Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
15 juli 2015 | Gerben Tijkken

De ontdekking van de toekomst van Wim de Ridder is allereerst een erg goed boek. Het zal voor verschillende mensen verschillend lezen.

Voor mensen die een bedrijfsstrategie moeten ontwikkelen levert dit boek een solide fundering. Doordat deze fundering op vele punten onderbouwd blijkt door onderzoek is die sterk genoeg om een hoogbouwstrategie op te bouwen. Een strategie die binnen een organisatie ruimte vindt voor begrip en steun en zo nodig verdedigd kan worden.

Het boek biedt niet alleen talloze voorbeelden van hoe iets niet moet, van fouten leer je immers. Het beschrijft ook methodes voor het ontwikkelen van een strategie die een grotere kans op succes kan bieden.

Voor mensen die bezig zijn met pure toekomstverkenning is het een ruim overzicht van het veld met belangrijke historische onderbouwingen. Daarnaast heeft het alle bijbehorende bronvermeldingen die je nodig hebt voor verder onderzoek.

Wat waarschijnlijk voor beide lezersgroepen gelijk is, is dat het lekker wegleest en dat er nieuwe dingen tevoorschijn komen als je het boek nog een keer leest. De informatiedichtheid in dit boek is aangenaam. Op geen moment heb je het gevoel dat je vulling zit te lezen. Elk gelezen moment is waardevol.

Erg waardevol is denk ik zelf de aandacht voor het werk van Carlota Perez, bekend van het concept techno-economische paradigmawisselingen, dat meerdere malen in ‘De ontdekking van de toekomst’ terugkomt.


1 juni 2015 | Evelien Dieleman

In zijn boek ‘De ontdekking van de toekomst’ onderzoekt Wim de Ridder recente en minder recente technologische ontwikkelingen en hun oorzaken. Hij concludeert dat technologische ontwikkeling veelal een reactie is op maatschappelijke en of economische crises. Crises hebben impact op de maatschappij en blijken voorspelbaar te zijn. Het maakt dat technologische ontwikkelingen geëxtrapoleerd kunnen worden naar de toekomst.

In ‘De ontdekking van de toekomst’ plaatst Wim de Ridder de technologische ontwikkelingen van het verleden en heden in perspectief. Hij beroept zich op het model van Carlota Perez en staaft zijn bevindingen met feiten uit het verleden en de actualiteit. In zijn studie heeft hij achterhaald dat technologie een drijfveer is van innovatie en dat deze afhankelijk is van de fase waarin de maatschappij zich bevindt. In het boek worden de technologische ontwikkelingen in een logische volgorde geordend. Dit raamwerk is nuttig en helpt de lezer bij het plaatsen van de feiten.

Wim de Ridder gaat uitvoerig in op het model van Carlota Perez, waarin vijf technologische revoluties worden beschreven. Elke technologische revolutie bestaat uit een viertal fasen. Voorafgaand aan een ontwikkeling is sprake van een zogenaamde big bang. En deze heeft bewezen altijd gepaard te gaan met een crisis. De auteur blikt uitgebreid terug op deze crises, zoals de bankcrash van de jaren ’30 en de Eerste en Tweede Wereldoorlog.

Niet alleen technologische ontwikkelingen volgens het model van Perez zijn voldoende om vooruitgang te kunnen bepalen. Wim de Ridder voegt daar de filosofie van Suzanne Piët aan toe. Het bestuurlijk ontwikkelingspad van Piët toont dezelfde tendens als het model van Perez. Deze toevoeging maakt het raamwerk voor het duiden van de toekomst zowel aannemelijk als betrouwbaar.

De auteur gaat uitvoerig in op de technologische revoluties die de mensheid gekend heeft. Voor wie goed op de hoogte is van de geschiedenis en de actualiteit is het een mooi naslagwerk, maar het kan ook vervelen als deze stof u wel bekend is. Daarnaast wordt aangetoond dat de vooruitgang voornamelijk door de gevestigde orde van bedrijven en overheden wordt gestremd. Deze mening kan als eenzijdig worden ervaren.

Het valt op dat veel aandacht uitgaat naar het beschrijven van het bekende en een goed onderbouwde opsomming van feiten. Ook zijn ontwikkelingen in diverse branches grondig onderzocht. Het meest interessante hoofdstuk gaat over wat er ons staat te gebeuren tussen nu en 2025. Voor sectoren als de het onderwijs, de gezondheidszorg en de financiële sector schetst Wim de Ridder de situatie en huidige ontwikkelingen. Deze feiten maken het doorkijkje naar de toekomst geloofwaardig.

Echter, een doorkijkje naar de verdere toekomst wordt lastiger. De titel van het boek suggereert dat de (verdere) toekomst helder in kaart wordt gebracht. Ontwikkelingen op het gebied van zonne-energie en de medische technologie worden uitgelicht, maar het algemene beeld van de toekomst blijft diffuus. Voor de lezer is het goed om te beseffen dat een concreet antwoord niet is geformuleerd.

Zijn menig dat het ontbreekt aan verbeeldingskracht om de impact van innovaties goed in te kunnen schatten is stevig neergezet. Hij pleit voor het vormen van netwerken en collectieven om de toekomst beter te kunnen inschatten.

Concluderend is ‘De ontdekking van de toekomst’ een uitgebreide samenvatting van belangrijke doorbraken en ontwikkelingen in de tijd die hun weerklank vinden in de huidige tijdgeest en de jaren die nog komen. Voor wie zich bezighoudt met trendwatching en de ontwikkelingen op de voet volgt, is het een mooi referentiewerk.


19 mei 2015 | Louis Thörig

‘De ontdekking van de toekomst’ met als subtitel ‘Wat we al weten, is niet te geloven’ was met vier andere boeken opgenomen op de shortlist voor de verkiezing van het Managementboek 2015. Met zijn boek wil auteur en futuroloog Wim de Ridder de mensen bewust maken dat we al heel veel weten over de toekomst.

Technologie is de motor van de vooruitgang. Niet alleen het techno-economische ontwikkelingspad zal de komende tijd bepalend zijn voor de vooruitgang maar ook het bestuurlijk ontwikkelingspad. Op systematische wijze beschrijft de auteur de unieke dynamiek van de structurele vooruitgang op lange termijn. Crises, oorlogen en tijden van welvaartgroei blijken vaak geen toevallige gebeurtenissen te zijn. Kortom de langetermijntrend laat zien dat goede en slechte tijden elkaar afwisselen. De Ridder laat zich inspireren door de visie van de Venezolaanse wetenschapper Carlota Perez die het bestaan aantoonde gedurende de afgelopen 250 jaar van vijf technologische revoluties die vooruitgang hebben gebracht. In 1771 was dat de Industriële Revolutie; in 1829 het tijdperk van de stoommachine en spoorwegen; in 1875 het tijdperk van staal, elektriciteit en zware industrie; 1908 het tijdperk van olie, auto en massaproductie en in 1971 het tijdperk van informatie en communicatie. Zelf voegt De Ridder daaraan het jaartal 2025 toe - het begin van de zesde technologische revolutie - het tijdperk van de kunstmatige intelligentie (informatietechnologie), genetica en zonnetechnologie.

Technologische ontwikkelingen nemen exponentieel toe en zullen de komende tijd de wereld ingrijpend veranderen. Ook veranderingen in de maatschappelijke orde zullen plaatsvinden als gevolg van de zesde technologische revolutie. Terug in de geschiedenis. Na de Tweede Wereldoorlog vernieuwde de maatschappelijke orde zich. Het was het tijdperk van de verzorgingsstaat. Maar de verzorgingsstaat veranderde structureel na de oliecrisis in de jaren zeventig en werd ingeruild voor de neoliberale samenleving, die eindigde in de beurscrisis van 1998. Maar opnieuw paste de maatschappelijke orde zich aan en de neoliberale samenleving maakte plaats voor de netwerkmaatschappij met de doorbraak van de mobiele telefoon en in het jaar 2000 de introductie van het world wide web – internet geheten. Door deze doorbraakinnovatie kwam er een overvloed aan gloednieuwe producten en diensten op de wereldmarkt. Bedrijven moesten hun strategieën drastisch veranderen door deze digitale revolutie. Maar dit gebeurde veel te weinig en in veel gevallen te langzaam. Kodak, succesvol fabrikant in de foto- en filmindustrie is een berucht voorbeeld van een bedrijf dat niet tijdig inspeelde op de digitale revolutie. Kodak ontwikkelde zelfs als eerste bedrijf de digitale camera. Maar met marktintroductie was het bedrijf veel te terughoudend en risicomijdend omdat hun verkoop van traditionele filmrolletjes niet in gevaar mocht komen. Andere bedrijven kenden deze overweging helemaal niet en introduceerden wel digitale camera’s. Gevolg: Kodak introduceerde haar digitale camera veel te laat, de schade was niet meer te beperken en het bedrijf ging in 2012 failliet.

Maar in 2007 kregen we opnieuw te maken met een heroriëntatie van de maatschappelijke orde. De financiële systeemcrisis ( internationale bankencrisis en langdurige economische recessie) - maakte een eind aan de netwerkmaatschappij en deze moest plaats maken voor de huidige participatiemaatschappij. In zijn boek beschrijft De Ridder uitgebreid de wetmatigheid dat elke verandering in de maatschappelijke orde gepaard gaat met een crisis. Toch zijn crises wel voorspelbaar en door tijdig te anticiperen vermijdbaar. De auteur geeft hiervoor in zijn boek een aantal wijze lessen.

Met grote mate van zekerheid is te voorspellen dat komende decennia de technologische ontwikkelingen zich exponentieel zullen voortzetten zonder dat menigeen hiervan de implicaties precies kan overzien.
In zijn boek geeft De Ridder zijn toekomstvisie op langetermijntrends binnen vijf sectoren: onderwijs, de agrarische industrie, gezondheidszorg, financiële sector en de overheid. Voortekenen kunnen bedriegen, maar zeker is dat zich een turbulente periode aandient in deze sectoren.

‘De ontdekking van de toekomst’ is een indrukwekkend boek waarin De Ridder de lezer in de gelegenheid stelt om het strategisch handelen van bestuurders van overheid en bedrijfsleven te onderzoeken tegen de achtergrond van de wereldwijde technologische ontwikkelingen. Enigszins gewaagd is dat De Ridder een tipje van de sluier oplicht over de toekomstige ontwikkelingen en technologische doorbraken na 2025. Kortom, een heerlijk boek en een aanrader voor menig bestuurder!


Trends in technologie en tijdgeest
14 juli 2014 | Pierre Spaninks

Technologische ontwikkelingen die nu nog in de kinderschoenen staan zullen de wereld ingrijpend veranderen, betoogt Wim de Ridder in De ontdekking van de toekomst. Ook op de tijdgeest zullen ze een enorme impact hebben. Het volgende grote maatschappelijke conflict staat als het ware al op stapel. Tegelijkertijd is er een proces van vooruitgang gaande waar steeds meer mensen aan deelnemen.

Volgens De Ridder verandert de tijdgeest in een richting die voorspelbaar is. De verwachtingen met betrekking tot nieuwe technologieën als itc, zonne-energie en de synthetische biologie zullen zo hoog oplopen dat er een nieuwe zeepbel ontstaat. Op een gegeven moment klapt die, net zoals gebeurt is in 1998. Na zo'n crisis komen de aandelenkoersen weer op een realistisch niveau en kan de vooruitgang zijn weg vervolgen. Tenminste: als economie en samenleving zich op tijd weten aan te passen aan de nieuwe tijdgeest. Blijft die aanpassing te lang uit, dan implodeert het systeem.

De kans dat leiders in het zakenleven en in de politiek die slag tijdig zullen kunnen maken, acht De Ridder klein. Dan zal er rond het jaar 2025 een nieuwe culturele revolutie plaatsvinden, net zoals we die in de jaren zestig hebben meegemaakt. Toen jongeren gingen jongeren letterlijk en figuurlijk de barricaden op omdat zij zich niet meer konden herkennen in de instituties van de welvaartsstaat zoals die na de Tweede Wereldoorlog waren opgebouwd.

Een nieuwe crisis - die enorme maatschappelijke kosten met zich mee zou brengen - kan volgens De Ridder worden afgewend door het niveau van menselijkheid in onze samenleving radicaal te verhogen. We moeten een einde maken aan schrijnende armoede en aan maatschappelijke uitsluiting. Als alternatief moeten we een wereld creëren waarin we zelf onze idealen kunnen kiezen. Dan zullen we ontdekken dat er meer mensen zijn met dezelfde aspiraties, en dat die samen met ons willen optrekken. Zo kunnen we de problemen delen die op ons pad komen delen, en kunnen we samen de toekomst ontdekken - of eigenlijk: maken.

Dat is - te kort door de bocht samengevat - de visie die De Ridder ontwikkelt in De ontdekking van de toekomst.

Aansprekend is die visie zeker, maar bij een boek als dit dringt zich onvermijdelijk toch ook de vraag op hoe overtuigend hij is. Dat ligt wat ons betreft verschillend voor de twee grote stappen die De Ridder neemt.

De eerste stap van De Ridder is zijn verhaal over de technologische ontwikkelingen die nu nog in de kinderschoenen staan maar die de wereld ingrijpend zullen veranderen. Hij maakt aannemelijk dat in die ontwikkelingen nu al zo veel geld wordt geïnvesteerd en dat er nu al zo veel mensen in actief zijn, dat de kans op succes groot is.

De tweede stap is de verwachting van De Ridder dat er net als in het verleden ook nu weer een technologisch/financiële zeepbel zal ontstaan, dat die zal klappen, dat de oude garde zal proberen om de draad weer op te pakken, en dat een nieuwe generatie zich daar op een gegeven moment tegen zal gaan verzetten. Dat kan natuurlijk, maar een natuurwet is het niet.

Voor de verwachting van De Ridder ten aanzien van economische en sociale processen, geldt waarschijnlijk hetzelfde als voor de weersverwachting. Die wordt ook onzekerder naarmate hij op een verder weg gelegen toekomst betrekking heeft. Daar is niks mee mis, maar als lezer moet je het je wel even realiseren.

Voor de bestuurders en managers onder ons is en blijft het stevigste hoofdstuk in De ontdekking van de toekomst dat over wat er te gebeuren staat tussen nu en 2025. Voor belangrijke sectoren als de agrarische industrie, de gezondheidszorg en de financiële sector schetst De Ridder daar belangrijke trends. Dat doet hij op zo'n manier dat het voorstelbaar wordt en dat het aanspreekt. Daar kunnen we wat mee.


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden