Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Preview

Wie vraagt wordt beter! - Ware lean leiders houden hun zorgorganisatie gezond

De valkuilen liggen op de loer als je als leidinggevende met lean aan de slag wilt. Kjeld Aij viel er zelf ook regelmatig in. Met zijn eigen ervaringen in de zorgsector als rode draad schreef hij het boek Wie vraagt wordt beter! Een preview.

Kjeld Aij | 11 juli 2017 | 3-4 minuten leestijd

Herken je je in het volgende? Je bent leidinggevende (in de zorg of daarbuiten), je kent het lean instrumentarium en je hebt wellicht al wat ervaring opgedaan met verbeterprojecten. Toch merk je dat je de finesses van het lean werken nog niet te pakken hebt. Je schiet vaak te snel in oplossingen, je bemerkt weerstand bij je mensen of je weet niet goed hoe je resultaten kunt behouden. Soms vergeet je ook gewoon dat het allemaal om de klant gaat. Wil je dit verbeteren, dan moet je dit boek lezen.

Persoonlijke lessen

Hoe word je nou een echte lean leider? Dat is de hamvraag in alle 22 hoofstukken. Ik ben uitgegaan van mijn eigen ervaringen bij VU medisch centrum, maar mijn bevindingen zijn toepasbaar in elke organisatie. Het doel is een werkomgeving te creëren waarin je niet meer voortdurend loopt te repareren en corrigeren, waarin kritische zelfreflectie en actieve betrokkenheid van iedereen een automatisme zijn geworden en waarin de klant (in dit boek: de patiënt) altijd centraal staat.

In de vorm van losse situatieschetsen laat ik je bewust niet alleen mijn eigen successen zien, maar ook mijn falen. Want zonder leermomenten en het toegeven van fouten kom je sowieso niet verder met lean.

De baas bestaat niet meer

Het woord ‘leider’ is eigenlijk wat verwarrend: je bent niet de baas. Bij lean is alles juist een kwestie van samenspel. Daarbij moet je heel wat tegenstellingen overbruggen. Je staat midden tussen je mensen, maar je stuurt wel aan. Je maakt duidelijke keuzes vanuit je visie, maar je bent niet star. Je bent zacht en geduldig in het ontwikkelen van mensen, maar strikt in het volgen van methodes. Hoe je dat allemaal combineert, beschrijf ik uitgebreid. Daarbij komt aan bod dat je niet moet vergeten jezelf onder de loep te nemen. Dat betekent: je ego loslaten en vooral niet denken dat je alles moet weten. Hoe opener, bescheidener en onderzoekender je bent, hoe meer je juist een voorbeeld wordt voor je medewerkers. 

Positief en stimulerend

Het gaat erom dat je op een positieve manier het nut en de noodzaak van lean op iedereen overbrengt. Vol respect en altijd met een luisterend oor. En ja, dat betekent inderdaad dat je je gezicht dagelijks laat zien op de werkvloer. En dat je veel energie stopt in het coachen en begeleiden van je mensen. Alleen dan vergroot je hun probleemoplossend vermogen en komt de lean werkwijze echt van de grond.

Nog veel meer

Dit is slechts een greep uit de vele zaken die in het boek aan de orde komen. Ik ga ook in op ketendenken, experimenteren, het nut van een lean coach, leren door doen, het gebruik van de juiste taal, het omgaan met dwarsliggers enzovoorts. Je krijgt bovendien een berg aan praktische tips, bijvoorbeeld over wat je moet doen als de lean werkwijze weer eens verwatert of hoe je hier in hemelsnaam allemaal tijd voor vrijmaakt in je drukke agenda.

Wat ik continu herhaal is het belang van vragen, vragen en nog eens vragen. Vandaar de titel. Oefen je je daarin, tot vervelens toe, dan zul je zien dat de antwoorden steeds sneller komen.

dr. Kjeld Aij MBA werkt als directeur van de divisie Acute Zorg bij VU medisch centrum. Hij heeft een Master Black Belt en promoveerde op de rol van leiderschapsgedrag bij het duurzaam toepassen van lean principes in ziekenhuizen. Met Bas Lohman schreef hij eerder het boek L2 zorg. Lean leiderschap in de praktijk. Wie vraagt wordt beter! is zijn nieuwe boek.

Op 10 oktober a.s. spreekt hij op het avondseminar 'Lean@work'.

Over Kjeld Aij
Directeur bedrijfsvoering Divisie Acute Zorg, Amsterdam UMC

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden