Recensie

Tussenruimte - ‘Verplichte kost, niet alleen voor ambtenaren’

Wat doe je als regels correct worden toegepast, maar de uitkomst toch onrechtvaardig voelt? In Tussenruimte laat Maartje Kemme zien hoe professionals signalen van knellende regels kunnen herkennen en omzetten in verbeteringen. Recensent Christel Deckers ontdekt praktische instrumenten om de kloof tussen systeemwereld en leefwereld te verkleinen. Een waardevol werkboek voor iedere organisatie.

Christel Deckers | 27 oktober 2026 | 3-4 minuten leestijd

Tussenruimte van Maartje Kemme is verplichte kost, niet alleen voor ambtenaren, maar voor iedere werkende! Kemme schreef dit boek voor een signaalvaardige overheid, maar wat mij betreft is het van belang voor elke organisatie.Ik ken de woorden regelruimte en ritselruimte, en nu dus ook het woord tussenruimte.

Het woord regelruimte ken ik vanuit de zorg, waar managers een deel van hun budget ‘vrij mogen besteden’ of een deel van hun tijd en die van hun medewerkers mogen gebruiken om nieuwe dingen uit te proberen. En ik ken natuurlijk het woord ritselruimte. Dat is volgens mij de ruimte die je vindt als je tussen de regels door leest om dingen naar je hand te zetten of voor elkaar te krijgen. Het gaat dan om zaken die strikt genomen niet mogen, maar eigenlijk toch wel zouden moeten kunnen of oogluikend worden toegestaan.

En dan nu tussenruimte. Die ruimte is er niet vanzelfsprekend. Als die nodig is, en ik leg zo meteen uit waarom en wanneer dat zo is, zijn er instrumenten om die tussenruimte te creëren.

Systeemwereld en leefwereld: als regels knellen

Volgens de regels kan het, maar klopt het ook? Handel je naar de letter of naar de geest van de regels? Wat is de bedoeling en sluit de systeemwereld aan op de leefwereld? En soms weet je wel wat je moet doen, maar ben je ook daadwerkelijk in staat om het uit te voeren?

Wat als er sprake is van regels die elkaar tegenwerken of tegenspreken? Of als burgers tussen wal en schip vallen, zoals in het voorbeeld van Joost, dat Kemme uitgebreid beschrijft en dat uiteindelijk goed afloopt?

Hoe zorg je er als professional voor dat je klant zo goed mogelijk geholpen wordt? En wat is dan zo goed mogelijk? Vanuit wiens perspectief?

Kemme signaleert terecht dat er meer beleid is gemaakt, en nog steeds wordt gemaakt, gericht op handhaving en fraudebestrijding dan op vroegsignalering en het voorkomen en herstellen van schade. Dat zegt iets over de maatschappij waarin we leven en het vertrouwen dat we hebben in elkaar en in organisaties.

Professionele buikpijn herkennen en bespreekbaar maken

In acht hoofdstukken zet Kemme helder uiteen met welke methoden en technieken we tussenruimte kunnen creëren, voor wie die belangrijk is en waarom.

Allereerst gaat het om het herkennen van zogenaamde professionele buikpijn. Je weet bijvoorbeeld dat iets niet rechtvaardig is, maar volgens de letter van het beleid moet je het toch zo uitvoeren. En daar krijg je als professional buikpijn van.

De tweede stap is het erkennen en delen van dergelijke signalen, om vervolgens, als derde stap, actie te ondernemen. Ten slotte gaat het om het herkennen van patronen en daarvan leren, zodat het systeem kan worden aangepast.

Kortom: een lerende organisatie!

Dat klinkt simpel, maar dat is het niet. Kemme legt helder uit waarom het in de praktijk zo ingewikkeld is. Lees bijvoorbeeld het hoofdstuk over maatwerkplaatsen.

Tussenruimte als werkboek voor een lerende organisatie

Gelukkig blijft het niet bij uitleg alleen. Kemme geeft de lezer ook een aantal instrumenten in handen om concreet aan de slag te gaan. Zo zijn er bijvoorbeeld de tool Garage Bedoeling en de perspectiefcirkel. Ik raad je aan om hier uitgebreid aandacht aan te besteden.

Soms moest ik wel even slikken en me door wat jargon heen ploeteren, zoals casusprudentiesysteem en ecosysteemdenken. Maar alles voor het goede doel, denk ik dan maar. En dat doel is dat je je goed geholpen voelt door je overheid.

Tussenruimte is geen leesboek, maar een werkboek. Een boek dat mij ervan heeft overtuigd dat er werk aan de winkel is. Gelukkig heb ik niets tegen hard werken en kan ik de inzichten uit dit boek meteen op mijn eigen klanten uitproberen.

Tot slot: het motto dat ik graag van Maartje Kemme overneem: ‘Onze overheid als grote vriendelijke reus!’ Een mooi en lovenswaardig streven.

Over Christel Deckers
Christel Deckers is een onafhankelijk denker, expert op het gebied van governance, change management, innovatie en digitalisering. Zij is gepromoveerd aan de Business School of Economics in Nijmegen en doet onderzoek naar Bestuur en Toezicht in de zorg. Kernwoorden in haar werk zijn: We doen het samen, met plezier naar je werk en de juiste mens op de juiste plek.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

Producten

    Auteurs

      Trefwoorden

        Artikelen