Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
Het Werkt! - Hoe zorginstelling Philadelphia meer doet met minder regels
14 maart 2017 | Gyuri Vergouw

Je moet maar durven, een boek schrijven waarin de hoofdrolspelers namen dragen als Han van Esch, Greet Prins, Klaas Smit, Henk Stoel en Gabriel Zwart. Toch is dat wat Johan Faber met Het werkt! heeft gedaan.

In de stroom aan artikelen, pamfletten en overige publicaties over de problemen in de zorg is Het werkt! een lezenswaardige uitzondering.  De door Faber op prettige wijze beschreven case study behandelt het veranderproces van zorginstelling Philadelphia. Over hoe een organisatie terug ging naar De bedoeling en hoe minder regels en geleuter leidde tot betere zorg. Het kan anders en die verandering hoeft niet altijd geld te kosten, laat staan bewerkstelligd te worden door nog meer managementlagen in te zetten.

Johan Faber is een auteur die naar mijn mening wel eens wat meer aandacht mag krijgen. Na in de jaren nul diverse sportboeken te hebben geschreven, waaronder San Marco (over Marco van Basten, al een kunst op zich) en Alpe D’Huez (lees mijn recensie uit 2007) volgden meer literaire werken als het bekroonde De Veteraan. Je mag daarom verwachten dat Het werkt! soepel weg leest en Faber stelt niet teleur. Met een fijne pen schetst hij hoe de zorginstelling Philadelphia het heft weer in eigen hand neemt. Kernvraag blijkt de zin te zijn die een directeur van de organisatie zich stelt na een bezoek aan een woongroep: deed hij er als manager eigenlijk nog wel toe? Hij zag dat zijn cliënten hem eigenlijk helemaal niet nodig hadden. Dit besef en vele initiatieven zorgen ervoor dat de zorginstelling stap voor stap regelarm(er) is geworden.

Het werkt! is een mooie toevoeging aan de Nederlandse managementliteratuur die zich richt op het beschrijven van succesvolle case studies en waar verandermanagement centraal staat. Het boek ligt in het verlengde van het werk van Willem Mastenbroek (Verandermanagement) en Gooi het roer om! In geen van deze boeken is sprake van hoogdravende methoden en technieken die organisaties naar het management-walhalla leiden, het gaat juist om managers en medewerkers die terug durven te gaan naar de kern. Waar gaat het echt om? Verantwoordelijkheid geven en nemen op de plekken waar het er toe doet. De cliënten centraal stellen. Luisteren naar diezelfde cliënten. En stoppen met het dichttimmeren van alles en nog wat om zogenaamde risico’s uit te bannen. Opmerkelijk is wel dat bijvoorbeeld het werk van Mastenbroek in de jaren negentig van de vorige eeuw nog tot pittige gesprekken aanleiding gaf omdat het boek het nut van stuurgroepen, projectgroepen, managementmodes en dergelijke ter discussie stelde. Nu blijkt dat een dergelijke benadering gezien kan worden als deel van de oplossing voor de problemen in de zorg. Hetgeen mijn stelling lijkt te onderbouwen dat het vaak 10-15 jaar duurt voordat baanbrekende gedachten tot een werkelijke doorbraak leiden.

Het werkt! is een aanrader voor iedereen die werkzaam is in de zorg, of je hier nu privé of zakelijk mee te maken krijgt. Faber slaagt er als relatieve buitenstaander in de essentie van ‘goed zorgmanagement’ te raken.

Gyuri Vergouw is management consultant, trainer, auteur van o.m. Het dodo-effect en interim-manager. Deze recensie verscheen eerder op www.1minutemanager.nl


Het werkt! - Meer doen met minder regels
14 februari 2017 | Justin van Lopik

Zorgorganisatie Philadelphia ging terug naar de kern door zichzelf grondig de vraag te stellen: voor wie doen wij ons werk eigenlijk? Een omslag in denken en werken die in de hele organisatie leidt tot ‘meer doen met minder regels’. Over de aanpak van Philadelphia verscheen het boek Het werkt! dat in januari op een groot congres over zelforganisatie werd gepresenteerd.

De zorg lijkt een hopeloos gecompliceerd woud aan regels, protocollen en nog meer betrokken instanties, met of zonder afkorting: zorgkantoren, toezichthouders, inspectie. Schoon schip maken in zo’n jungle lijkt onbegonnen werk, maar het kan. Hoe ze dat bij zorgorganisatie Philadelphia doen, is te lezen in Het werkt! De vele voorbeelden in dit boek zijn allemaal te herleiden tot vier simpele woorden: gebruik je gezond verstand.

Voor alle medewerkers in de zorg is het wel herkenbaar. Managers hebben de kennelijk onbedwingbare neiging om het denkwerk van zorgprofessionals over te nemen, om voor te schrijven hoe en wanneer te handelen en dit vast te leggen in uitdijende regels en richtlijnen. Met alle gevolgen van dien.

Want te veel regels en nadruk op het naleven daarvan geeft rare praktijken. Beroemd binnen Philadelphia is het voorbeeld van het bijhouden van het Haccp-regime voor de horeca en de voedselproductie. Medewerkers moesten dagelijks de temperatuur van de koelkast en vriezer controleren en invullen op een lijst. Bij een van de locaties liep de temperatuur van de vriezer op een bepaald moment op tot 19 graden Celsius. Dit werd dagenlang keurig genoteerd, zonder dat iemand op het idee kwam er ook iets aan te doen. Na enkele dagen kon het ontdooide voedsel de vuilnisbak in. Maar de lijst klopte, dus strikt genomen deed niemand iets verkeerd.

Hoe doorbraken ze dit regeldenken bij Philadelphia? Dat begon bij Gerrit Leene, regiodirecteur Oost, die was uitgenodigd voor de maaltijd bij cliënten thuis. Het werd een gezellige avond, maar op de terugweg overdacht Gerrit zijn eigen toegevoegde waarde en voelde zich behoorlijk opgelaten. Een flink deel van het zorggeld ging naar overhead, papierwerk, leaseauto’s. En maakte hij nu verschil? Het eerlijke antwoord was: ‘nee’.

Het was het begin van het omdenken bij Philadelphia en een proef voor regelarme zorg. Om iedereen hier kennis mee te laten maken werd een theaterstuk vol ‘eyeopeners’ geschreven: De Bedoeling. Toen ze de voorstelling speelden in een ziekenhuis, zei een arts: ‘We moeten leren om weer gast te zijn in het leven van de patiënt.’ Dat is volgens Gerrit Leene de spijker op z’n kop. Philadelphia werkt inmiddels een aantal jaar ‘regelarm’ en Het werkt! is daarvoor een vrij uitvoerige, maar inspirerende gids.

Anne-Marie Klaassen

Dit is een ingekorte versie van een recensie in vakblad Klik – editie 1 2017. Lees hier het volledige artikel.


Het werkt!
7 februari 2017 | Arie Buvens

Waarom is de zorg zo ingewikkeld? Vooral het zorgsysteem. Om dat te verduidelijken, schrijft Johan Faber, moet je denken aan een spel, waarbij niet alleen het speelveld zelf voortdurend verandert, maar ook het aantal spelers en de spelregels, die op hun beurt weer verschillend worden geïnterpreteerd door meerdere scheidsrechters.

Philadelphia, één van de grootste zorginstellingen voor mensen met een verstandelijke beperking, kan daarover meepraten. Vlak voor de financiële crisis in 2008, fuseerde Philadelphia met de EVEAN-groep tot ESPRIA, waar ook de corporatie Woonzorg Nederland deel van uitmaakte. Totale begroting 1,4 miljard euro, 38.000 medewerkers, 224.000 cliënten, 1000 locaties verdeeld over 230 gemeenten. Al snel bleken er grote tekorten bij Philadelphia te zijn. De aankoop van een kasteeltje haalde het NOS journaal. De Raad van Bestuur trad af. De Tweede Kamer gaf de Minister, destijds Ella Vogelaar, opdracht om de fusie te verbieden. In 2009 trad Philadelphia uit ESPRIA. Onder leiding van Greet Prins, de nieuwe bestuursvoorzitter, werden de organisatie en bestuur sterk vereenvoudigd en werd de overhead gesaneerd. Toen in 2010 het eerste kabinet Rutte in het regeerakkoord schreef dat ‘de verpleging en verzorging hun vak terug moeten krijgen zonder overbodige administratieve belasting’, en het Ministerie daarop in 2011 met het Experiment Regelarme Instellingen begon, werden 28 instellingen geselecteerd. Philadelphia was een van die 28. Dit boek, dat terecht, op de achterflap, een managementboek om blij van te worden, wordt genoemd, beschrijft aan de hand van de ervaringen van vele medewerkers en cliënten, hoe het project Regelarm is verlopen. Boeiend beschreven door Johan Faber. 

‘Als ik één ding heb onthouden van mijn gesprekken met begeleiders van Philadelphia, de mensen van de werkvloer dus, dan is dat geen algemeen principe van Goede Zorg, geen hoogdravend visioen over de toekomst van langdurige zorg, maar gewoon een praktisch advies. Gebruik. Je. Gezond. Verstand. Het klinkt niet spectaculair. Het klinkt zelfs een tikkeltje banaal. Maar voor veel medewerkers in de zorg is die gedachte bevrijdend. Want in de zorg is ‘je gezond verstand gebruiken’ lange tijd ontmoedigd.’ Bij Philadelphia begon het project Regelarm bij de directeur van regio Oost: Gerrit Leene. Hij was op een avond uitgenodigd bij een locatie in Hengelo. Cliënten wilden hem met een etentje bedanken voor de opfrisbeurt van hun gezamenlijke huiskamer. Toen hij die avond huiswaarts keerde, dacht hij: dit is het! Hier gaat het om, zo'n groepje cliënten dat in harmonie leeft, dat mooie gesprekken voert, dat samen woont als ieder ander gezin. Daar doen we het voor! En vervolgens vroeg hij zich af, wat zijn toegevoegde waarde in dit alles was. En dat van de rest van het management. Hoe maken wij het verschil voor onze cliënten? Zo startte het project Regelarm. En zo begon hij aan een eerste inventarisatie van overbodige of hinderlijke regels. Het bleek dat die niet alleen uit Den Haag of van de Inspectie kwamen. Nee, de meeste kwamen uit de eigen organisatie.

Het boek beschrijft zeer invoelend, hoe vervolgens het project Regelarm in de hele organisatie wordt uitgerold. Doordat Johan Faber dat doet door interviews met een groot aantal medewerkers, ontstaat er een mooi genuanceerd verhaal. Geen verhaal van enkel successen, Nee, veel valkuilen en uitglijders worden vermeld. Want niet iedereen zit, in tijden van krimpende budgetten, te wachten op meer verantwoordelijkheid. En dat was toch het uiteindelijke doel van het project Regelarm: meer vrijheid, meer verantwoordelijkheid en meer (zelf) vertrouwen. Het vervolgproject: zelforganisatie en nog minder regels, moet dit jaar 2017 formeel zijn voltooiing krijgen. Dan zal het natuurlijk niet ''af’ zijn. Dit soort processen gaan altijd door. Het is inspirerend te lezen hoe Philadelphia het aanpakt. Mooi opgeschreven door Johan Faber. Het werkt! is een managementboek om blij van te worden.

Arie Buvens heeft sinds 2003 zijn eigen adviespraktijk: Interim adviespraktijk Buvens Bv.
Na een carrière in de vakbeweging was hij twintig jaar werkzaam in directionele en bestuurlijke functies in de (geestelijke) gezondheidszorg.


Het Werkt! - Hoe zorginstelling Philadelphia meer doet met minder regels
30 januari 2017 | Sjors van Leeuwen

De zorg is een roerige sector. Bezuinigingen, marktwerking, bureaucratie, vermaatschappelijking van zorg, personeelstekorten en kritischer wordende zorgconsumenten vergen het uiterste van zorginstellingen. Om te overleven gooide zorginstelling Philadelphia een paar jaar geleden radicaal het roer om. In Het werkt! lees je het opmerkelijke verhaal van de bedoeling, de beweging en het resultaat. 

Journalist Johan Faber vertelt in Het werkt! het boeiende verhaal van Philadelphia waarin de organisatie op zoek gaat naar het antwoord op de vraag: voor wie doen we ons werk eigenlijk? Dus terug naar de kern, terug naar de bedoeling en meer doen met minder regels. Philadelphia is een van de grootste zorginstellingen van het land voor mensen met een verstandelijke beperking. Om een idee te geven: Philadelphia heeft 7500 cliënten, 6300 medewerkers en 500 kleinschalige locaties over het hele land verspreid. Met in 2015 een jaaromzet van 360 miljoen euro en een positief resultaat van 5,6 miljoen euro.

In 2008 brak ook bij Philadelphia de fusiegekte los en had men het megalomane plan om te gaan fuseren met Evean en Woonzorg Nederland tot het megaconglomeraat Espria. Al snel bleek dat Philadelphia in serieuze financiële problemen verkeerde. Na een flinke interne crisis verdween de Raad van Bestuur en was de fusie van tafel. In 2009 trad een nieuwe bestuursvoorzitter aan die voortvarend begon met de opbouw van ‘Het nieuwe Philadelphia’.

Naast grote bezuinigingen en reorganisaties moest Philadelphia zich ook weer concentreren op haar kernactiviteit, de zorg voor cliënten met een beperking. Dat was men door alle regeldrukte en fusieperikelen een beetje uit het oog verloren. Tegelijk werd ook gestart met het project ‘regelarme zorg’. De bedoeling daarvan is flink snoeien in het woud van regels en protocollen zodat medewerkers weer hun vak kunnen uitoefenen, cliënten activeren en uitdagen en het sociale netwerk rond de cliënt mobiliseren. Zelf je gezond verstand gebruiken in plaats van blind afvinken van lijstjes en volgen van onnodige protocollen. Dit alles is natuurlijk gemakkelijker gezegd dan gedaan in zo’n enorme, gedecentraliseerde en traditioneel georganiseerde zorginstelling. Op de vingers gekeken door inspecties, zorgkantoren, cliëntenverenigingen, media, etc.

De auteur schrijft in Het Werkt! op boeiende wijze de omslag die Philadelphia vanaf 2009 heeft doorgemaakt. Zonder dat er bij de start een groot masterplan of blauwdruk van het eindplaatje lag. Het was in de praktijk meer evolutie dan revolutie. Dan ging het weer snel, dan lag het weer een tijdje stil. Soms een stap terug om twee stappen vooruit te maken. Met enthousiaste koplopers, maar ook met sceptische kat-uit-de-boom kijkers. De auteur laat zien dat dit soort grote veranderingstrajecten minder maakbaar zijn dan vaak wordt gedacht.

De auteur beschrijft zijn verhaal in chronologische volgorde aan de hand van enkele hoofdrolspelers binnen de organisatie die ‘de beweging’ naar regelarme zorg in gang hebben gezet. Van top (bestuurder) en management (locatiemanagers) tot op de werkvloer (begeleiders). Met een centrale rol voor de ‘inspirator regelarm’. Een goede keuze van de auteur want hierdoor worden de veranderingen, uitdagingen en invoeringsobstakels vanuit verschillende invalshoeken belicht. En passant beschrijft de auteur ook hoe de zorgsector in elkaar steekt, welke stakeholders een rol spelen en waarom de zorg zo complex is als die is. Handig voor lezers die wat minder ingevoerd zijn in de zorg.

De auteur spreekt op zijn ontdekkingstocht allerlei mensen en bezoekt diverse locaties, afdelingen, teams en bijeenkomsten met medewerkers, cliënten met hun familie. Aan het eind van het boek komt ook de individuele cliënt in beeld als de auteur met een zekere Jeroen in gesprek gaat over zijn ervaringen met regelarme zorg binnen zijn woongroep. De auteur maakt in het boek interessante uitstapjes, zoals in het hoofdstuk waarin hij dieper in gaat op de aard van bureaucratie en wat je er tegen kunt doen. Interessant is ook te lezen hoe Philadelphia omgaat met vraagstukken als regelarm versus regelloos, zorgen voor versus zorgen dat, zelf doen versus uitbesteden, centraliseren versus decentraliseren en managen versus zelforganisatie en zelfsturing. Als initiatiefnemer van het Zorgmarketingplatform doet het mij deugd om te zien dat Philadelphia marketingzaken als profilering en product- en marktontwikkeling als ‘satisfier’ ziet waaraan je als zorgorganisatie in deze nieuwe werkelijkheid veel aandacht moet besteden.

De auteur concludeert aan het eind van het boek dat regelarme zorg bij Philadelphia een groot succes is. Minder systeem, minder regels en de wens en mogelijkheden van de cliënt als uitgangspunt. Waarbij de winst volgens de auteur niet zozeer zit in de regels die geschrapt of versimpeld zijn, de digitaliseringsslag of allerlei organisatorische aanpassingen, maar juist in de mentaliteitsverandering en de manier waarop de cliënt weer centraal staat. Hoewel het proces naar verwachting eind 2017 voltooid is, stopt het natuurlijk nooit. Op weg naar Philadelphia 2.0, een open, flexibele en toekomstbestendige zorginstelling.

Het Werkt! is een leerzaam, verrassend en prettig leesbaar boek. Een aanrader voor iedereen die wil weten waarom de zorg zo ingewikkeld is, waarom het zo lastig is om daarin als organisatie te veranderen en hoe je een langdurig veranderingstraject in de zorg kunt aanvliegen. Met tal van inzichten en praktijkvoorbeelden die ook bruikbaar zijn voor onderwijs, politie en andere overheidsdiensten en dienstverlenende sectoren. Hulde voor Philadelphia om op deze manier haar ervaringen te delen met de buitenwereld. Wie volgt?

Sjors van Leeuwen is werkzaam als zelfstandig adviseur op het gebied van klantgericht ondernemen (CRM), strategie en marketing. Hij is auteur van verschillende boeken zoals CRM in de praktijk, Klant in de driver’s seat, Zorgmarketing in de praktijk, Power to the people en Hoe agile is jouw strategie?


Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden