Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
19 oktober 2011 | Marianne Eussen

Of u nu al jaren ervaring heeft als leidinggevende of net begonnen bent, u bent zeker al eens tegen een lastige situatie met één van uw medewerkers aangelopen. De uitroep 'Wat moet ik toch met Gerard?' of een willekeurige andere naam, klinkt u dan vast bekend in de oren. Wim Geerts kiest hiermee een treffende titel voor zijn boek vol basisgereedschap voor managers. Hij geeft u niet alleen handvatten om effectief om te gaan met uw medewerkers, maar laat u ook kritisch kijken naar uw eigen rol!

Aan de hand van 17 standaardtyperingen van medewerkers leert u een aantal basisvaardigheden voor managers effectief te gebruiken. Dit maakt het boek 'Wat moet ik toch met Gerard?' uitermate praktijkgericht. Wim Geerts zegt dat leidinggevenden vaak te werk gaan als een timmerman, die driekwart van zijn gereedschap onaangeroerd laat. De schroevendraaier wordt dan als het ware ook ingezet als breekijzer, met alle gevolgen van dien.

In het eerste deel is het gedrag van de medewerker herkenbaar beschreven. De typeringen vormen het uitgangspunt om de bijpassende managementinstrumenten te benoemen. Daarmee kunt u beter aansluiten bij de behoeften van de desbetreffende 'lastige' persoon. De typeringen zijn als volgt ingedeeld:

- Medewerkers die zich ontwikkelen
- Medewerkers met lastige voorkeuren
- Medewerkers met carrièreproblemen en
- Medewerkers die beïnvloed worden door groepsdynamiek

Eén van de types is bijvoorbeeld de roddelaar. Roddelen is zeer ondermijnend gedrag dat u zo snel mogelijk wilt stoppen. Zelf het goede voorbeeld geven is in ieder geval een goede zaak. De gouden tip om met een roddelaar om te gaan: zorg dat-ie genoeg uitdaging in zijn werk heeft. Vaak is verveling de oorzaak van roddelgedrag.
U kunt ook mensen leren stoom af te blazen zonder te roddelen. Spreek uw frustratie uit en richt u daarbij op uw eigen onmacht of gebrek aan vaardigheden, niet op het gedrag van de ander.

In het tweede deel behandelt de auteur de instrumenten uit de gereedschapskist één voor één. Zo kunt u zich ook bekwamen in vaardigheden die u (nog) niet zo goed beheerst.

Geerts besteedt voorafgaand aan het eerste hoofdstuk aandacht aan de positie van de leidinggevende. In mijn ogen had dit uitgebreider gemogen. Veel problemen op de werkvloer zijn terug te voeren op de leidinggevende die zijn of haar rol niet neemt. De Roos van Leary, die hij verderop in het boek beschrijft is een uitermate handige tool om je daar als manager meer bewust van te zijn. De mogelijkheden die de Roos van Leary biedt zijn vele malen groter, dan Geerts in dit boek naar voren laat komen.
Wat mij betreft biedt de gereedschapskist dan ook vooral een overzicht van de mogelijkheden en kunt u daarmee een keuze maken om in andere boeken te leren hoe deze gereedschappen te hanteren. Daarvoor zijn de beschrijvingen in het boek echt te summier.

Ik kan het wel waarderen dat Geerts in zijn boek een lans breekt voor de belangrijkste tool die een manager naar mijn mening heeft, namelijk luisteren. Kent u uw medewerkers echt?
Weet u wat hen drijft? Weet u waar ze enthousiast van worden? Kunt u echt luisteren of denkt u aan een half woord genoeg te hebben om dan ZELF oplossingen aan te dragen?

Het boek is heel herkenbaar, omdat het vanuit de praktijk geschreven is. De typeringen zorgen ervoor dat u het boek er bij alle lastige situaties met medewerkers bij kunt pakken. Wanneer u zich vervolgens nieuwe vaardigheden beter eigen wilt maken, weet u vooral in welke richting u het moet zoeken. Het zou standaard bij iedere manager in de kast moeten staan. Met dit boek maakt u van een lastige medewerker een gemotiveerde kracht in uw organisatie!

Wat moet ik toch met Gerard?
25 maart 2011 | Ronald Buitenhuis

De titel Wat moet ik toch met Gerard? herbergt ‘bestseller potentie’ die nog even wordt versterkt door de voor managers pakkende ondertitel: ‘Effectief omgaan met lastige medewerkers’. En omdat de inhoud ook nog eens deugt, ligt die ‘bestseller status’ op de loer, maar los daarvan is dit boek een zinvolle aanvulling op de reeds verschenen titels over het omgaan met dwars personeel.

Het Anti-klaagboek. Onze ijsberg smelt! Managementboeken met aansprekende titels doen het verkooptechnisch altijd goed. Wat moet ik toch met Gerard? heeft het in zich om zich in dat rijtje te nestelen, want wie heeft er geen last van lastige medewerkers? En vraagt zich in gemoede af hoe daar effectief mee om te gaan?

Maar een waarschuwing is op zijn plaats! Dit boek van Wim Geerts gaat veel minder over lastige medewerkers als wel over de incompetente leidinggevenden die maar niet met ogenschijnlijk lastige mensen om kunnen gaan. Sterker nog: misschien zijn de medewerkers wel helemaal niet lastig, en is het gros terug te voeren naar de leider zelf. Wat moet ik toch met Gerard? is dus eigenlijk een cursus leidinggeven.

Zijn er dan helemaal geen lastige medewerkers? Zeker wel, maar niet veel. Met één op de tien of zelfs vaker één op de honderd, heb je ze wel gehad. De crux van het betoog van Geerts is dat leiders hun mensen moeten motiveren, ze moeten hun medewerkers uitdagen. Doe je dat niet, dan worden mensen ‘lastig’. Maar volgens de auteur zijn het zogenaamde ‘goudhaantje’, de ‘perfectionist’, de ‘arrogante betweter’, de ‘roddelaar’, en zelfs het ‘zwarte schaap’ heel gemakkelijk te kneden tot gepassioneerde medewerkers. En dat is een stuk effectiever dan ze te bestempelen als lastige medewerker, als excuus om vervolgens de boel maar de boel te laten.

In het eerste deel van zijn boek benoemt Geerts welke ‘lastige medewerkers’ er zijn. In het tweede deel geeft hij een goed gevulde gereedschapskist met allerlei instrumenten om ‘lastige medewerkers’ aan te pakken. Hebben we hier te maken met ‘rocket science’? Absoluut niet. Veel van wat er staat, is ruimschoots bekend. Maar het inzicht dat het vaak gaat om de ‘onbekwame’ leider en niet om de ‘lastige’ medewerker, is toch een meer dan interessant vertrekpunt. Vooral middelmanagers doen er goed aan om eens vanuit dat perspectief naar zichzelf te kijken, en wie weet zijn er dan opeens een heleboel minder lastige werknemers.

Volgens de auteur is er iets mythisch ontstaan rond het begrip leiderschap. Alsof leiderschap een soort gave zou zijn, van mythische proporties. Natuurlijk, aanleg is mooi meegenomen en zelfs tot op zekere hoogte belangrijk. Dat geldt voor veel zaken dus ook voor leiderschap. Maar zonder oefening zal er nooit kunst worden gebaard. Dit boek van Geerts is een mooie en stimulerende aanzet daartoe.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden