Recensie

De geheimen van topsprekers -  ‘Bijzonder waardevol’

Is er een knop waarop sprekers kunnen drukken om een topspreker te worden? Spreker Henk Jan Kamsteeg las De geheimen van topsprekers van Maurits Ouweneel en kwam tot een belangrijke conclusie: blijf veel leren van anderen én blijf vooral jezelf.

Henk Jan Kamsteeg | 1 oktober 2026 | 5-7 minuten leestijd | 1 persoon vond dit artikel nuttig

Ik stond tussen de kanonnen.

Ben Tiggelaar.
Remco Claassen.
Jitske Kramer.

Tijdens het IJM Leiderschapsevent mocht ik met hen het podium delen. Hartstikke leuk natuurlijk. Maar eerlijk is eerlijk: ik voelde mij een klappertjespistool tussen de kanonnen.

Niet uit valse bescheidenheid. Ik weet inmiddels best dat ik een verhaal kan vertellen. Maar wanneer je naast Tiggelaar staat, die zijn vak bijna wetenschappelijk benadert, Claassen ziet losgaan alsof het podium speciaal voor hem is uitgevonden en Kramer een zaal niet alleen toespreekt maar bijna bespeelt, weet je weer even dat er altijd nog genoeg te leren valt.

Daarom was ik benieuwd naar De geheimen van topsprekers van Maurits Ouweneel.

Voorprogramma

In 2011 had ik voor het eerst contact met Ouweneel. Hij vroeg mij te spreken op een congres in Nieuwegein. Samen met Ben Tiggelaar. Deze uitnodiging van Ouweneel een eer. Ook al was ik eerder met Tiggelaar afgereisd naar Kenia om verslag te doen van de masterclasses die hij daar gaf. Ook al nam ik daar ook zelf een paar lezingen voor mijn rekening.  Ik kwam als spreker net kijken, dus vond ik het uiteraard super om nu in Nederland in ‘het voorprogramma’ van Tiggelaar te staan en de meester weer aan het werk te zien.

Ouweneel organiseert al jaren events met de beste sprekers van Nederland. Veertig van hen portretteert hij nu in zijn eerste boek De geheimen van topsprekers. Ik had het voorrecht een voorpublicatie te lezen.

Dus las ik de verhalen van onder anderen Ben Tiggelaar, Peter Heerschop, Jitske Kramer, Maarten van der Weijden, Humberto Tan, Jos Burgers, Remco Claassen en Jan van Setten.

Veertig portretten. Tweehonderd tips.

En gelukkig geen standaardformule waarmee we allemaal dezelfde spreker moeten worden.

Jan van Setten

Het hoofdstuk over Jan van Setten raakte mij.

Een paar jaar geleden verzorgde ik samen met Van Setten een lezing bij een bedrijf. Uiteraard kende ik hem, maar ik had hem nog nooit live horen spreken. Wat ik op de socials voorbij had zien komen, had mij in eerste instantie niet bepaald enthousiast gemaakt.

Ik vond hem soms een beetje flauw.

Veel grapjes.
Veel woordspelingen.
Veel energie.

Maar had het ook inhoud?

Totdat ik hem die middag live hoorde spreken.

En misschien nog belangrijker: totdat ik zag hoe hij buiten het podium met mensen omging.

Met de organisatoren. Met medewerkers. Met mij.

Daar gingen mijn aannames.

Ja, Jan maakte grapjes. Natuurlijk deed hij dat. Maar achter al die humor zat inhoud. Aandacht. Echtheid.

Hij vertelde die middag ook over zijn ziekte. Hoe het hem eronder probeerde te krijgen en hoe hij bleef strijden.

Niet veel later overleed hij.

Wanneer ik nu in dit boek zijn verhaal lees, besef ik hoeveel hij voor anderen heeft betekend. Van Setten was niet alleen iemand die zalen wist te bereiken. Hij wist mensen te raken.

Afkijken mag

Maar er zijn meer lessen die Ouweneel ons meegeeft.

Ben Tiggelaar benadrukt bijvoorbeeld hoe serieus we ons publiek moeten nemen. Mensen geven je iets wat ze nooit meer terugkrijgen: hun tijd. Zorg dus dat je verhaal geweldig goed is.

Bereid je voor. Weet wat er bij je publiek speelt. En heb liever materiaal op de reservebank dan dat je in zestig minuten alles probeert te proppen wat je de afgelopen twintig jaar hebt geleerd.

Amen.

Jitske Kramer zoekt haar inspiratie buiten de wereld van professionele sprekers. In muziek. Theater. Rituelen. Andere culturen. Haar advies: probeer niet alleen informatie over te dragen, maar spreek de taal van het hart.

Ook amen.

Peter Heerschop waarschuwt voor humor zonder inhoud. Een grap om de grap is uiteindelijk leeg. Er moet iets op het spel staan.

Maarten van der Weijden hamert op kwetsbaarheid. Laat niet alleen je successen zien, maar ook je twijfel, angst en mislukkingen.

En Remco Claassen?

Hij wordt terecht wel gezien als de godfather van het Nederlandse sprekersgilde. In de gesprekken die ik met hem had, ben ik van die man gaan houden.

Hij geeft ons vooral dit mee: zorg in vredesnaam dat je zelf ook lol hebt. Wanneer jij zichtbaar geniet, is de kans aanzienlijk groter dat de zaal met je meegaat.

Kwispelen dus!

Probleempje...

Omdat Ouweneel ons tweehonderd tips meegeeft, spreken sommige tips elkaar ook tegen. Dit maakt dit boek zo goed.

Claassen vindt bijvoorbeeld dat je het podium met niemand moet delen. Ook niet met een gigantisch verlicht scherm vol tekst. Jij moet het belangrijkste zijn waar mensen naar kijken.

Ruben Terlou denkt daar duidelijk anders over. Zijn beelden zijn een belangrijk onderdeel van zijn verhaal. Met foto's neemt hij zijn publiek mee naar werelden waar het nooit is geweest.

Ook Jitske Kramer gebruikt volop PowerPointslides en rent bijna over het podium, terwijl Claassen vaak betoogt dat je niet te veel moet lopen op de bühne.

Wie heeft er gelijk?

Allemaal. Binnen hun eigen stijl.

Of neem verhalen.

Maarten van der Weijden zegt: vertel wat je zelf hebt meegemaakt. Juist doordat het jouw verhaal is, wordt het geloofwaardig. Claassen, daar is hij weer, heeft daar minder moeite mee. Goede verhalen mag je volgens hem ook bij anderen ophalen en vervolgens doorvertellen.

Wie heeft er gelijk? Opnieuw allebei.

Ilja Gort adviseert zijn tekst zo goed uit het hoofd te leren dat hij hem vervolgens kan loslaten. Jelle Brandt Corstius waarschuwt daarentegen dat een volledig uitgeschreven tekst je stijf kan maken en neemt liever slechts een kaartje met wat steekwoorden mee.

Word vooral geen Tiggelaar

Het grootste geheim van topsprekers is dat er geen geheim is. Tenminste, niet één trucje dat van ons allemaal geweldige sprekers maakt.

Je hoeft geen Ben Tiggelaar te worden. Geen Remco Claassen. Geen Jitske Kramer.

Sterker nog: probeer het vooral niet.

Je wordt waarschijnlijk een beroerde Claassen wanneer je op het podium Claassen probeert na te doen. En geloof mij, je verliest het altijd van Tiggelaar wanneer je probeert Tiggelaar te zijn.

Maar je kunt wel van hen leren.

Hoe serieus zij hun voorbereiding nemen.
Hoe zij verhalen verzamelen.
Hoe zij hun publiek lezen.
Hoe zij humor gebruiken.
Hoe zij stiltes durven laten vallen.
Hoe zij met beelden werken.
Hoe zij schrappen.
Hoe zij blijven oefenen.

En vervolgens moet je met al die lessen iets doen wat alleen jij kunt.

Jezelf worden op het podium

Blijf jezelf als spreker ontwikkelen. Vraag feedback. Oefen. Experimenteer. Kijk naar de besten. Kopieer wat werkt. Gooi weg wat niet bij je past en houd vast wat jouw verhaal sterker maakt.

Maar zorg dat wanneer je uiteindelijk het podium oploopt, daar geen goedkope kopie van een topspreker staat.

Daar moet jij staan.

Met jouw verhaal.
Jouw humor.
Jouw kwetsbaarheid.
Jouw stijl.

De geheimen van topsprekers van Maurits Ouweneel is wat mij betreft een bijzonder waardevol boek voor iedereen die regelmatig een podium pakt.

Haal eruit wat je kunt gebruiken.

En laat de rest vooral lekker liggen.

Over Henk Jan Kamsteeg
Henk Jan Kamsteeg is eigenaar van het trainingsbureau Proistamenos. Hij geeft trainingen en keynotes op het gebied van o.a. dienend leiderschap, inclusief leiderschap en storytelling. Daarnaast is hij auteur van diverse boeken zoals Dienend leiderschap, Spreken met passie; de kracht van storytelling, Inclusief leiderschap en De onzichtbare drempel; de cruciale stap naar dienend leiderschap.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

1
0

Boek bij dit artikel

    Personen

      Trefwoorden

        Artikelen