Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
4 augustus 2005 | Albert Martens

Toen ik 'De Zeven bronnen van arbeidsvreugde' ter beoordeling kreeg aangeboden heb ik me direct voor genomen na te gaan in hoeverre het lezen van dit boek arbeidsvreugde geeft. In eerste instantie geeft het de indruk dat het een werkboek is en nogal een 'druk' exemplaar. Veel tabellen, figuren en citaten en ook nog af en toe een interview. Het boek is geen doorsnee boek en wil dat gelukkig ook niet zijn. Het is dan ook geen boek om in een ruk uit te lezen. Het is een werkboek en dat bepaalt dan ook min of meer de doelgroep.

Kees Kouwenhoven schenkt veel aandacht aan het thema binden en boeien van medewerkers, hoe zorg je ervoor dat medewerkers met plezier werken en hoe zorg je voor het op peil houden van je eigen plezier. De schrijver noemt dit arbeidsvreugde en is van mening dat werken met plezier en goed presteren bij elkaar horen. 'De zeven bronnen van arbeidsvreugde' geeft een route aan naar het creëren van een werkomgeving waar 'lekker en zinvol' kan worden gewerkt. Hiervoor is een model met bijbehorende instrumenten ontwikkeld. De kern van het model bestaat uit de zeven bronnen van arbeidsvreugde, te weten:
1. Fysiek welbevinden
2. Collegialiteit
3. Waardering en vertrouwen
4. Goede prestaties
5. Groei
6. Werken met hart en ziel
7. Hogere zingeving

Elk van de bronnen moet voldoende tot zijn recht komen om stabiele en evenwichtige arbeidsvreugde te realiseren. Er worden diverse obstakels en versterkers behandeld die van invloed zijn op het realiseren van arbeidsvreugde. Het is een persoonlijk geschreven boek. De ervaringen en de visie van de schrijver zijn duidelijk herkenbaar.

In Hoofdstuk 1 gaat Kouwenhoven uitgebreid in op wat arbeidsvreugde is, gezien vanuit diverse invalshoeken. Het is duidelijk dat de sleutel van arbeidsvreugde in de eerste plaats bij het individu ligt. Er wordt aangegeven op welke manier de zeven bronnen van arbeidsvreugde verbonden zijn met en beïnvloedt worden door de binnenwereld (van het het individu) en de buitenwereld (de omgeving).
De constatering dat iedereen ook het recht heeft om zich ook wel eens niet goed te voelen is belangrijker dan het in eerste instantie lijkt te zijn. Hieraan had de auteur wat mij betreft wel dieper op in mogen gaan.
Kouwenhoven verwerkt verder de visies van verschillende andere 'deskundigen' en dat bevordert het inzicht in wat arbeidsvreugde nu eigenlijk is. Hij pleit ervoor om de bron 'hogere zingeving' ook in het echte werk van de organisatie zichtbaar te maken. Op zich zelf is dit een mooi streven, maar er wordt niet aangegeven hoe dit te bereiken.

In Hoofdstuk 2 worden de instrumenten beschreven die kunnen helpen bij het scheppen van arbeidsvreugde. De eerder genoemde zeven bronnen van arbeidsvreugde worden verder uitgewerkt. De strategie voor het realiseren van arbeidsvreugde bestaat uit de fasen ontdekken, uitbreiden en op peil houden. Deze fasen zijn in het boek in detail uitgewerkt.

In Hoofdstuk 3 staat centraal hoe we meer arbeidsvreugde voor ons zelf kunnen scheppen. Er wordt een stappenplan aangereikt om te ontdekken wat voldoening geeft, wat niet en hoe je als individu je arbeidsvreugde kunt uitbreiden. Er worden hierbij diverse kleine oefeningen en mogelijke actie punten ter ondersteuning aangereikt.

In Hoofdstuk 4 wordt het model verder uitgewerkt voor het bevorderen van de arbeidsvreugde van het team en de organisatie. In principe wordt hier dezelfde methodiek gebruikt van het ontdekken, uitbreiden en op peil houden van de arbeidsvreugde. Er worden in dit hoofdstuk diverse voorbeelden gegeven van mogelijke obstakels en versterkers. Er wordt daarnaast uitvoerig ingegaan op het maken van actieplannen en het veranderingsproces.

De schrijver stelt dat door het aangeboden model het voor velen ongrijpbaar aspect van het werk (arbeidsvreugde) tastbaar wordt. Dat is maar voor een deel waar. Ondanks het werken met de zeven bronnen blijft het scheppen van arbeidsvreugde nog steeds een mysterie.
Waarom lukt het sommige bedrijven of afdelingen wel om arbeidsvreugde te scheppen en anderen juist niet.

Terug naar de vraag: In hoeverre geeft het lezen van dit boek arbeidsvreugde?

In de eerste plaats zijn er naar mijn mening maar weinig boeken beschikbaar die het thema arbeidsvreugde hebben uitgewerkt. Dus in die zin is het een welkome aanvulling. 'De zeven bronnen van arbeidsvreugde' biedt veel goede aanknopingspunten voor het analyseren en verbeteren van de arbeidsvreugde op zowel individueel- als organisatieniveau.
Qua taalgebruik is het boek daarnaast makkelijk en plezierig leesbaar. De kracht van het boek is dat het de lezer aanzet tot actie. Het is daardoor ook een werkboek dat je niet in een paar avonden moet willen uitlezen. Het is qua lay-out een druk boek en de interviews en diverse citaten voegen niet echt iets toe en had wel wat minder gekund. Hoofdstuk 5, 'Verhalen vertellen als leiderschapinstrument' had van mij mogen weggelaten.

Conclusie: een interessant en plezierig boek voor die lezers die wat meer inzicht willen in het scheppen van arbeidsvreugde en voldoende tijd hebben.


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden