De tranen sprongen in haar ogen. En dit terwijl ik in de gespreksoefening die wij tijdens deze training waren begonnen nog maar één zin had gezegd.
Eén zin, Die insloeg als een bom.
‘Graag zou ik even met je praten om te zien of ik iets voor je kan betekenen…’
Waar kwamen de tranen vandaan? Had ik iets bijzonders gezegd?
Ik legde de oefening stil en vroeg wat er met haar gebeurde. Haar antwoord was veelzeggend:
‘Het is de eerste keer dat een leidinggevende mij vraagt of hij iets voor mij kan betekenen…’
Nu schoten de tranen bijna in mijn ogen. Wat moet deze dame zich in haar loopbaan vaak alleen hebben gevoeld. Geen leidinggevende die blijkbaar ooit oprechte interesse in haar had getoond.
En, zo leerde ik de afgelopen jaren tijdens mijn trainingen, de dame in kwestie was geen uitzondering. Uit onderzoek van de Blanchard Company blijkt dat 83 procent van de medewerkers ervaart geen of nauwelijks sturing of ondersteuning te krijgen van de direct leidinggevende.
Leidinggevende, waar ben je?
Ik las eens de volgende wijsheid: Medewerkers geven niet om wat jij weet, maar willen weten dat je om hen geeft.
We hebben niet alleen behoefte aan een leidinggevende met verstand van zaken (IQ), maar vooral ook aan iemand met hart voor mensen (EQ). En tja, wanneer we het bij onze leidinggevende niet vinden, zoeken we het al snel ergens anders. Lange leve ChatGPT! Want als er ‘iemand’ is die naar ons lijkt te luisteren, erkenning geeft en met ons meedenkt, is het ChatGPT wel.
ChatGPT is geduldig. Veroordeelt niet. Onderbreekt niet. In plaats daarvan strooit het met complimenten, bevestigt het ons in ons denken en stelt altijd een vervolgvraag.
En ook al weten we dat ChatGPT niet meer is dan een taalmodel, lekker voelt die aandacht wel. We kunnen allemaal die dopamineshot gebruiken. Zeker wanneer onze direct leidinggevende ons die niet geeft.
Ik geloof in dienend leiderschap: de dans tussen leiden en dienen. Een duidelijke visie hebben én er oprecht voor je mensen zijn om voor die visie te kunnen gaan. Dit vraagt, zoals Jim Collins het in zijn boek Good to Great al stelde, om leiders die heel goed weten wat ze willen én – zijn woorden – nederig zijn. Het is alsof hij het in 2001 al over ChatGPT had. ChatGPT (of welk ander AI-model dan ook) geeft mij altijd het idee belangrijk te zijn, om vervolgens met duidelijke tips te komen hoe het beter kan.
De vraag voor leidinggevenden moet daarom niet zijn wat AI allemaal kan vervangen, maar hoe wij AI kunnen vervangen – lees: overtreffen – in het oprecht aandacht geven aan onze medewerkers én heldere tips te geven hoe zij kunnen groeien in hun werkzaamheden.
Je moet er toch niet aan denken dat op kantoor medewerkers in gesprek met ChatGPT geëmotioneerd raken omdat ze nu het idee hebben dat er eindelijk iemand wel in hen geïnteresseerd lijkt…
AI kan de spiegel zijn die we nodig hebben om te laten zien hoe we net iets meer aandacht voor onze medewerkers kunnen hebben. Alleen dan échte aandacht. Menselijk.