Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20

Recensie

Vermalen door eigen managers

Jarenlang werkt topambtenaar Arthur Gotlieb met veel plezier bij de Nederlandse Zorgautoriteit. Maar vanaf 2010 wordt hij tegengewerkt en buitengesloten. Zijn beoordelingen zijn opeens onvoldoende, waarna hij een uitgebreid bezwaarschrift indient. Vlak voor een afspraak hierover met de hoogste NZa-baas, begin dit jaar, pleegt Gotlieb zelfmoord. Zijn broer bezorgt het bezwaarschrift bij de NRC die er meerdere malen over publiceert. De NZa-top is inmiddels opgestapt, begin september verscheen het boek Operatie werk Arthur de deur uit (‘Dagboek van een ongewenste werknemer’).

Paul Groothengel | 9 september 2014 | 6-8 minuten leestijd

Het boek is een onthutsend, minutieus, goed onderbouwd betoog van een werknemer die het totaal niet eens is met zijn negatieve werkbeoordelingen, en op zoek gaat naar het waarom. De twee NRC-redacteuren die het boek hebben samengesteld, Joep Dohmen en Jeroen Wester, noemen het verhaal van Arthur Gotlieb hartverscheurend. Dat is het ook. Je leest hoe iemand langzaam maar zeker op nietsontziende wijze wordt fijngemalen door zijn eigen managers.

Arthur Gotlieb groeit op in Groningen, in een beschermde omgeving. Vader was pianist, moeder jurist. Gotlieb doorloopt het gymnasium, studeert vervolgens af als bedrijfseconoom. Hij werkt eerst tien jaar voor de Amerikaanse bedrijven Digital en Sara Lee. In 1999 stapt hij over naar de voorganger van de NZa. Gotlieb is vrijgezel, werkt keihard, zijn werk is alles voor hem.

Hij klimt al snel in de hiërarchie van de NZa, de onafhankelijke toezichthouder op zowel zorgverzekeraars als zorgaanbieders, die in 2006 ontstond met de komst van het nieuwe zorgstelsel, gebaseerd op ‘gereguleerde marktwerking’. De NZa, die onder toezicht valt van de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, kreeg een groot aantal taken toebedeeld, van regulering tot handhaving, van advisering tot toezicht.

Persona non grata

Gotlieb houdt zich ondermeer bezig met het dossier ‘dure medicijnen voor ziekenhuizen’, waarvoor de NZa mede besliste over de (maximaal toegestane) tarieven. Hij groeit uit tot een autoriteit op zijn vakgebied, wordt vaak geconsulteerd door collega’s en partijen uit de zorgsector. Vanaf 2010 is Gotlieb opeens persona non grata binnen de NZa. Voor belangrijke vergaderingen op zijn vakgebied wordt hij niet meer uitgenodigd, hij krijgt er steeds meer taken bij, zijn roep om hulp wordt niet gehonoreerd. Als Gotlieb het idee krijgt dat zijn bazen hem ‘eruit willen werken’, wordt hij angstig. Zijn huisarts schrijft hem antidepressiva voor, die hij tot zijn dood zal blijven slikken. Zijn managers geven hem opeens onvoldoendes voor zaken als ‘analytisch vermogen’ en ‘omgevingsbewustzijn’. Dat terwijl hij aantoonbaar zeer analytisch is, wat volgens de twee NRC-journalisten ook blijkt uit zijn gedegen bezwaarschrift. En wat is nou precies ’omgevingsbewustzijn’? Hoe meet je dat? En hoe verbeter je iemands omgevingsbewustzijn? Het is een vage term, concludeert Gotlieb, waar zijn bazen naar eigen goeddunken van alles van kunnen maken.

Onbeantwoorde mails
Het wordt Gotlieb duidelijk dat ze een spelletje met hem spelen, en van hem af willen. Niet alleen omdat er een reorganisatie aankomt, waarbij vooral gesneden zal worden in de hoeveelheid senior medewerkers als Gotlieb, maar vooral omdat Gotlieb niet schroomt om allerlei misstanden intern aan de kaak te stellen. Zo wijst hij managers op de enorme hoeveelheden e-mails die ze niet beantwoorden (bij een staat de teller op 247 onbeantwoorde mails), waarna hij de boze afzenders, allerlei belanghebbenden uit de zorgsector, moet bellen met uitleg waarom de NZa maar geen antwoord geeft.

Een ander thema dat Gotlieb aansnijdt, is het gemak waarmee binnen de NZa wordt omgesprongen met concurrentiegevoelige informatie van zorgverzekeraars en ziekenhuizen, en met medische dossiers van patiënten. Al die informatie is te vinden op de V-schijf die voor iedereen, dus ook uitzendkrachten en interimmers, binnen de NZa heel makkelijk toegankelijk is.

Smeren en fêteren
Een derde thema dat al uitgebreid in het nieuws is geweest - en dat in juni bijdroeg aan het vertrek van Theo Langejan en Eitel Homan, de twee topbestuurders van de NZa - is het uitbundige reis- en declaratiegedrag van het NZa-management. Ze lopen allerlei meerdaagse congressen af van medicijnfabrikanten, zoals Pfizer en andere belanghebbenden, en laten zich in exotische oorden uitgebreid in de watten leggen. Soms met partner, en alles wordt voor hen betaald. Hilarisch is Gotliebs beschrijving van de hotelovernachtingen à 700 euro per nacht per suite waar de zorgbobo’s kunnen genieten van hun eigen zwembad en privéstrand, met uitzicht op de Middellandse Zee. Een toezichthouder die onafhankelijk moet kunnen oordelen moet zich verre houden van dit soort intieme ‘dating-voor-bobo’s’, stelt Gotlieb terecht. Zelf vermijdt hij iedere schijn van omkoping, zelfs een lullig flesje wijn stuurde hij nog terug naar de afzender, aldus zijn collega’s.

Gotlieb heeft in de laatste zes jaar bij de NZa vijf managers gehad. Ieder krijgt een apart hoofdstuk in het boek, en wordt zorgvuldig gefileerd. De ene manager komt nooit zijn afspraken na, de ander slijmt naar boven en trapt naar beneden. De derde manager vraagt zijn mensen om feedback, maar ontploft zodra Gotlieb voorzichtig met die feedback begint. Van weer een andere manager hoort of ziet hij nooit wat, maar krijgt hij wel zeer negatieve beoordelingen in de jaarlijkse ‘Vlootschouw’. Wat zijn managers wel goed doen: de projecten die heel zichtbaar zijn en die goed zijn voor hun eigen imago.

Toch naar buiten
Spreekt hier een gefrustreerd iemand, verzuurd omdat hij bijvoorbeeld geen promoties en gratificaties kreeg, waar zijn incompetente managers wel mee aan de haal gingen? Dat is lastig te beoordelen voor buitenstaanders. Gotlieb werkt naar de letter van de wet, terwijl zijn bazen naar de geest van de wet handelen. De karrenvrachten aan bewijsmateriaal lijken het gelijk van Gotlieb te illustreren. Hij wil overigens niet naar buiten met zijn bezwaarschrift, wil de NZa niet beschadigen, en wil zelf niet uitgroeien tot een klokkenluider zoals Ad Bos, de man die de bouwfraude onthulde en eindigde in een camper.

Dat het nu toch in de openbaarheid is gekomen, is een beslissing geweest van zijn broer Marcel, die na zijn dood vier keurig gerangschikte, identieke usb-sticks vindt, met daarop het complete bezwaarschrift, inclusief bandopnames van gesprekken en ander bewijsmateriaal. Marcel Gotlieb vat dat op als een uitnodiging van Arthur om er dan toch mee naar buiten te treden. Hij wacht eerst het gesprek met NZa-baas Theo Langejan af, maar als dat uitermate teleurstellend verloopt, stuurt Marcel Gotlieb het bezwaarschrift naar de NRC, ‘de krant die Arthur dagelijks las’.

Schimmige rol VWS
Door het verhaal van Gotlieb en latere publicaties in het NRC komt ook de wonderlijke verhouding tussen het ministerie van VWS en toezichthouder NZa in de schijnwerkers te staan. Gotlieb toont aan dat VWS achter de schermen de NZa onder druk zet om anderhalf miljoen euro extra subsidie toe te kennen aan Oogziekenhuis Rotterdam. Het kan nog veel gekker: later komt ook naar buiten dat op dezelfde wijze honderd miljoen euro is gefourneerd aan het Erasmus Medisch Centrum. Dat brengt minister Schippers er in april toe een onafhankelijke, externe commissie in te stellen, onder leiding van oud-topambtenaar Hans Borstlap. Die rapporteert begin september dat VWS de NZa onder druk zette en dat de schijn bestaat van ‘ongerechtvaardigde inmenging’.

Over Arthur Gotlieb schrijft deze commissie ‘dat hij werd verwaarloosd, genegeerd en uitgesloten van belangrijke vergaderingen’. En dat zijn managers het ‘kennelijk aan managementvaardigheden en empathie’ ontbrak. Borstlap stelde verder voor dat de NZa zou moeten worden opgesplitst, gezien de dubbele taak van regelgeving en handhaving. En dat de NZa eindelijk eens een Raad van Toezicht zou moeten krijgen.

Al met al is Operatie werk Arthur de deur uit een ontluisterend en grimmig verhaal. Goed geschreven en bij tijd en wijle zeer geestig. Zo schrijft Gotlieb over een manager die wel erg vaak buiten de deur luncht: ‘Hij was een parel aan de kroon van het plaatselijk horecawezen.’ Soms is de toon wel erg zwart-wit, als Gotlieb iets te vaak opmerkt hoe accuraat hij is, nooit deadlines mist en welke complimenten hem telkens weer ten deel vallen. De allerlaatste zin van Gotlieb luidt: aan mijn baan bij NZa houd ik met kracht vast, ik vertrouw op een fatsoenlijker bejegening.

Over Paul Groothengel

Paul Groothengel is freelance journalist.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden