Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Interview

Bert Peene | 28 november 2014 | 6-8 minuten leestijd

Karin Manuel

‘Hoog tijd dat organisaties en zelfstandige professionals elkaar serieus nemen’

De arbeidsmarkt is drastisch aan het veranderen. Het aantal zelfstandige professionals groeit gestaag en volgens Roger Lenssen en Karin Manuel is die ontwikkeling niet meer te keren. Tot het bedrijfsleven lijkt dit echter nog niet helemaal te zijn doorgedrongen en van win-winsituaties tussen aanbod en vraag is dan ook nog nauwelijks sprake. Met hun boek (‘Futuring people’) Dansend naar de toekomst (‘Perspectief voor werkgevend en zelfstandig professioneel Nederland’) willen zij hierin verandering brengen. Managementboek Magazine sprak met beide auteurs over de meerwaarde van de ‘hybride’ professional.

Waarom hebben zelfstandigen de toekomst? Op de agenda’s van de sociale partners staat het onderwerp arbeidsvoorwaarden toch nog altijd hoog genoteerd.
Onder invloed van maatschappelijke ontwikkelingen veranderen arbeidsverhoudingen in Nederland. Het aantal zelfstandigen is stijgende sinds de jaren 90 van de vorige eeuw en is de laatste jaren zelfs verdubbeld van 467.000 zelfstandigen in 2001 naar 869.000 in 2013. Deze stijgende trend zet zich voort en is dus een gegeven, waar ook sociale partners uiteindelijk niet meer onderuit kunnen. De traditionele rol van vakbonden raakt steeds verder uitgespeeld. De cao zoals wij die nu nog kennen, is volgens ons een gedateerd construct. De vakbonden houden er krampachtig aan vast, omdat het nog hun enige fundament is voor een positie als vertegenwoordiger van werknemers. Feit is dat vakbonden een steeds lagere dekkingsgraad hebben en bij veel organisaties al lang niet meer kunnen leunen op een brede achterban. Het ritme van de tijd vraagt volgens ons nu eerder om raamwerken met keuzevoorzieningen, zodat werknemers de mogelijkheid hebben om binnen het palet van arbeidsvoorwaarden tot maatwerk te komen. Voor de toekomst voorzien wij dat individuele afspraken de overhand krijgen. Dat betekent concreet: individuele arbeidsovereenkomsten met maatwerk voor medewerkers in loondienst en overeenkomsten van opdracht met voor zelfstandige professionals met tarieven die zijn afgestemd op de werksoort en op de ontwikkelingsfase van de zelfstandige professional in kwestie.

Jullie schetsen niettemin een tamelijk somber beeld: professionals beschouwen bedrijven als afhaalchinees. En omgekeerd is er sprake van uitbuiting van professionals door bedrijven.
Het is geen somber, maar een realistisch beeld van wat ook aan de orde is. In 2014 geniet een op de acht zelfstandigen een inkomen onder de bijstandsnorm. De zzp-markt is een aanbodmarkt geworden. Het tarief voor de zelfstandige professional is onder andere afhankelijk van de grootte van het aanbod van vergelijkbare diensten op de markt. Neem bijvoorbeeld de coach: inmiddels telt Nederland dik 40.000 coaches en hun tarief is in voorkomende gevallen inmiddels gedaald van € 70,-- uur per uur naar € 45,-- uur of zelfs minder. In dergelijke situaties zijn zelfstandigen afhankelijk geworden van hun opdrachtgever(s). Werkgevers en opdrachtgevers dienen zich daar bewust van te zijn. Ook de zelfstandige professional dient zich bewust te zijn van het feit dat met name de uniciteit van de dienstverlening een cruciale succesfactor voor zijn onafhankelijkheid vormt. De zelfstandige professional die als expert of meester in zijn vak bekend staat, ziet zijn tarieven minder onder druk staan en heeft ook minder moeite om opdrachten te verwerven. Voorwaarde is dan wel dat hij zich richting zijn opdrachtgever opstelt als een partner die meedenkt, waarde toevoegt en niet werkt volgens het principe ‘uurtje factuurtje’. Wederkerigheid is belangrijk in de relatie tussen opdrachtgever en zelfstandige professional. Een zelfstandige professional die dat niet begrijpt en denkt dat hij zijn opdrachtgevers kan beschouwen als een afhaalchinees, is op de langere termijn minder succesvol.

Mogen we vaststellen dat er in de relatie tussen bedrijven en zelfstandigen nog het nodige te verbeteren valt?
Ja, vaak is dat nog geen volwassen relatie en dat is jammer. Anders dan bij de relatie werkgever-werknemer is bij de relatie opdrachtgever-zelfstandige geen sprake van een formele gezagsverhouding. De relatie opdrachtgever en zelfstandige is geënt op gelijkwaardigheid. Verwachtingenmanagement speelt daarin een belangrijke rol, wil het wederzijds vertrouwen niet worden geschaad. Het is dan ook zaak dat op een volwassen wijze telkens opnieuw samen stil wordt gestaan bij elkaars verwachtingen ten aanzien van de dienstverlening en de condities waaronder die plaats vindt. Het is nooit eenrichtingsverkeer. Helaas is dat te vaak nog wel het geval en mogen zowel opdrachtgevers als zelfstandigen zich daar rekenschap van geven.

In hoeverre zijn al die HR-professionals en afdelingen HRM hier klaar voor?
Wij denken dat HR en organisaties meer vooruit kunnen en mogen denken, meer de toekomst in het vizier mogen hebben en perspectief kunnen creëren door anders tegen bijvoorbeeld arbeidsrelaties aan te kijken. Door de visie meer aan te passen aan nieuwe omstandigheden, worden organisaties beter bestand tegen de toekomst. Wij wijzen op het belang om als organisatie flexibele arbeidsvormen meer te omarmen. Dat is nodig gezien de veranderende arbeidsmarkt. Tot nu toe richt HR zich nog vooral op de dienstverbanden in loondienst, maar het aantal zelfstandige professionals groeit en voor organisaties wordt het steeds minder noodzakelijk om expertise continu in eigen huis te hebben. Daarom is het voor HR slim om anders naar de planning van arbeidscapaciteit te gaan kijken. Strategische personeelsplanning gaat nu bijvoorbeeld nog over de loondienstconstructie, maar het is raadzaam om over de grenzen van traditioneel werkgeverschap heen te kijken en daarbij ook talent van buiten de organisatie in het vizier te houden. Ook wordt het zaak talenten langdurig te binden, ongeacht de aard van de arbeidsrelatie. Om het contact met professionals te onderhouden, ook als zij een organisatie tijdelijk verlaten, komt de rol van connector voor HR omhoog. Het is aan HR om contact met zelfstandige professionals te onderhouden en hen duurzaam aan de organisatie te verbinden. Daartoe moet HR goed de weg weten binnen netwerken, het verlengstuk van een organisatie zijn. Relatiemanagement wordt voor HR belangrijker dan ooit.

Voor ‘futuring people’ is een behoorlijke mate van standaardisatie noodzakelijk. Dat staat toch haaks op de behoefte aan professionele autonomie van zelfstandige professionals?
In beginsel is dat zo. Een zelfstandige professional zal in eerste aanleg zichzelf positioneren, terwijl een manager of opdrachtgever staat voor de identiteit van de organisatie waar hij voor werkt en van daaruit een opdracht verstrekt. Zodra de zelfstandige professional de opdracht accepteert, heeft hij rekening te houden met de kaders van de organisatie waarvoor hij de opdracht doet en wordt zijn autonomie ingeperkt. De zelfstandige professional moet zich dus kunnen aanpassen aan de organisatie waar hij voor werkt. Indien hij te veel van zijn autonomie moet opgeven, heeft de zelfstandige professional de ruimte om ‘nee’ te zeggen en de opdracht te laten gaan. Dat heeft een medewerker niet, die staat immers in een gezagsverhouding tot de manager en heeft zijn opdrachten uit te voeren. De relatie opdrachtgever – zelfstandige professional kenmerkt zich dus door een voortdurende uitwisseling van afhankelijkheid en onafhankelijkheid. Het is aan de zelfstandige professional daarin zijn balans te bewaken.

Zelfstandigen zouden naast vakinhoudelijke ook ‘bovenvakinhoudelijke’ competenties moeten ontwikkelen, maar de zzp’ers om mij heen zijn zozeer gefocust op de korte termijn – geld verdienen want morgen kan er zomaar geen werk zijn – dat het daar niet van komt.
Deze benadering is niet vreemd, maar evenmin wenselijk. Geld boven professie stellen, is voor een zelfstandige professional op de langere termijn funest. De arbeidsmarkt is continu in beweging en vergt dat zelfstandige professionals boven het maaiveld uitsteken, niet alleen qua talent – kennis – maar ook qua skills; dus vaardigheden en attitude. Ongeacht de functie en de aard van de arbeidsverhouding is het steeds belangrijker om bij te blijven op de vakinhoud en te investeren in relaties. De ontwikkeling van skills is dan ook van belang om in de toekomst te overleven op de arbeidsmarkt. De business modellen van de toekomst drijven immers op samen werken en samen creëren.

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden