Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
26 april 2017 | Peter de Roode

In dit boek wordt een visie op onderwijs geboden die uitgaat van de kracht die docenten en leerlingen al hebben. Het boek is gericht op het basisonderwijs en het voortgezet onderwijs. Een goed geschreven boek dat zowel wetenschappelijk verantwoord is als ook praktische handvatten biedt en hoop geeft om samen met de mensen in de school een uitdagende reis te maken.

De auteurs merken op dat ze de term ‘Het nieuwe leren’ niet zullen gebruiken omdat die naar hun mening een vergaarbak is geworden. Zo kijken de auteurs op afstand naar het onderwijs en constateren dat voor ‘evidence based’ onderwijs weinig evidence is. Deze benadering gaat ervan uit dat er wordt gestreefd om onderwijs te baseren op empirisch onderzoek naar wat wel en niet goed werkt. Er zijn volgens de auteurs gewoonweg te veel factoren die van invloed zijn op het leerproces.
De wetenschap treft op dit punt enige blaam, merken zij op. Scholen zitten vaak niet te wachten op wetenschappelijke uitkomsten maar zijn op zoek naar die dingen die werken. Kortom: de kloof tussen wetenschap en praktijk gaapt. In dit boek doen de auteurs een goede poging om die kloof te overbruggen. Zij komen niet alleen met een eigen idee, een visie op onderwijs, maar onderbouwen dat met wetenschappelijk bevindingen. Maar zij gaan verder en maken het toepasbaar zodat de aanbevelingen concreet worden en vertaald kunnen worden naar de praktijk.

Wat vereist is aldus Korthagen en Lagerwerf is dat er een paradigmaverschuiving moet komen. Een verschuiving die het mogelijk maakt om onderwijs vanuit een ander perspectief te durven bekijken. Niet het paradigma van controle en beheersing maar een paradigma waarbij groei, kracht en verantwoordelijkheid belangrijke aspecten zijn. Hier lijkt de pijn te zitten, scholen zitten soms gevangen in hun eigen systeem. Toch laten de auteurs zien dat ook die opvatting een mindset is die doorbroken kan worden. In de mindset die de auteurs voor ogen staat, gaat het om begrippen als flow, kernkwaliteiten en kernfeedback. Dat klinkt mooi maar tegelijkertijd zijn de auteurs geen voorstander van grenzeloze vrijheid van de leerlingen, noch van decreten die de vrijheid inperken. Nee, het gaat hen om een goede professionele basis, zoals zij die in hun andere boek ‘Een leraar van klasse’ hebben beschreven.

Dat de rol van de docent moet veranderen is inmiddels wel duidelijk. Van ‘deskundige’ die kennis overdraagt naar ‘gids’ die leerlingen begeleidt en hen theorie op maat aanreikt. Met name voor oudere leraren kan deze overgang heel groot zijn. Ze hebben hun initiële opleiding op de traditionele wijze gehad, jarenlang hun praktijk daarin uitgeoefend en moeten nu meer ruimte en vrijheid gaan bieden aan hun leerlingen. De discussie en de visie die hier achter zit gaan over de bekende begrippen ‘deductief’ (onderwijs afgeleid van theorie) en ‘inductief’ (onderwijs gebaseerd op ervaringen van leerlingen). De auteurs -zoveel moge duidelijk zijn- prefereren een inductieve aanpak. Daarmee krijgt het belang van ‘de docent als persoon’ meer waarde. De quote ‘bewust onderwijzen we wat we weten, onbewust onderwijzen we wie we zijn’, bevestig dat.

Maar het vereist niet alleen een heldere visie van de school en haar schoolleiders maar ook een goede aanpak. Alleen overtuigen op cognitief gebied is te weinig. Hier lijkt zich een dubbelslag voor te doen: zoals de docent zijn leerlingen moet proberen te raken, zo zal de leidinggevende hetzelfde moeten zien te realiseren bij de docenten. ‘Hoe krijg ik mijn mensen mee?’, blijft een van de meest gestelde vragen en elk antwoord daarop vereist maatwerk.


Fred Korthagen, Bram Lagerwerf
Leren van binnenuit

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden