Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
21 juli 2008 | Carla Verwijs

Als kennis tegenwoordig de belangrijkste productiefactor van bedrijven is geworden, dan zijn de meeste managers kennismanagers geworden. Deze redenering heb ik niet zelf verzonnen, maar haal ik uit de inleiding van 'Praktijkgericht kennismanagement', een boek geschreven onder redactie van Donald Ropes en Christiaan Stam. Het geeft aan dat de competenties van de moderne manager veel aspecten van kennismanagement bevatten.

'Praktijkgericht kennismanagement' is geschreven voor studenten HBO/WO, met als doel hun een eigen visie op kennismanagement te helpen ontwikkelen. Het is zeker ook bruikbaar voor iedereen die zich in korte tijd wil inlezen in kennismanagement. Dit boek geeft namelijk een helder en bondig overzicht van het gebied; het potentiële werkterrein van de doelgroep. Ropes en Stam vatten theorieën samen, steeds met een vertaling naar de praktijk, en geven handige vragenlijsten en modellen. De lezer kan hiermee meteen mee aan de slag. Dat het een leerboek is, blijkt uit de structuur: elk hoofdstuk begint met leerdoelen, eindigt met een samenvatting, gevolgd door een aantal vragen.

Na het eerste hoofdstuk over kennis en kennismanagement, komen in hoofdstuk 2 de basisprincipes van kennismanagement aan de orde. Deze principes zijn: er is een strategische verankering nodig in de organisatiestelling, efficiënte en effectieve kennisprocessen en kennisvriendelijke organisatiefactoren. Vervolgens wordt een stappenplan beschreven, dat de verdere basis van het boek vormt. Deze stappen zijn:
1. Analyse van de huidige situatie;
2. Formuleren van de doelstellingen;
3. Selecteren van oplossingen;
4. Implementatie van de oplossing en
5. Evaluatie en effectmeting.

Alvorens op de stappen in te gaan, komt de kenniswerker aan bod in hoofdstuk 3. Kennismanagement heeft betrekking op kenniswerkers en de lezer is er zelf hoogstwaarschijnlijk ook een. Kenniswerker is geen beroep op zich, het is kenmerk van een veelheid aan beroepen. De competenties van kenniswerkers komen uitgebreid aan bod. Voor de analyse van de huidige situatie, is het handig om gebruik te maken van reeds bestaande scans. De Knowledge Performance Scan, die in de bijlagen wordt meegeleverd, geeft in zicht hoe een organisatie(onderdeel) met kennis omgaat.

In het vijfde hoofdstuk bespreken de auteurs een hele lijst met kennismanagement-instrumenten, zoals brainstorming, kennismarkt, mindmaps en zelfreflectie. De beschrijving van deze instrumenten is kort, eigenlijk wordt alleen het instrument intervisie uitgewerkt. Ik vraag me af of de toekomstige kennismanager iets met deze lijst in de praktijk kan, ik ben bang dat de beschrijvingen daarvoor te kort zijn.

Hoofdstuk 6 wordt geheel aan 'communities of practice' besteed. Communities zijn interessant omdat het een combinatiestrategie voor kennismanagement is. In communities zijn het namelijk zowel mensen als ICT-systemen die kennis creëren en verspreiden. De laatste twee hoofdstukken betreffen meten: meten van het effect van kennismanagement en meten van het intellectueel kapitaal van de organisatie. Managers willen graag weten wat een investering oplevert. Ze moeten zich wel realiseren dat het effect van kennismanagement indirect is en daardoor moeilijk vast te leggen.

Ropes en Stam hebben een mooie samenvatting gegeven van het terrein van kennismanagement. Het is een beknopt maar treffend verhaal, waarbij de titel ook wordt waargemaakt. Steeds is gedacht vanuit de praktijk en wordt een vertaling van de theorie naar het werkgebied gemaakt. Wat ik mis in dit boek, zijn de nieuwste ontwikkelingen, zoals de toepassing van web 2.0 tools. Dit boek had naar mijn idee een aantal jaar geleden geschreven kunnen worden! Desalniettemin een zeer bruikbaar boek voor de nieuwkomer in kennismanagement.


17 juli 2008 | Marjan Grootveld

'Hergebruik is het ultieme doel van kennismanagement.' Bijna terloops, op pagina 56 van 'Praktijkgericht Kennismanagement', verschijnt deze belangrijke uitspraak, waar ik volkomen mee instem. En daarmee typeert deze uitspraak dit boek: al valt er te twisten over de volgorde van onderwerpen en over de accenten die Donald Ropes en Christiaan Stam plaatsen, er staat veel waars in en zeker ook veel leerzaams. Het boek wil de hbo- of universitaire managementstudent helpen een eigen visie te ontwikkelen op kennismanagement om kennisproductiviteit te verbeteren: ik denk dat ze hieraan een flinke kluif hebben.

Zeker voor zijn omvang is 'Praktijkgericht Kennismanagement' behoorlijk ambitieus in de onderwerpen die het behandelt. Het begint met een introductie op kennis en kennismanagement (KM), de basisprincipes van KM en de kenniswerker. Dan volgen hoofdstukken over de analyse van de kennissituatie in organisaties en over KM-instrumenten; aan het instrument Communities of Practice is een apart hoofdstuk gewijd.

De laatste twee hoofdstukken gaan Donald Ropes en Christiaan Stam in op het meten van KM-effecten en van intellectueel kapitaal. Zoals bekend, is KM een breed terrein en zijn er voor veel concepten verschillende definities in omloop. De auteurs erkennen dit en presenteren dan ook bijvoorbeeld een aantal definities van 'kennis'. Tegelijkertijd compliceren ze het thema soms door begrippen te verklaren met behulp van andere. Het begrip 'kenniswerker' bijvoorbeeld wordt uitgelegd in termen van een 'kennisintensieve organisatie'. Hoewel niet onjuist, vertroebelt dit de in het algemeen duidelijke uitleg. Het hoofdstuk over de kenniswerker is helaas toch al minder precies geschreven dan het merendeel van het boek. Zo wordt wel drie keer gemeld dat kenniswerker geen beroep is. Ook bevat het boek passages waar auteurs en redactie evenwichtiger te werk hadden kunnen gaan. Waarom McKinsey's 7S-model van organisatiefactoren kort introduceren en later in het boek, zonder aan dit model te refereren, een weliswaar verwant maar toch ander model hanteren om dit onderwerp uit te werken? Waarom de heldere uitleg van indicatoren pas in hoofdstuk 8 presenteren, terwijl hoofdstuk 7 al indicatoren gebruikt?

Ondanks mijn kritiek werd ik tegen het eind van het boek, na de uiteenzetting over communities, weer enthousiaster. Het hoofdstuk dat de effectmeting van kennismanagement bespreekt, is eerder als artikel gepubliceerd. Wat waarschijnlijk mijn laatste vraag beantwoordt en verklaart waarom het nieuwe begrip 'hefboom' helaas niet wordt uitgelegd. Deze effectmeting, evenals die van intellectueel kapitaal, ontbreekt in praktijk nog geregeld bij organisaties, waarschijnlijk omdat men onvoldoende idee van de mogelijkheden heeft.

De bespreking van bestaande meetmethoden en de praktijkvoorbeelden in het boek zijn dan ook erg nuttig. Ook de beschrijving van de relatie tussen KM en intellectueel kapitaal is volkomen op zijn plaats. Door deze slothoofdstukken steekt het boek boven andere KM-inleidingen uit, al doet het zoals gezegd een flink beroep op de lezer, die in ruim honderd pagina's veel voorgeschoteld krijgt. Hierbij helpt het dat de tabellen, (online) tests en aanbevolen literatuur telkens to-the-point zijn. Al met al dekt de titel 'Praktijkgericht kennismanagement' de lading van het boek behoorlijk, met dien verstande dat lezers die nog niet in die praktijk werkzaam zijn, wel wat begeleiding kunnen gebruiken.


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden