kunnen er direct ons voordeel mee doen om te weten welke mentale aangelegenheden worden bedoeld met begrippen als 'priming', 'achoring', 'framing', 'halo effect' en 'loss aversion' (ondanks de Nederlandse vertaling zal de Engelse terminologie wel beklijven). Die begrippen vergroten kennis en inzicht het begrip van onze wispelturige klanten en cliënten. Daarenboven - minstens zo belangrijk - kan die kennis onze wankele besluitvorming verbeteren.

Helaas is Kahneman beduidend minder gedetailleerd over hóe we onze tekortkomingen het hoofd moeten bieden. Wél wordt duidelijk dat we met inspraak niet zo ver komen: we praten elkaar overwegend naar de mond. We willen erbij horen en geen spelbreker zijn. We zullen dan ook tegenspraak moeten faciliteren. Geen sinecure: het is bijzonder moeilijk om gefundeerde tegenspraak te geven: daar gaat je promotie! Het is bovenal uiterst moeilijk om tegenspraak te krijgen en te verwerken: daar gaat je aanzien!

Een van buiten en kortstondig aangetrokken 'provocateur' zal dan voor verschillende echelons in organisaties een heel verstandige investering blijken te zijn. Alvorens een belangwekkend besluit te nemen eerst - als ware het carnaval - de wereld op z'n kop zetten. Vervolgens nog eens het beoogde besluit afwegen. Een dergelijke provocatieve tegenspraak had het aantal bedrijfs- en beleidsfiasco's die in de openingsalinea worden bedoeld aanzienlijk verminderd.

Over dergelijke 'provocatieve tegenspraak' heeft Kahneman het niet in zijn boek, maar wel in een bijdrage, 'The big idea - Before you make that big decision', aan de Harvard Business Review (2011, no. 89). Dat is ook een handzame samenvatting van 'Ons feilbare denken'. Wél eerst het boek lezen, anders is er van die samenvatting geen chocolade te maken. Kahnemans werk proeft juist zo fantastisch: als een afrodisiacum zo stimulerend. Dat brengt mij toch nog op een kleine omissie. Kahneman benoemt vele vormen van 'bias' maar laat seksuele aantrekkingskracht onbesproken. Dat is jammer, want - zo weten we uit prikkelend onderzoek van Ariely - opwinding laat besluitvorming nooit onberoerd. Dan wordt ons koopgedrag grilliger en vergeten managers en bestuurders wat hun core business is.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden