Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Column

Baumol en grenzen aan de groei

Hè, gelukkig, het valt mee: de Nederlandse economie is in het eerste kwartaal van 2014 minder gekrompen dan gedacht. De krimp bedroeg 0,6 in plaats van 1,4 procent, meldde het CBS in zijn revisie.

Annegreet van Bergen | 28 augustus 2014 | 3-4 minuten leestijd

Maar nog steeds is de zachte winter (en het verminderde aardgasverbruik) de grote boosdoener, terwijl in Amerika juist een extreem strenge winter voor onverwachte krimp heeft gezorgd. Wat maar weer eens laat zien dat het in de economie kan vriezen en kan dooien, en dat beleidsmakers vaak het nakijken hebben.

Zo zullen ze er ook rekening mee moeten houden dat, mocht er ooit weer sprake zijn van groei, die structureel lager is dan we gewend waren. Tussen 1950 en de eerste oliecrisis van 1973 groeide de Nederlandse economie onvoorstelbaar snel. Zelfs in ‘slechte’ jaren bedroeg de groei nog steeds 2 à 3 procent, percentages waarvan beleidsmakers in 2014 alleen nog maar kunnen dromen. Dat de Nederlandse economie nu met een veel lagere groei moet rekenen, is geen gevolg van verkeerd economisch beleid of een geest van Jan Salie. Het is de logische consequentie van het feit dat Nederland een steeds grotere dienstensector heeft. Bij diensten is het namelijk veel lastiger om de arbeidsproductiviteit te verhogen dan in de landbouw of industrie.

Neem als voorbeeld de productie van tuinstoelen en de door thuiszorg geleverde hulp bij het aantrekken van steunkousen. Bij tuinstoelen kan de arbeidsproductiviteit straffeloos worden opgevoerd. Via een speciaal spuitgietproces worden stoelen tegenwoordig in minder dan een minuut aan de lopende band gefabriceerd. Dat kan op elk moment van de dag. Zomer en winter. Producenten kunnen voorraden aanleggen waardoor ze op een zomerse dag aan een plotseling grote vraag kunnen voldoen. Ook maakt het voor de kwaliteit niet uit hoe de stoelen – rechtop, op hun kop, linksom of rechtsom – van de band rollen. Hoe knapper de ingenieurs, des te efficiënter het productieproces. Aan hen is het te danken dat, anders dan vroeger, niet alleen welgestelde lieden tuinstoelen bezitten, maar dat heel Nederland ze in de tuin of op het balkon heeft staan. En dat ook elk café of restaurant ze zich kan veroorloven, waardoor er steeds meer gezellige terrassen op pleinen en in straatjes zijn gekomen.

Daarentegen zijn bij het helpen aantrekken van steunkousen de mogelijkheden om de arbeidsproductiviteit op te voeren beperkt. Dit soort dienstverlening kan niet in serie worden verricht en ook ‘op voorraad produceren’ is uitgesloten. De kousen moeten iedere ochtend opnieuw aan en iedere avond moeten ze weer uit. Bovendien is de klant er altijd bij wanneer het product, het aan- en uittrekken, wordt geleverd, en dus luistert het nauw hoe de dienst wordt uitgevoerd. Iemand op zijn kop zetten omdat dat gemakkelijker werkt, is uitgesloten. Bovendien maken humeur en behulpzaamheid van de dienstverlener integraal onderdeel uit van de kwaliteit van de geleverde dienst. Al jaren wordt in de thuiszorg met de stopwatch gewerkt in de hoop zo de productie per medewerker te vergroten, maar bij dit soort werk zit aan het verhogen van efficiency een natuurlijke grens. Met als gevolg dat één keer iemand helpen steunkousen aan- en uit te trekken tegenwoordig evenveel kost als een goedkope tuinstoel.

Soms biedt zelfwerkzaamheid van klanten een oplossing. In het geval van de steunkousen kunnen sommigen leren die met de hulp van een eenvoudig en goedkoop apparaatje zélf aan- en uit te trekken. Thuiszorgorganisatie Buurtzorg heeft berekend dat er op jaarbasis zevenduizend euro wordt bespaard wanneer er geen professionele steunkousenhulp meer hoeft te worden verleend. Maar als iemand hulp nodig heeft, is het lastig om de arbeidsproductiviteit te vergroten.

Dit voor de dienstensector karakteristieke fenomeen staat onder economen bekend als de Wet van Baumol. Deze wet maakt, zoals gezegd, de terugkeer van snelle groei hoogst onwaarschijnlijk. Daarnaast laat het steunkousvoorbeeld zien dat, mochten er robots worden ontwikkeld die dit soort werk van mensen kunnen overnemen, dit zal leiden tot kwaliteitsdaling. Een gezellig praatje bij het aankleden is voor ouderen minstens zo belangrijk als het pure feit dat ze hun steunkousen weer aanhebben. Maar bovenal laten de steunkousen zien dat wie nu nog op een hoge groeivoet rekent, bedrogen uitkomt.

Over Annegreet van Bergen

Annegreet van Bergen (1954) is econoom en werkt sinds 1982 als journalist. Ze schreef voor de Volkskrant en Elsevier. Vanaf 1999 werkt zij freelance.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden