Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Recensie

No Risk No Fun - Zeer lezenswaardig

Organisaties zijn tegenwoordig gericht op het minimaliseren van risico’s. Voor het beheersen (vaak minimaliseren) van risico’s zijn functies als risicomanager in het leven geroepen, soms zelfs tot op bestuursniveau van een organisatie. De schrijvers van No Risk, No Fun, risico’s nemen met gezond verstand zijn van mening dat risico’s in perspectief moeten worden gezien, oftewel met gezond verstand bekeken worden.

Jan Hoogstra | 2 augustus 2017 | 4-5 minuten leestijd

’T Hart en Pennings hebben geprobeerd met hun boek No Risk, No Fun, risico’s nemen met gezond verstand het standaardwerk neer te zetten op het gebied van risicomanagement. Het is bedoeld als zowel praktijkboek als leerboek voor opleidingen. Dit creëert hoge verwachtingen. Belangrijk vinden ze het kennis opdoen van de risico’s om met gezond verstand keuzes te maken, dit blijkt ook uit de subtitel. In het boek komt dan ook vaak de titel (K)no(w) risk, (k)no(w) fun terug. In de inleiding wordt eerst nog risicomanagement gedefinieerd als een werkwijze (systematisch en continu nagaan hoe je risico’s wilt beheersen) en een houding (hoe je tegen risico’s aankijkt en wat je eraan gaat doen).

Het boek bevat vijf clusters en in totaal vijftien hoofdstukken. Het is doorspekt met praktijkverhalen en enkele long cases (verhalen die meer uitgewerkt zijn). De vijf clusters zijn:

1. Strategie en het onverwachte (willen) (kunnen) weerstaan

2. Zelfreflectie met gezond verstand

3. Het organiseren van risicomanagement

4. Risico’s kwantificeren

5. Besluitvorming en risicomanagement.

Het eerste cluster geeft definities van risico en geeft aan waarom een risico niet alleen negatief is, maar ook een kans kan vormen. Belangrijk is het bepalen van je risk appetite, hoeveel risico wil je als organisatie lopen? Daarbij heb je een aantal primaire risicohoudingen, zoals vermijden, neutraal en opzoeken. Risico’s worden geclassificeerd: extern, strategisch en te voorkomen en kunnen op een prioriteitenmatrix geplot worden. Een risicostrategiekaart wordt geïntroduceerd als basis voor goed strategisch risicomanagement. In deze kaart wordt overzicht gecreëerd tussen strategie, kritische succesfactoren, risico’s en de beheersing ervan. Een dergelijke kaart geeft in een beknopt format de essentie weer van risicomanagement. Interessant vond ik ook het uitgangspunt dat de schrijvers introduceren om altijd vanuit de rol van Gezagvoerder van een vliegtuig naar risico’s te kijken. Hierdoor krijg je een goed overall beeld en ben je bewust van je positie. Bovenal is het belangrijk om het gesprek aan te gaan over risico’s, om je beeld niet te eenzijdig te laten zien.

Het tweede cluster gaat in op hoe je zelf omgaat met risico’s en hoe groepen omgaan met risico’s en de bespreking daarvan. Groepsdynamiek en de valkuilen daarin worden beschreven. Tegenspraak is daarbij belangrijk om te organiseren. Vervolgens wordt geschetst hoe we gezond verstand kunnen inzetten op het gebied van risicomanagement en waarom we behoefte blijven houden aan beheersing. Fouten zullen blijven bestaan, het omgaan met fouten om daarvan te kunnen leren is daarbij essentieel. De gereedschapskist hiervoor is beschreven in het laatste hoofdstuk van het tweede cluster.

Risicomanagement moet georganiseerd worden in een organisatie, een risicomanager moet benoemd worden. Dit zijn onderdelen van het derde cluster. Daarbij wordt ook de termen High Reliability Organisatie en risicoregelreflex ingevoerd. Een HRO is een organisatie die superalert is, zodat een hoge mate van veerkracht en vasthoudendheid ontwikkeld kan worden, zodat medewerkers beter in staat zijn om te kunnen gaan met ongewenste en onverwachte gebeurtenissen. Een risicoregelreflex is de neiging om als vanzelfsprekend voortdurend risico’s te willen verminderen. Hier begon ik mijn inleiding al mee, dit zie ik in veel organisaties ontstaan, wat juist belemmerend gaat werken. Het creëren van een HRO is de aanpak die veel beter werkt volgens mij.

Een moeilijk aspect is het kwantificeren van risico’s, deze zijn niet alleen in cijfers uit te drukken. Het vierde cluster geeft hier handvatten voor, waarbij gezond verstand wederom leidend moet zijn. Enkele statistische termen komen om aan bod, zoals normaalverdeling, centrale limietstelling en Monte Carlo-simulatie. Rekenmodellen en het kwalificeren van experts wordt kort toegelicht.

Het laatste cluster ten slotte gaat over besluitvorming en het gebruik van gezond verstand daarbij. Deze twee hoofdstukken vormen feitelijk de samenkomst van alle voorgaande hoofdstukken, hier wordt alles geïntegreerd aan de hand van een checklist en bijbehorende adviezen.

No Risk No Fun is zeer lezenswaardig en geeft een goede inkijk in het vak van risicomanagement. Over het algemeen zijn de onderwerpen uit het boek niet nieuw, maar vooral de laatste twee hoofdstukken knopen alles aan elkaar, waardoor verbanden gelegd worden en het totaalperspectief gezet wordt. De laatste twee hoofdstukken bevatten ook een checklist met negentien vragen en bijbehorende adviezen (door schrijver als handvatten getypeerd). Dit lijkt een zeer goed bruikbare checklist te zijn, die alle facetten die in het boek beschrijven staan, afdekt. Ik ben erg benieuwd hoe de risicomanagers die hier dagelijks mee werken, tegenaan kijken!

Jan Hoogstra is zelfstandige, IT-consultant. Hij voert opdrachten uit op het gebied van beoordeling en advisering over IT-gerelateerde onderwerpen in de zorgbranche. Zo is hij programmamanager, projectmanager en adviseur op het gebied van bijvoorbeeld IT-strategie en pakketselecties.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

Robert 't Hart, René Pennings
No Risk No Fun

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden