Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
8 januari 2015 | Peter de Roode

Scholing van de geest van Jos Kessels is een boek dat ik met zeer veel plezier en interesse heb gelezen. Fraai hoe Kessels de inzichten van Socrates en Plato weet door te vertalen naar onze huidige tijd. Om die inzichten over te dragen reikt Kessels niet zozeer kennis aan maar deelt hij zijn ervaringen. Het is heel kwetsbaar hoe hij over zichzelf schrijft, over zijn onzekerheden en zijn eigen vermeende tekortkomingen. Het boek is vooral een juweeltje vanwege het fraaie taalgebruik en de mooie oneliners die erin terug te vinden zijn.

Verstand is voor Kessels ‘schoolse kennis’. En onder de ‘geest’ verstaat hij hoe je schoolse kennis moet toepassen, hoe je je verstand goed moet gebruiken. Weten wat de moeite waard is, wat passend is in een situatie. Scholing van de geest begint met zelfonderzoek. Een dragend idee is datgene wat van jou is, schrijft Kessels. Het is duidelijk dat de auteur voortborduurt op zijn eerdere werk waarin dat ook al aan de orde kwam. Maar nergens krijg je als lezer het gevoel: weet ik al, schiet maar op. Het uitgangspunt van dit boek is dat ieder mens in zichzelf zo’n vonk, zo’n begin van inzicht kan vinden.

Het boek biedt de lezer een goed inzicht in de hoofdpersonen Socrates en Plato doordat essentiële citaten of teksten uit belangrijke werken bondig worden weergegeven. Soms beschrijft Kessels een vraagstuk dat hij zelf heeft meegemaakt of gesprekken die hij heeft gevoerd met vrienden. Niet bedoeld om te laten zien hoe goed hij een gesprek voerde maar vooral om te illustreren waar zijn worstelingen zaten, zijn twijfels en overtuigingen. Door op deze manier de inzichten van Socrates en Plato te koppelen aan alledaagse onderwerpen, begin je als lezer anders naar de materie te kijken. Kessels schrijft dat iedereen vroeg of laat in een crisis of impasse komt en geconfronteerd wordt met vragen als: Wat wil ik nu echt? Waar loop ik warm voor? Wie ben ik nu eigenlijk? De vraag is volgens hem niet zozeer of dat gevoel bestaat maar of je de moed hebt te volgen, te doen wat je te doen hebt. Een fraaie oneliner van de auteur in dit verband is: ‘Zelfkennis gaat vooral over de manier waarop we onszelf voor de gek houden’. De lezer ervaart dat zelfonderzoek bepaald niet gemakkelijk is en Kessels neemt ruim de tijd om daar bij stil te staan. Hij leert dat ‘alleen in de toestand van verwarring we op zoek kunnen gaan naar het goede, de deugd’.

Kessels betoogt dat we uit onze vertrouwde manier van kijken moeten worden gestoten omdat waarnemen vaak gebaseerd is op onwaar-nemen. Pas in gesprekken kan dit worden blootgelegd. Of zoals de auteur het fraai omschrijft: ‘Alleen het discours in de micro situatie kan de dynamische ontwikkelingen in de macro-omgeving beïnvloeden’.

Op het eind van het boek vroeg ik me af voor wie dit boek bedoeld is. Ik denk voor mensen die sowieso interesse hebben in filosofie en op zoek zijn naar alternatieven voor top down veranderaanpakken. Zij die geloven in de kracht van gesprekken en zich realiseren dat kwesties niet alleen maar een rationele kant kennen maar ook een persoonlijke. Mensen die zich écht willen verbinden met anderen en niet alleen vanuit hun eigen standpunt wensen te redeneren. Mensen die pijn willen toestaan om zienswijzen van anderen te beluisteren. Maar even later realiseer ik me dat bovenstaande vraag niet de essentie is. Socrates zou die vraag als volgt geformuleerd hebben: ‘Hebben mensen de moed om bewust te worden van het weten dat ze niet weten?’


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden