Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Tweebenig samen werken - 'Een van de beste managementboeken van 2018'
8 november 2018 | Nico Jong

Voor de complexe vraagstukken van deze tijd is samenwerking over organisatiegrenzen nodig. Samenwerking die gebaat is bij diversiteit en variëteit, waarbij groepen en personen van elkaar verschillen en iets kennen en kunnen wat de ander niet kent en kan.

Die verschillen leveren ook spanningen op. Bij succesvol samenwerken gaat het niet om het oplossen van deze spanningen, maar juist om het ermee leren omgaan. Personen en organisaties die spanningen herkennen, accepteren en hanteren, zijn in de huidige complexe tijd effectiever. Zij maken de spanningen met hun achterliggende tegenstellingen zichtbaar en bespreekbaar en combineren ze tot een samenstelling. Dat noemen de auteurs van dit fraaie boek Tweebenig samen werken.

Tweebenige spelers werken op het grensvlak tussen binnen en buiten en omarmen de spanningen die ze voelen. Kiezen voor het een of het ander brengt geen oplossing. Beide polen zijn nodig om effectief te handelen en ongemak daarbij te kunnen verdragen. Ze staan met een been in de eigen organisatie en met een been buiten in de wereld van betrokken partijen en personen. Ze begrijpen en verbinden verschillende ziens- denk- en werkwijzen en motiveren groepen om samen meer te bereiken dan alleen. Tweebenigheid verruimt hun speelveld, vergroot hun handelingsrepertoire en vergroot hun handelingssnelheid. Dit vraagt om blikverruiming, bewustwording en om experimenteren waarbij het belangrijk is dat fouten op een veilige manier gemaakt kunnen worden om te leren omgaan met ongemak en het feit dat spanning niet oplosbaar is.

Linksbenige mensen hebben een voorkeur voor structureren, plannen en organiseren en zijn vooral geschikt voor gecompliceerde en eenvoudige vraagstukken. Rechtsbenigen geven de voorkeur aan gaandeweg ontdekken, ondernemen en experimenteren. Ze zoeken de randen van hun functie op en gedijen beter in complexe vraagstukken en contexten.

Tweebenig samen werken is tot stand gebracht door bijna vijftig auteurs. Ze delen nieuw gedachtegoed, praktijkvoorbeelden, interviews en columns met de lezer. Om het geheel toegankelijk en afwisselend te maken, bieden ze artikelen in vijf leesroutes: theoretische verdieping, persoonlijke reflectie, aan de slag gaan, tweebenigheid in de publieke sector en tweebenigheid op de werkvloer.

De teksten zijn prachtig, maar hun enorme rijkdom laat zich op geen enkele wijze samenvatten binnen het bestek van een recensie. Tweebenig samen werken is een van de beste managementboeken van 2018. Het boek is uitermate smaakvol vormgegeven in een groot formaat met driekoloms teksten en veel illustraties. Een uitgebreide handreiking om samenwerking in deze veranderlijke, onvoorspelbare, complexe en dubbelzinnige tijd op een effectieve manier tot stand te brengen.

Nico Jong is senior adviseur bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.


Tweebenig samen werken - 'Buitengewoon goed gelukt'
9 mei 2018 | Rijk Binnekamp

Tweebenig samen werken, onder redactie van Martine de Jong, Has Bakker en Fieke Robeerst, gaat in op het accentverschil tussen sámenwerken en samen wérken.

In een veertigtal hoofdstukken, geschreven door een kleine vijftig auteurs wordt, nieuw gedachtegoed aangereikt om het groeiend aantal maatschappelijke vraagstukken effectiever aan te gaan.

Voor huidige maatschappelijke vraagstukken is de samenwerking tussen publieke, private en maatschappelijke partijen een must. Het vraagt om samen werken over de grenzen van de eigen organisatie heen. En dat brengt spanning met zich mee. Die spanning wordt vooral ervaren door de mensen die op dit grensvlak (samen)werken. Het zijn deze “grenswerkers” die met één been in de binnenwereld van de eigen organisatie en één been in de buitenwereld te maken krijgen met conflicterende belangen, identiteiten, culturen en loyaliteiten.

Tweebenigheid

Van de grenswerker wordt op dit grensvlak, in analogie met de voetballer, tweebenigheid gevraagd. Linksbenigen hebben een voorkeur voor structureren, plannen en organiseren en voeren hun functie uit zoals verwacht wordt. Rechtsbenigen hebben een voorkeur voor het gaandeweg ontdekken, ondernemen en experimenteren en zoeken de randen van hun functie op door een vrije interpretatie van hun rol. Het voordeel voor zowel de voetballer als de grenswerker is dat tweebenigheid het speelveld aanmerkelijk verruimd.

Spanning biedt ruimte

Spanning wordt vaak gezien als negatief. Vraag is of dat terecht is. Want juist de spanningen op het grensvlak bieden, door de verschillen die daar heersen, ruimte om werkelijke nieuwe dingen te ontwikkelen. Grenswerkers dienen zich dan ook te realiseren dat een keuze tussen binnen- of buitenwereld hen niet dichterbij de oplossing brengt. Ze hebben beide polen nodig om effectief te kunnen handelen en moeten het ongemak dat daarbij hoort verdragen.

Voegt Tweebenig samen werken iets toe?

Is het gelukt, het gedachtengoed van een kleine vijftig auteurs, te stroomlijnen naar nieuw gedachtengoed? Welnu, dat is buitengewoon goed gelukt en de redacteuren verdienen daarvoor alle lof. Ik heb verschillende pareltjes van hoofdstukken gelezen. Tweebenig samen werken heeft mij in meerdere opzichten aangenaam verrast. Dat begint al bij de vormgeving van het boek dat qua vorm, gebruik van kleuren, speelse illustraties en handige modellen een prettige soort van lichtvoetigheid met zich mee brengt. Diezelfde speelse vorm zet zich voort qua inhoud. Om de lezer van dienst te zijn hebben de redacteuren ervoor gekozen een vijftal leesroutes aan te bieden.

1. De route voor theoretische verdieping biedt in een zestal essays en een column een solide inleiding over het gedachtengoed van tweebenig samen werken. Het overtuigde mij als lezer dat je als grenswerker de moed moet hebben een deel van de autonomie op te geven, in het vertrouwen er meer voor terug te krijgen.

2. De route voor persoonlijke reflectie was in meerdere opzichten verrassend. In een drietal columns, een essay, een interview en een praktijk casus nemen de auteurs je mee in hun persoonlijke ervaringen, visies en reflecties op spannend samen werken. En dan blijkt, als je nadenkt en schrijft over samen werken, alles met elkaar verweven te zijn. Mooi om te lezen hoe de ervaringen in een hospice, een goed gesprek met een Italiaanse mijnwerker en het verschil in omgang met leiderschap van generatie X en Y inspirerend gedachtengoed oplevert over samen werken.

3. De route om aan de slag te gaan introduceert je in het “ritselmanagement”. Je wordt meegenomen in de wijze waarop designers zich steeds vaker bezighouden met sociaal-maatschappelijke vraagstukken. En leert een kunstenaar ons dat elke vorm van overheidshandelen per definitie onaf is, en dat juist onaf ruimte biedt aan eindgebruikers, cliënten, bewoners en professionals onderdeel van de oplossing te worden.

4. De route over tweebenigheid in de publieke sector laat een breed scala aan praktijken voorbijkomen. Van de gemeentelijke ombudsman naar de moderne tweebenige ambtenaar. Van het opleiden van docenten voor het mbo, via autonomie en gebondenheid in de geboortezorg naar de ervaringen van ambtenaren van Loenen, Maarssen en Breukelen die in 2016 gingen samen werken in de gemeente Stichtse Vecht. Je wordt meegenomen in de uitdagingen van een onderwijsinstelling op het gebied van hun strategische keuzes en andere onderwerpen.

5. De route voor tweebenigheid op de werkvloer verkent de spannende samen werking tussen medewerkers, managers en teams. Veel werkvloer situaties komen hier aan bod. Van de vluchtelingenproblematiek naar de bouw van een ziekenhuis. Over de spanningen tussen leidinggevende en medewerkers, langs de dynamiek van de middenmanager, naar het functioneren van crisisteams in noodsituaties. En twee hoofdstukken over wat een team nodig heeft in een transitieperiode en de spanningen tussen teams in een gemeentelijke organisatie.

Ga spanningen niet uit de weg

Het onderwerp tweebenig samen werken wordt vanuit velerlei hoeken belicht en breed verkend in dit boek. Mogelijk tref je daardoor een essay, column of interview dat voor jou als lezer minder bij je achtergrond, werkomgeving of interesse aansluit. Dat maakt het boek echter niet minder interessant. Je kunt kiezen je blik te verbreden of een hoofdstuk te skippen zonder dat daarbij de waarde van het boek voor jou verloren gaat. Wil je je eigen spanning doorgronden? Of ben je wellicht nieuwsgierig hoe tweebenig je zelf bent? Wil je weten wat jouw sterkste been is? Je komt het allemaal te weten in Tweebenig samen werken. Het boek leest makkelijk weg en is een appél om spanningen niet langer uit de weg te gaan, maar ze aan te grijpen voor vernieuwing en creativiteit.

Rijk Binnekamp is een ervaren trainer / coach en organisatieadviseur met belangstelling voor de menskant van organisaties en een focus op leiderschap. Mensen en teams begeleiden in hun groei en ontwikkelproces is zijn passie. Deze recensie verscheen eerder op www.managementenconsulting.nl


Verschillen liggen aan de basis van succesvolle samenwerking
5 april 2018 | Bert Peene

Samenwerken is niet ondanks, maar dankzij verschillen succesvol, zeker wanneer het om samenwerking tussen organisaties gaat. Dat is de belangrijkste boodschap van een verzameling essays, columns, interviews en (andere) praktijkverhalen die onder redactie van Twynstra Gudde-adviseurs Martine de Jong, Has Bakker en Fieke Robeerst gepubliceerd werd met als titel Tweebenig samenwerken.

Zij nemen daarmee afstand van de bekende mutual-gains-benadering van Evers en Susskind (2006), die krachtig inzet op win-win: het zoeken naar de best mogelijke oplossing voor iedereen. Te beperkt, oordelen zij in navolging van systeemdenker Adam Kahane; met gelijkgestemde partijen en personen gaat samenwerken weliswaar gemakkelijker en sneller, maar is de zoekruimte beperkter. Juist ‘het eigene van de ander’ kan een belangrijke toegevoegde waarde leveren.

De expertise van samenstellers en auteurs lijkt vooral betrekking te hebben op de samenwerking tussen publiek en privaat; een groot deel van de bijdragen gaat namelijk over pogingen van gemeentelijke en andere (semi) overheden om samen met stakeholders hun maatschappelijke meerwaarde te optimaliseren. Daarbij gaat het om vragen als: mag je een initiatiefnemer financieren zonder daaraan voorwaarden te verbinden, en kun je een samenwerkingsproces starten zonder interne opdracht?  Daarvoor blijkt ‘tweebenigheid’ een belangrijke voorwaarde. Tweebenigheid is het vermogen verschillende ziens-, denk- en werkwijzen te begrijpen en te verbinden en van daaruit groepen te motiveren tot samenwerking. Tweebenige spelers of ‘grenswerkers’ zijn de professionals die met één been in de eigen (overheids)organisatie staan en met het andere been buiten in net netwerk van betrokken partijen en personen. Ze hebben de opdracht de interne systematiek steeds weer te verbinden met de externe dynamiek zodanig dat die elkaar versterken in plaats van beperken. Een keus voor een van beide partijen brengt hen namelijk niet dichter bij de oplossing; beide polen zijn nodig om effectief te handelen en het ongemak dat daarbij hoort, te verdragen.

En ongemakkelijk is het in grenssituaties zeker. Partijen kunnen totaal verschillende doelen nastreven, waardoor collega’s zich met verschillende partijen associëren en andere werkwijzen hanteren. Daarnaast komen spanningen vaak op één plaats in de organisatie aan de oppervlakte, maar zijn ze ontstaan in of raken ze aan meerdere niveaus of afdelingen. Grenswerkers – ze heten overigens doorgaans anders, bijvoorbeeld omgevingsmanager, buurtregisseur  of participatieprofessional – moeten met name daarmee kunnen omgaan; denken in paradoxen, zoals het in Tweebenig samenwerken  heet.

Wat dat betekent, werd mij eerlijk gezegd niet meteen duidelijk. De Jong, die het openingsessay schreef, heeft het over ‘zigzaggen’ en ‘laveren’, maar veel  concreter wordt ze niet. Andere bijdragen zijn in dat opzicht wat duidelijker, zeker de praktijkverhalen. Tweebenigheid blijkt in de praktijk zo veel als evalueren en bijsturen, herkaderen, masseren, in de week leggen, ritselen en soms kiezen voor de een,en dan weer voor de ander. En dat altijd met ‘de bedoeling’ in het achterhoofd. Want iedere discussie of keus, hoe lastig ook, moet altijd terug te voeren zijn tot die ene vraag: wat was ook al weer de bedoeling?

‘Met dit boek hopen we een aantal mythes rond samenwerken te ontmaskeren,’ schrijft De Jong aan het eind van haar bijdrage. De belangrijkste mythe lijkt dan het idee dat interorganisationeel samenwerken een soepel en liefst foutloos proces is, waarin je zo snel mogelijk van A naar B moet, van Ist naar Soll. Daarmee verlies je echter het belang van de overgangsfase uit het oog, schrijft ze. Dat is weliswaar een gebied met veel ‘gedoe’, maar juist dat creëert ruimte voor dialoog en verandering. Grenswerkers moeten daarom leren omgaan met spanningen tussen bijvoorbeeld regelen en ontregelen, gelijk behandelen en verschil maken en tussen leiden volgen. Volgens De Jong wordt dat zelfs de belangrijkste competentie voor professionals.

Tweebenig samenwerken is een opmerkelijk boek, al was het alleen al door zijn bijzondere vormgeving. Het telt veertig bijdragen, die zowel beschouwend als praktisch van aard zijn. Daarmee wordt de lezer voorzien van ‘food for thought’ én van handige tools, zoals tests waarmee je je tweebenigheid kunt bepalen, de beleidsacht en ‘handreikingen voor de effectieve ritselaar’. In hoeverre al die essays, interviews en columns daadwerkelijk de mythe van een vlekkeloos samenwerkingsproces ontkrachten, zal echter afhangen van wat de lezer aan kennis en ervaring in huis heeft. Want over het gedoe in de ‘tussenruimte’ is heus al wel meer geschreven: hoe het eruitziet, hoe het ontstaat en hoe je er op een positieve manier gebruik van kunt maken.


Martine de Jong, Has Bakker, Fieke Robeerst
Tweebenig samen werken

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden