Recensie

Informatieautonomie - Uw bestandsformaat maakt uw medewerkers ziek

Stel dat een manager hoort dat zijn team structureel overbelast is. Hij investeert in coaching en introduceert nieuwe samenwerkingstools. De situatie verbetert nauwelijks. Wat hij niet ziet, is dat de oorzaak mogelijk dieper zit: medewerkers besteden uren aan het reconstrueren van context die onvindbaar is geworden door de manier waarop de organisatie informatie opslaat.

Fons Trompenaars | 17 augustus 2026 | 2-3 minuten leestijd

In Informatieautonomie stelt Martijn Aslander een vraag die de meeste organisaties nog niet hebben gesteld: wat als burn-out, samenwerkingsproblemen, informatieoverload en falende digitale transformaties niet zozeer gedragsproblemen zijn, maar symptomen van een gebrekkige informatieomgeving? Wat als het bestandsformaat, iets wat vrijwel iedereen als een neutrale technische keuze beschouwt, een actieve kracht is die cognitie, controle en gezondheid van kenniswerkers bepaalt?

Marshall McLuhan leerde ons dat het medium niet slechts een drager van inhoud is, maar de gebruiker vormt en zijn gedrag fors beïnvloedt. In organisaties is het medium niet alleen het scherm of de vergaderruimte. Het is het bestand, het formaat, de map, de workflow en de architectuur van het terugvinden. Het is de omgeving waarin kenniswerkers denken en die hun denken begrenst. Dat heeft gevolgen voor wat organisaties van mensen kunnen vragen.

Peter Drucker stelde dat de kenniswerker zichzelf moet kunnen sturen. Maar zelfsturing vereist toegang tot de eigen informatie: het vermogen om informatie te vinden en daarop voort te bouwen. Wanneer het formaat dat verhindert, wordt autonomie een lege slogan. De medewerker wordt gevraagd zelfstandig te opereren terwijl de informatieomgeving hem de voorwaarden daarvoor structureel ontzegt.

Robert Karasek toonde aan dat hoge eisen gecombineerd met weinig controle leiden tot stress en ziekte. In de meeste organisaties interpreteren we controle nog altijd als een kwestie van managementstijl. Aslander dwingt ons dieper te kijken. Controle is ook ingebouwd in het medium. Iemand die de eigen kennis niet kan terugvinden, die context steeds opnieuw moet reconstrueren via vergaderingen en e-mails, heeft structureel weinig controle. De oorzaak zit in het bestandsformaat waarin we informatie opslaan. Het symptoom uit zich in het lichaam als stress of burn-out.

Ik werk al jaren vanuit het perspectief van dilemmaverzoening. Organisaties worstelen zelden met enkelvoudige problemen, maar met spanningen tussen waarden die allebei legitiem zijn: standaardisatie en flexibiliteit, beveiliging en openheid, centrale coördinatie en lokale autonomie. De oplossing ligt dus niet in het kiezen van één kant, maar in het vinden van een synthese op een hoger niveau.

Aslanders betoog past precies in dat kader. De keuze is niet tussen mens en machine, of tussen controle en vrijheid. Organisaties kunnen formaten kiezen die open genoeg zijn voor machines, stabiel genoeg voor bestuur en menselijk genoeg om cognitieve controle terug te geven aan de mensen die het werk doen. Een nieuw evenwicht tussen mens en machine, waarin beide doen waar ze het beste in zijn.

Dit boek is geen aanklacht tegen technologie, integendeel. Het is eerder een pleidooi tegen technologische onbewustheid. Mensen op een knoppencursus van een app of officesuite sturen is een zinloze en kostbare exercitie zolang mensen geen feeling hebben met de werking van computers of informatie als fenomeen snappen. De vraag die Aslander stelt, is of een computer de kennis van de organisatie kan lezen zonder afhankelijk te zijn van de software waarmee die kennis is aangemaakt. Dat lijkt technisch. In werkelijkheid is het een cultureel, bestuurlijk en strategisch vraagstuk.

Martijn Aslander heeft de laag benoemd die al die tijd in het zicht verborgen lag. Nu kunnen we niet langer doen alsof het omhulsel onschuldig is.

Over Fons Trompenaars
Fons Trompenaars is organisatiewetenschapper, auteur van onder meer Riding the Waves of Culture en oprichter van Trompenaars Hampden-Turner. Hij werkt samen met Aslander aan een academisch paper over de wetenschappelijke grondslagen van Informatieautonomie.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

    Personen

      Trefwoorden

        Artikelen