Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Recensie

De onsterfelijke onderneming - 'Parel in de modder'

Eindelijk nog eens een stevig managementboek. Geen poppsychologie, geen verheerlijking van weer een nieuwe tak aan de technologieboom, geen blinde lofzang op disruptieve businessmodellen.

Marc Buelens | 5 april 2019 | 3-4 minuten leestijd

De onsterfelijke onderneming is een boek over een in verdrukking geraakte discipline, management. Anno 2019 zo’n avontuur tot een goed einde brengen is een krachttoer die alle lof verdient.

Fons van Dyck wil in ‘De onsterfelijke onderneming’ een wetenschappelijk gefundeerde survivalkit voor bedrijven in onzekere tijden brengen. Zijn onsterfelijke bedrijven treden daarmee in de voetsporen van excellente bedrijven, grootse winnaars, of ‘zomerspelers’. Kan je in die klassiekers eenvoudigweg ‘groots’ vervangen door ‘onsterfelijk’? Helemaal niet. Zoals ik mijn boek Bye bye management tot ten treure toe heb herhaald: dat soort boeken zijn successupporters, glory hunters, met op kop het intellectueel oneerlijke maar oh zo goed geschreven Good to great van Jim Collins. Eerst succes zien en dan post factum leuke naampjes voor dat succes bedenken. Gewapend met de nodige ad hoc concepten – mijn lieveling is het nooit gedefinieerde ‘dynamic capabilities’ – zijn die supervage neologismen gewoon een ander woord voor succes. Zo leer je dan dat succesvolle bedrijven vooral… succesvol zijn.

Van Dyck kent die valkuil, gebruikt nochtans Apple als hét voorbeeld van ‘eeuwig’ bedrijf, maar is evenzeer geboeid door de nederlagen, waar het goed fout liep en weet vooral dat nederlagen rijker zijn aan relevante informatie dan overwinningen. Die laatste moet je vooral vieren.

De grootste krachttoer van Van Dyck is dat hij a priori een sterk theoretisch kader heeft gekozen, namelijk het stokoude AGIL paradigma van Talcott Parsons (1956!). Als je dan toch de heel lange termijn bestudeert op zoek naar onsterfelijke organisaties, dan ben je wel zeer consequent door voor de studie van ‘overleven in disruptieve tijden’ een model te hanteren dat zestig jaar oud is, toen de meeste lezers van zijn boek niet eens geboren waren. Helaas, dus geen blauwe of rode oceanen, geen olifanten, virtuele breinhelften, ying-yang cirkels, (melk)koeien, zelfs geen ‘Magenta’ of ‘Cyane’ organisaties (kleurtjes doen het altijd goed, ook bij CEO’s), maar een grondige studie van de kenmerken van de ‘blijvers’ aan de hand van Aanpassing, Goal Attainment, Integratie en Latente patronen.

Gewapend met zijn academische discipline gaat Van Dyck, met grondige kennis van de relevante literatuur, zijn voorbeelden, inzonderheid Apple dus, te lijf. En passant sneuvelen acht mythes en dat zijn geen stromannen, geen flauwe spookprincipes die een ervaren manager toch niet onderschrijft. Hij maakt brandhout van het belang van fanatieke medewerkers en klanten, hij bestrijdt (daar is hij wel niet zo origineel) de cult van het marktaandeel, hij ontkracht zowat alle mythes over Apple, en hij scoort bij mij het hoogst als hij de misleidende verhalen over ontwrichtende bedrijven op een hoopje speelt, ‘en passant’ even gezaghebbend lacht met het ‘first mover effect’ (je bent veel beter een slimme volger) en zelfs discrete vraagtekens plaatst bij de meest recente ‘Heilige Graal’, die van de onafwendbaarheid van een digitale strategie.

Denk vooral niet dat het boek alleen de ‘via negativa’ bewandelt. In elk der acht hoofdstukken krijg je de zo gegeerde lijstje ‘te doen’. Sommige van die adviezen zijn (uiteraard) vrij gewoon, maar andere zullen van de bedrijfsleider toch wel de wenkbrauwen doen fronsen of minstens frisse moed vergen.

Ik heb beroepshalve in mijn loopbaan zo’n driehonderd managementboeken ‘mogen’ lezen. Een parelduiker vreest de modder niet. Af en toe, zoals bij Charles Handy of John Kay, zag ik van ver de parel blinken. Dit boek toont de solide argumentatie van een expert, de heldere pen van een didacticus, en de relevantie van de door de wol geverfde consulent. De onsterfelijke onderneming is voor mij de troost van de parelvisser, die helaas al te veel lege schelpen heeft gezien.

Prof. dr. Marc Buelens doceerde management aan de Universiteit Gent en aan Vlerick Business School. Daarnaast is hij is partner van de Vlerick Business School en schrijft hij wekelijks een column bij 'Trends'. Zijn vakgebied is organisatiekunde en managementgedrag.

Deel dit artikel

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden