Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
3 december 2008 | Carla Verwijs

Hoe is het in het Nederlands bedrijfsleven met creativiteit gesteld? Hoger dan een magere 6+ komt de score niet, blijkt uit een onderzoek uitgevoerd onder de lezers van Het Financieele Dagblad. Peter ten Hoopen en Marleen Janssen Groesbeek beschreven dit onderzoek in 'Oh, wat zijn we creatief!' De titel klinkt cynisch, maar een 6+ is ook niet echt iets om trots op te zijn.

De deelnemers aan het onderzoek van Het Financieele Dagblad vinden zichzelf wel creatief. Bovendien zetten ze hun eigen bedrijf op plek 3 van meest creatieve bedrijven. De schuld voor het gebrek aan creativiteit leggen de deelnemers bij anderen: de organisatie, het management, de manier van werken enzovoort. En dat terwijl de onderzoekers juist concluderen dat het individu zelf het grootste obstakel is. Creativiteit staat bol van paradoxen en het onderzoek bevestigt daarmee wat we in veel boeken over creativiteit lezen.

Jarenlang hebben managers moeten focussen op efficiency en controle, veelal om aandeelhouders en toezichthouders van het bedrijf tevreden te houden. Dit heeft geleid tot een risicomijdende houding, die funest is voor het stimuleren van creativiteit. 'We gaan met ons allen aan efficiency ten onder', stellen Peter ten Hoopen en Marleen Janssen Groesbeek. Onder de deelnemers heerst ook grote angst om fouten te maken. Zo kiezen ze liever voor iets ouds dat werkt dan een onbeproefde noviteit.

Schokkend is het te lezen dat in veel bedrijven een cultuur heerst die aangedragen, onuitgewerkte ideëen stelselmatig de kop indrukt. Het is belangrijk dat bedrijven medewerkers de ruimte geven creatieve vermogens te ontwikkelen. 'Ondernemen is risico nemen, creatief en innovatief zijn, en daarmee rendement leveren voor de aandeelhouders', zo concluderen Ten Hoopen en Janssen Groesbeek.

Gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel. De stellingen over inspiratie, creatieve instelling en belangstelling voor creativiteit scoren hoog. De deelnemers hebben veel plezier in het werk en ze staan open voor de ideëen van anderen. De basisvoorwaarden voor creativiteit zijn dus wel degelijk aanwezig. Er moet nog veel werk worden verricht aan het gevoelsleven, dat weinig spontaniteit vertoont, en het geloof in 'command and control', dat werkt als een drempel creativiteit.

Het onderzoek, uitgevoerd onder 859 lezers van Het Financieele Dagblad, bestond uit 84 stellingen. Hieruit leidden de onderzoekers een rapportcijfer af. Daarnaast werden 5 open vragen gesteld, over de definitie van creativiteit, de stimulans en de rem op creativiteit. De beschrijving van de resultaten wordt in 'Oh, wat zijn we creatief' afgewisseld met interviews met creativelingen, zoals een kok, kunstenaar, fysicus en een hoteleigenaar. Daarnaast bevat het boek enkele columns waarin gereageerd wordt op de uitkomsten van het onderzoek.

Persoonlijk heb ik problemen met de manier waarop het onderzoek is opgesteld. Het is duidelijk dat de onderzoekers niet geverifieerd hebben of stellingen op meerdere manieren interpreteerbaar zijn. Neem de stelling : 'Ik ben tevreden als mijn medewerkers de doelen halen.' Het zou toch een rare situatie zijn als managers boos worden als medewerkers een doel halen, omdat ze dan niet creatief zijn. Bovendien, waar zijn doelen dan voor? Ik begrijp heus wel wat achterliggende gedachte is - teveel op doelen gericht zijn, beperkt de creativiteit. Maar dat is niet wat er staat in de stelling. Het woordje 'enkel' ertussen ('Ik ben enkel tevreden...') zou al beter zijn, is mijn indruk.

Gelukkig hebben de onderzoekers veel stellingen opgesteld, waardoor stellingen die voor meerdere interpretaties vatbaar zijn, het totale beeld niet verstoren. Ik ben benieuwd of een dergelijk creativiteitsonderzoek regelmatig herhaald gaat worden. Misschien scoort het bedrijfsleven over een paar jaar wel een dikke 8. Dan hebben de auteurs hun geheime agenda, creativiteit een impuls geven, zeker bereikt!


Oh, wat zijn we creatief!
3 december 2008 | Carla Verwijs

Hoe is het in het Nederlands bedrijfsleven met creativiteit gesteld? Hoger dan een magere 6+ komt de score niet, blijkt uit een onderzoek uitgevoerd onder de lezers van Het Financieele Dagblad. Peter ten Hoopen en Marleen Janssen Groesbeek beschreven dit onderzoek in 'Oh, wat zijn we creatief!' De titel klinkt cynisch, maar een 6+ is ook niet echt iets om trots op te zijn. De deelnemers aan het onderzoek van Het Financieele Dagblad vinden zichzelf wel creatief. Bovendien zetten ze hun eigen bedrijf op plek 3 van meest creatieve bedrijven. De schuld voor het gebrek aan creativiteit leggen de deelnemers bij anderen: de organisatie, het management, de manier van werken enzovoort. En dat terwijl de onderzoekers juist concluderen dat het individu zelf het grootste obstakel is. Creativiteit staat bol van paradoxen en het onderzoek bevestigt daarmee wat we in veel boeken over creativiteit lezen.

Jarenlang hebben managers moeten focussen op efficiency en controle, veelal om aandeelhouders en toezichthouders van het bedrijf tevreden te houden. Dit heeft geleid tot een risicomijdende houding, die funest is voor het stimuleren van creativiteit. 'We gaan met ons allen aan efficiency ten onder', stellen Peter ten Hoopen en Marleen Janssen Groesbeek. Onder de deelnemers heerst ook grote angst om fouten te maken. Zo kiezen ze liever voor iets ouds dat werkt dan een onbeproefde noviteit.

Schokkend is het te lezen dat in veel bedrijven een cultuur heerst die aangedragen, onuitgewerkte ideëen stelselmatig de kop indrukt. Het is belangrijk dat bedrijven medewerkers de ruimte geven creatieve vermogens te ontwikkelen. 'Ondernemen is risico nemen, creatief en innovatief zijn, en daarmee rendement leveren voor de aandeelhouders', zo concluderen Ten Hoopen en Janssen Groesbeek.

Gelukkig is het niet allemaal kommer en kwel. De stellingen over inspiratie, creatieve instelling en belangstelling voor creativiteit scoren hoog. De deelnemers hebben veel plezier in het werk en ze staan open voor de ideëen van anderen. De basisvoorwaarden voor creativiteit zijn dus wel degelijk aanwezig. Er moet nog veel werk worden verricht aan het gevoelsleven, dat weinig spontaniteit vertoont, en het geloof in 'command and control', dat werkt als een drempel creativiteit.

Het onderzoek, uitgevoerd onder 859 lezers van Het Financieele Dagblad, bestond uit 84 stellingen. Hieruit leidden de onderzoekers een rapportcijfer af. Daarnaast werden 5 open vragen gesteld, over de definitie van creativiteit, de stimulans en de rem op creativiteit. De beschrijving van de resultaten wordt in 'Oh, wat zijn we creatief' afgewisseld met interviews met creativelingen, zoals een kok, kunstenaar, fysicus en een hoteleigenaar. Daarnaast bevat het boek enkele columns waarin gereageerd wordt op de uitkomsten van het onderzoek.

Persoonlijk heb ik problemen met de manier waarop het onderzoek is opgesteld. Het is duidelijk dat de onderzoekers niet geverifieerd hebben of stellingen op meerdere manieren interpreteerbaar zijn. Neem de stelling : 'Ik ben tevreden als mijn medewerkers de doelen halen.' Het zou toch een rare situatie zijn als managers boos worden als medewerkers een doel halen, omdat ze dan niet creatief zijn. Bovendien, waar zijn doelen dan voor? Ik begrijp heus wel wat achterliggende gedachte is - teveel op doelen gericht zijn, beperkt de creativiteit. Maar dat is niet wat er staat in de stelling. Het woordje 'enkel' ertussen ('Ik ben enkel tevreden...') zou al beter zijn, is mijn indruk.

Gelukkig hebben de onderzoekers veel stellingen opgesteld, waardoor stellingen die voor meerdere interpretaties vatbaar zijn, het totale beeld niet verstoren. Ik ben benieuwd of een dergelijk creativiteitsonderzoek regelmatig herhaald gaat worden. Misschien scoort het bedrijfsleven over een paar jaar wel een dikke 8. Dan hebben de auteurs hun geheime agenda, creativiteit een impuls geven, zeker bereikt!


Lekker weertje, hè
18 september 2008 | Ben Kuiken

Het boek Oh, wat zijn we creatief! van consultant Peter ten Hoopen en FD-journalist Marleen Janssen Groesbeek bevat weinig verrassingen, maar blijkbaar moeten we sommige boodschappen vaak horen om het tot ons te laten doordringen.

Het is met creativiteit eigenlijk net als met het weer: er wordt veel over geklaagd, en eigenlijk is het nooit goed. Maar net zo goed als dat het in ons land minder vaak regent dan het gekanker zou doen vermoeden, valt het ook reuze mee met het Hollandse innovatievermogen. Denk aan kunstgras, Senseo en Tomtom, om maar enkele in het oog springende voorbeelden van recente Nederlandse vindingen te noemen. Of om met Balkenende, de voorzitter van het Innovatieplatform, te spreken: ‘Laten we blij zijn met elkaar.’

Maar het kan natuurlijk altijd beter. En bovendien hebben sommige organisaties wel degelijk een groot probleem met creativiteit (of innovatie, een woord dat de auteurs van het boek Oh, wat zijn we creatief! wijselijk vermijden). Het gaat dan vooral om organisaties die strak worden aangestuurd, waar de spreadsheet heerst en waar de hoge rendementseisen alle ruimte voor vernieuwing bij voorbaat doodslaat. Als het boek Oh, wat zijn we creatief! en het daaraan ten grondslag liggende creativiteitsonderzoek één ding duidelijk maakt, dan is het wel de spagaat waar dergelijke bedrijven in zitten. De auteurs, consultant Peter ten Hoopen en FD-journalist Marleen Janssen Groesbeek, noemen het zelfs de bedrijfsparadox van de 21ste eeuw: ‘Terwijl ondernemingen om te overleven [...] steeds creatiever en innovatiever moeten worden, is de controle op de onderneming en haar mensen [...] alleen maar groter geworden. Creativiteit kan alleen maar gedijen in een vrije, soms wat chaotische omgeving waar mensen dingen laten gebeuren, maar dat mogen ondernemingen [...] allang niet meer.’

De vraag is natuurlijk of die ondernemingen een probleem hebben met creativiteit of met hun besturingsmodel. Eigenlijk is het gewoon ‘eigen schuld, dikke bult’. Moet je maar niet zo stom zijn om je uit te leveren aan het grote geld van de aandelenmarkten en de adviezen van duurbetaalde adviseurs. Leuk voor de portemonnee, maar dodelijk voor de creativiteit (die goed gevulde portemonnee trouwens ook). De les die uit het boek opstijgt, is dus eigenlijk een heel eenvoudige en ook niet nieuw: stop met die onzin, en ga weer wat leuks doen! Binnen de muren van die onderneming gaat dat je niet lukken, dus begin voor jezelf of ga aan de slag bij een kleine, creatieve club. Dat wist u natuurlijk al lang, maar ja, sommige boodschappen moeten blijkbaar vaak herhaald worden om tot onze botte hersens door te dringen. Als dit boek, en vooral de interviews en columns over creativiteit daartoe bijdragen, is de missie zeker geslaagd. En nou ophouden met klagen, laten we blij zijn met elkaar!


Peter ten Hoopen, Marleen Janssen Groesbeek
Oh, wat zijn we creatief!

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden