Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Recensie

Wie zorgt voor wat?

De titel van het boek Wie zorgt dat het goed komt? Hoe je eigenaarschap kunt vergroten in jouw team van Pieter van der Haak roept zowel herkenning als verbazing op. Ik verwonderde me over het taalgebruik en het paradigma dat achter deze zin schuil gaat. En dat alles in het boek - de titel, de ondertitel, de voorbeelden, de doelgroep die wordt aangesproken en de do’s en dont’s - is gericht op de leidinggevende. Blijkbaar is het uiteindelijk toch de leidinggevende die moet zorgen dat het goed komt?

Martine Maes | 2 oktober 2018 | 2-4 minuten leestijd

Eigenaarschap
De vraag in de titel van dit boek herken ik. Regelmatig hoor ik tegenwoordig de wens van leidinggevenden om minder zelf te sturen of meer eigenaarschap in het team ‘neer te leggen’. Net zoals Van der Haak dat in zijn boek doet, is het interessant om te kijken wat eigenaarschap en verantwoordelijkheid nemen nu eigenlijk precies is. Hij komt tot de volgende definitie: ‘Jezelf ergens over ontfermen en daarbij de volle verantwoordelijkheid nemen.’ So far so good. Maar waar mijn wereldbeeld schuurt met dat van Van der Haak, is dat hij in het boek verder gaat vanuit de leidinggevende als actor. Het is blijkbaar de leidinggevende die iets moet (en kan?) doen om iemand zich ergens over te laten ontfermen en de volle verantwoordelijkheid te laten nemen. Mijn grootste vraag bij het lezen van dit boek is dan ook: waar is het perspectief van de professional, de werkende, oftewel degene die zich ergens eigenaar over voelt? Juist met een thema dat zo persoonlijk geladen is, voelt de afwezigheid van dit perspectief als een constant gemis.

Do’s en don’ts
Voor leidinggevenden die niet meer zelf willen zorgen dat het allemaal goed komt, ‘want dat doen de mensen zelf’, volgt na de introductie een overzicht in zeven delen hoe je in je rol als leidinggevende de juiste voorwaarden kunt creëren om eigenaarschap te zien opbloeien. Achtereenvolgens behandelt Van der Haak willen, kunnen en betekenen als intrinsieke voorwaarden, en transparantie, overzicht, regelruimte en vertrouwen als contextuele randvoorwaarden. Geheel in stijl met traditionele managementliteratuur eindigt elk hoofdstuk met een lijstje do’s en dont’s voor de leidinggevende.

Van A naar B
Van der Haak maakt het onderscheid tussen traditioneel management en nieuw leiderschap. Tegen het eind van het boek propageert hij dat je in een verandering van A naar B moet gaan via B. Dus van traditioneel managen naar een nieuwe vorm van leiderschap. Je zou denken dat die weg geplaveid is met de nieuwe denkbeelden volgens B, zoals autonome professionals en een opgave die je organiseert via de uitgangspunten van nieuw organiseren (zie zijn referentie in het boek naar de stroming nieuw organiseren). Helaas is hier vaak de wens de vader van de gedachte. Te vaak blijkt de nieuwe weg nog geplaveid met toch wat oude denkbeelden.

Kernvraag
Aan het eind van zijn boek raakt Van der Haak de kern waar veel leidinggevenden tegenwoordig mee worstelen: hoe kun je eindverantwoordelijkheid voelen en toch volledige verantwoordelijkheid bij de ander leggen. En dat ook nog eens in het volste vertrouwen? Dit had wat mij betreft de centrale vraag mogen zijn. Want dan zouden de inzichten veel breder getrokken kunnen worden dan nu het geval is. Dan krijg je vragen hoe je een organisatie inricht zonder hiërarchisch leidinggevende die eindverantwoordelijk is voor een team van medewerkers. Of de vraag wie eindverantwoordelijk is voor welke (onderdeel van de) opgave? Of hoe je met een veelheid aan perspectieven van actoren een opdracht eensluidend afrondt. Het antwoord op deze vragen zou het boek completer hebben gemaakt.

Martine Maes is Interventiekundige en adviseur bij  Interventures en schrijft deze recensie op persoonlijke titel. Ze is lid van de Orde van organisatiekundigen en –adviseurs (Ooa), www.oaa.nl.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden