e.a.

Bestuursorganisatierecht

(Belgisch recht)

Gebonden Nederlands 2020 1e druk 9789048639366
Niet leverbaar.

Samenvatting

Dit boek brengt het bestuursorganisatierecht (een tak van het bestuursrecht) globaal in kaart. Daarnaast vindt u in dit boek ook nieuw onderzoek, nieuwe inzichten en actuele ontwikkelingen.

De regels en principes die de bestuursorganisatie beheersen, worden vaak wat stiefmoederlijk behandeld. Nochtans kan het niet respecteren van die regels, die vaak uitvloeisels zijn van fundamentele grondwettelijke beginselen, de wettigheid van bestuursbeslissingen aantasten en voor heel wat vertraging en dus inefficiëntie zorgen. Het besef dat de wijze waarop het bestuur wordt georganiseerd een kwestie is van ‘recht’, lijkt in België nog niet bij alle regelgevers en besturen doorgedrongen. Met dit boek hopen de auteurs bij te dragen tot die bewustmaking.

Dit boek is niet opgevat als een overzichtswerk, waarin in detail wordt beschreven hoe de bestuursorganisatie op elk van de in België bestaande politieke niveaus er naar positief recht uitziet. Zo brengt het bijvoorbeeld niet de bestuursorganisatie op het lokale niveau uitgebreid in kaart. Logischerwijze vangt het werk wel aan met een bijdrage over de wijze waarop de Grondwet en de bijzondere wetten de bestuursorganisatie zien en vormgeven, daar die instrumenten de basis vormen voor de organisatie van alle staatsmachten. Voor het overige is gekozen voor een thematische benadering, waarbij belangrijke leerstukken van bestuursorganisatierecht transversaal worden besproken.

Het boek bespreekt in beginsel enkel de principes eigen aan het Belgische en het Vlaamse bestuursorganisatierecht. Sporadisch wordt ook verwezen naar regels en principes die eigen zijn aan de andere gemeenschappen en gewesten.

Specificaties

ISBN13:9789048639366
Taal:Nederlands
Bindwijze:gebonden
Druk:1
Verschijningsdatum:23-11-2020
Hoofdrubriek:Juridisch

Lezersrecensies

Wees de eerste die een lezersrecensie schrijft!

Inhoudsopgave

WOORD VOORAF XV
HOOFDSTUK I. HET BESTUURLIJK LANDSCHAP VOLGENS DE GRONDWET EN DE BIJZONDERE WETTEN 1
door Yannick Peeters en Jürgen Vanpraet
Afdeling 1. Inleiding 1
Afdeling 2. Federale (centrale) administratie 1
Afdeling 3. Deelstatelijke (centrale) administratie 6
Afdeling 4. Functioneel (of dienstgewijs) gedecentraliseerde besturen 14
Afdeling 5. Territoriaal (of politiek) gedecentraliseerde besturen 20
§ 1. Provincies 20
§ 2. Bovengemeentelijke besturen 29
§ 3. Gemeenten 31
§ 4. Agglomeraties en federaties van gemeenten 35
§ 5. Kerkfabrieken en de instellingen belast met het beheer en de
temporaliën van de erkende erediensten 41
§ 6. Binnengemeentelijke territoriale besturen 43
§ 7. Intergemeentelijke, -provinciale en -bovengemeentelijke
samenwerkingsverbanden 44
Afdeling 6. Besluit 50

HOOFDSTUK II. DE OVERHEIDSRECHTSPERSOON 53
door Cilia Mathieu en Frederik Vandendriessche
Afdeling 1. “De” overheidsrechtspersoon bestaat niet 53
Afdeling 2. Criteria voor het bepalen van het overheidsgehalte van een
rechtspersoon 55
§ 1. Duidelijke wil van de oprichter 55
§ 2. Oprichting of erkenning door de overheid 57
§ 3. Doelstelling van algemeen belang (andere dan van industriële of
commerciële aard) 59
§ 4. Eenzijdig bindende beslissingsbevoegdheid 64
§ 5. Publiekrechtelijke of private rechtsvorm 67
§ 6. Controle en toezicht door de overheid 71
I. Bestuurlijk toezicht 71
II. Overwegende overheidsinvloed (los van bestuurlijk toezicht) 74
§ 7. Herkomst en aard van de inkomsten (marktinkomsten of niet) 75
Afdeling 3. Hoe zijn de beoordelingscriteria toe te passen? 76
§ 1. Regelgeving per regelgeving 76
§ 2. (Soms) per activiteit 79
§ 3. Evolutief 81
Afdeling 4. Enkele vaak voorkomende begrippen bij de afbakening
van publiekrechtelijke regelgeving en hun invulling 81
§ 1. Publiekrechtelijke vs. privaatrechtelijke rechtspersonen 81
§ 2. Verzelfstandigde vs. niet-verzelfstandigde (overheids)rechtspersonen 84
§ 3. Overheidsonderneming – overheid-niet-onderneming 84
§ 4. Administratieve overheden en niet-administratieve overheden 89
§ 5. ESR-geconsolideerde entiteiten en niet-ESR-geconsolideerde entiteiten 89
I. Europees systeem van nationale en regionale rekeningen & relevantie bij het afbakenen van specifieke regulering 89
II. Voorwaarden voor het ESR-matig consolideren met de overheid 93
Afdeling 5. Besluit 97

HOOFDSTUK III. ALLES STROOMT: HOE BEVOEGDHEDEN EN TAKEN KUNNEN WORDEN OVERGEDRAGEN AAN EN BINNEN HET BESTUUR 99
door Cedric Jenart, Matthias De Groot en Brecht Steen
Afdeling 1. Inleiding 99
Afdeling 2. Diversiteit van de overdracht van taken en bevoegdheden 100
§ 1. Begripsverwarring over delegatie en toewijzing van bevoegdheid 100
§ 2. Diversiteit naargelang de aard van de overgedragen taak 108
§ 3. Diversiteit naargelang de entiteit waaraan de taak wordt overgedragen 110
Afdeling 3. Regelgevende bevoegdheden 111
§ 1. Overdracht van regelgevende bevoegdheid aan koning of regering van deelgebieden 112
§ 2. Overdracht van regelgevende bevoegdheid aan ministers of actoren die onderworpen blijven aan hiërarchisch gezag 119
§ 3. Overdracht van regelgevende bevoegdheid aan niet-politiek verantwoordelijke actoren 125
Afgekapt op 60 regels

Managementboek Top 100

Rubrieken

Producten

    Auteurs

      Trefwoorden

        Artikelen

          Bestuursorganisatierecht