Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Interview

Dan Roam

‘Je begrijpt iets pas echt als je het ook kunt uittekenen’

Het evenwicht tussen ons verbale en visuele brein is uit balans, zegt de Amerikaanse consultant Dan Roam in Bla Bla Bla - Wat te doen als woorden niet werken. We praten zo veel dat we ten onrechte zijn gaan denken dat we de wereld ook begrijpen. Zonder visuele ondersteuning missen we echter vaak het overzicht. ‘Het is onmogelijk om de Griekse schuldencrisis uit te leggen met alleen woorden.’

Jeroen Ansink | 26 maart 2013 | 4-6 minuten leestijd

De titel van uw boek geeft het al aan: we praten te veel.
Klopt. Het lijkt erop dat we zo onder de indruk zijn van ons eigen spraakvermogen dat we denken dat we de wereld veel beter begrijpen dan we eigenlijk doen. Woon een willekeurige vergadering bij en grote kans dat het gros van wat gezegd wordt absoluut geen betekenis heeft. Het is wat Albert Einstein destijds al heeft opgemerkt: als je je idee niet kunt uitleggen aan een tiener dan snap je het zelf waarschijnlijk ook niet. En de beste manier om dat te doen is door middel van illustraties. Het doel van ‘Bla Bla Bla’ is om je ideeën door middel van een aantal simpele tekeningetjes opnieuw te doordenken, zodat ze kristalhelder worden voor jou en onvergetelijk voor een ander.

Waarom illustraties? We zouden het onszelf ook kunnen aanleren om duidelijker te praten.
Omdat woorden vaak tekortschieten. Probeer de impact van de Griekse schuldencrisis op Europa maar eens uit te leggen in een gesprek. Dat is onmogelijk. Het probleem is te complex, er zijn te veel factoren die onderling en op verschillende dimensies met elkaar verbonden zijn. De enige manier om de kwestie te begrijpen, is door het in beeld te brengen, bijvoorbeeld door middel van een kaart waarin je kunt zien hoe de verschillende factoren elkaar beïnvloeden. Ik zeg niet dat je daarmee ook een oplossing hebt, maar je kunt in ieder geval zien waar je die moet zoeken. Dat is overigens niet alleen míjn mening. Het visuele zit evolutionair in ons ingebakken.

Waar blijkt dat uit?
Pakweg de helft tot zestig procent van onze denkcapaciteit is op de een of andere manier gekoppeld aan het visuele proces. Dat is vele malen meer dan wat we voor ons spraak- en luistervermogen hebben gereserveerd. Toch maken we nauwelijks gebruik van de mogelijkheden die ons brein ons op dat gebied geeft. Dat begint al op school. Mijn twee dochters worden op de lagere school getraind in het oplossen van problemen door er een werkstuk over te schrijven. De verhouding tussen de verbale en de visuele geest is volkomen uit balans.

Hoe zijn we dat evenwicht kwijtgeraakt?
We hebben ons de afgelopen vijfduizend jaar steeds meer gericht op ons spraakvermogen, tot het punt dat we onze visuele brein bijna helemaal naar de marge hebben verbannen. Deze ontwikkeling is onderdeel van een dieper, filosofisch probleem. We denken dat intelligentie gelijkstaat aan welbespraaktheid, en zijn ervan overtuigd dat als we een probleem met woorden kunnen beschrijven, we het ook doorgronden. Ik ben het daar categorisch mee oneens. Eloquentie is weliswaar een teken van intelligentie, maar het is er maar één aspect van.

Toch hebben we de afgelopen duizenden jaren enorme vooruitgang gemaakt.
Is dat een reden om genoegzaam achterover te leunen? De mensheid staat momenteel voor enorme problemen, zoals klimaatverandering, hervormingen in de gezondheidszorg of het voortbestaan van de Europese Unie. Naarmate de complexiteit daarvan toeneemt wordt het steeds minder waarschijnlijk dat we ons daar uit kunnen praten. Kijk naar het wankele evenwicht tussen linkse en rechtse politieke partijen in landen als de Verenigde Staten of Nederland. De verschillen tussen beide kampen zijn enorm, maar verkiezingen worden steeds vaker beslist met piepkleine marges. Er is duidelijk iets mis in de manier waarop we onze ideeën communiceren.

Dankzij de populariteit van smartphones en iPads lijkt de samenleving de laaste jaren sowieso steeds visueler te worden. Sommige critici zijn echter van mening dat we daardoor juist dommer worden.
Het klopt dat we de neiging hebben om te stoppen met lezen en ons op beeld te concentreren. Maar dat is niet de schuld van de illustraties. Ik denk dat we momenteel historische definities van intelligentie vermengen met technologieën die we nog niet helemaal begrijpen. Het is makkelijk om te zeggen dat we dommer worden, want dat zeggen we al eeuwen. De Grieken verzetten zich al tegen het schrift, omdat ze bang waren dat dat ten koste zou gaan van ons herinneringsvermogen. Elke nieuwe technologie heeft goede en slechte kanten. Als ik mijn dagen doorbreng met het lezen van Twitter-berichten in plaats van Oorlog en Vrede, ben ik dan dommer? Ik weet het niet. Maar als we dan toch steeds visueler worden, laten we er dan in ieder geval voor zorgen dat de beelden die we tot ons nemen ook betekenis hebben.

Moeten we dan maar ophouden met praten?
Het is juist de kunst om het allebei te doen. Praten is ondanks alles een cruciaal onderdeel van ons denkproces. Als we dat kunnen combineren met het visuele aspect kunnen we onze ideeën niet alleen verduidelijken, maar kunnen we er ook naar handelen.

U heeft ongetwijfeld een manier gevonden om dat inzichtelijk te maken.
Ja, haha, onder meer via de metafoor van de kolibri en de vos. De vos is scherpzinnig, lineair, en analytisch, en daarmee perfecte vertegenwoordiger van de verbale geest. De kolibri is daarentegen spontaan, ziet verbanden en lijkt soms op vier plekken tegelijk te zijn. Die elementen symboliseren onze visuele geest, die moeite heeft om in één lijn van A naar B te gaan, maar aan de andere kant uitblinkt in het zien van het overzicht en het onderscheiden van patronen. Stel dat je de weg moet vragen omdat je verdwaald bent. De vos zal je instructies geven om zo veel meter rechtdoor te gaan en daar en daar rechtsaf te slaan, terwijl de kolibri je bestemming aanwijst op een landkaart. Het zijn allebei manieren om thuis te komen, maar gecombineerd gaat het veel sneller. Zo werkt het met alle problemen. Je doorgrondt iets pas echt als je er zowel over kunt praten als het kunt uittekenen.

Over Jeroen Ansink
Jeroen Ansink (Utrecht, 1970) is financieel-economisch journalist. Sinds 1998 woont en werkt hij in New York, aanvankelijk als correspondent voor FEM Business, later ook voor bladen als HP/De Tijd, Management Team, Forum en Fortune.com. Voor Managementboek schrijft hij interviews, recensies, en summaries. Ansink voltooide een vrij doctoraal in de Letteren aan de Radboud Universiteit in Nijmegen (adoptierichting geschiedenis) en behaalde het certificaat Business Journalism aan de Wharton Business School aan de Universiteit van Pennsylvania.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden