Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
22 juli 2019 | Peter de Roode

Na Je binnenste buiten’ dat een theoretische aanpak heeft, komen Manon Ruijters en haar mede-auteurs in Mijn binnenste buiten met een meer praktische insteek.

Mijn binnenste buiten zal veel professionals aanspreken. Het is zeer toegankelijk, en bevat veel voorbeelden. En gelukkig hoef je het vorige boek niet gelezen te hebben. Bovendien is het onderwerp voor vrijwel iedereen relevant: de auteurs proberen een antwoord te geven op de vraag wat jou je eigen kleur geeft in je werk.

Het hoofdthema van dit boek is ‘professionele identiteit’. Over de mens in het algemeen met diens karaktertrekken en persoonlijkheidseigenschappen weten we best veel, maar we weten veel minder van de mens als professional. Dit boek probeert dat braakliggende terrein verder te verkennen en te ontginnen.

De rechterpagina’s in het boek bevatten informatie, de linkerpagina’s zijn voorzien van vragen en foto’s. Dit maakt het wat mij betreft goed verteerbaar.

Het belang van het onderwerp ‘professionele identiteit’ is gelegen in het feit dat mensen die een goed beeld van zichzelf hebben, veel minder speelbal van anderen zijn. Ze hebben ook veel minder last van stress en depressies. Voorwaar geen verkeerde uitkomsten. Dat roept de vraag op: Hoe doe je dat dan: inzicht verkrijgen in je eigen professionaliteit? De vele vragen in dit boek helpen de lezer die vraag te beantwoorden. Toch biedt Mijn binnenste buiten geen stappenplan en is het niet het zoveelste how to-book.

Een interessant aspect van identiteit is je ‘persoonlijke zelf’ dat los staat van je professie. De auteurs beroepen zich hier op de psycholoog William James, die stelt dat er het persoonlijke zelf bestaat uit drie onderdelen: het materiele zelf, het sociale zelf en het spirituele zelf. Wanneer we dan inzoomen op het ‘materiele zelf’, dan lezen we dat dit concept gaat over begrippen als betrokkenheid, verantwoordelijkheid en eigenaarschap. Begrippen waar menige organisatie mee bezig is. Maar zouden die organisaties de link hebben gelegd naar professionele identiteit? En zo ja, wat kunnen ze dan met dat inzicht?

Volgens Ruijters c.s. gaat eigenaarschap om alles waar je ‘mijn’ voor kunt zetten en waar je voor wilt zorgen. Onze kleding, ons uiterlijk, de manier waarop we ons presenteren spelen daarbij allemaal een rol. We kennen allemaal mensen die goed in hun vak zijn, maar slordig zijn qua kleding of voorkomen. De auteurs schrijven daarover: ‘Over het algemeen vinden we ‘slecht’ geklede mensen minder competent’. Des te interessanter om eens met collega’s in gesprek te gaan over je uiterlijk. Ongemakkelijk? Zeker! Maar dat is onvoldoende reden om een dergelijk gesprek uit de weg te gaan. Want over gesproken wordt er toch, alleen dan niet waar jij bij bent. In Mijn binnenste buiten staan  suggesties hoe je dat aanpakt.

Zo begin je als professional laagje voor laagje zicht te krijgen op aspecten die van invloed zijn op je professionele identiteit. Vragen als: ‘Met wie ga je om?’ En: ‘Wat zet jou in beweging?’, zijn daarbij ondersteunen. En die vragen gaan verder dan alleen kennis over je vakgebied. Natuurlijk speelt inhoud een grote rol, maar zelfkennis en kennis van de context maken ook deel uit van het ‘professionele zelf’.

Aangenaam verrast was ik door de concretisering van het model van Erikson. Dat model was weliswaar reeds behandeld in Je binnenste buiten, maar meer dan een abstract model was het niet voor mij. Nu worden er op de linkerbladzijden verdiepende vragen gesteld die het model meer concreet maken.

Mijn binnenste buiten is kortom een toegankelijk boek dat praktische toepassingen mogelijk maakt.


Mijn Binnenste Buiten
22 juli 2019 | Peter de Roode

strong>Na Je binnenste buiten’ dat een theoretische aanpak heeft, komen Manon Ruijters en haar mede-auteurs in Mijn binnenste buiten met een meer praktische insteek.

Mijn binnenste buiten zal veel professionals aanspreken. Het is zeer toegankelijk, en bevat veel voorbeelden. En gelukkig hoef je het vorige boek niet gelezen te hebben. Bovendien is het onderwerp voor vrijwel iedereen relevant: de auteurs proberen een antwoord te geven op de vraag wat jou je eigen kleur geeft in je werk.

Het hoofdthema van dit boek is ‘professionele identiteit’. Over de mens in het algemeen met diens karaktertrekken en persoonlijkheidseigenschappen weten we best veel, maar we weten veel minder van de mens als professional. Dit boek probeert dat braakliggende terrein verder te verkennen en te ontginnen.

De rechterpagina’s in het boek bevatten informatie, de linkerpagina’s zijn voorzien van vragen en foto’s. Dit maakt het wat mij betreft goed verteerbaar.

Het belang van het onderwerp ‘professionele identiteit’ is gelegen in het feit dat mensen die een goed beeld van zichzelf hebben, veel minder speelbal van anderen zijn. Ze hebben ook veel minder last van stress en depressies. Voorwaar geen verkeerde uitkomsten. Dat roept de vraag op: Hoe doe je dat dan: inzicht verkrijgen in je eigen professionaliteit? De vele vragen in dit boek helpen de lezer die vraag te beantwoorden. Toch biedt Mijn binnenste buiten geen stappenplan en is het niet het zoveelste how to-book.

Een interessant aspect van identiteit is je ‘persoonlijke zelf’ dat los staat van je professie. De auteurs beroepen zich hier op de psycholoog William James, die stelt dat er het persoonlijke zelf bestaat uit drie onderdelen: het materiele zelf, het sociale zelf en het spirituele zelf. Wanneer we dan inzoomen op het ‘materiele zelf’, dan lezen we dat dit concept gaat over begrippen als betrokkenheid, verantwoordelijkheid en eigenaarschap. Begrippen waar menige organisatie mee bezig is. Maar zouden die organisaties de link hebben gelegd naar professionele identiteit? En zo ja, wat kunnen ze dan met dat inzicht?

Volgens Ruijters c.s. gaat eigenaarschap om alles waar je ‘mijn’ voor kunt zetten en waar je voor wilt zorgen. Onze kleding, ons uiterlijk, de manier waarop we ons presenteren spelen daarbij allemaal een rol. We kennen allemaal mensen die goed in hun vak zijn, maar slordig zijn qua kleding of voorkomen. De auteurs schrijven daarover: ‘Over het algemeen vinden we ‘slecht’ geklede mensen minder competent’. Des te interessanter om eens met collega’s in gesprek te gaan over je uiterlijk. Ongemakkelijk? Zeker! Maar dat is onvoldoende reden om een dergelijk gesprek uit de weg te gaan. Want over gesproken wordt er toch, alleen dan niet waar jij bij bent. In Mijn binnenste buiten staan  suggesties hoe je dat aanpakt.

Zo begin je als professional laagje voor laagje zicht te krijgen op aspecten die van invloed zijn op je professionele identiteit. Vragen als: ‘Met wie ga je om?’ En: ‘Wat zet jou in beweging?’, zijn daarbij ondersteunen. En die vragen gaan verder dan alleen kennis over je vakgebied. Natuurlijk speelt inhoud een grote rol, maar zelfkennis en kennis van de context maken ook deel uit van het ‘professionele zelf’.

Aangenaam verrast was ik door de concretisering van het model van Erikson. Dat model was weliswaar reeds behandeld in Je binnenste buiten, maar meer dan een abstract model was het niet voor mij. Nu worden er op de linkerbladzijden verdiepende vragen gesteld die het model meer concreet maken.

Mijn binnenste buiten is kortom een toegankelijk boek dat praktische toepassingen mogelijk maakt.


Mijn Binnenste Buiten - 'Een genot om in te grasduinen'
15 mei 2019 | Nico Jong

In 2015 verscheen Je Binnenste Buiten van Manon Ruijters (e.a.), een omvangrijk erudiet boek over professionele identiteit in organisaties, dat niet voor iedereen is weggelegd.

De auteurs van Je Binnenste Buiten ontwikkelden op basis van interviews met professionals uit verschillende beroepsgroepen en literatuuronderzoek een model voor professionele identiteit. Steeds vaker kregen de schrijvers vragen hoe je daaraan kunt werken en of er werkvormen en instrumenten beschikbaar waren. Onder elkaar sloegen ze aan het experimenteren en lieten ze klanten, collega’s en relaties meewerken en bijdragen. Het resultaat is Mijn Binnenste Buiten.

In dit boek is de praktijk het uitgangspunt voor de auteurs. De praktijk die ze zo toegankelijk mogelijk, op een verhalende manier beschrijven en verlevendigen met voorbeelden en vragen. Met als doel een boek te bieden dat je helpt je eigen professionele identiteit te verkennen. Een boek ook voor verschillende typen lezers, met een gevarieerde inhoud: toelichting, korte verhalen, vragen en suggesties om reflectie op de eigen professionele identiteit te stimuleren. Stappenplannen staan er echter niet in.

Na de inleiding volgt een hoofdstuk over wat een professional is en een hoofdstuk over identiteit. Daarna volgen de auteurs hun PI-model: Wie ben jij als mens? Wie ben jij als professional? Hoe verhoud je je tot jouw collega’s? Hoe word je gevormd door je organisatie of je vak? Professionele identiteit is namelijk het kruispunt van wie je bent, wat je doet, in welke werkomgeving, met welke ontwikkeling. De hoofdstukken beginnen met een persoonlijk verhaal van een van de auteurs, gevolgd door een inhoudelijke verdieping, vragen, verkenningen, dialoogvormen en gesprekssuggesties. Opvallend is dat het doorlopende verhaal op de rechterpagina’s staat en op de linkerpagina’s staan handreikingen voor persoonlijk onderzoek of een goed gesprek met andere professionals. Het voorlaatste hoofdstuk gaat over professionele ontwikkeling en het slothoofdstuk vat de theorie nog eens bondig samen en biedt een overzicht van alle vragen die je jezelf kunt stellen om je professionele identiteit scherp te krijgen.

Het is een genot om in Mijn Binnenste Buiten te grasduinen. De gevarieerde inhoud en de aantrekkelijke vormgeving maken het tot een uitermate aantrekkelijk geheel. De auteurs hebben zich onderweg laten trainen om essayistisch te schrijven en dat werpt zijn vruchten af. Een heel bijzonder boek!

Nico Jong is senior adviseur bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.


Mijn binnenste buiten – 'Boek dat je helpt met de reis naar binnen'
1 mei 2019 | Daan Scheffers

Mijn Binnenste Buiten is de praktische opvolger van het theorieboek Je binnenste buiten, over het model van professionele identiteit. Een prettig leesbaar boek dat je op een speelse wijze ongemerkt meeneemt op een reis van introspectie en professionele bezinning.

Mijn Binnenste Buiten is een gemakkelijk leesbare introductie op het onderwerp van professionele identiteit met een introspectieve parallel. Deze opzet vraagt van de lezer wel een inspanning door het constant moeten schakelen tussen de vlot geschreven inhoud en de scherpe vragen die nopen tot zelfreflectie.

Opzet

Inhoudsgewijs neemt het boek je mee door het model van professionele identiteit. Zo start het boek met het ‘persoonlijke zelf’ en het ‘professionele zelf’. Vervolgens werkt het verder naar het ‘professionele frame’ en ‘institutionele frame’ waarin we ons bevinden als professionals. Het boek heeft aan de voorkant een handige flap met een schematisch overzicht van het model. Tussen het lezen door kan je hier eenvoudig op teruggrijpen voor het overzicht.

Rijk aan theorie

De schrijvers weten binnen het model van professionele identiteit een keur aan brillen en methode aan te reiken.

Een mooi voorbeeld is de vierde dimensie van luisteren, het generatief luisteren waar Manon Ruijters over schrijft. Dit was voor mij een nieuw concept om mee aan de slag te gaan. Ik vind soms best een uitdaging om empathisch te luisteren (3e dimensie). Met dit model en de toepassing van de 4e dimensie kan ik mijn eigen professionele identiteit verder ontwikkelen.

Praktisch

Het praktische karakter van het boek komt op twee manieren duidelijk naar voren. De theorie wordt op de rechterpagina’s kort, bondig en overwegend vlot geschreven. Op elke linker pagina staat een set vragen, een quote of een verhaal die je helpen op de weg naar ‘binnen’.  Die tweedeling in het boek vond ik soms best lastig. Lees ik bevlogen door om meer kennis op te doen of sta ik stil en neem ik de tijd om de vragen op de linker pagina zo eerlijk mogelijk aan mezelf te beantwoorden?

Meerdere schrijvers

Hoewel Manon Ruijters meeschrijft en de eindredactie voert is dit in feite een samenstelling van stukken geschreven door verschillende professionals. De doorlopende veranderende schrijfstijl valt in eerste instantie niet op maar geeft het boek bij vlagen wel een wat staccato karakter. Wellicht is dit persoonlijke smaak, maar wat mij betreft ook de enige kanttekening bij een verder overwegend positieve leeservaring.

Conclusie

Al met al is het de schrijvers gelukt om een praktisch en tegelijkertijd inhoudelijk boek samen te stellen. De dynamiek hiertussen kost de lezer soms een flinke inspanning, maar voorkomt dat de praktische inslag ten koste gaat van de kennis en ervaring die de schrijvers inbrengen. Mijn binnenste buiten nodigt uit tot en faciliteert de reis naar binnen met prikkelende vragen en goedgekozen spiegelverhalen.

Daan Scheffers is adviseur bij Adviestalent. Adviestalent leidt jonge talentvolle academici op tot breed inzetbare adviseurs en managers. Adviestalent is een initiatief van Twynstra Gudde.


Handreiking voor een mooi gesprek over professionele identiteit
9 april 2019 | Bert Peene

Het PI-model helpt professionals bij het zelfonderzoek en de kritische reflectie waartoe de overgang naar een nieuwe ontwikkelingsfase hen uitdaagt. In de praktijk blijkt dat lastig. Daarom schreef Manon Ruijters bij Je Binnenste Buiten een praktische verdieping: Mijn Binnenste Buiten.

Professionele identiteit is volgens Manon Ruijters het hart van de professionele ontwikkeling. Het vergeten hart, wel te verstaan, en dat is jammer want een professional merkt pas dat hij een professionele identiteit heeft bij crises en ‘desoriënterende dilemma’s’. Dan helpt het als je weet ‘waar je van bent’ en hoe zich dat verhoudt tot wat er in een nieuwe situatie van je wordt verwacht.

In Je Binnenste Buiten (2014), dat Ruijters samen met collega’s van de Onderzoeksgroep Professionele Identiteit van Aeres Hogeschool schreef, ontwikkelde zij een model waarin de verschillende aspecten van professionele identiteit zijn ondergebracht. Dit zgn. PI-model wil professionals helpen bij het zelfonderzoek en de kritische reflectie waartoe de overgang naar een nieuwe ontwikkelingsfase hen uitdaagt. In de praktijk blijkt dat echter verre van eenvoudig en daarom schreven ze bij Je Binnenste Buiten - Over professionele identiteit in organisaties een praktische verdieping: Mijn Binnenste Buiten.

Voor we op dat praktijkboek inzoomen, is het goed nog even stil te staan bij wat Ruijters et al onder een crisis verstaan. Ze baseren zich daarbij met name op de ideeën van de Duitse ontwikkelingspsycholoog Erik Erikson voor wie iedere carrièrestap een crisis is. Of beter gezegd: tot een crisis leidt, zeker als zo’n stap een radicale perspectiefwijziging inhoudt. Bijvoorbeeld doordat je een andere of veel meer verantwoordelijkheid krijgt of je rol binnen de organisatie verandert. Zo’n ‘crisis’ wordt gekenmerkt door worsteling en een gevoel van onzekerheid; ze maakt je kwetsbaar. In positieve zin kan zij echter leiden tot positieve transformatie ofwel vergroting van inzicht en professionele ontwikkeling. Voorwaarde is wel dat de professional in kwestie voldoende tijd maakt voor zelfonderzoek en kritische reflectie. Waar ben ik van of wil ik van zijn, wat kenmerkt mij en geeft mij mijn professionele kleur, waarmee en met wie wil ik mij verbinden?

Nu is reflecteren niet echt gemakkelijk. Het begint met een terugblik op het eigen gedrag in een betekenisvolle situatie; een ‘crisis’ dus of een ‘desoriënterend dilemma’. Daarbij moet je bereid zijn ook je minder aangename of functionele trekjes onder ogen te zien, accepteren dat je ze hebt en vervolgens een keus maken hoe je ermee om wilt gaan. Volgens onderwijskundige Fred Korthagen gaat reflecteren om weten wat je doet, waarom je het doet, waarom op deze manier en niet anders, wat je ermee wilt bereiken en welke gevolgen jouw handelen heeft voor jou en voor anderen.

Op zich biedt ook Je Binnenste Buiten al wel mogelijkheden tot zelfreflectie. In hoofdstuk 6, waarin Manon Ruijters na een lange aanloop het PI-model beschrijft, zijn meerdere zgn. ontwikkelnotities opgenomen, vragen die kunnen helpen bij een eerste verkenning van de diverse aspecten van professionele identiteit. Die vragen komen ook terug op de dialoogkaarten die bij het boek besteld kunnen worden. Volgens het voorwoord in hun nieuwste boek blijkt dat echter niet genoeg om daadwerkelijk met het verkennen van de eigen professionele identiteit aan de slag te gaan. Opmerkelijk genoeg bekennen de auteurs dat ook zij die vraag naar een praktische vertaling niet goed konden maken. En zo was het idee voor een nieuw boek geboren.

Wie daarin op zoek gaat naar werkvormen, checklists en andere praktische hulpmiddelen, komt echter bedrogen uit. De auteurs hebben het meer gezocht in wat zij ‘iets narratiefs’ noemen. In het boek wisselen praktijkverhalen, korte stukjes theorie, uitnodigingen en persoonlijke vragen elkaar af en dat maakt het lezen een stuk spannender dan het vorige boek. Dat hoef je overigens niet gelezen te hebben om samen met Ruijters en haar collega’s een leerzame reis te maken naar ‘waar je van bent’; het PI-model wordt gewoon nog eens uitgelegd. Daarbij zijn ook verwijzingen naar betekenisvolle situaties niet vergeten; ook in die zin is dit boek praktischer dan zijn voorganger.


Manon Ruijters, Gerritjan van Luin, Freerk Wortelboer
Mijn Binnenste Buiten

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden